Zoekresultaat: 48 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Res Publica x Rubriek Article x
Article

De draaideur: van impasse naar uitweg

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2018
Trefwoorden revolving door, lobbying, integrity, public values, polder democracy, regulatory solutions
Auteurs Toon Kerkhoff en Arco Timmermans
SamenvattingAuteursinformatie

    The revolving door is an ambiguous concept evoking strong opinions, and often is seen to lead to a decline in trust and legitimacy of the policy-making system of the Netherlands. But the different moral objections against the revolving door between functions and jobs in public and private organizations are barely matched with systematic empirical evidence of negative effects on the policy-making system. In this article, a definition of the concept is presented in order to help focusing the discussion on moral objections and practical implications of the revolving door. Two fundamental contradictions emerge from the panoply of arguments and assertions about this phenomenon. With our definition as a basis, we consider the different forms of the revolving door and discuss conditions under which it may be contained without solutions that are disproportionate to the problem. The way out is to develop clearer norms and integrity-enhancing mechanisms with which negative effects may be avoided and positive effects strengthened.


Toon Kerkhoff
Toon Kerkhoff is universitair docent bij het Instituut Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden. Hij geeft leiding aan het Centre for Public Values & Ethics aan de Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden, waar wetenschappelijk onderzoek wordt gedaan naar normatieve vraagstukken in de publieke sector en kennis daarover breder toegankelijk wordt gemaakt. Het onderzoek van Kerkhoff richt zich in het bijzonder op good governance en bestuurlijke ethiek, waarover hij ook onderwijs geeft in bachelor- en masteropleidingen.

Arco Timmermans
Arco Timmermans is bijzonder hoogleraar public affairs aan de Haagse Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek en onderwijs gaan over de dynamiek van de maatschappelijke en politieke agenda, issuemanagement, lobbycoalities en de professionalisering van public affairs als terrein van wetenschap en praktijk. Hij is mede-oprichter en leider van de Nederlandse deelname in het internationale Comparative Agendas Project. Naast onderzoek en onderwijs in reguliere academische programma’s zoals de masterspecialisatie public affairs aan de Universiteit Leiden is hij ook intensief betrokken bij cursussen voor werkende professionals op het terrein van public affairs.
Article

Voorstel tot een historische kritiek van het neoliberalisme

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Neoliberalism, Friedrich Hayek, Walter Eucken, classical liberalism, Michel Foucault
Auteurs Lars Cornelissen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article I argue that the commonplace interpretation of neoliberalism in the Netherlands is mistaken. According to this interpretation the term ‘neoliberalism’ refers to a series of policies, including privatisation and deregulation, that were implemented in the Netherlands in the 1980’s in imitation of Thatcher and Reagan. I argue that it is not this series of policies but the justification underpinning them that is of a neoliberal nature. To support this claim I offer a brief genealogical history of neoliberal thought, which developed in the interwar period, by explicitly distinguishing itself from both 19th-century classical liberalism and contemporary modern liberalism. On the basis of this historical account I assert that neoliberalism adopts the foundational principles of classical and modern liberalism, but that it prescribes different formal principles of rational government. I conclude that this diction makes it possible to write a critical history of neoliberalism.


Lars Cornelissen
Lars Cornelissen doet doctoraal onderzoek aan de University of Brighton (Verenigd Koninkrijk). Hij is gespecialiseerd in de geschiedenis van het neoliberalisme en schrijft zijn dissertatie over het antidemocratische aspect van neoliberale politieke economie.
Article

De etnische politieke elite van Nederland: gewoon geworden door ongewoon te zijn?

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2017
Trefwoorden ethnic minorities, political representation, the Netherlands, compensation, similarity
Auteurs Roos van der Zwan en Tomas Turner-Zwinkels
SamenvattingAuteursinformatie

    This article compares the study and professional backgrounds of ethnic minority and native Dutch MPs in the Netherlands using self-collected data from 2010-2016. We build on previous studies and further develop and test the compensation and similarity model. We expected that ethnic minorities compensate with regard to the duration of their education and the length of their professional and pre-parliamentarian political careers. Furthermore, in line with the similarity model, we expected greater similarities between ethnic minority and Dutch MPs in terms of their educational and professional backgrounds and political experience. The results show more evidence for the similarity model than for the compensation model. We find that ethnic minority MPs have similar educational levels and types of political experience as Dutch MPs, however, contrary to the expectation they do not have more but less years of professional and pre-parliamentarian political experience.


Roos van der Zwan
Roos Van der Zwan schrijft momenteel haar proefschrift over de politieke vertegenwoordiging en het stemgedrag van etnische minderheden in Nederland. Haar onderzoeksinteresses omvatten onder meer politiek, integratie- en migratievraagstukken.

Tomas Turner-Zwinkels
Tomas Turner-Zwinkels is postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit Basel. Hij doet kwantitatief onderzoek naar de carrières van politici. Hiervoor gebruikt hij een crossnationale database met gedetailleerde politieke carrière-informatie die hij zelf ontwikkelt. Zijn focus gaat uit naar politiek human capital, gendergelijkheid en het formeel modelleren van loopbaanbeslissingen.
Article

Verticale politieke cumul in de Lage Landen: evolutie en verklaringen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Cumul des mandats, Multiple office-holding, Members of parliament, Local representatives, Central-local relations
Auteurs Nicolas Van de Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies have shown that multiple office-holding, a practice that denotes the simultaneous exercise of any directly elected municipal mandate and parliamentary seat, is more commonplace in European national parliaments than expected. However, research in Belgium, and especially in the Netherlands, is scarce and extremely fragmented. Therefore, our analysis provides a systematic comparison between the Low Countries with a longitudinal focus. In the first part of the paper, the frequency of the practice is described and its evolution in the last two decades tracked. In the second part, we provide aggregated explanations for the identified discrepancy. Indeed, our results show that after the most recent elections, more than 80% of all Belgian members of parliament held a local mandate, and this percentage increased by 10% during our reference period. In contrast, 9 out of 150 members of the Dutch Second Chamber were combining several offices at the beginning of their national mandate, while the degree of cumulards remained stable. Unexpectedly, the legislative framework and the party regulations are not the source of this deviation, as they are almost identical in both countries. We argue that the difference can be attributed to the role and position of the local government, the political culture and the electoral system.


Nicolas Van de Voorde
Nicolas Van de Voorde is als FWO-aspirant verbonden aan het Centrum voor Lokale Politiek aan de Universiteit Gent. Zijn onderzoek is gericht op het fenomeen cumul des mandats in de Belgische context.
Article

Bijzondere buren

Lokaal bestuur en lokale verkiezingen in Nederland en Vlaanderen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2017
Trefwoorden The Netherlands, Flanders, Belgium, local government, local politics, elections
Auteurs Julien van Ostaaijen
SamenvattingAuteursinformatie

    Even though they are portrayed as culturally and mentally very different, the Dutch and the Flemish share a border, a part of their history, and their language. Little oversight has been provided regarding the similarities and differences in terms of their democratic and political institutions and their mode of operation. This is especially the case for the local level. With upcoming local elections in both the Netherlands and Flanders/Belgium, this article presents an oversight of similarities and differences regarding local government and local elections in both territories. The main conclusion is that there are differences and similarities in both the local institutional setting and government practice. In local government practice however, the differences stand out.


Julien van Ostaaijen
Julien van Ostaaijen is als universitair docent verbonden aan de Tilburg School of Governance van Tilburg University. Hij doet veel onderzoek naar lokale democratie en heeft onder meer gepubliceerd over de rol van de gemeenteraad, lokale partijen, de aanstellingswijze van wethouders en burgemeesters, burgerbetrokkenheid en de opkomst bij (lokale) verkiezingen. Zijn proefschrift ging over de vraag hoe veranderingen in het lokaal bestuur kunnen worden doorgevoerd. Voor meer informatie over zijn werk: www.vanostaaijen.nl
Article

Burgemeester (m/v) in de Lage Landen

Zelfde job? Zelfde rol? Zelfde vragen?

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2017
Trefwoorden mayoralty, mayors, Flanders, Netherlands, institutional change, selection procedure
Auteurs Niels Karsten, Koenraad De Ceuninck en Herwig Reynaert
SamenvattingAuteursinformatie

    This article compares the mayoralties of the Netherlands and Flanders, with a particular focus on the changes since 2010. The results show that the mayors of these two historically and culturally connected Low Countries form particularly homogeneous groups of people. This has not changed much over the last few years. The role and function of mayors in both Flanders and the Netherlands, however, have gradually changed substantially. In particular, both mayors’ responsibilities in the field of safety and security have increased. At the same time, the two mayoralties show considerable differences. The Flemish mayor has long been and still is a far more political figure than the Dutch mayor is. The Dutch mayoral office, however, is politicising, which has resulted in more debate about its role in local government than in Flanders. The comparison shows how the local political culture can strongly influence how public offices take shape.


Niels Karsten
Niels Karsten, MA, is als universitair docent verbonden aan de Tilburg School of Governance. Hij doet vooral onderzoek naar lokaal politiek-bestuurlijk leiderschap. Als promovendus deed hij onderzoek naar de verantwoording door burgemeesters en wethouders van controversiële beslissingen. Tussen 2013 en 2014 was hij projectleider van een uitgebreid empirisch onderzoek naar het Nederlandse burgemeestersambt, dat resulteerde in het boek Majesteitelijk & Magistratelijk. Sindsdien is hij betrokken geweest bij verschillende onderzoeken naar politieke ambtsdragers in binnen- en buitenland. Over het Nederlandse burgemeestersambt publiceerde hij onder andere in Bestuurswetenschappen, Lex Localis, Leadership en het Oxford Handbook of Political Leadership.

Koenraad De Ceuninck
Koenraad De Ceuninck is als docent verbonden aan de vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Gent. Hij is lid van het Centrum voor Lokale Politiek. Zijn voornaamste onderzoeksdomeinen zijn schaal en lokale politiek, gemeentelijke fusies en hervormingen op lokaal niveau. Zijn doctoraatsonderzoek was een studie naar de politieke besluitvorming tijdens de gemeentelijke fusies in België in 1976. Hij publiceert rond meerdere onderwerpen met betrekking tot lokaal beleid en lokale politiek. Hij is betrokken bij het vak Actuele vraagstukken van de lokale politiek en is verantwoordelijk voor de stages binnen de opleiding politieke wetenschappen.

Herwig Reynaert
Herwig Reynaert is als gewoon hoogleraar verbonden aan de vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Gent. Hij is voorzitter van het vakgebied Lokale en Regionale Politiek en voorzitter van het Centrum voor Lokale Politiek. Sinds 2009 is hij decaan van de Faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen. Hij publiceerde als auteur en/of coauteur tientallen boeken, wetenschappelijke artikels en hoofdstukken in boeken. Zijn publicaties hebben vooral de lokale politiek als onderwerp. Tevens is hij organisator van zowel nationale als internationale congressen over (vergelijkende) lokale politiek. Hij doceert de vakken lokale politiek, actuele vraagstukken van de lokale politiek, interne Belgische politiek en Belgische binnenlandse politiek. Hij maakt deel uit van diverse wetenschappelijke redactieraden.
Article

Domineren Brussel en Den Haag ook de Dorpsstraat?

Nationale en lokale determinanten van het succes van nationale partijen bij de Nederlandse en Vlaamse gemeenteraadsverkiezingen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2017
Trefwoorden second-order elections, municipal elections, local politics
Auteurs Sofie Hennau, Ramon van der Does en Johan Ackaert
SamenvattingAuteursinformatie

    This article investigates to what extent national and/or local factors influence the performance of national parties in the most recent Flemish and Dutch municipal elections of, respectively, 2012 and 2014.
    Our analyses underscore the impact of local factors on the municipal election results, both in Flanders and in the Netherlands. The number of parties and previous election results have a negative effect on the vote share of national political parties. Contrary to the expectations, participation in local government does not have any influence on the national lists’ elections results.
    Although local factors have to be taken into account to get a better estimation of the performance of national lists in municipal elections, national factors have significant effects as well. Parties doing well at the national elections, are less successful at the local level.


Sofie Hennau
Sofie Hennau is postdoctoraal onderzoeker aan de faculteit Rechten van de UHasselt. Zij doet onderzoek naar lokale institutionele hervormingen en lokale politiek.

Ramon van der Does
Ramon van der Does is werkzaam als onderwijs- en onderzoeksassistent aan de Universiteit Leiden. Ook doet hij zelfstandig onderzoek naar deliberatie, politieke participatie en lokale verkiezingen.

Johan Ackaert
Johan Ackaert is hoogleraar en decaan van de faculteit Rechten van de UHasselt. Zijn onderzoek richt zich op lokaal beleid en lokale politiek.

    This paper analyses ministerial expertise of senior ministers and junior ministers (in Dutch: staatssecretarissen) who held office in the Netherlands between 1967 and 2015. Expertise is differentiated between two independent dimensions: technical knowledge with respect to the subject matter of the portfolio, and political knowledge and skills. Results indicate that both types of ministers have considerable political and technical expertise, but junior ministers have relatively and significantly more often technical expertise and senior ministers more often have political expertise. Furthermore, the complete outsider (lacking both technical and political skills) is a rather rare phenomenon in both types of ministers. Besides, although it follows from the watchdog junior minister theory that political expertise is needed to function effectively as a watchdog, there is not a significantly higher frequency of political expertise in the junior ministers when the junior minister and the senior minister are from different parties than when they are from the same party.


Astrid Elfferich
Astrid Elfferich is researchmasterstudent Political Science and Public Administration aan de Universiteit Leiden. Haar onderzoek betreft naast parlementaire geschiedenis intergenerationele rechtvaardigheid en daaraan gekoppelde politieke vraagstukken, zoals de opslag van nucleair afval en het vergrijzingsprobleem.

    In recent years, there has been a strong diffusion of the concept of the G1000 in the Low countries. Yet, empirical research that concerns the democratic value of these mini-publics is sparse. This raises the question as to how democratic the G1000 initiatives in Belgium and the Netherlands are. To answer this question, we compare the Belgian and the Dutch G1000’s and assess these against a set of deliberative democratic criteria. We conclude that the G1000’s to a large extent meet the process criteria of deliberation. At the same time, the connection with the formal decision-making process appears to be weak. Another lesson to be drawn is that deliberative democratic criteria often seem to conflict with each other, which points to continuing tensions within the ideal of deliberative democracy.


Ank Michels
Ank Michels is politicoloog en als universitair docent verbonden aan het Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht. In haar onderzoek houdt zij zich bezig met nieuwe vormen van besturen en democratie, burgerparticipatie en deliberatie. Ze is mede-auteur van het boek G1000. Ervaringen met burgertoppen (2016) en auteur van onder meer ‘Innovations in democratic governance. How does citizen participation contribute to a better democracy’ (2011) en ‘Participation in citizens’ summits and public engagement’ (2017), beide in International Review of Administrative Sciences.

Didier Caluwaerts
Didier Caluwaerts is als docent verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel. Zijn onderzoek handelt over democratische innovatie, met een specifieke focus op deliberatieve democratie. In 2011 was hij mede-organisator van de G1000 Burgertop in België. Hij is ook mede-auteur van Democratic deliberation in deeply divided societies: From conflict to common ground (Palgrave, 2014) en publiceerde onlangs ‘Generating democratic legitimacy through deliberative innovations: The role of embeddedness and disruptiveness (2016, Representation) en ‘Coproduction in health planning: Challenging the need for “open” policy-making processes’ (2016, International Journal of Public Administration).
Article

Democratische politiek: ‘minder, minder, minder’ of anders?

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2017
Auteurs Frank Hendriks, Koen van der Krieken en Sabine van Zuydam
SamenvattingAuteursinformatie

    This article looks at indications and counterindications in Dutch democracy for the popular claim that citizens, while still valuing representative democracy, are fed up with representative politics. Using available large-scale surveys, citizen attitudes are analysed at the levels of specific political actors (politicians, officials), central political institutions (political parties, parliament, government) and the general system of representative democratic politics (the way it works in the Netherlands, with multiparty coalitions, etc). While specific legitimacy problems exist, the evidence for a general legitimacy crisis in Dutch democracy is comparatively weak and highly mixed. More specifically, the evidence suggests that Dutch citizens do not so much want less representative politics, but rather representative politics of a somewhat different kind: less exclusively organized via party-political channels; more geared at recognizable and accountable political authority. Dutch citizens want to seriously influence but not supplant selectionistic representative politics, the evidence suggests.


Frank Hendriks
Frank Hendriks is als hoogleraar comparative governance verbonden aan Tilburg University. Hij is gespecialiseerd in de vergelijkende analyse van democratische modellen en hervormingen. Hierover publiceerde hij onder meer Vital Democracy (Oxford University Press, 2010) en, meer toegespitst op Nederland, Democratie onder druk (Van Gennep, 2012).

Koen van der Krieken
Koen van der Krieken is als promovendus en onderzoeker verbonden aan Tilburg School of Governance (TSG). Hij werkt aan een dissertatie over het lokale referendum in Nederland. In 2015 schreef hij, in opdracht van het Ministerie van BZK, een rapport over heden, verleden en toekomst van de lokale referendumpraktijk in Nederland.

Sabine van Zuydam
Sabine van Zuydam is onderzoeker bij Tilburg School of Governance (TSG). In haar proefschrift onderzoekt zij wat lijsttrekkers in verkiezingen, ministers en fractieleiders geloofwaardig maakt in de ogen van burgers. Ze deed mede-onderzoek naar het Nederlandse burgemeestersambt, de vermaatschappelijking van overheidstaken en de rol van de raad bij controversiële besluitvorming.
Article

Het zou zomaar een zootje kunnen worden

Een Q-methodologisch onderzoek naar de ideeën van non-participanten over de relatie tussen representatieve en participatieve democratie op lokaal niveau

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2017
Auteurs Jante Schmidt en Margo Trappenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    New forms of participatory and deliberative democracy gain popularity alongside traditional representative democracy at the local level in the Netherlands. In this article we look at passive citizens defined as citizens who do not participate in any of the new practices. How do they perceive the shift from traditional to new forms of democracy (defined as stakeholder democracy, deliberative polling and associative or ‘do’ democracy)? We performed a Q-methodological study to find patterns of opinion among passive citizens. We found three patterns. Critical citizens are critical about both traditional representative democracy and new forms of democracy. Loyal citizens support traditional local democracy and do not think the shift to other forms is a change for the better. Distant citizens find that politicians should first and foremost uphold the law and act as referees when citizens disagree. This task has been neglected over the years but this deficiency cannot be remedied by new forms of democracy. All three patterns of opinion are cause for concern for the advocates of more participatory and deliberative democracy. While these new forms may restore faith in politics among active citizens they may simultaneously alienate passive citizens.


Jante Schmidt
Jante Schmidt is socioloog en promovenda aan de Universiteit voor Humanistiek. Haar onderzoek gaat over menselijke waardigheid in de ‘participatiesamenleving’: de effecten van de hervorming van de verzorgingsstaat op morele emoties in de context van zorg en ondersteuning.

Margo Trappenburg
Margo Trappenburg is universitair hoofddocent bestuurs- en organisatiewetenschappen aan de Universiteit Utrecht en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit voor Humanistiek. Haar onderzoek gaat over veranderingen in de verzorgingsstaat en de gevolgen daarvan voor kwetsbare groepen, andere burgers en professionals.
Article

Aan de knoppen maar uit de pas?

Euroscepsis en euro-enthousiasme onder Nederlandse ambtenaren

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Euroscepticism, representative bureaucracy, civil service, public opinion, the Netherlands, public administration
Auteurs Caspar van den Berg, Sebastiaan Princen en Ellen Mastenbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    National officials play an important role in all phases of the EU policy process and are often assumed to be more euro-enthusiastic than other citizens. Yet, thus far systematic knowledge on their views on EU integration is lacking. This study fills this gap through recently collected survey data among Dutch officials (N = 3509). We find first that at least for officials, hard and soft euroscepticism are no gradations on the same scale, but separate dimensions. Second, both sociological and rational choice institutionalism help explain bureaucratic euroscepticism, where the latter seems to have a somewhat stronger explanatory power. Third, officials are on average indeed more euro-enthusiastic than other citizens. However, (a) relatively fewer officials are strongly euro-enthusiastic compared to the general population; (b) the total share of eurosceptics among officials is practically the same as the general population, and (c) significantly more officials report to be ‘strongly eurosceptic’ than among the wider population.


Caspar van den Berg
Caspar van den Berg is universitair hoofddocent aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden.

Sebastiaan Princen
Sebastiaan Princen is hoogleraar bestuur en beleid in de Europese Unie aan het Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht.

Ellen Mastenbroek
Ellen Mastenbroek is hoogleraar European Public Policy aan de Faculteit der Managementwetenschappen van de Radboud Universiteit.
Article

Benadrukken partijen eigen thema’s in verkiezingstijd?

Een onderzoek naar thematische aandacht van Nederlandse partijen rond de verkiezingen van 1994 tot en met 2012

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2016
Trefwoorden issue ownership, elections, Netherlands, political parties, issue convergence
Auteurs Fleur Vis en Jonas Lefevere
SamenvattingAuteursinformatie

    Issue ownership theory argues that the public considers some parties as more capable to handle certain issues. Issue ownership is important, because parties tend to receive more votes if their owned issues dominate the campaign. Consequently, issue ownership theory expects parties to emphasize issues they own, while ignoring issues owned by their competitors. This study investigates to what extent Dutch parties emphasized issues they own, before and after the seven Dutch national elections held between 1994 and 2012. It uses a detailed content analysis of four Dutch newspapers, that tracked parties’ issue attention. The results show that parties tend to emphasize owned issues more, both compared to other issues and compared to their competitors. A surprising finding is that parties tend to emphasize owned issues more during the formation period compared to the campaign. Moreover, government parties emphasize owned issues less than opposition parties.


Fleur Vis
Fleur Vis is student Communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam. Zij heeft zich tijdens haar afstudeeronderzoek gericht op het domein van de politieke communicatie en doet onderzoek naar issue ownership.

Jonas Lefevere
Jonas Lefevere is universitair docent aan de Amsterdam School of Communications Research (Universiteit van Amsterdam). Hij doet onderzoek naar de mate waarin verkiezingscampagnes kiezers beïnvloeden en strategische partijcommunicatie. Hij publiceerde over deze onderwerpen in onder meer Party Politics, Political Communication en Communication Research.
Article

Vragen naar de bekende weg?

Een analyse van informatiebronnen waarop schriftelijke vragen over Europese zaken in de Nederlandse Tweede Kamer zijn gebaseerd

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2016
Trefwoorden national parliaments, European Union, parliamentary questions, the Netherlands
Auteurs Rik de Ruiter, Jelmer Schalk en Yorick van Rijthoven
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper analyses the information sources members of the Dutch Lower House base their questions on with regard to EU affairs in the period 1995-2013. Knowledge of the type of information sources to base questions on is vital for determining what the conditions are under which members of national parliaments can scrutinize the decisions taken by the national government at the EU level. The involvement of national parliaments in EU affairs is according to many scholars a necessary condition for closing the democratic deficit of the European Union, especially when the turnout in elections for the European Parliament remains low and for national parliaments remains stable and relatively high. An original dataset is constructed including all sets of written parliamentary questions on EU affairs asked by Dutch MPs in the period 1995-2013, categorized by different types of information sources on which the question is based. These different categories of information sources are regressed with a variable measuring the Treaty changes impacting on the intensity of contact between MPs of different national parliaments and several variables measuring the characteristics of Dutch MPs and their parties. The findings indicate that Dutch MPs base their written questions primarily on coverage on EU affairs by national newspapers. Moreover, MPs are more likely to use sources rooted in a national context for asking questions when they are a member of a party with a negative attitude towards European integration. These findings imply that parliamentary control via written questions over the decisions of the national executive at the EU level can be strengthened by increasing national media coverage on EU affairs, allowing the EU public sphere to develop further in the future.


Rik de Ruiter
Rik de Ruiter is als universitair docent Bestuurskunde verbonden aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoeksinteresse gaat uit naar politiek, beleid en bestuur van de Europese Unie.

Jelmer Schalk
Jelmer Schalk is als universitair docent bestuurskunde verbonden aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoeksinteresse gaat uit naar publiek management, interorganisationele netwerken en sociale netwerkanalyse.

Yorick van Rijthoven
Yorick van Rijthoven (MSc.) is een recent afgestudeerd bestuurskundige aan de Universiteit Leiden en heeft zich gespecialiseerd in internationale en Europese bestuurskunde. Zijn onderzoeksinteresse gaat uit naar o.a. interparlementaire samenwerking over EU-aangelegenheden, het EU-besluitvormingsproces en (internationaal) publiek management.
Article

Het effect van politieke sofisticatie op de (intentie tot) opkomst bij eerste- en tweederangsverkiezingen in België en Nederland

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2016
Trefwoorden political sophistication, first- and second-order elections, turnout
Auteurs Dieter Stiers
SamenvattingAuteursinformatie

    In this paper we investigate the effect of political sophistication on turnout and whether this effect differs in second-order national elections. Political sophistication is thought to influence turnout because the more sophisticated voters have access to more information about the electoral and the party system. In this paper, we start from the expectation that these effects should be even stronger in the context of secondorder national elections, where information about the stakes of the election is not readily available. We analyse citizens’ willingness to turn out to vote at different levels of government in Belgium and the Netherlands. The results show that a higher degree of political sophistication increases the probability to turn out at the national as well as the European level. Our expectation that this effect would be larger at the European level, however, is not supported by these results.


Dieter Stiers
Dieter Stiers werkt als doctoraatsstudent aan het Centre for Citizenship and Democracy van de KU Leuven. Zijn onderzoek richt zich op verkiezingsgedrag en in het bijzonder op de oorzaken en gevolgen van electorale volatiliteit.
Article

Hervormen en herverdelen

Is de links-rechtslijn de enige conflictlijn op het sociaaleconomisch terrein?

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2015
Trefwoorden policy positions, economic issues, left-right politics, political space, the Netherlands, scaling
Auteurs Simon Otjes
SamenvattingAuteursinformatie

    This article shows that the economic left/right dimension does not always suffice to understand the social-economic policy positions of political parties. It focuses on social-economic decision-making in the Netherlands in 2012. The increase of the government pension age, which was championed by parties of the left and the right and opposed by parties of the left and the right, is taken as a prime example of an issue where decision-making did not follow the left-right line of conflict. The article continues to show that party policy positions on a number of more important welfare state reforms do not follow the left/right line of conflict, but rather a reform line of conflict that divides parties from the left and the right into pro-European reformers and Eurosceptic defenders of the existing welfare state.


Simon Otjes
Simon Otjes is onderzoeker bij het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen in Groningen. Zijn onderzoek richt zich op politieke partijen, partijsystemen en politieke ruimte in Nederland en in Europa.
Article

De impact van digitale campagnemiddelen op de personalisering van politieke partijen in Nederland (2010-2014)

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2015
Trefwoorden personalization, social media, election campaigns, party politics
Auteurs Kristof Jacobs en Niels Spierings
SamenvattingAuteursinformatie

    Politicians have started to use social media more often. As such media induce personal campaigning, one might expect more personalization to follow. We explore what type of personalization social media stimulate, whether this is different for Twitter and Facebook and analyze the role of parties. We make use of quantitative and qualitative data about the Netherlands (2010-2014). We find that while theoretically the impact of social media may be big, in practice it is fairly limited: more presidentialization but not more individualization (though Twitter might increase the focus on other candidates slightly). The difference between theory and practice seems largely due to the parties. They adopt a very ambiguous stance: though they often stimulate candidates to use social media, they want to keep control nonetheless.


Kristof Jacobs
Kristof Jacobs is als universitair docent verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn onderzoek richt zich op politieke partijen, sociale media, kiesstelsels en uitdagingen van de democratie.

Niels Spierings
Niels Spierings is universitair docent bij de Afdeling Sociologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn specialismen zijn politieke en gendersociologie en onderzoeksmethoden. Thematisch focust hij op sociale media, politieke participatie en democratisering, genderongelijkheid, de politieke en economische positie van vrouwen, migratie, islam, en intersectionaliteit. Samen met Kristof Jacobs coördineert hij het project VIRAL (www.ru.nl/VIRAL).
Article

Verandering bewerken in een veranderende context

Lessen uit de transitie van de Nederlandse landbouw

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2014
Trefwoorden paradox of embedded agency, institutional void, governance, transition, agriculture
Auteurs John Grin
SamenvattingAuteursinformatie

    While the Netherlands has been a globally leading country in the area of agrofood for the latter half of the 20th century, its chances to maintain that position will co-depend on its capacity to develop its primary sector into more sustainable directions. This is no trivial task. For a long time, strong institutional arrangements provided guidance to practices of governance, consumption, production and innovation in line with a productivist paradigm. Although these arrangements have been significantly destabilized, and novel ones are emerging, a mature institutional landscape, tailored to a more sustainable development, has not yet fleshed out.
    This article asks the question how innovative practices deal with this ambiguous and dynamic institutional context. It does so through investigating how, over about a decade, two sets of practices to promote more sustainable development (in the fields of livestock systems and greenhouse horticulture), draw on (remains of) incumbent arrangements, and novel institutional elements to provide normative guidance and mobilize resources (money; knowledge; legitimacy). Theoretically, it thus contributes to (1) understanding the emergence of novel modes of governance in an institutional void, (2) taking into account and extending it to a dynamic context, the paradox of embedded agency.


John Grin
John Grin is hoogleraar beleidswetenschap, in het bijzonder systeeminnovaties, aan de Afdeling Politicologie van de Universiteit van Amsterdam. Zijn onderzoek richt zich op beleidsanalyse en governance van maatschappelijke transformaties, in het bijzonder op de gebieden landbouw en voeding, stedelijke innovaties en de curatieve en langdurige zorg.
Article

Welke eurocrisis? Een vergelijkende analyse van de nieuwsverslaggeving in de Lage Landen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2014
Trefwoorden content analysis, euro crisis, newspapers, EU news, framing
Auteurs Willem Joris en Leen d’Haenens
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents a comparative analysis of the news coverage on the euro crisis in Flanders (Dutch-speaking Belgium) and the Netherlands. The aim of the research was to identify how newspapers in the Low Countries have portrayed the roots of the crisis, the main victims, and those held responsible to solve the crisis, and ways to do so. This study also analyzed the differences across geographical contexts and types of newspapers. Furthermore, it examined how the coverage changed as the crisis continued. Research findings include that Flemish newspapers more often reported about the causes of the crisis, whereas the Dutch newspapers published more articles discussing the responses to it. Furthermore, financial newspapers provided more news stories searching for a solution, while popular newspapers usually published short, factual descriptions.


Willem Joris
Willem Joris is wetenschappelijk medewerker aan het Instituut voor Mediastudies, KU Leuven. Hij doet een doctoraatsonderzoek over de ‘eurocrisis in het nieuws’.

Leen d’Haenens
Leen d’Haenens is gewoon hoogleraar aan het Instituut voor Mediastudies, KU Leuven. Haar onderzoeks- en onderwijsinteresses omvatten westers mediabeleid, jongeren en (sociale) media, media en sociale bewegingen, mediadiversiteit, en journalism studies.
Article

Hoe tweederangs zijn lokale verkiezingen?

Een analyse van de Nederlandse gemeenteraadsverkiezingen 2010 vanuit het perspectief van second-order elections

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Second-order elections, Netherlands, municipal elections, aggregate studies
Auteurs Herman Lelieveldt en Ramon van der Does
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies of second-order elections using aggregate data have predominantly focused on examining the extent to which European parliament elections and regional elections are dominated by the national, first-order arena, and paid scarce attention to the analysis of municipal elections. In addition the study of second-order elections is dominated by looking at the impact of first-order factors whilst ignoring the impact of arena-specific factors. This article addresses these shortcomings by analyzing the impact of national and local factors on the performance of national parties in the Dutch municipal elections of 2010. Our analysis shows that there are significant effects of local factors. Most parties lose votes when having been in local government and in some cases as well when having in addition lost an alderman as a result of a political crisis. Parties also lose vote share as a result of the entrance of new national and local parties in a local election, with the effect of new national entrants being larger than that of new local entrants. Our analysis corroborates earlier findings that point to a dominance of national factors, while at the same time showing that it is vital to include local, arena specific factors in order to get to a better estimation of the second-orderness of non-national elections. We discuss our results with respect to the recurring debate about the nationalisation of the Dutch municipal elections.


Herman Lelieveldt
Herman Lelieveldt doceert politicologie aan het University College Roosevelt, het liberal arts and honours college van de Universiteit Utrecht gevestigd in Middelburg.

Ramon van der Does
Ramon van der Does studeerde in 2014 als BA in de Social Sciences af aan het University College Roosevelt en doet momenteel de onderzoeksmaster politieke wetenschappen aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 48 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.