DOI: 10.5553/BenM/138900692022049003004

Beleid en MaatschappijAccess_open

Reflectie & debat

Over de rol van conflict in de polder

Inleiding bij Reflectie & debat

Auteurs
DOI
Toon PDF Toon volledige grootte
Auteursinformatie Statistiek Citeerwijze
Dit artikel is keer geraadpleegd.
Dit artikel is 0 keer gedownload.
Aanbevolen citeerwijze bij dit artikel
Tamara Metze en Nanke Verloo. (2022). Over de rol van conflict in de polder. Beleid en Maatschappij (49) 3, 240-241.

Dit artikel wordt geciteerd in

      Het poldermodel verdient aanvulling, verbetering of moet volgens sommigen zelfs worden afgeschaft. Het lijkt failliet verklaard en is symbool geworden voor de achterkamertjespolitiek waar Mark Rutte met zijn Nokia de hoofdonderhandelaar is.

      We willen meer directe inspraak, meer transparantie, meer zeggenschap van onderaf. Er lijkt nog nooit zoveel aandacht te zijn geweest voor burgerparticipatie. De Omgevingswet is nog niet eens van kracht en er is geen ruimtelijke interventie meer op nationaal, provinciaal of lokaal niveau die niet op een participatieve manier wordt ingezet. Burgers, ondernemers, andere belanghebbenden, iedereen moet meepraten. Maar niet over de zaken die er toe doen. Meestal is het echte gesprek – komen er windmolens of niet, gaan we voor woningbouw of voor groen – al lang gevoerd in de vergaderzaaltjes van de Tweede Kamer, de Provinciale Staten of het gemeentehuis. Het gesprek, over de keuzes die ertoe doen, wordt aan de vele participatieve tafels niet gevoerd. Die tafels waaraan mensen deelnemen in hun vrije tijd.

      In deze Reflectie & debat wordt vooral het debat aangegaan met het poldermodel en de burgerparticipatie. In de twee bijdragen – ‘Het failliet van het poldermodel? Leren van publieke beleidsbemiddeling’ van Mensink en Bosse en ‘Voor een leefbare planeet moet het poldermodel de prullenbak in’ van Duineveld en Dix – zien wij een rode lijn: de polderparadox.

      Samenwerking en convergentie zijn nodig maar die kunnen niet zonder conflict, diversificatie en politieke keuzes. In de polder, constateren de auteurs van de beide bijdragen, willen beleidsmakers en bestuurders samenwerken, coproduceren en deelbelangen ‘meenemen’ in besluitvorming, maar staan de politieke keuzes die ten grondslag liggen aan de plannen waarop gecocreëerd wordt niet ter discussie en wordt conflict vermeden. Polderen met de usual belanghebbenden, maar ook participerende burgers, wordt onderdeel van een postpolitiek overleg, op zoek naar een gulden middenweg of een technische oplossing met vele ontevreden, wantrouwende of boze burgers tot gevolg. Elders is dit ook de paradox van het pragmatisme genoemd (Metze, 2021).

      De twee bijdragen laten ook zien wat alternatieven zijn. In de bijdrage van Wouter Mensink en Amber Bosse wordt niet gesuggereerd dat het poldermodel de prullenbak in kan. Hier wordt een alternatief geboden voor situaties waar het poldermodel niet werkt. Beleidsbemiddeling maakt conflicten tussen overheid en burger productief. Hier gaat het om een participatievorm waarin een controverse of conflict als uitgangspunt wordt genomen en niet de zoektocht naar consensus. De lessen van beleidsbemiddeling zouden in de polder ter harte genomen moeten worden: participatie op onderwerpen waar energie op zit, die ertoe doen, met een goede conflictanalyse als basis voor probleemoplossing en vooraf afspraken over invloed zodat je weet wie het laatste woord heeft.

      Martijn Duineveld en Guus Dix stellen het hard, zij noemen het poldermodel en aanverwante participatievorming een samenwerkingsfetisjisme. Zij pleiten voor meer differentiatie en een ontvlechting van belangenverstrengelingen tussen politiek, wetenshap en industrie. Alleen harde scheidingen tussen deze domeinen maakt dat wetenschappers en journalisten onafhankelijk kunnen zijn. Duineveld en Dix dragen de overheid op om zich niet als facilitator op te stellen maar zich als belangenbehartiger politiek uit te spreken, keuzes te maken en de verantwoordelijkheid te nemen voor de uitvoering daarvan. Bovendien moeten we conflicten accepteren, zeker als de toekomst van de planeet op het spel staat: dan zijn conflicten hard nodig, aldus Duineveld en Dix.

      De polderparadox is een echte paradox: de auteurs laveren in beide bijdragen tussen het besef van de noodzaak voor bestuur en beleid om tot beslissingen te komen en stellen dat overleg en delen van inzichten daarbij nuttig zijn. Maar tegelijkertijd roepen zij op tot meer diversiteit, kritische reflectie en het omarmen van conflict. Dit om instrumentalisering van participatie te voorkomen, die een bedreiging kan zijn van de checks-and-balances in een democratie en die, indien gebruikt als draagvlakmachine, vertrouwen in een overheid juist kan ondermijnen (Verloo, 2021).

      Literatuur
    • Metze, T. (2021). Paradoxaal sturen: conflict en democratie in duurzame stedelijke regio’s. Den Haag: VerDuS SURF essay over Governance.

    • Verloo, N. (2021). Van Participatie tot Conflict. Reflectie en toekomstvisie van participatie in Entréegebied Gulden Winckel. Amsterdam: NIAS/KNAW en gemeente Amsterdam.


Print dit artikel