Zoekresultaat: 9 artikelen

x
Jaar 2005 x

    This article is the introduction to this special issue in which the Europeanisation of Dutch polity, politics and policy forms the central focus of attention. The main question we address in this special issue is to what extent the Netherlands has changed under the influence of processes of Europeanisation. This article first discusses the state-of-the-art Europeanisation literature; then it sets out to discuss four problems with this literature. Based on the insights generated by the contributors to this special issue, the authors conclude that for a better understanding of processes of Europeanisation, the EU should no longer be seen as an actor, but rather as an (cluster of) arena(s) in which a variety of actors (member states, EU institutions, interest groups, et cetera) are trying to achieve their political goals.


Sebastiaan Princen
Verbonden aan de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht Adres: Bijlhouwerstraat 6, 3511 ZC Utrecht, e-mail: s.princen@usg.uu.nl

Kutsal Yesilkagit
Verbonden aan de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht Adres: Bijlhouwerstraat 6, 3511 ZC Utrecht, e-mail: k.yesilkagit@usg.uu.nl

    Member states must transpose European directives into national rules. This process, however, is not without problems. The Netherlands regularly transposes directives too late. Moreover, very often the content of the national transposition rules does not match the adaptations required by the directives. This article examines whether political resistance or administrative and legal weaknesses cause these problems. The author concludes that problems regarding transposition are caused by a culture of neglect and lack of priority for EU policies. Improving coordination procedures, formal legislative processes, and information facilities will not solve transposition problems as long as the cultural aspect of the problem isn't adequately addressed.


Ellen Mastenbroek
Drs. Ellen Mastenbroek is Assistent in Opleiding bij de departementen Bestuurskunde en Politieke Wetenschap aan de Universiteit Leiden. Adres: Pieter de la Court gebouw, Postbus 9555, 2300 RB Leiden, e-mail: mastenbroek@fsw.leidenuniv.nl
Artikel

Hoe verkoop ik een spoorweg?

De lessen van het privatiseringsstreven bij de Betuweroute, HSL-Zuid en Zuiderzeelijn

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2005
Auteurs Joop Koppenjan en Martijn Leijten
SamenvattingAuteursinformatie

    In December 2004, the report of the Dutch Parliamentary Investigation Committee on Infrastructural Projects was published. This committee investigated the budgets overruns of two large rail projects currently under construction in the Netherlands: the Betuwe Line and the High Speed Line (HSL)-South. The committee also looked at how mistakes that were made in the earlier projects had been avoided in the construction of the Zuiderzee Line, a project currently under preparation. The report provides a look inside the struggle of the Dutch national government from the beginning of the 1990s in their public-private partnership (PPP) efforts. In this contribution, we provide an analysis of the motives, approach and results of privatisation of these three projects on the bases of the detailed empirical analysis provided by the Committee. We seek explanations of how privatisation with these three projects evolved and what lessons can be drawn. It appears that practices have so far been far from good and instead of committing to the obligation to apply PPP in every large infrastructural project, the government should first find out how PPP in such projects should actually be carried out.


Joop Koppenjan
Joop Koppenjan is bestuurskundige en als universitair hoofddocent verbonden aan de faculteit Technologie, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Hij doet onderzoek naar besluitvorming en sturing in beleidsnetwerken en publiek private samenwerking bij de totstandkoming en het beheer van publieke infrastructuur. In 2004 was hij als staflid betrokken bij de werkzaamheden van de Tijdelijke Commissie Infrastructuur en deed hij onderzoek naar de privatisering van de Betuweroute. Recente publicaties: Adres: Technische Universiteit Delft, sectie Beleidskunde/Organisatie en Management, Postbus 5015, 2600 GA Delft, e-mail: j.f.m.koppenjan@tbm.tudelft. nl

Martijn Leijten
Martijn Leijten is onderzoeker aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Zijn onderzoek richt zich op organisatie en management van complexe infrastructuurprojecten. Hij maakt deel uit van het onderzoekscentrum Sustainable Urban Areas van de TU Delft. Martijn Leijten was in 2004 betrokken bij het onderzoek van de Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten van de Tweede Kamer en droeg met name bij aan de reconstructie van de besluitvorming over de Zuiderzeelijn. Recente publicaties: Adres: Technische Universiteit Delft, sectie Beleidskunde/Organisatie en Management, Postbus 5015, 2600 GA Delft, e-mail: m.leijten@tbm.tudelft.nl
Artikel

'Lobbyisme' in de Scandinavische landen

Een overzicht aan de hand van trends in Denemarken en Noorwegen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2005
Auteurs René Torenvlied
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper provides an overview of the results of Scandinavian research into the lobbying activities of interest organisations. The paper is based on the reports of Danish and Norwegian scholars. These studies suppose that an association exists between the downfall of corporatist decision-making and policy implementation (among others observed in the decreasing number of boards, councils, and commissions), the increasing influence of parliament, and the increase in lobbying by interest organisations. The most important empirical evidence for this association is presented and discussed.


René Torenvlied
René Torenvlied is als universitair hoofddocent verbonden aan de capaciteitsgroep Sociologie van de Universiteit Utrecht en het Interuniversitair Centrum voor Sociaal-wetenschappelijke theorievorming en methodenontwikkeling aldaar. Enkele recente publicaties zijn: 'When will they ever make up their minds? The social structure of unstable decision-making.' Journal of Mathematical Sociology. 28(3): 171-196 en 'Polarization and Policy Conflict.' Journal of Conflict Resolution, forthcoming. Adres: Heidelberglaan 2, 3884 CS Utrecht.

    Recently in The Netherlands, as in other countries, many have called for administrative and democratic reform. The perspectives implicated in the arguments for change differ, however. Some argue for a strengthening of mechanisms of control and accountability. Others opt for more – and more direct – citizen participation in governance. In effect, these perspectives often contradict. In this article we will look into J.S. Mill's effort to combine such different perspectives. It is shown that in his considerations on good government a third principle is active: administrative competence or quality. Mill, thus, makes us aware of a deficiency in many contemporary evaluations of administrative and democratic renewal.


Berry Tholen
Dr. Berry Tholen is als bestuurskundige verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn onderwijs omvat de cursussen 'Binnenlands Bestuur' en 'Bestuurlijke Ethiek'. In zijn onderzoek concentreert hij zich op vragen van rechtvaardigheid en legitimiteit in bestuur en beleid. Hij publiceerde recentelijk onder meer in International Review of Administrative Sciences en in European Journal of Migration and Law. Adres: Afd. Bestuurskunde, Faculteit der Managementwetenschappen, Radboud Universiteit Nijmegen, Postbus 9108, 6500 HK Nijmegen, email: b.tholen@fm.ru.nl
Artikel

Vermenging of verbinding van tegendelen?

Betekenis en belang van hybriditeit

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2005
Auteurs Wim van de Donk en Taco Brandsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Onderzoek naar het maatschappelijk middenveld bevindt zich in een permanente identiteitscrisis, omdat het een vaag afgebakend en veranderlijk tussendomein in de samenleving betreft. Juist door deze eigenschappen kan het middenveld, nu hybridisering een steeds wijder verbreid fenomeen is, een inspiratiebron voor de bestuurskunde worden. Op termijn zal het proces van hybridisering de in beleid en bestuur nog veelvuldig gehanteerde traditionele ideaaltypen van markt, overheid en middenveld en daarmee verbonden coördinatiemechanismen steeds minder bruikbaar maken. Hybridisering dwingt de bestuurskunde uiteindelijk tot conceptuele vernieuwing.

    ‘Sehr selten ist Handeln, insbesondere soziales Handeln, nur in der einen oder der andren Art orientiert. Ebenso sind diese Arten der Orientierung natürlich in gar keiner Weise erschöpfende Klassifikationen der Arten der Orientierung des Handelns, sondern für sociologische Zwecke geschaffene, begrifflich reine Typen, denen sich das reale Handeln mehr oder minder annähert oder aus denen es -noch häufiger- gemischt ist’ (Max Weber).


Wim van de Donk
Prof. dr. W.B.H.J. van de Donk is hoogleraar aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur en voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Dr. T. Brandsen is als universitair docent verbonden aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur.

Taco Brandsen
Prof. dr. W.B.H.J. van de Donk is hoogleraar aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur en voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Dr. T. Brandsen is als universitair docent verbonden aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur.
Artikel

Caleidoscooporganisaties

Culturele aspecten van hybriditeit in organisaties

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2005
Auteurs Philip Karré
SamenvattingAuteursinformatie

    De erosie van de klassieke dichotomie tussen publiek en privaat heeft tot het ontstaan van een groot aantal hybride organisaties eleid. Deze combineren de culturen van staat en markt. De meningen over deze ontwikkeling zijn verdeeld. Het Nederlandse debat over hybride organisaties is gepolariseerd. Aan de ene kant van het spectrum wordt vooral aandacht gevraagd voor de negatieve neveneffecten van hybriditeit. Maar er is ook een benadering die nadruk legt op het ontstaan van synergie door hybriditeit. Beide benaderingen zijn vooral normatief gekleurd en nog weinig systematisch empirisch onderbouwd. In dit artikel ligt de nadruk op de culturele hybriditeit.


Philip Karré
Mag. Phil. P.M. Karré (karre@nsob.nl) werkt bij de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur te Den Haag aan een promotieonderzoek naar hybride organisaties.1

    Er bestaan duidelijke parallellen tussen de begrippen hybriditeit en netwerken en de daaraan gerelateerde discussies. Beide hebben betrekking op de fenomenen differentiatie en integratie, waarin ze in zekere zin elkaars spiegelbeeld zijn. In deze bijdrage wordt betoogd dat zowel de analyse van hybriditeit vanuit een netwerkperspectief als de analyse van netwerken vanuit een hybriditeitsperspectief interessante inzichten oplevert. Beide perspectieven zijn samen noodzakelijk om een gegronde analyse te maken van een hybride publiek bestel.


Patrick Kenis
Prof. dr. P. Kenis is hoogleraar Beleids- en Organisatiewetenschappen aan de Universiteit van Tilburg.

    Representations of sub-national entities challenge since the mid-1980s the monopoly of the central states on EU representation. Through an analysis of their activities, this article verifies whether their presence may be interpreted as an expression of the hollowing out of the state. The research revealed that these representations have developed a national and an international strategy to fulfil their mission. The international strategy resembles that of interest groups in the European policy space, and it follows the neo-functionalist logic of other European interest groups. The national strategy is more policy-oriented. To influence the decision-making process, representations form networks between themselves and with their permanent representation. Rather than hollowing out the state, the activities of these representations reveal a growing interdependence between the central state and regional authorities resulting from European integration.


Michel Huysseune
Vorser aan de Vakgroep Politieke wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel.

Theo Jans
Vorser aan de Vakgroep Politieke wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.