Res Publica

Article

Stedelijke context en steun voor de PVV

Interetnische nabijheid, economische kansen en cultureel klimaat in 50 Nederlandse steden

Trefwoorden anti-immigrant voting, interethnic contact, ethnic competition, urban cultural atmosphere, bohemian index, gay-scene index
Auteurs Jeroen van der Waal, Willem de Koster en Peter Achterberg
Auteursinformatie

355054 Jeroen van der Waal
Jeroen van der Waal is als socioloog verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Daar verricht hij onderzoek naar 1) de gevolgen van economische mondialisering voor sociale ongelijkheid in geavanceerde economieën, en 2) de gevolgen van culturele veranderingen voor waardenpatronen en stemgedrag in westerse samenlevingen.

355057 Willem de Koster
Willem de Koster is als cultuursocioloog verbonden aan het Centre for Rotterdam Cultural Sociology (CROCUS) van de Erasmus Universiteit Rotterdam, waar hij in december 2010 promoveerde op het proefschrift ‘Nowhere I Could Talk Like That’: Togetherness and Identity on Online Forums. Hij publiceerde eerder over verschillende vormen van tolerantie en de culturele conflicten die daarmee gepaard gaan, virtuele gemeenschapsvorming door rechts-extremisten, online participatie door orthodox-protestantse homoseksuelen, keuzestress, maatschappelijk omstreden cartoons, de opkomst van de strafstaat, de publieke rol van religie en verzorgingsstaatschauvinisme.

355060 Peter Achterberg
Peter Achterberg is als cultuursocioloog verbonden aan het Centre for Rotterdam Cultural Sociology (CROCUS) van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij publiceerde onder andere over veranderingen in de politieke cultuur, de legitimiteit van de verzorgingsstaat, culturele globalisering, en de acceptatie van nieuwe technologieën.
  • Samenvatting

      Some studies find that interethnic propinquity leads to ethnic tolerance, while others conclude that it underlies ethnic conflict. Using data on 50 Dutch cities in 2006 and 2010, this article assesses whether the consequences of interethnic propinquity for votes for Wilders’s PVV – the Dutch anti-immigrant party par excellence – are conditional on the economic and cultural urban contexts in which these contacts take place. In line with the ‘conflict hypothesis’ it is found that a higher level of interethnic propinquity leads to more support for the PVV in cities with a high level of unemployment and an intolerant cultural climate (as measured by the bohemian index and the gay-scene index), whereas the relationship is reverse in cities with low unemployment levels and a tolerant cultural climate (corroborating the ‘contact hypothesis’).

Om de rest van dit artikel te lezen moet u inloggen



Heeft u een registratiecode ontvangen maar nog geen toegang? Activeer dan hier uw code.

Weet u uw wachtwoord niet meer? Nieuw wachtwoord aanvragen.