Zoekresultaat: 16 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Res Publica x
Article

Het electorale succes van etnische minderheden in Brussel: de rol van kiezers en partijen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Brussels, electoral system, ethnic minorities, political representation
Auteurs Chloé Janssen, Régis Dandoy en Silvia Erzeel
SamenvattingAuteursinformatie

    European democracies have grown ethnically diverse in the recent years. Yet, ethnic minorities remain underrepresented in politics. Despite the theoretical argument asserting that ethnic minorities should perform better in systems allowing voters to cast intra party preferences, empirical studies bring mixed results. In particular, scholars highlight the role of both parties and voters in explaining the electoral success or failure of ethnic minority candidates. Using data on regional elections between 1995 and 2014 in Brussels, our study shows that even though parties have made gradual efforts to include ethnic minorities on their lists, voters appear to be an important force behind the election of ethnic minorities. We find variations according to party ideology, with socialist and – to a lesser extent – Christian democratic candidates benefiting the most from preferential voting. However, the positive impact of preference votes seems to decrease over time, as parties themselves become more inclusive and tend to allocate more realistic positions to their ethnic minority candidates in recent elections.


Chloé Janssen
Chloé Janssen is als doctoraal onderzoekster verbonden aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel. Daarvoor werkte ze als FNRS research fellow aan de Université catholique de Louvain. Haar onderzoek handelt over de politieke vertegenwoordiging van etnische minderheden en vrouwen, en focust in het bijzonder op het effect van het kiessysteem en de rol van politieke partijen.

Régis Dandoy
Régis Dandoy is docent aan de Waseda University (Tokio, Japan) en gastdocent aan de Université catholique de Louvain. Zijn belangrijkste onderzoeksinteresses zijn Belgische politiek, vergelijkend federalisme, regionale politiek en party manifestos. Hij publiceerde hierover in internationale tijdschriften en is tevens coredacteur van verschillende boeken over Belgische politiek.

Silvia Erzeel
Silvia Erzeel doceert politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. Haar onderzoek en recente publicaties spitsen zich toe op gender en politieke vertegenwoordiging, rechts populisme, intersectionaliteit in politieke partijen, en economische ongelijkheid. Haar onderzoek is vaak vergelijkend, met een geografische focus op West-Europa.
Article

Naar een voorwaardelijk model van ongelijkheid in vertegenwoordiging

Een onderzoek naar het moderatie-effect van beleidsdomeinen op ongelijkheid in beleidscongruentie

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Policy congruence, inequality, education, policy domains
Auteurs Christophe Lesschaeve
SamenvattingAuteursinformatie

    This article studies the extent to which differences or inequality in policy congruence between higher and lower educated voters are moderated by policy domains. Instead of measuring inequality across all areas of policy, this study takes a policy domain-specific approach. The analyses are based on a dataset containing voters and party positions on 50 policy statements, gathered in the run-up to the 2009 regional election in Belgium largest region, Flanders. We find, overall, only small and unsubstantial, though significant, differences, in policy congruence between higher and lower educated voters, in favor of the former. However, we find a much larger representational bias towards higher educated when we look at transportation, culture and media, immigration, taxand budgetary policy, and economic policy. At the same time, differences in policy congruence are lower as regards spatial planning. Studying inequality in policy congruence across policy domains thus hides more complex patterns of representational bias.


Christophe Lesschaeve
Christophe Lesschaeve is als doctoraatsstudent verbonden aan de faculteit sociale wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Zijn onderzoeksinteresse gaat uit naar beleidscongruentie en ongelijkheid in vertegenwoordiging.
Article

Het primacy-effect in proportionele systemen gewikt en gewogen

De casus van de Antwerpse districtsverkiezingen 2012

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2015
Trefwoorden preferential voting, political candidates, primacy effect, media, campaigns
Auteurs Patrick van Erkel en Peter Thijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Previous research shows that the position on the ballot list strongly influences the electoral success of candidates. However, the underlying mechanisms of this effect remain unclear. The list position can have a direct influence through a so-called primacy effect, parties may anticipate on the success of candidates, or the effect can be mediated by factors such as media attention and campaign intensity. Using data from the Antwerp district elections in 2012, this paper disentangles these mechanisms. Our study confirms the direct ballot list position effect, providing evidence for the existence of a primacy effect. However, we find that part of the ballot list position effect is mediated by media attention, especially for the first candidate on the list. Campaign intensity also influences the electoral success of candidates, but does not mediate the list position effect. Finally, we find no evidence that parties successfully anticipate on the electoral success of candidates.


Patrick van Erkel
Patrick van Erkel is medewerker en doctoraatsstudent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Tevens is hij lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). Zijn doctoraat richt zich op het verklaren van electoraal succes van individuele kandidaten.

Peter Thijssen
Peter Thijssen is hoofddocent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Uni versiteit Antwerpen. Hij is lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). Zijn onderzoek spitst zich toe op de wisselwerking tussen publieke opinie en politieke participatie.

Peter Van Aelst
Peter Van Aelst is hoofddocent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen en aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden en lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). Zijn onderzoek situeert zich voornamelijk in de domeinen van de politieke communicatie en vergelijkende politiek.

Kees Aarts
Kees Aarts is hoogleraar politicologie aan de Universiteit Twente en wetenschappelijk directeur van het Institute for Innovation and Governance Studies aldaar. Zijn onderzoeksbelangstelling gaat uit naar democratie, verkiezingen en kiezersgedrag.
Article

De impact van digitale campagnemiddelen op de personalisering van politieke partijen in Nederland (2010-2014)

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2015
Trefwoorden personalization, social media, election campaigns, party politics
Auteurs Kristof Jacobs en Niels Spierings
SamenvattingAuteursinformatie

    Politicians have started to use social media more often. As such media induce personal campaigning, one might expect more personalization to follow. We explore what type of personalization social media stimulate, whether this is different for Twitter and Facebook and analyze the role of parties. We make use of quantitative and qualitative data about the Netherlands (2010-2014). We find that while theoretically the impact of social media may be big, in practice it is fairly limited: more presidentialization but not more individualization (though Twitter might increase the focus on other candidates slightly). The difference between theory and practice seems largely due to the parties. They adopt a very ambiguous stance: though they often stimulate candidates to use social media, they want to keep control nonetheless.


Kristof Jacobs
Kristof Jacobs is als universitair docent verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn onderzoek richt zich op politieke partijen, sociale media, kiesstelsels en uitdagingen van de democratie.

Niels Spierings
Niels Spierings is universitair docent bij de Afdeling Sociologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn specialismen zijn politieke en gendersociologie en onderzoeksmethoden. Thematisch focust hij op sociale media, politieke participatie en democratisering, genderongelijkheid, de politieke en economische positie van vrouwen, migratie, islam, en intersectionaliteit. Samen met Kristof Jacobs coördineert hij het project VIRAL (www.ru.nl/VIRAL).
Article

Gender en etniciteit in de Tweede Kamer: streefcijfers en groepsvertegenwoordiging

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Trefwoorden quotas, target numbers, political representation, affirmative action, ethnicity, gender
Auteurs Liza Mügge en Alyt Damstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Women and ethnic minorities are underrepresented in national parliaments around the world. Interestingly, in the Netherlands ethnic minority women are better represented than ethnic minority men and ethnic majority women. The Netherlands did not adopt gender quotas, but some parties implemented target numbers. Drawing on document analysis and interviews, this article explores whether parties that encourage women’s representation are also likely to increase the number of ethnic minority representatives. It finds that party-specific factors such as a left or social democratic ideology, the institutionalization of gender and/or ethnicity within the party and the party’s vision on group representation are intertwined. Parties that actively encourage women’s representation are more inclined to openly acknowledge the importance of ethnic diversity. This especially favours ethnic minority women, who benefit from the strong embedding of gender. In the end gender determines the success of the ethnic card in political representation.


Liza Mügge
Liza Mügge is universitair docent aan de afdeling politicologie van de Universiteit van Amsterdam en Associate Director van het Amsterdam Research Center for Gender & Sexuality (ARC-GS).

Alyt Damstra
Alyt Damstra volgt de Research Master Social Sciences en is student-assistent aan de afdeling politicologie van de Universiteit van Amsterdam.
Article

Genderquota als een kieshervorming: terug naar de context, actoren en belangen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Trefwoorden gender quotas, electoral reform, women’s interests, strategic interests, Belgium
Auteurs Karen Celis en Petra Meier
SamenvattingAuteursinformatie

    This article returns to the meanwhile classic question of which factors explain the adoption of gender quotas, but approaches the issue through the literature on electoral reform. It argues that the latter offers two new issues to be studied when it comes to the adoption of gender quotas. Firstly, the definition of the political-institutional and socioeconomic context in which gender quotas are adopted should be broadened, and international institutions, much focused upon in research on gender quotas, should be integrated in this definition of the context in which gender quotas get adopted, so as to facilitate comparative research. Secondly, research needs to approach actors striving for gender quotas more critically. This implies paying more attention to the women/feminist stakeholders involved in campaigns for gender quotas, as well as to their strategic motivations and possible self-interest.


Karen Celis
Karen Celis is als onderzoeksprofessor verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel en is lid van het RHEA Centrum voor Gender & Diversiteit. Ze verricht theoretisch en empirisch onderzoek naar de politieke vertegenwoordiging van groepen.

Petra Meier
Petra Meier is hoofddocent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Haar onderzoek concentreert zich voornamelijk op de (re)presentatie van gender in politiek en beleid.
Symposium

Tussen representatie en deliberatie

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2012
Auteurs Kris Deschouwer, Didier Caluwaerts, Henk van der Kolk e.a.
Auteursinformatie

Kris Deschouwer
Kris Deschouwer is als onderzoeksprofessor verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel. Hij verricht onderzoek over politieke partijen, verkiezingen en politieke vertegenwoordiging.

Didier Caluwaerts
Didier Caluwaerts is postdoctoraal onderzoeker in de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel. Zijn onderzoek gaat over deliberatie in diep verdeelde samenlevingen.

Henk van der Kolk
Henk van der Kolk is als universitair hoofddocent verbonden aan de Faculteit Management en Bestuur van de Universiteit Twente. Hij geeft onderwijs in methoden en technieken en politicologie. Hij was als deskundige betrokken bij het Burgerforum Kiesstelsel en deed onderzoek naar de besluitvorming binnen het Burgerforum.

Kristof Jacobs
Kristof Jacobs is universitair docent in het Departement Politieke Wetenschappen van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn onderzoek spitst zich toe op democratische vernieuwing en verkiezingen.

Jean-Pierre Rondas
Jean-Pierre Rondas was producer en journalist bij het culturele radionet Klara van de VRT, waar hij de interviewprogramma’s Wereldbeeld en Rondas maakte. Hij is stichtend lid van de Gravensteengroep, een burgerinitiatief dat vanuit progressieve ideologische posities pleit voor Vlaamse soevereiniteit. Hij publiceerde Rondas’ Wereldbeeldenboek (2006) en Land op de Tweesprong. Manifesten ter ontgrendeling van Vlaanderen (2012).
Article

Tweede Orde Personalisering: Voorkeurstemmen in Nederland

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2012
Trefwoorden preference voting, personalization, Dutch national elections, expressive voting
Auteurs Joop J.M. Van Holsteyn en Rudy B. Andeweg
SamenvattingAuteursinformatie

    If the impact of party leaders on the electoral fate of their parties may be called first order personalization, this paper addresses second order personalization: a preference for an individual candidate having to do with that person embedded in a prior choice for the candidate’s party. Using survey data and election results with respect to intraparty preference voting in The Netherlands, this study explores the characteristics of both voters casting a vote for a candidate other than the party leader and candidates receiving preference votes. Given the increase in intraparty preference voting, second order personalization has increased considerably in recent decades. Moreover, the correlates of second order personalization differ from those identified for first order personalization: intraparty preference votes are cast more often by higher educated, politically interested and efficacious female voters. Intraparty preference voting also seems to be a form of expressive rather than instrumental electoral behaviour: female candidates, and to a lesser extent ethnic candidates, receive more preference votes, but such votes are cast predominantly for the highest placed female (or ethnic) candidate on the list – candidates who would be elected on the basis of their position on the party list anyway.


Joop J.M. Van Holsteyn
Joop van Holsteyn is als universitair hoofddocent en bijzonder hoogleraar Kiezersonderzoek verbonden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek is gericht op diverse aspecten van politieke houdingen, publieke opinie en politiek en electoraal gedrag.

Rudy B. Andeweg
Rudy Andeweg is als hoogleraar empirische politicologie verbonden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek is gericht op diverse aspecten van politieke representatie.
Article

Politieke participatie: Wat doet dat met een mens?

Een panelstudie van Belgische lokale data

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2012
Trefwoorden political participation, political knowledge, political trust, emancipation process, local politics
Auteurs Peter Thijssen en Didier Dierckx
SamenvattingAuteursinformatie

    In this paper we study both long term and short term individual effects of political participation at the local level. Participatory theorists argue that political participation could lead to individual emancipation in terms of a rise of political knowledge and, in the long term, political trust. Indeed, in the short term the increased political knowledge associated with participation might enable citizens to better define their self-interest, which may be inconsistent with actual policies pursued by the local authorities and thus might be conductive to distrust. In the empirical part we will test these assertions using two-wave panel data for a random sample of 457 individuals in the district of Deurne (Antwerp – Belgium). Our results suggest that in the short term participation leads to more local political knowledge and distrust in the local administration. However, we do not find a significant increase in political trust in the long term.


Peter Thijssen
Peter Thijssen is hoofddocent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). Zijn onderzoek spitst zich toe op de wisselwerking tussen publieke opinie en politieke participatie.

Didier Dierckx
Didier Dierckx is wetenschappelijk medewerker aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij werkt aan het beleidsondersteunend onderzoek ‘Focus op Deurne’, alsook aan een proefschrift waarin wordt gezocht naar contextuele verklaringen voor lokale politieke participatie.
Research Note

Onderzoek naar kiesstelselhervormingen doorgelicht

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2011
Auteurs Monique Leyenaar en Reuven Y. Hazan
Auteursinformatie

Monique Leyenaar
Monique Leyenaar is professor Vergelijkende Politicologie aan het Institute for Management Research van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij doet onderzoek naar politieke participatie, institutionele hervormingen, lokale besluitvormingsprocessen, en gender en politiek.

Reuven Y. Hazan
Reuven Y. Hazan is professor bij de afdeling Politicologie van de Hebrew Universiteit van Jeruzalem, Israel. Hij onderzoekt en publiceert over politieke partijen en partijsystemen, kiesstelsels en het functioneren van parlementen.

    According to our analysis of the campaign expenses declared by the Flemish candidates for the 2003 federal and the 2004 regional elections candidates of the three traditional parties spend, on average, about 70 à 80% of what they are allowed to. The impact of the spending limit is much smaller for the other parties, the candidates of which spend only about 50% of what they are allowed to. Incumbents and candidates who are also mayor in a municipality tend to spend more. The background characteristics of the candidates have almost no effect on the expenditures. There is only a small effect of gender, in the sense that women candidates spend less. On average, one third of the individual campaign expenditures is financed by the individual candidates, and two thirds by the party. However, in the liberal party the contribution of the party is substantially lower (35 à 40% on average), while it is higher (80% on average) in the socialist party as well as for female candidates


Bart Maddens
Hoofddocent aan het Centrum voor Politicologie, K.U.Leuven.

Karolien Weekers
Wetenschappelijk medewerker aan het Centrum voor Politicologie, K.U.Leuven.

Jo Noppe
Doctor in de sociale wetenschappen, K.U.Leuven.
Article

Een kandidaat uit mijn buurt?

De scheve spreiding van kandidaten voor de Brusselse gewestverkiezingen over armere en rijkere buurten

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2006
Auteurs Dirk Jacobs
SamenvattingAuteursinformatie

    Parties supposedly take great care to assure an equilibrium in the socio-geographical composition of their lists of candidates. In this contribution it is investigated whether the parties which participated to the 2004 regional elections in Brussels indeed presented lists in which the criterion of equilibrated geographical distribution was taken into account. We compared the presence of candidates living in disfavoured neighbourhoods, middle class neighbourhoods and rich neighbourhoods for the different lists which participated in the elections. It is shown that elected politicians overwhelming tend to live in the richer areas of the Brussels Capital Region. This is not due to a funnel effect in which predominantly the candidates living in richer neighbourhoods were able to get elected. Parties had, indeed, in general distinct socio-geographical profiles of their candidates and these merely got reflected in the overall results of those getting elected.


Dirk Jacobs
Chargé de cours, Institut de Sociologie, Université Libre de Bruxelles.
Article

Het asielbeleid van de Europese Unie: een veiligheidskwestie?

Een discoursanalytische studie naar de constructie van een gemeenschappelijke asielprocedure in Europa

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2005
Auteurs Dominique Van Dijck
SamenvattingAuteursinformatie

    This article explores whether the development of a common European asylum policy, and the construction of a directive on minimum standards for the granting of refugee status, is dominated by a security discourse. In such a security discourse, asylum is considered a cross-border threat to the realization of the internal market and the internal stability of Member States. While the social construction of asylum as a problem puts pressure on the traditional humanitarian framework on which international refugee protection is being based. The tension between these two approaches seems to result in a restrictive European common asylum policy, with a focus on control and prevention of migration into the EU. In this article, we analyse the tensions between the security and the humanitarian discourse in primary and secondary sources, using the model of Laclau and Mouffe. We conclude that while creating a common asylum policy, a securitization process is present.


Dominique Van Dijck
Aspirante van het FWO-Vlaanderen Faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen, Universiteit Antwerpen.

    This article explains Belgium’s European policy regarding the CAP reforms of 1992 (MacSharry Reforms) and 2003 (Mid Term Review). It addresses the question whether this policy has changed and, if so, what the conditions of policy change are. We argue that Belgium has a two-track policy regarding the CAP reforms. The first track has a conservatist content, stating that Belgium is not in favour of the proposed reforms. The second track is a the more reformist one, given the untenability of the CAP in the light of the simultaneous global GATT, WTO and/or enlargement negotiations. It is argued that the political colour of the Agriculture Minister influences partly the first track, while the relative importance of the global negotiations over the CAP reform negotiations affects the second track. Moreover, we conclude that the involvement of the Flemish and Walloon Region has not led to a deadlock in the internal policy-making process in Belgium.


Tom Delreux
Aspirant van het FWO-Vlaanderen, Instituut voor Internationaal en Europees Beleid, Katholieke Universiteit Leuven.

Jo Noppe
Aspirant van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen, aan het Centrum voor Politologie van de K.U.Leuven, in samenwerking met de secretariaten van de politieke partijen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.