Zoekresultaat: 29 artikelen

x
Jaar 2012 x
Artikel

Morele verantwoordelijkheid te midden van meervoudigheid

De toegevoegde waarde van het kritische individu in complexe omgevingen met meervoudige belangen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2012
Trefwoorden financial markets, financial regulation, lobbying, financial crisis, policy paradigms
Auteurs Dr. Liesbeth Noordegraaf-Eelens en Lotte van Vliet MA
SamenvattingAuteursinformatie

    The lessons learned from the financial crisis are not necessarily limited to the financial sector. Both the financial sector and the public sector have to deal with perverse effects. The effects can be related to a reduction of complexity and plurality through introducing (oversimplified and one dimensional) models and financial incentives. However, in doing this, complexity and plurality are often lost: the neglect of multiple interests, goal replacement and too much focus on short term results. As a consequence perverse effects arise.
    Public sectors and organizations face internal and external pressure to act as they do. At the level of organizations or groups this may involve groupthink; at institutional level uniformity is promoted by the dynamics of isomorphism. This article is a critique on simplification and a plea for the (re)introduction of plurality. More specifically, we stress the importance of individual moral responsibility as a resource for and a way to preserve plurality. Not because that is the only option, but because it is an option that we believe deserves more attention. Other options such as changing regulations and changing the structure of supervision are already broadly discussed. We want to draw attention to the individual as parts of multiple organizations and systems. Individuals are therefore a natural carrier of multiplicity and plurality. Taking moral responsibility serious is not an easy task, but a meaningful step towards awareness of perverse effects due to reduction of complexity and plurality.


Dr. Liesbeth Noordegraaf-Eelens
Liesbeth Noordegraaf-Eelens is als universitair docent verbonden aan de Erasmus School of Economics. Eerder verschenen van haar De overspelige bankier (2004) en Op naar de volgende crisis (2009). In 2010 promoveerde zij op het proefschrift Contested Communication. A Critical Analysis of Central Bank Speech. Liesbeth Noordegraaf-Eelens is een van de auteurs van het RMO-advies Tegenkracht organiseren. Lessen uit de kredietcrisis. Correspondentiegegevens: Dr. Liesbeth Noordegraaf-Eelens, Erasmus School of Economics, Burgemeester Oudlaan 50, 3000 DR Rotterdam, noordegraaf@ese.eur.nl.

Lotte van Vliet MA
Lotte van Vliet MA werkt als senior adviseur bij de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO). Zij is een van de auteurs van het RMO-advies Tegenkracht organiseren. Lessen uit de kredietcrisis. Correspondentiegegevens: l.vliet@adviesorgaan-rmo.nl.
Artikel

Waarom ‘Anders omgaan met water’ niet leeft bij burgers

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2012
Trefwoorden frames, discourses, myth, flood safety policy, public engagement
Auteurs Trudes Heems en Baukje Kothuis
SamenvattingAuteursinformatie

    Problems with the rivers were the incentive to change Dutch flood safety policy in 2000. ‘A different approach to water’ became the new policy slogan. Government presumes that public engagement in decision-making on flood safety will lead to more water awareness and risk aware behaviour. ‘No or hardly any negative side-effects’ are expected from this strategy. However, our research shows that public engagement in flood safety decision-making leads to fierce policy contestation, since proposed solutions do not meet the safety perception of local citizens. ‘A different approach to water’ strategy does not resonate in Dutch society because most people are convinced that government guarantees water safety. In this article we explain that this so-called ‘myth of water safety’ is based on a deep frame of risk control. We argue that flood safety needs to be reframed and that a new frame should be based on acceptance of vulnerability instead of risk control.


Trudes Heems
Dr G.C. Heems is verbonden aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft en aan WATERWORKS Social Science Research in Amsterdam.

Baukje Kothuis
Dr B.L.M. Kothuis is verbonden aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft en aan WATERWORKS Social Science Research in Amsterdam.
Article

Access_open Agent Based Modeling: het simuleren van nalevingsgedrag

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, november 2012
Auteurs Esther van Asselt, Sjoukje Osinga, Mariska Asselman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Nalevingsgedrag wordt door een aantal factoren beïnvloed. Deze factoren zijn door het ministerie van Justitie samengevat in de Tafel van Elf, die zowel spontane nalevings- als handhavingsdimensies bevat. Elk individu gaat verschillend om met deze dimensies. Om overall iets te kunnen zeggen over het nalevingsgedrag van een doelgroep dienen de verschillende individuen/bedrijven en hun interacties beschreven te worden. Dit is mogelijk door gebruik te maken van Agent-Based Modeling (ABM). ABM is in het hier beschreven onderzoek toegepast in een casestudie naar correct gebruik van antibiotica door varkenshouders. Simulaties lieten zien dat een hoog nalevingsniveau bereikt kan worden door een hoge mate van acceptatie van de wetgeving, waarbij enige mate van inspectie nodig zal blijven. Verder bleek dat het gedrag van varkenshouders beïnvloed wordt door het nalevingsgedrag van varkenshouders in de omgeving. Voor zover ons bekend is dit de eerste toepassing van ABM op het gebied van naleving en toezicht.


Esther van Asselt
Esther van Asselt is werkzaam bij RIKILT - Institute of Food Savety, Universiteit Wageningen.

Sjoukje Osinga
Sjoukje Osinga is werkzaam bij Logistics Decision & Information Sciences, Universiteit Wageningen.

Mariska Asselman
Mariska Asselman is werkzaam bij RIKILT - Institute of Food Safety, Universiteit Wageningen.

Piet Sterrenburg
Piet Sterrenburg is werkzaam bij RIKILT - Institute of Food Safety, Universiteit Wageningen.

    Het aandeel van de industrie in de Nederlandse economie neemt structureel af. Deze ontwikkeling wordt versterkt door een tekort aan binnenlands aanbod van technici: de belangstelling voor technische opleidingen is sterk teruggelopen. In de toekomst dreigt het tekort aan technici verder op te lopen, waardoor de positie van de Nederlandse industrie verder onder druk komt te staan. Voor een open economie als die van Nederland is de industrie, die het overgrote deel van de export voor zijn rekening neemt, echter van grote betekenis. Ook biedt de industrie relatief goed betaalde banen voor werknemers die anders aangewezen zouden zijn op laag betaalde arbeid of geen baan zouden kunnen krijgen. Om de dalende trend te keren moeten meer jongeren geïnteresseerd worden in een technische opleiding. In het artikel komt uitvoerig aan de orde hoe dat kan.


Jaap de Koning
Jaap de Koning is gepromoveerd econometrist en doet beleidsonderzoek en wetenschappelijk onderzoek op het terrein van de arbeidsmarkt.

    Wij betogen dat er een aantal goede redenen is om rekening te houden met onzekerheid in het beleidsonderzoek. Centraal staat daarbij het uitgangspunt dat de toekomst open is, maar niet leeg. In beleidsonderzoek is het zaak om die open, maar niet lege toekomst voor beslissers in beeld te brengen. Door met verschillende mogelijke toekomstbeelden te werken kan het beleid robuuster worden vormgegeven. Is dit beleid nog steeds een goede keuze als zaken in de toekomst toch anders lopen dan we nu denken? Door onzekerheden zichtbaar te maken wordt de bestuurder bewust gemaakt van de keuzes die hij maakt, worden nieuwe alternatieven zichtbaar en daarmee zijn geest 'opgerekt'. Ook uit maatschappelijk oogpunt is het nadrukkelijker rekening houden met onzekerheid over de toekomst wenselijk: mogelijke overinvesteringen kunnen worden voorkomen. We presenteren niet alleen het 'klassieke' scenariodenken, maar ook relatief nieuwe ontwikkelingen als radicale onzekerheid ('black swans'), normatieve scenario's en adaptief beleid ('adaptive policymaking').


Hans Peter Benschop
Hans Peter Benschop leidt het Trendbureau Overijssel, een bureau dat toekomstverkenningen maakt voor de politieke besluitvorming.

Klaas Veenma
Klaas Veenma is senior beleidsonderzoeker bij de provincie Overijssel.
Essay

De dood van Khadaffi

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2012
Auteurs Jorg Kustermans
Auteursinformatie

Jorg Kustermans
Jorg Kustermans is als mandaatassistent verbonden aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen.
Artikel

Gevangen in een te smal doel

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2012
Auteurs Prof. dr. Anton Hemerijck en Dr. Frank Vandenbroucke
SamenvattingAuteursinformatie

    In this feature authors discuss recent research findings that are of interest to readers of Beleid en Maatschappij.


Prof. dr. Anton Hemerijck
Prof. dr. Anton Hemerijck is decaan van de faculteit Sociale Wetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam. A.c.hemerijck@vu.nl

Dr. Frank Vandenbroucke
Dr. Frank Vandenbroucke is hoogleraar aan de KU Leuven en de Universiteit Antwerpen en bekleedt de Den Uyl-leerstoel aan de UvA. Frank.Vandenbroucke@ua.ac.be.
Artikel

Van cijfers naar effecten

Een reactie op het Rob-rapport In gesprek of verkeerd verbonden?

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2012
Auteurs Dr. Rens Vliegenthart
SamenvattingAuteursinformatie

    In this feature authors discuss recent research findings that are of interest to readers of Beleid en Maatschappij.


Dr. Rens Vliegenthart
Dr. Rens Vliegenthart is universitair hoofddocent politieke communicatie bij de afdeling Communicatiewetenschap van de Universiteit van Amsterdam. R.vliegenthart@uva.nl.

    In this feature authors review recently published books on subjects of interest to readers of Beleid en Maatschappij.


Dr. Bas van Stokkom
Dr. Bas van Stokkom is socioloog en is werkzaam aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en de Radboud Universiteit te Nijmegen. Hij is auteur van onder andere Wat een hufter! Ergernis, lichtgeraaktheid en maatschappelijke verruwing (2010). b.a.m.van.stokkom@vu.nl
Artikel

De nieuwe wereld van de Brusselse comitologie: Grote veranderingen op papier, weinig gevolgen in de praktijk?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2012
Trefwoorden comitology, European Union, national officials
Auteurs Michael Kaeding en Esther Versluis
SamenvattingAuteursinformatie

    The opacity of and lack of democratic control over the European system of comitology - where detailed decisions are made by committees of national officials, chaired by the Commission - has frequently been criticized. With the entry into force of the Treaty of Lisbon and especially since March 1, 2011, this system of executive and quasi-legislative power has changed in a number of important ways, however: on paper, the committees of national officials play a less prominent role than before and the role of the European Parliament has intensified. The question addressed in this article is what these changes in practice exactly mean. Has there really been so much change, and, if so, what are the implications for national civil servants? Working with the new comitology system means working with two regimes: delegated acts and implementing acts. Although innovative, we conclude that this change seems less fundamental than might be expected. Yet, for both regimes an increased number of parties is involved, which makes working with the new comitology difficult. Stakeholders, including Dutch officials, will thus have to deal with comitology in another way, which could make the new world of comitology an even more important battleground in the European policy process than already is the case.


Michael Kaeding
Dr M. Kaeding is hoogleraar Europese politiek en integratie, Universiteit Duisburg-Essen, Duitsland.

Esther Versluis
Dr E. Versluis is universitair hoofddocent aan de Faculteit der Cultuur- en Maatschappijwetenschappen van de Universiteit Maastricht
Boekbespreking

Kijken naar de toekomst

Over de noodzakelijke professionalisering van toekomstonderzoek

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2012
Trefwoorden futures studies, futurology, methodology
Auteurs Patrick van der Duin
SamenvattingAuteursinformatie

    The various crises we are faced with today demand long-term solutions. The academic discipline of future studies can play a role in devising such solutions but struggles to do so. There still is no coherent body of knowledge and a diversity in approaches. In this review essay the author discusses three recent books from the field of futures studies. Based on this, he formulates several issues that arise with regards to a further professionalization of the discipline.


Patrick van der Duin
Dr P.A. van der Duin is universitair docent aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft.
Praktijk

Minder belastingen én minder begrotingstekort: Een onmogelijk partnerschap?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Mitt Romney, Barack Obama, fiscal conservatism
Auteurs Zeger van der Wal
SamenvattingAuteursinformatie

    At first glance the notion that lower taxes will decrease the government deficit sounds like a nonsensical idea. Nevertheless this is one of the main arguments brought forward in Mitt Romney's bid to oust Barack Obama from the White House. In this essay, the author compares the arguments brought forward by the Romney campaign and other fiscal conservatives with those of their critics. He discusses the paradigms underlying Romney's fiscal conservatism from a mixed European/Asian perspective. The author argues that while lowering taxes may sound alluring during a political campaign, without them it will prove hard to maintain our standard of living.


Zeger van der Wal
Dr Z. van der Wal is associate professor aan de Lee Kuan Yew School of Public Policy in Singapore en research fellow aan de Afdeling Bestuurswetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Europese agentschappen in de praktijk: De strijd om autonomie en de paradox van samenwerking

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2012
Trefwoorden European Union, agencies, autonomy, cooperation
Auteurs Martijn Groenleer
SamenvattingAuteursinformatie

    Agencies of the European Union (EU) are formally independent entities that collect information, provide advice and take decisions on technical, scientific or operational issues. While the original idea underlying their independence was that they could contribute to ‘depoliticize’ these issues, current discussions emphasize strengthening the control over EU agencies because it is often thought that they are too autonomous. The question is how autonomous EU agencies really are. I answer this question by studying the development of two agencies (for the authorization of medicines and food safety) in greater detail. The results of my research show that, in practice, not only do the creation and design of EU agencies result from political struggle, but this struggle continues during their development. Moreover, EU agencies are themselves part of this struggle. They must fight for their autonomy, but at the same time cannot position themselves too independently vis-à-vis other parties. This leads to the paradoxical conclusion that EU agencies are likely to be more autonomous when they cooperate more closely with other parties, especially with national agencies, whose positions in turn are strengthened rather than weakened.


Martijn Groenleer
Dr M. Groenleer is universitair docent bestuurskunde aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft.
Praktijk

Federalisering van financieel toezicht in Europa, maar niet zonder nationale invloed

Interview met Steven Maijoor, voorzitter van de Europese effectentoezichthouder

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2012
Auteurs Martijn Groenleer
Auteursinformatie

Martijn Groenleer
Dr M.L.P. Groenleer is universitair docent bestuurskunde aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft.

Rudy B. Andeweg
Rudy B. Andeweg is als hoogleraar empirische politicologie verbonden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek is gericht op diverse aspecten van politieke representatie.

Guido Enthoven
Mr. dr Guido Enthoven is directeur van het Instituut Maatschappelijke Innovatie en promoveerde in 2011 op de informatierelatie tussen de regering en het parlement.

Cor van Montfort
Prof. dr C.J. van Montfort is als visiting fellow verbonden aan de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en werkzaam voor de Algemene Rekenkamer en voor de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur aan de Universiteit van Tilburg.

    The assassination of Pim Fortuyn and the electoral breakthrough of his Lijst Pim Fortuyn sent shockwaves through the Netherlands in May 2002. This article assesses the influence Fortuyn has had on Dutch politics and society. It provides an overview of the research that has been conducted on this topic over the past decade and relates the findings of previous studies to research on the consequences of the emergence of radical right-wing populist parties on West European party systems.


Sarah de Lange
Sarah L. de Lange is als universitair docente verbonden aan de afdeling politicologie, Universiteit van Amsterdam, s.l.de.lange@uva.nl.
Boekbespreking

Stilte voor de storm?

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Review
Auteurs Jurre van den Berg MSc.
SamenvattingAuteursinformatie

    In this feature authors review recently published books on subjects of interest to readers of Beleid en Maatschappij.


Jurre van den Berg MSc.
Jurre van den Berg is socioloog en verbonden aan de afdeling Bestuurswetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Correspondentiegegevens: J. van den Berg, MSc., afdeling Bestuurswetenschappen, Vrije Universiteit Amsterdam, De Boelelaan 1081, 1081 HV Amsterdam. J.van.Berg@vu.nl.
Artikel

Kieskeurige kiezers

Een panelstudie naar de veranderlijkheid van partijvoorkeuren

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2012
Trefwoorden electoral volatility, party preference, voters, party system, consistency
Auteurs Dr. Tom van der Meer, E.J. Erika van Elsas MA MSc, Rozemarijn Lubbe BA e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch electorate is the most volatile of Western Europe. At its height in 2002 more than 30 percent of the seats in the Dutch Lower House changed to another party. But what does the increased electoral volatility mean? Are volatile voters whimsical, behaving randomly like drift-sand? Or are volatile voters emancipated, no longer committed to a single political party but still loyal to their own preferences?We answer these questions by analysing the 1VOP panel data set, which covers 55.847 adult respondents who participated in at least 2 of the 58 waves between November 2006 and June 2010.First, we assess the presence, frequency, and direction of changes in voters’ party preferences. More than half of the respondents (52 percent) changed party preference at least once. However, they mostly stick to one of two ideologically coherent party blocks.Second, we explain why some voters are more likely to change party preference than others. Especially middle groups are volatile: people with modal income and average levels of education, and people who position themselves in the political center. However, the lower educated are more likely to switch between dissimilar parties. These findings support the view that increased volatility reflects voter emancipation.


Dr. Tom van der Meer
Dr. T.W.G. van der Meer is universitair docent verbonden aan de vakgroep Politicologie van de Universiteit van Amsterdam. Correspondentiegegevens: Dr. T.W.G. van der Meer, vakgroep Politicologie, Universiteit van Amsterdam, Oudezijds Achterburgwal 237, 1012 DL Amsterdam. t.w.g.vandermeer@uva.nl.

E.J. Erika van Elsas MA MSc
E.J. van Elsas, MA MSc is als junior onderzoeker verbonden aan de vakgroep Politicologie van de Universiteit van Amsterdam. Correspondentiegegevens: E.J. van Elsas, vakgroep Politicologie, Universiteit van Amsterdam, Oudezijds Achterburgwal 237, 1012 DL Amsterdam.

Rozemarijn Lubbe BA
R.E. Lubbe, BA is als junior docent verbonden aan het departement Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Correspondentiegegevens: R. Lubbe, departement Politieke Wetenschap, Postbus 9555, 2300 RB Leiden.

Prof. dr. Wouter van der Brug
Prof. dr. W. van der Brug is hoogleraar Algemene Politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Correspondentiegegevens: W. van der Brug, vakgroep Politicologie, Universiteit van Amsterdam, Oudezijds Achterburgwal 237, 1012 DL Amsterdam.

    In deze bijdrage plaatsen we de gezagscrisis van de hedendaagse wetenschap in cultuur en politiek in een breder, cultuursociologisch perspectief.


Dick Houtman
Dick Houtman is als hoogleraar cultuursociologie verbonden aan het Centre for Rotterdam Cultural Sociology (CROCUS). Contact: www.dickhoutman.nl / houtman@fsw.eur.nl

Stef Aupers
Stef Aupers is als UHD verbonden aan het Centre for Rotterdam Cultural Sociology (CROCUS). Contact: / aupers@fsw.eur.nl

Peter Achterberg
Peter Achterberg is als UHD verbonden aan het Centre for Rotterdam Cultural Sociology (CROCUS). Contact: www.peterachterberg.com / p.achterberg@fsw.eur.nl
Toont 1 - 20 van 29 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.