Zoekresultaat: 16 artikelen

x
Jaar 2015 x

    Since 2001, the Dutch province of Overijssel has had its own knowledge centre focusing on urban society, called the ‘KennisInstituut Stedelijke Samenleving’ (KISS), alongside national knowledge centres. This essay gives an overview of some relevant KISS meetings devoted to a many kinds of citizen participation. The overview is based on reports made by the author himself. Examples of citizen participation are: the new styles of neighbourhood governance, citizen participation through neighbourhood budgets, the strength of the city and location-based leadership, innovative urban renewal and the promotion of citizen initiatives in the province of Overijssel. Examples are not only from the province of Overijssel (situated in the east of the Netherlands), but also from other parts of the Netherlands and other countries (Flanders, United Kingdom, United States and all over the world). The subject of citizen participation (in connection with urban renewal and administrative leadership) enjoys an ever-increasing popularity as is shown by the number of KISS meetings devoted to this subject.


Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de opleiding European Public Administration aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.
Discussie

Heeft de omwenteling in het lokaal bestuur wel plaatsgevonden?

Twijfels over de voorspelde ‘shift’ van government naar governance

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 4 2015
Auteurs Dr. mr. Jan Schrijver
SamenvattingAuteursinformatie

    On April 8th 2015, Jan Schrijver got his PhD at Maastricht University (Arno Korsten was his doctoral thesis supervisor) on research into 40 years of Dutch administrative policy (1969 to 2009). This period largely coincided with his career as a senior civil servant (1976 to 2003). The expectation often predicted in Public Administration was that a shift from government to governance (from cockpit thinking to a network society) would occur in the dominant administrative theory. However, this shift was not detected in the Departments of Home Affairs and Agriculture during the research period. In the literature on Dutch local administration, qualitative (and often ambivalent) information is generally to be found. On the one hand, this literature emphasizes the inevitability of this shift and offers a lot of case descriptions. On the other hand, Dutch handbooks on local administration devote little attention to this development and contain many views that point to stubborn administrative methods employed by old-style governors. The author concludes that Dutch national administration converges to one firm, while local administration diverges into a leading group of municipalities and a group of followers.


Dr. mr. Jan Schrijver
Dr. mr. J.F. Schrijver is oud-ambtenaar bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Na zijn pensioen schreef hij een proefschrift aan de Universiteit van Maastricht waarop hij 8 april 2015 promoveerde.

    In this feature authors discuss recent research findings that are of interest to readers of Beleid en Maatschappij.


Dr. Bruno Verbeek
Dr. Bruno Verbeek is universitair docent ethiek & politieke filosofie aan het Instituut voor Wijsbegeerte van de Universiteit Leiden en directeur van het Centre for Political Philosophy van de Universiteit Leiden.
Artikel

Spanningsvolle verbindingen tussen verticale en horizontale sturing

Een empirische analyse van de Dialoogtafel in Groningen

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Drs. Arnout Ponsioen, Drs. Mildo van Staden en Prof. dr. Albert Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses the Dialogue Table (‘Dialoogtafel’ in Dutch) in Groningen, the most northern province in the Netherlands, as an example of connecting vertical and horizontal steering. The Dialogue Table was set up to supervise the spending of compensation money for the damage from the earthquakes caused by gas extraction in this province. The Dialogue Table combines vertical forms of governance, such as a unilateral imposition of the budget and the presidency of the Dialogue Table, and more horizontal forms such as equal deliberation between administrative bodies and stakeholders. The central questions are which tensions will occur in these two different logics of steering, how one deals with these tensions and which competences this requires from civil servants. An exploratory analysis of the case shows that tensions occur around (1) the starting conditions (costs, presidency, selection and representation), (2) the progress of the process (desired results, openness, inequality) and (3) the outcomes of the process (influence). On the basis of their research, the authors offer recommendations about the organization of such hybrid steering processes and indicate which competences are required in this respect from civil servants.


Drs. Arnout Ponsioen
Drs. A. Ponsioen heeft bijna twintig jaar ervaring in het advieswerk. Hij is sinds 2014 eigenaar van bureau DuiDT, dat advies, onderzoek en inspiratie biedt voor organisaties in de publieke sector die aansluiting zoeken bij de (online) netwerksamenleving.

Drs. Mildo van Staden
Drs. M. van Staden is senior-adviseur op het terrein van sturing, ICT en sociale media bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Prof. dr. Albert Meijer
Prof. dr. A.J. Meijer is hoogleraar Publieke Innovatie aan de Universiteit Utrecht en redacteur van Bestuurswetenschappen.
Artikel

De duurzaamheid van burgerinitiatieven

Een empirische verkenning

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Malika Igalla BSc en Dr. Ingmar van Meerkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Citizens’ initiatives are the focus of public attention as part of the popular ‘do-democracy’ (associative democracy). However, it is not clear to what extent citizens are able to shape self-organization in a sustainable manner, what the important factors in this respect are and if citizens’ initiatives are the sole preserve of a better educated group of citizens. Through a secondary quantitative analysis of 56 citizens’ initiatives, this article offers an empirical contribution to answering these questions. The authors explore the effects of three possible factors on the sustainability of citizens’ initiatives: the network structure of the citizens’ initiative, the organizational design of the initiative and the revenue model. They show significant relationships between the organizational design of citizens’ initiatives and their sustainability. They also show a relationship between the network structure of these initiatives and their sustainability: initiatives that develop into a fully connected network or a polycentric network are more sustainable than initiatives with a star network. The personal characteristics of the initiators show a dispersal in age, descent, gender and retirement. Relatively speaking, many initiators have a high level of education: 80% has a higher professional or university education. But there are no significant relations between these personal characteristics and the sustainability of citizens’ initiatives.


Malika Igalla BSc
M. Igalla BSc rondde in 2014 cum laude de bacheloropleiding bestuurskunde af aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ze is nu bezig aan haar masteropleiding Bestuurskunde: Beleid en Politiek.

Dr. Ingmar van Meerkerk
Dr. I.F. van Meerkerk is postdoctoraal onderzoeker bij het departement Bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam en doet onderzoek naar institutionele verankering en management van burgerinitiatieven op het terrein van stedelijke gebiedsontwikkeling.
Artikel

Externe advisering binnen de Nederlandse overheid

Naar een empirisch en theoretisch onderbouwde onderzoeksagenda

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2015
Trefwoorden external policy advisors, policy advisory systems, survey research
Auteurs Dr. Caspar van den Berg, MSc MA Arjen Schmidt en Carola van Eijk MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we discuss the influence of external policy advisors on the policy process. In the Dutch context, little is known about the role, function and influence of external policy advisors (like consultants) who are hired on a temporary basis by the government. Based on a survey (N = 378) this study provides a profile of external policy advisors and the nature of their advice work. An interesting result is that external advisors generally conduct process-related policy work, but may also provide policy substance. Furthermore, the article develops an empirically and theoretically informed research agenda as a starting point for additional research.


Dr. Caspar van den Berg
Dr. C.F. van den Berg is als UHD verbonden aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden.

MSc MA Arjen Schmidt
A.J. Schmidt, MSc MA is als promovendus verbonden aan de afdeling Organisatiewetenschappen,Vrije Universiteit van Amsterdam.

Carola van Eijk MSc
C.J.A. van Eijk, MSc is als promovenda verbonden aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden.

    De Handreiking Gezonde Gemeente, een landelijk instrument voor verbetering van integraal gemeentelijk gezondheidsbeleid, wordt volgens de Gezondheidsinspectie onvoldoende gebruikt. Deze studie onderzoekt mogelijkheden voor verbeterde implementatie van de handreiking in de GGD-organisatie.
    Diverse GGD-disciplines, gemeenteambtenaren en externe respondenten zijn geïnterviewd over ervaringen en opvattingen aangaande de handreiking.
    Naast een positieve inhoudelijke waardering is er een sterke roep om concrete vertaling naar het ‘hoe’ van het gebruik. De directe voordelen van het instrument voor betrokken professionals en managers binnen en buiten de GGD-en zijn onvoldoende geëxploreerd.
    Als GGD-en het als taak zien om het gebruik van de handreiking door professionals, gemeenten en partners te stimuleren, dan zullen zij eerst de voordelen ervan moeten expliciteren. Bereidheid bij GGD-managers om professionals te sturen en faciliteren op het gebruik van instrumenten lijkt hiervoor een belangrijke randvoorwaarde.


Theo J.M. Kuunders
Theo J.M. Kuunders is onderzoeker en science practitioner bij Tranzo, Wetenschappelijk Centrum voor Zorg en Welzijn, Tilburg Universiteit. Hij is beleidsmedewerker voor een Gemeentelijke Gezondheidsdienst. Zijn onderzoek is gericht op de implementatie van landelijke richtlijnen voor gezondheidsbevordering op lokaal niveau.

Ien A.M. van de Goor
Ien A.M. van de Goor is hoogleraar Public Health aan de Tilburg Universiteit (Tranzo), is senior onderzoeker en programmaleider voor het programma ‘Effectiviteit van individuele preventie’. Zij initieert en begeleidt onderzoeksprojecten in de zorg en welzijn met bijzondere expertise in de verslavingszorg.

Theo G.W.M. Paulussen
Theo G.W.M. Paulussen (PhD) is gezondheidswetenschapper met expertise op het gebied van implementatievraagstukken bij innovaties in gezondheidsbevordering en onderwijs. Hij is verbonden aan TNO Innovation for Life, Expertise Group Life Style in Leiden.

Marja J.H. van Bon-Martens
Marja J.H. van Bon-Martens (PhD) is epidemioloog, hoofd van de Unit Epidemiologie en Nationale Monitor Geestelijke Gezondheid bij het Trimbos-instituut voor Geestelijke Gezondheid en Verslaving en als senior onderzoeker verbonden aan Tranzo, Wetenschappelijk Centrum voor Zorg en Welzijn, Tilburg Universiteit.

Hans A.M. van Oers
Hans A.M. van Oers is epidemioloog en hoogleraar Public Health aan de Tilburg Universiteit (Tranzo) met expertise op volksgezondheid en beleidsvorming. Als Chief Science Officer van System Assessment for Policy Support verbonden aan het Nederlandse Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.

    The first contribution to this special issue on local democracy in the Netherlands is the inaugural speech of Job Cohen (the former mayor of Amsterdam) held on January 9th 2015 at the University of Leiden as extraordinary professor at the prestigious Thorbecke-chair. His field is the theory of the municipality as an administrative, political and legal system. The title of his inaugural speech was ‘The fourth D’, in which the first three D’s stand for three different decentralizations of tasks to the Dutch municipalities and the fourth D for democracy. In his speech Cohen advocates a deliberative form of democracy, because it doesn’t emphasize differences and the exaggeration of differences, but emphasizes what the members of a community have in common. Deliberative democracy wants to create space for this common interest through the establishment of an arena for dialogue. Job Cohen is particularly taken by the ideas of the Belgian writer David Van Reybrouck about lottery selection and citizen participation and corresponding initiatives like G1000: a civic-summit, a form of deliberative democracy that generates new ideas, opens new perspectives and increases trust in the democratic process. The element of lottery selection (that was previously put on the agenda by the American professor James Fishkin) is essential for these results, because it creates a maximum of diversity and real involvement of all layers of the population: full citizen participation.


Prof. mr. dr. Job Cohen
Prof. mr. dr. M.J. Cohen is bijzonder hoogleraar decentrale overheden (Thorbecke-leerstoel) aan de Universiteit Leiden en redacteur van Bestuurswetenschappen.
Artikel

De democratische vertegenwoordiging van cliënten en patiënten bij de decentralisaties

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2015
Trefwoorden representative claim, democratic decision making, Decentralization, social and health policies, Municipalities
Auteurs Dr. Hester Van de Bovenkamp en Dr. Hans Vollaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Citizen participation is firmly on the agenda of many Western policy makers. Numerous opportunities for individuals to participate in public decision-making have been created. However, few citizens use these opportunities. Those who do are often the highly educated, white, middle and upper classes that also tend to dominate other democratic spaces. Opportunities to become active can increase inequalities in terms of whose voices are heard in public decision-making. This fundamentally challenges the central democratic value of equality. Nevertheless, others can represent the interests of those who remain silent. Using the concept of representative claim this paper explores a variety of forms of representation (electoral, formal non-electoral and informal self-appointed) in the domain of social policy which is currently decentralized in the Netherlands. We conclude that especially informal self-appointed representatives such as medical professionals, churches and patient organizations can potentially play an important role in representing groups who often remain unheard in the public debate. They can therefore play an important role in ensuring the democratic quality of the decentralization process.


Dr. Hester Van de Bovenkamp
Dr. Hester van de Bovenkamp is universitair docent bij het Instituut Beleid en Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. Hans Vollaard
Dr. Hans Vollaard is universitair docent Nederlandse en Europese politiek bij het Instituut Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden.
Boekbespreking

Improviseren als vak

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2015
Auteurs Albert-Jan Kruiter
Auteursinformatie

Albert-Jan Kruiter
Albert-Jan Kruiter is redactielid van Beleid en Maatschappij.
Artikel

Burgercoöperaties. Speler of speelbal in de nieuwe verhoudingen tussen overheid, markt en samenleving

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2015
Trefwoorden citizen cooperatives, self-organization, social innovation
Auteurs Dr. Meike Bokhorst, Prof. dr. Jurian Edelenbos, Prof. dr. Joop Koppenjan e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands citizens increasingly unite in cooperatives to realize common facilities and services in their neighborhood themselves. Apparently neither markets nor governments succeed in providing all the public goods and services that citizens strive for. Although these forms of self-organization are still young and their success is far from sure, they are seen as sources of social innovation and new ways of organizing that inspire many. Their example is followed widely: cooperatives seem to be rapidly emerging almost everywhere. Yet not much systemic knowledge is available on their nature, drivers, and impacts, nor on the conditions under which they flourish. In this special issue the state of the art regarding these cooperatives is examined in the areas of energy, care, broadband connections and housing. The various contributions show that the main challenge that cooperatives have to deal with is finding the balance between the ambition to preserve their identity as grass root organizations and the need for professionalization. Also they have to learn to build and maintain relationships with other organizations and actors in their environment on which they are dependent: governments, private parties and professionals.


Dr. Meike Bokhorst
Dr. A.M. (Meike) Bokhorst is senior wetenschappelijk medewerker van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.

Prof. dr. Jurian Edelenbos
Prof. dr. J. Edelenbos is hoogleraar bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is vooral gespecialiseerd op het vlak van participatie, zelforganisatie, vertrouwen en verbindend leiderschap in de sectoren gebiedsontwikkeling, water en energie.

Prof. dr. Joop Koppenjan
Prof. dr. J.F.M. Koppenjan is hoogleraar bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij doet onderzoek naar governance van netwerken in de publieke sector en naar innovatieve vormen van publiek-private samenwerking.

Dr. Mirjan Oude Vrielink
Dr. M.J. Oude Vrielink was lange tijd verbonden aan de Universiteit Twente waar zij in de voorhoede onderzoek deed naar sociale wijkteams en burgerinitiatieven. Sinds kort is zij op deze terreinen actief als zelfstandig onderzoeker.
Artikel

De koers van zorgcoöperaties

Samenwerken zonder te verworden tot paradepaard of werkpaard van de participatiesamenleving

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2015
Trefwoorden healthcare cooperatives, raise and development, relationship with government
Auteurs Dr. Meike Bokhorst
SamenvattingAuteursinformatie

    Healthcare cooperatives are not only attractive to citizens, but they also seen by managers as a source of inspiration and as a means to provide care efficiently. This raises the question of how health cooperatives evolve and which relationship with governments is appropriate for them. The aim of this article is examine the state of the art regarding the rise and development of health cooperatives. This development depends on the degree to which health cooperatives are able to overcome cultural, legal and financial obstacles. Health cooperatives seems to be more promising and stable if they succeed in determining their own course, show that they can realize their aims themselves and while learning to work together with others.


Dr. Meike Bokhorst
Dr. A.M. Bokhorst is senior wetenschappelijk medewerker van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.

    Om iets met de uitdagingen van morgen aan te kunnen, zullen onze overheden radicaal nieuwe beleidsvormen moeten ontwikkelen. Hiertoe zullen ze bewust op zoek moeten naar nieuwe ontwerpen en nieuwe combinaties van beleid. Er is een veelheid aan ontwerppraktijken waaruit ze kunnen putten. Maar dan zullen ze eerst wel moeten erkennen dat beleid maken een creatief proces is en het ook als zodanig vormgeven.


Krijn van Beek
Krijn van Beek is bestuurder en strategieontwikkelaar voor de publieke sector en onder andere initiator van de Policy Design Studio.

    In his concluding remarks the chief editor (and also editor of this special issue) discusses shortly the desirability and feasibility of a global parliament of mayors as proposed by Benjamin Barber. On both points, according to him, the idea of a global parliament of mayors can be questioned. Concerning the desirability of the proposal there is no clarity about the underlying notion of democracy and about its contribution to the democratic goals it aims at. Concerning the feasibility of the proposal Bas Denters questions if Barbers high expectations of the blessings of advanced ICT tools, that will be used for a virtual debating platform, are that realistic. Crucial are also the financial and material resources which are needed for the organization and functioning of a global parliament of mayors.


Prof. dr. Bas Denters
Prof. dr. S.A.H. Denters is hoogleraar Bestuurskunde aan de Universiteit Twente, wetenschappelijk directeur van de Nederlandse Onderzoeksschool Bestuurskunde (NOB) en hoofdredacteur van Bestuurswetenschappen.
Artikel

Slotartikel: Het oplossend vermogen van living labs

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2015
Trefwoorden living lab, local administration, citizen participation, governance of wicked problems
Auteurs Prof. dr. Ellen van Bueren, Dr. Philip Marcel Karré en Iris Vanhommerig MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In this closing article we summarize the results of the individual articles of this themed issue and draw common lessons. With regard to cities as living labs, we conclude that three challenges need more attention: (1) unclear or contradictory goals and expectations, (2) organizational confusion, and (3) the lack of institutional links. Based on these, we offer a number of recommendations for research and practice in public administration.


Prof. dr. Ellen van Bueren
Prof. dr. E.M. van Bueren is universitair hoofddocent en hoofd van de sectie Policy, Organisation, Law and Gaming bij de Technische Universiteit Delft.

Dr. Philip Marcel Karré
Dr. P.M. Karré is als programmaleider van de master Urban Management verbonden aan de Hogeschool van Amsterdam.

Iris Vanhommerig MSc
I. Vanhommerig, MSc is freelance bestuurskundig onderzoeker, vertaler en programmeur.
Artikel

Zijn eco-steden ook slim? En zijn slimme steden ook eco?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2015
Trefwoorden eco-city, knowledge city, smart city, Terminologische verschillen en overeenkomsten
Auteurs Dr. Martin de Jong, Dr. Simon Joss, Daan Schraven MSc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the last couple of decades, metropolitan areas around the world have been engaged in a multitude of initiatives aimed at upgrading urban infrastructure and services, in an effort to create better environmental, social and economic conditions and to enhance cities’ attractiveness and competitiveness. Reflecting these developments, many new categories of ‘cities’ have entered the policy discourse: ‘sustainable cities’; ‘green cities’; ‘digital cities’; ‘intelligent cities’; ‘smart cities’; ‘information cities’; ‘knowledge cities’; ‘resilient cities’; ‘eco-cities’; ‘low carbon cities’; ‘liveable cities’; and even combinations, such as ‘low carbon eco-cities’ and ‘ubiquitous eco-cities’. Each of these terms apparently seeks to capture and conceptualize key aspects of ongoing urban sustainability efforts. Closer examination, however, reveals that the terms are often used interchangeably by policy makers, planners and developers alike. In this article we examine the reflection of the wider policy debate in academic discourse. By subjecting the twelve most frequently encountered categories mentioned above to bibliometric analysis, we aim to identify the distinct conceptual perspectives harbored by each of them.


Dr. Martin de Jong
Dr. W.M. de Jong is universitair hoofddocent beleidskunde aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft en als toegevoegd hoogleraar verbonden aan Fudan University, Shanghai.

Dr. Simon Joss
Dr. S. Joss is directeur van de International Eco-Cities Initiative en als hoogleraar verbonden aan de University of Westminster in Londen.

Daan Schraven MSc
D. Schraven, MSc is onderzoeker bij de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft.

Changjie Zhan
C. Zhan is promovendus bij de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft.

Prof. dr. Margot Weijnen
Prof. dr. M.P.C. Weijnen is hoogleraar proces- en energienetwerken aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.