Zoekresultaat: 16 artikelen

x
Jaar 2014 x
Artikel

De ambtenaar als professional?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Civil servants
Auteurs Drs. Thijs Jansen, Mr. drs. Luc Janssen en Drs. Tobias Kwakkelstein
SamenvattingAuteursinformatie

    The opening article introduces the topic of this special issue: civil servants. Changes in the context, role and legal status of civil servants in the Netherlands fuel the debate on the civil servant as a professional in academic and policy circles. This special issue reports on this debate, with contributions from legal, sociological, public administration and more applied perspectives.


Drs. Thijs Jansen
Drs. M. Jansen is lid van de redactie van Bestuurskunde en medeoprichter van de Stichting Beroepseer, waar hij kwartiermaker van de Goed Werk Denktank is. Hij was tot 1 juli 2014 als docent en onderzoeker werkzaam aan de School voor Politiek en Bestuur van de Universiteit van Tilburg. Hij is redacteur van verschillende boeken over professionals: Beroepszeer (2005), Beroepstrots (2009), Gezagsdragers (2012) en Loonfatsoen (2014).

Mr. drs. Luc Janssen
Mr. drs. L.H. Janssen studeerde ondernemingsrecht, bestuurskunde en sociaal recht en sociale politiek aan de Universiteit van Tilburg. Daarna werkte hij als onderzoeker bij de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur en als medewerker bezwaar bij UWV. Tegenwoordig is hij werkzaam bij Capra Advocaten.

Drs. Tobias Kwakkelstein
Drs. T. Kwakkelstein is strategisch beleidsadviseur bij de directie Organisatie en Personeelsbeleid Rijk.
Artikel

Leiderschap is wat je teweegbrengt bij anderen

Interview met prof. dr. Paul ’t Hart

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Civil servants, Challenges for leadership, Best-practices in public sector reform
Auteurs Drs. Tobias Kwakkelstein en Drs. Thijs Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    This is an interview with professor of public administration Paul ’t Hart, following the success of his Dutch essay ‘Civil Servant 3.0’. In the interview, ’t Hart addresses new demands on civil servants, challenges for leadership and the need to learn from international best practices in public sector reform.


Drs. Tobias Kwakkelstein
Drs. T. Kwakkelstein is strategisch beleidsadviseur bij de directie Organisatie en Personeelsbeleid Rijk.

Drs. Thijs Jansen
Drs. M. Jansen is lid van de redactie van Bestuurskunde en mede-oprichter van de Stichting Beroepseer, waar hij kwartiermaker van de Goed Werk Denktank is. Hij was tot 1 juli 2014 als docent en onderzoeker werkzaam aan de School voor Politiek en Bestuur van de Universiteit van Tilburg. Hij is redacteur van verschillende boeken over professionals: Beroepszeer (2005), Beroepstrots (2009), Gezagsdragers (2012) en Loonfatsoen (2014).
Artikel

Verder op weg naar een professie voor de beleidsambtenaar?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Civil servant, Professional autonomy, Professional standards, Professional behavior
Auteurs Drs. Hans Wilmink
SamenvattingAuteursinformatie

    A profession can be defined as a group of workers with shared knowledge, skills and quality standards. To maintain its professional status, the professional community needs to be relatively autonomous. However, while performing their tasks, many pressures jeopardize the professional worker’s autonomous position. Here, the professional community can make a difference.
    Subordination to the political principal characterizes the position of the civil servant. What margin of professional independence do political leaders allow their civil servants? Recent academic empirical reports in the Netherlands show conflicting outcomes.
    This essay describes how civil servants from a Dutch ministry deal with their professional standards and argues that, in the process of professionalization, more clarity is required with regard to how autonomy and independence for civil servants are safeguarded. This is especially relevant in a contemporary context where new ways to account for the professional behavior of civil servants need to be sought.


Drs. Hans Wilmink
Drs. H. Wilmink bekleedde diverse functies op het ministerie van Binnenlandse Zaken. Hij ging in 2013 met pensioen.
Artikel

Op weg naar een nieuwe ambtelijke status

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Legal status, Civil servants, Normalization, Legislative proposal
Auteurs Mr. drs. Luc Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    After years of debate, the discussion concerning the legal status of civil servants has reached its climax. The abolition of special civil servant status has never been closer. In February 2014 the Dutch Parliament approved a proposal that is based on the view that the particular legal status of civil servants has to be ‘normalized’, and that the terms and conditions of employment in the public sector could be regulated in line with market sector standards. In this article, both the discussion and the proposal are considered. In addition, we reflect on the extent to which and the way in which the proposal could have a positive impact on the development of the professional competence of civil servants.


Mr. drs. Luc Janssen
Mr. drs. L.H. Janssen studeerde ondernemingsrecht, bestuurskunde en sociaal recht en sociale politiek aan de Universiteit van Tilburg. Daarna werkte hij als onderzoeker bij de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur en als medewerker bezwaar bij UWV. Tegenwoordig is hij werkzaam bij Capra Advocaten.

    The focus of the diversity policy in the Dutch public sector has moved during the past decennia. In the eighties offering equal chances for the different target groups was the central policy goal, after the millennium this became the effective and efficient management of a diverse work force in order to arrive at a better performing public sector, also called the business case of diversity. This article investigates the question how far the Dutch cabinet has influenced the diversity policy of public organizations. The answer to the question is that there was limited influence from the Dutch cabinet on the arguments for diversity of public organizations, but there was greater influence on the diversity interventions, especially in three sectors: central government, municipalities and police. This influence on interventions of other (‘fellow’) governments is caused by the strong steering of the cabinet. The interventions undertaken therefore reflect to a more limited extent the business case of diversity and remain stuck in the old target group policy. However, public organizations with a longer history in diversity policy, that operate closer to society and see the necessity for diversity, are more inclined to embrace the business case and start interventions that are related to this new approach.


Drs. Saniye Celik
Drs. S. Celik is accountmanager voor de decentralisaties in het sociaal domein bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en buitenpromovenda aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden, Campus Den Haag.

    Deze bijdrage gaat over goed opdrachtnemer/-geverschap bij beleidsgericht onderzoek in de gezondheidszorg. De constatering luidt dat de relatie tussen kennisvrager/opdrachtgever en kennisaanbieder/opdrachtnemer vaak spanningsvol is. Aan de hand van de werkpraktijk van kennisprogrammeur ZonMw wordt beschreven onder welke voorwaarden de kans op bruikbaarheid en gebruik van kennis zo groot mogelijk is. Daarbij geldt goede interactie tussen onderzoekers en kennisgebruikers in beleid of praktijk als de meest kritische succesfactor. In essentie komt goed opdrachtnemerschap neer op de gedragslijn: ken uw opdrachtgever; het gevraagde mag niet onbekend zijn. Goed opdrachtgeverschap komt in essentie neer op de complementaire gedragslijn: duidelijk formuleren wat je verlangt; het onbekende mag niet worden gevraagd.


Wendy Reijmerink
Wendy Reijmerink is sinds 2010 werkzaam als stafmedewerker Strategie bij ZonMw en was daarvoor senior adviseur Kennisbeleid bij het ministerie van VWS. In beide organisaties heeft zij het thema goed opdrachtnemer/-geverschap op de kaart gezet en hierover cursussen georganiseerd.
Artikel

Professionals onder druk of professionele tegendruk? Gebalanceerde motivatie voor de publieke zaak in professionele publieke dienstverlening

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Professionals, public services, motivation, public values
Auteurs Nina Mari van Loon MSc en Prof. dr. Mirko Noordegraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    There are many practical and academic concerns about public professionals and the pressures and burdens they experience. Professional autonomies and skills are reduced, it is argued, as a result of businesslike new public management, in order to control service results. The solution is clear: organizational logics must be weakened, professional autonomies must be enlarged and professional ways of working must be ‘rescued’. In this paper we re-interpret this presumed problem by analyzing: the interaction between organizational and professional logics, by relating these to a broader institutional logic and by tracing the contribution of individual professional motivations. Professionals, it is shown, can be motivated by broader ambitions to serve society. Such public service motivation consists of three types of motives: rational/instrumental, affective and normative. Our results show that employees in different public professional services show different patterns of motives, which we mainly explain by relating their motivations to the nature of the services they render – whether they render people-changing or people-processing services. These institutional dimensions imply that professional work can be managed, not so much by businesslike ‘market logic’ but by strengthening the meaning of the work professionals do. Professional pressures against organizations do not have to be suppressed – they can be productively used.


Nina Mari van Loon MSc
Nina van Loon MSc is als promovenda verbonden aan het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO) van de Universiteit Utrecht.

Prof. dr. Mirko Noordegraaf
Prof. dr. Mirko Noordegraaf is als hoogleraar publiek management verbonden aan het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO) van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Monitoren en evalueren van integraal gezondheidsbeleid

Een practice-based verkenning

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, september 2014
Trefwoorden integraal gezondheidsbeleid, onderzoeksinstrumenten, monitoren en evalueren
Auteurs Ilse Storm, Marije van Koperen, Fons van der Lucht e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Integraal gezondheidsbeleid (IGB) kent in de lokale praktijk diverse verschijningsvormen en kenmerken waardoor het lastig is dit beleid te monitoren en evalueren. In een kennissynthese van Nederlandse kernpublicaties over IGB is gekeken wat op basis van ervaringen in de IGB-praktijk tot nu toe gezegd kan worden over monitoring en evaluatie. Bij deze practice-based verkenning naar IGB-kenmerken en bijbehorende praktische instrumenten is een indeling in drie categorieën gebruikt: context, processen en impact. Voorbeelden van relevante kenmerken zijn: type IGB en setting (context), verbinden beleid en activiteiten (proces), samenwerking sectoren (proces), draagvlak en verankering in organisatie (proces), en effecten op gezondheid of determinanten (impact). Op basis van de huidige IGB-praktijk lijkt het vooral haalbaar kennis te genereren over context en procesmaten, en minder over impactmaten. Uiteindelijk is een set kenmerken die meetbaar zijn met gevalideerde instrumenten wenselijk om grip te krijgen op de voortgang van IGB. Meer theoretische onderbouwing is dan wel noodzakelijk.


Ilse Storm
Ilse Storm is beleidsonderzoeker bij de afdeling Verkenningen Zorg en Preventie (VZP), centrum Gezondheid & Maatschappij (G&M), van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Marije van Koperen
Marije van Koperen is onderzoeker bij de afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit Aard- en Levenswetenschappen (FALW), van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Fons van der Lucht
Fons van der Lucht is afdelingshoofd van de afdeling Verkenningen Volksgezondheid (VVG), centrum Gezondheid & Maatschappij, van het RIVM.

Hans van Oers
Hans van Oers is Chief Science Officer (CSO) Health System Assessment and Policy Support bij het RIVM en hoogleraar Public Health bij Universiteit van Tilburg (UvT)/Tranzo.

Jantine Schuit
Jantine Schuit is centrumhoofd Voeding, Preventie en Zorg bij het RIVM en hoogleraar Health Promotion and Policy bij de afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit Aard- en Levenswetenschappen, van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Krachtig en kwetsbaar

De Nederlandse burgemeester en de staat van een hybride ambt

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2014
Auteurs Dr. Niels Karsten, Dr. Linze Schaap en Prof. dr. Frank Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes, on the basis of a broad empirical research, the development of the office of mayor since 2002 (the year of the introduction of a dualist local system in the Netherlands) and the present state of the office. It shows a fundamental change in the office during the last decade and how the already existing hybrid nature of the office has continued to grow since 2002. The article describes the effects of this hybridization and identifies, on the basis of this description, eight power lines and vulnerabilities of the office of mayor. The authors relativize a number of issues that are frequently problematized in relation to the office of mayor, but they also point to new concerns amongst mayors. According to the mayors for example the presidency of the council and the presidency of the board of mayor and aldermen can be combined quite easily in practice. Mayors however, and with good reason, are concerned about the vulnerability of their authority and the sustainability of their neutral position ‘above the parties’, their most important source of authority. For this reason a reorientation of the office of mayor in the Netherlands is needed. This reorientation should start with an answer to the question which roles the mayor has to play in Dutch local government.


Dr. Niels Karsten
Dr. N. Karsten MA is universitair docent aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur van de Tilburg University.

Dr. Linze Schaap
Dr. L. Schaap is universitair hoofddocent aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur van de Tilburg University.

Prof. dr. Frank Hendriks
Prof. dr. F. Hendriks is hoogleraar en onderzoeksdirecteur aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur van de Tilburg University.

    More often it has been supposed that pride has important positive effects on the functioning of civil servants (performance) and the provision of services to citizens. To stimulate civil servants to be proud of their profession and regain their professional pride it is necessary to know what causes civil servants to be proud of their work. Little quantitative research has been done into the determinants of professional pride in the public sector and the research that has been carried out is characterized by a diversity of definitions and operationalizations of pride. This research analyses to what extent civil servants are proud and which factors determine the amount of professional pride. The data have been gathered in 2010 by the Dutch Department of Home Affairs in the Personnel and Mobility Monitor. The monitor shows that three out of ten Dutch civil servants are not proud of their own profession. This is not caused by personal characteristics like gender, age and education that cannot be influenced, but intrinsic characteristics of the relation between civil servant and work that have the largest effect on the amount of professional pride amongst civil servants. Those civil servants that feel attached to the organization, are satisfied with the organization, are satisfied with their work and are motivated, are much prouder than those civil servants which lack these characteristics.


Rick Borst
R.T. Borst is als student-assistent verbonden aan de opleiding Bestuurskunde van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Dr. Christiaan Lako
Dr. C.J. Lako is als universitair docent verbonden aan de opleiding Bestuurskunde van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. dr. Michiel de Vries
Prof. dr. M.S. de Vries is als hoogleraar verbonden aan de opleiding Bestuurskunde van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Article

Hoe tweederangs zijn lokale verkiezingen?

Een analyse van de Nederlandse gemeenteraadsverkiezingen 2010 vanuit het perspectief van second-order elections

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Second-order elections, Netherlands, municipal elections, aggregate studies
Auteurs Herman Lelieveldt en Ramon van der Does
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies of second-order elections using aggregate data have predominantly focused on examining the extent to which European parliament elections and regional elections are dominated by the national, first-order arena, and paid scarce attention to the analysis of municipal elections. In addition the study of second-order elections is dominated by looking at the impact of first-order factors whilst ignoring the impact of arena-specific factors. This article addresses these shortcomings by analyzing the impact of national and local factors on the performance of national parties in the Dutch municipal elections of 2010. Our analysis shows that there are significant effects of local factors. Most parties lose votes when having been in local government and in some cases as well when having in addition lost an alderman as a result of a political crisis. Parties also lose vote share as a result of the entrance of new national and local parties in a local election, with the effect of new national entrants being larger than that of new local entrants. Our analysis corroborates earlier findings that point to a dominance of national factors, while at the same time showing that it is vital to include local, arena specific factors in order to get to a better estimation of the second-orderness of non-national elections. We discuss our results with respect to the recurring debate about the nationalisation of the Dutch municipal elections.


Herman Lelieveldt
Herman Lelieveldt doceert politicologie aan het University College Roosevelt, het liberal arts and honours college van de Universiteit Utrecht gevestigd in Middelburg.

Ramon van der Does
Ramon van der Does studeerde in 2014 als BA in de Social Sciences af aan het University College Roosevelt en doet momenteel de onderzoeksmaster politieke wetenschappen aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Verandermanagement en beleid: waarom vertonen professionals weerstand tegen nieuw beleid?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden public policy,, change management, policy implementation, public management, resistance to change
Auteurs Lars Tummers
SamenvattingAuteursinformatie

    Professionals often have problems with governmental policies they have to implement. This can lead to diminished legitimacy and lower policy performance. The goal of this article is to identify the main reasons why professionals resist implementing new policies. An interdisciplinary approach is taken. From public administration literature, I use the policy alienation model, which consists of five dimensions: strategic, tactical and operational powerlessness, societal meaninglessness and client meaninglessness. These are possible reasons why professionals resist public policies (‘resistance to change’, a concept drawn from change management literature). I test these assumptions using a survey among 1,317 healthcare professionals. The results show that when professionals experience that a policy is meaningless for society or for their own clients, they show strong resistance. A lack of perceived influence is much less important in explaining resistance, although this is partly dependent on the particular profession someone belong to. The policy alienation model can help policy makers and managers to develop policies which are accepted by professionals. The article ends with practical recommendations for policy makers, managers and professionals.


Lars Tummers
Dr. L.G. Tummers is verbonden aan de opleiding bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam en het Center for the Study of Law & Society van de University of California, Berkeley.

Prof. dr. Marcel Boogers
Prof. dr. Marcel Boogers is bijzonder hoogleraar innovatie en regionaal bestuur aan de Universiteit Twente en senior adviseur bij BMC-advies. E-mail: marcel.boogers@utwente.nl.
Article

Access_open Beleidsonderzoek benutten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, april 2014
Auteurs Prof. dr. A.F.A. Korsten en drs. Anne Douwe van der Meer AC
SamenvattingAuteursinformatie

    Achter opdrachtresearch gaat de veronderstelling schuil dat de tussen- en eindresultaten van beleidsonderzoek vroeg of laat ook benut worden en onderdeel worden van een proces van bezinning op beleid. Dit artikel handelt hierover. Diverse aspecten van benutting van onderzoek komen aan bod, zoals de definitie en vormen van benutting. Er worden vier richtingen onderscheiden om de omvang en vorm van benutting of onderbenutting op te sporen. Het artikel geeft voorts verklaringen voor achterblijvende benutting en bevat adviezen om te komen tot meer benutting. Voor ambtenaren, bestuurders en partners in beleidsnetwerken biedt deze beschouwing aanknopingspunten om researchresultaten desgewenst beter te benutten. En voor onderzoekers bevat dit artikel tal van aanzetten tot hypothesevorming voor verder onderzoek.


Prof. dr. A.F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.

drs. Anne Douwe van der Meer AC
Drs. Anne Douwe van der Meer AC is bedrijfseconoom en controller. Hij was werkzaam bij onder andere de Arbeidsvoorziening, het ministerie van Defensie, de gemeentelijke overheid en Deloitte.
Artikel

Successen en rafelrandjes: Stelselwijzigingen in het Openbaar Vervoer

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden public transport, New Public Management
Auteurs Wijnand Veeneman
SamenvattingAuteursinformatie

    During the 1980s and 1990s, successive Dutch governments reformed public transport by introducing market-type mechanisms. However, these New Public Management-style reforms have only been introduced half-heartedly because governments also tried to avoid the negative effects of NPM. On some fronts, the reforms have undoubtedly led to improved quality (better and newer material) and more choice for governments regarding how to organize public transport because there are several new providers. But on other fronts, these positive effects have been hampered by fragmentation, leading to calls for another overhaul of the system. This article chronicles the developments in public transport and discusses which new steps could be taken.


Wijnand Veeneman
Dr. W.W. Veeneman is als universitair hoofddocent Organisatie & Management verbonden aan de Technische Universiteit Delft.
Essay

Nihil novi sub sole?

De historische wortels van het naoorlogse Vlaams-nationalisme en hun invloed op de hedendaagse politiek

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2014
Auteurs Niels Matheve
Auteursinformatie

Niels Matheve
Niels Matheve is als onderzoeksassistent verbonden aan het Centrum voor Politicologie van de Katholieke Universiteit Leuven. Zijn onderzoek focust zich op de politieke geschiedenis van België, in het bijzonder op de machtsnetwerken in de tussenoorlogse periode.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.