Zoekresultaat: 8 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2021 x Rubriek Article x
Thema-artikel

From National Lockdowns to Herd Immunity: Understanding the Spectrum of Government Responses to COVID-19 (2019-2021)

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2021
Trefwoorden COVID-19, Health Policy, Policy Strategies, Policy Capacity, Leadership
Auteurs Michael Howlett
SamenvattingAuteursinformatie

    Governments around the world responded at roughly the same time but in several different ways to the emerging threat of COVID-19 in early 2020. This article sets out the nature of the different strategies that emerged over the course of the pandemic, focussing on the policy tools deployed. Some of these efforts were successful in containing the coronavirus while others were not, in some cases due to poor initial choices and in others due to poor implementation of the chosen strategy. Although the initial understanding each government had of the nature of the disease was the same, different state capacities and different levels of preparedness and effective leadership can be seen to have resulted over time in the emergence of six distinct approaches to the pandemic which, once deployed, proved difficult, although not impossible, to change as the pandemic unfolded.


Michael Howlett
Dr. M. Howlett is professor at the Simon Fraser University in Vancouver, Canada.
Thema-artikel

Tweebenig besturen binnen zorgnetwerken

Besturen tijdens de ‘hamer’ en de ‘dans’ in zorgregio west

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2021
Trefwoorden network management, health care managers, innovation, consolidation, health care networks, COVID-19, crisis management
Auteurs Jelmer Schalk, Eduard Schmidt, Suzan van der Pas e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Crisis management requires health care managers to simultaneously innovate, i.e. to adjust – and to consolidate, i.e. to provide stability. COVID-19 was no exception in this respect. In this study, we ask to what extent multi-actor and multi-level health care networks stimulate or hinder balancing innovation and consolidation. We present the results of a qualitative case study, drawing upon 29 interviews with health care managers in one region in the Netherlands. Our analysis chronologically follows the crisis management response and differentiates between ‘the hammer’ phase (the ‘lockdown’) and the ‘dance’ phase (learning to live with the virus). We show that, especially in the hammer phase, formal networks can contribute to consolidation, yet innovation comes mostly from informal and personal networks. While the hammer phase should help organizations prepare to live and dance with the virus, we show that multi-actor and multi-level networks focus more on idiosyncratic organizational interests, although some of these are in fact productive. We conclude with recommendations for practice.


Jelmer Schalk
Dr. J. Schalk is universitair hoofddocent bij het LUMC.

Eduard Schmidt
Dr. J.E.T. Schmidt is universitair docent bij de Universiteit Leiden.

Suzan van der Pas
Dr. S. van der Pas is universitair hoofddocent bij het LUMC.

Sietse Wieringa
Dr. S. Wieringa is huisarts bij het LUMC.

Sandra Groeneveld
Prof. dr. S.M. Groeneveld is hoogleraar Publiek Management bij de Universiteit Leiden.

Jet Bussemaker
Prof. dr. M. Bussemaker is hoogleraar Wetenschap, beleid en maatschappelijke impact bij het LUMC.

    Dutch social policies are aimed at the integration and participation of all people. This creates challenges for persons with a mental vulnerability and their neighbourhoods. Five municipalities in the province of Flevoland asked us to help them improve the move from protected living to living in the neighbourhood. We used an arts-based participatory action research design and we followed ‘hot topics’, topics that sparked people’s energy and emotion, and which led to empowerment and participation. Focusing on these topics, which initially might not seem to be closely connected to the main research topic, might produce more information, and energy to take action on it, rather than rigidly sticking with the initial research topics. In this article, we focus on the first phases of the project. The emotions that people with mental vulnerabilities expressed when talking about their dogs, led us to the core of what really mattered to them in terms of inclusive living and participation. The dog functioned as an unexpected ‘hot topic’. In a symbolic sense, ‘the dog’ stands for a diverse range of lifeworld topics that can act as a creative catalyst for social change.

    Vooraf

    Participatief actieonderzoek en responsieve evaluatie staan volop in de belangstelling bij beleidsmakers en onderzoekers. Dit type beleidsonderzoek en -evaluatie beoogt democratisch, inclusief én impactvol te zijn. Het gaat om onderzoek mét in plaats van óver mensen. En het is actiegericht: onderzoek wil bijdragen aan concrete oplossingen door met betrokkenen gezamenlijke (verbeter)acties te ontwikkelen in de praktijk, en daarop te reflecteren en van te leren. Dit alles met het oog op sociale inclusie. Het zijn mooie idealen, maar wat betekent dit in de alledaagse, vaak weerbarstige onderzoekspraktijk?

    Op 20 januari 2020 organiseerde prof. Abma daarover een symposium, getiteld ‘Responsive, Participatory Research: Past, Present and Future Perspectives’ (Vrije Universiteit, Amsterdam). De rode draad op het symposium was de vraag wat goed en ethisch verantwoord participatief onderzoek is, en wat dit vraagt van onderzoekers en beleidsmakers. Drie lezingen op deze conferentie zijn nadien omgewerkt tot essays om lezers van Beleidsonderzoek Online vanuit verschillende perspectieven beter kennis te laten maken met deze vorm van onderzoek:

    Prof. Weerman en haar team focussen in hun bijdrage op het zich in de praktijk ontwikkelende onderzoeksdesign en het inzetten van creatieve methoden om participatie te bevorderen. Ze gaan na welke kwaliteitscriteria aan participatief actieonderzoek worden gesteld en hechten daarbij met name aan eisen ten aanzien van participatie, samen leren en verschil maken (zie BoO juli 2021). Ze benadrukken het belang van creativiteit en flexibiliteit.

    Prof. Abma bespreekt in haar artikel de normatieve dimensies en de ethiek van participatief actieonderzoek (zie BoO september 2020). Ze illustreert met een voorbeeld uit de crisishulpverlening aan GGZ-cliënten dat participatief actieonderzoek niet slechts een methodisch-technische exercitie is, maar een sociaal-politiek proces waarbij bestaande machtsverhoudingen verschuiven om ruimte te geven aan nieuwe stemmen en kennis. Dit omvat het zien van en stilstaan bij ethisch saillante dilemma’s en morele reflectie.

    De bijdrage van prof. Cook (zie BoO februari 2021) gaat over de weerbarstige praktijk van participatief actieonderzoek. Het doel is samen leren en voorbij geijkte oplossingen komen. Zij laat zien dat dit uitdagend is voor professionals die geconfronteerd worden met burgers die feedback geven en vragen om het (deels) loslaten van vaststaande professionele kaders. Er ontstaat dan ongemak en onzekerheid, maar zo beoogt en laat Cook overtuigend zien, deze ‘mess’ (niet meer goed weten wat goed en nodig is) is productief om te komen tot hernieuwde inzichten en innovaties.

    (Introductietekst opgesteld door prof. T. Abma)


Alie Weerman
Alie Weerman is professor of Mental Health and Society at Windesheim University of Applied Sciences. Her PhD focused on the use of experiential knowledge of professional social workers and caretakers. She practices Participatory Health Research in several organizations in healthcare and social work. She always uses experiential knowledge as a valuable ‘third source of knowledge’ in the process and results of studies.

Rosalie Metze
Rosalie Metze is associate professor of Mental Health and Society at Windesheim University of Applied Sciences. Her expertise lies in topics such as outreach work, experiential knowledge, self-efficacy, and strengthening the voice of those less heard. Her goal is to always work according to the PAR principles, and gain the necessary acknowledgement for this type of research.

    In the more than 15 years that decentralized audit offices have existed in the Netherlands, little attention has been paid to the research methods they use. This article focuses on how the research methods used by decentralized audit offices have developed and to what extent they use new technology. New technology has changed a lot in 15 years, which offers new possibilities for research, but also raises new questions. Based on an empirical analysis of audit reports, it can be concluded that decentralized audit offices adopt a standard approach to document and file analysis and interviews, with only limited application of innovative technology. On the basis of a theoretical exploration of the relevant literature and a simple qualitative analysis of research by the Netherlands Court of Audit and the Rathenau Institute, a framework has been developed in which the opportunities and risks of the application of new technology in decentralized audit office research are described. This can provide a handle for future application. Decentralized audit offices can use this for (more) reflection on their research methods and innovation, in order to develop to maturity while remaining young.


Ard Schilder
Dr. N.A.C. Schilder is directeur-bestuurder van de Zuidelijke Rekenkamer.

Isabelle Fest
I. Fest MA is promovendus bij de Universiteit Utrecht, waar zij onderzoek uitvoert naar de toepassing van algoritmen bij de Nationale Politie.

Erik Schurer
E. Schurer MSc is als onderzoeker verbonden aan de Zuidelijke Rekenkamer.
Thema-artikel

Wat motiveert burgers tot coproductie en burgerinitiatief?

Wetenschappelijke reflectie op ‘Waarom burgers coproducent willen zijn’ (2013)

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2021
Auteurs Mirjan Oude Vrielink
Auteursinformatie

Mirjan Oude Vrielink
Dr. M.J. Oude Vrielink is onderzoeker bij Oude Vrielink Dienstverlening – Partner in kennis.
Artikel

Rebel-leren: hoe een rebelse sector tot lerend verantwoorden komt

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2021
Trefwoorden quality of care, rebels, accountability, organization/sector learning
Auteurs Annemiek Stoopendaal en Wilma van der Scheer
SamenvattingAuteursinformatie

    Healthcare is often dominated by the curative domain. Yet, for a new way of improving of and accounting for quality of care, we have to shift our focus to the care for people with disabilities. Since long, quality of care is translated into performance indicators and standards. This reductive way of measuring quality was pursued for the entire healthcare sector. Where this might fit in with hospital care, it was experienced as constraining in care for the disabled. In this sector it was seen as a poor representation of the plurality of healthcare provision. A number of ‘quality rebels’ aimed to create a more suitable and rich Quality Framework for the sector, with attention for objective, subjective and intersubjective dimensions of care. In this article, we analyze the way in which the sector has realized this aim, and we show how this rebellious sector succeeded in transforming the idea of accountability for quality of care, by emphasizing on the reflection and learning processes that take place at all levels of the sector, and beyond. A new approach which requires a continuous cycle of disrupting, creating, and maintaining institutionalized patterns of thinking and doing. It requires ‘rebel learning’.


Annemiek Stoopendaal
Dr. Annemiek Stoopendaal is organisatieantropoloog en universitair docent/senior onderzoeker, Erasmus School of Health Policy & Management, sectie Health Care Governance aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Wilma van der Scheer
Dr. Wilma van der Scheer is gezondheidswetenschapper, directeur van het Erasmus Centrum voor Zorgbestuur en leider van de academische werkplaats zorgbestuur, Erasmus Centrum voor Zorgbestuur aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Marianne van Bochove
Dr. Marianne van Bochove is universitair docent, sectie Health Care Governance, Erasmus School of Health Policy & Management aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en senior onderzoeker aan De Haagse Hogeschool.

Katja Rusinovic
Dr. Katja Rusinovic is lector grootstedelijke ontwikkeling, faculteit Bestuurskunde, Recht & Veiligheid aan De Haagse Hogeschool.

Suzanna Koops-Boelaars
Suzanna Koops-Boelaars, MSc, is promovendus, sectie Health Care Governance, Erasmus School of Health Policy & Management aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De invloed van contractuele en relationele aspecten op stakeholdermanagement

Een casusstudie van de A9 en A16 DBFM-infrastructuurprojecten

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2021
Trefwoorden infrastructure projects, public-private partnerships, contractual governance, relational governance, stakeholder management
Auteurs Sander Philips MSc, Ir. Bert de Groot en Dr. Stefan Verweij
SamenvattingAuteursinformatie

    In the past decade, large infrastructure projects in the Netherlands have often been implemented through Public-Private Partnerships (PPPs), specifically using Design-Build-Finance-Maintain (DBFM) contracts. While the decision to implement projects through PPPs is based on expected advantages for internal parties – the public and private partners in the PPP –, there is a call for more focus on the advantages and disadvantages of PPPs for external stakeholders. External stakeholder management in DBFM projects is based on a contractual division of risks and responsibilities between the partners. However, it is clear from the literature that the contract does not guarantee successful stakeholder management. Relational aspects are important. Little research has been done, however, into the interplay of contractual and relational aspects in achieving successful stakeholder management. This article addresses this research need. A comparative case study was conducted into the PPP projects A9 Gaasperdammerweg and A16 Rotterdam. The study first shows that sanctions, when combined with a relational approach, have a positive effect on the relationships with stakeholders. Second, external stakeholder management cannot be simply outsourced to the private partner and continuous involvement of the public partner is important for success.


Sander Philips MSc
Sander Philips MSc volgde op het moment van schrijven de double degree master Environmental and Infrastructure Planning (Rijksuniversiteit Groningen) en Water and Coastal Management (Universität Oldenburg). Inmiddels is hij afgestudeerd.

Ir. Bert de Groot
Ir. Bert de Groot is senior adviseur projectbeheersing bij Rijkswaterstaat, ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, en external PhD bij de Rijksuniversiteit Groningen, faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, basiseenheid Planologie.

Dr. Stefan Verweij
Dr. Stefan Verweij is universitair docent infrastructuurplanning, governance en methodologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, basiseenheid Planologie.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.