Zoekresultaat: 38 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Res Publica x Rubriek Article x
Article

Ze halen hun slag wel thuis

Over particratie en het aanpassingsvermogen van Belgische partijen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2018
Trefwoorden dealignment, electoral support, federalism, gender, particracy, personalisation
Auteurs Jean-Benoit Pilet en Petra Meier
SamenvattingAuteursinformatie

    Particracy has been widely used to describe Belgian politics after World War II. Yet, Belgian politics has changed. We examine five changes – the federalisation of the state architecture, diversification of the demos, erosion of political support, party’s dealignment and personalisation of politics – to evaluate how they have affected particracy in Belgium. The answer is twofold: particracy is still very strong, but it has changed. The three traditional party families that had institutionalised particracy in Belgium (Christian-democrats, socialists and liberals) had to face new challengers. They co-opted the most moderate ones (greens, regionalists), while excluding others (radical right/left). Intraparty democracy/participatory/transparency reforms, or changes to the electoral system, all of them opening the political system, were also implemented, but parties were able to overcome them. Yet, the ever-growing gap between traditional parties and citizens and the growth of new parties building upon voters’ dissatisfaction with traditional parties, may put particracy more radically into question.


Jean-Benoit Pilet
Jean-Benoit Pilet is hoogleraar in de Politieke Wetenschappen aan de Université Libre de Bruxelles (ULB). Hij doet onderzoek naar politieke partijen, kiessystemen, kiesgedrag, de personalisering van de politiek en democratische vernieuwing. Over die thema’s publiceerde hij boeken bij Oxford University Press en Routledge en artikels in wetenschappelijke tijdschriften zoals European Journal of Political Reform, West European Politics, Party Politics, Electoral Studies, Environmental Politics, Representation, Journal of Elections, Public Opinion and Parties, Res Publica, Revue Française de Science Politique en Comparative European Politics.

Petra Meier
Petra Meier, hoogleraar Politieke Wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen, focust op de representatie van gender, de reproductie van ongelijkheid en de constructie van normativiteit in politiek/beleid. Zij publiceerde recent een aantal special issues over de ontwikkeling van gender beleid (Journal of Women, Politics and Policies; met Emanuela Lombardo en Mieke Verloo), symbolische vertegenwoordiging (Politics, Groups, and Identities; met Tania Verge) en een boek over de professionalisering van de strijd voor gelijkheid (Academia L’Harmattan; met David Paternotte).
Article

Twee handen op één buik?

Hoe en waarom de mediatisering van de Vlaamse politiek en particratie hand in hand gaan

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2018
Trefwoorden mediatisation, particracy, media logic
Auteurs Peter Van Aelst
SamenvattingAuteursinformatie

    There is a growing consensus that politics have become mediatised. News media have become more independent and are more guided by their own routines and standards and less by what political actors deem important. However, this paper argues that this has not led to a decrease of the power of political parties. In Belgium, particracy and mediatisation seem to go hand in hand. There are mainly two reasons for this. Firstly, media attention focuses heavily on politicians with power and in that sense, media logic and party logic overlap. Secondly, parties have adjusted well to the media and their logic, among others by integrating journalists in the party organisation. We expect that social media will gradually become more important for politicians, but that this evolution too will change little to the central position of political parties in our democracy.


Peter Van Aelst
Peter Van Aelst is onderzoeksprofessor aan het departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen en lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek. Hij doet onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van de mediatisering van de politiek, verkiezingscampagnes, nieuwe media en politiek nieuws. Zijn onderzoek verschijnt in toonaangevende internationale tijdschriften, maar ook in publicaties voor een breder publiek.
Article

De draaideur: van impasse naar uitweg

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2018
Trefwoorden revolving door, lobbying, integrity, public values, polder democracy, regulatory solutions
Auteurs Toon Kerkhoff en Arco Timmermans
SamenvattingAuteursinformatie

    The revolving door is an ambiguous concept evoking strong opinions, and often is seen to lead to a decline in trust and legitimacy of the policy-making system of the Netherlands. But the different moral objections against the revolving door between functions and jobs in public and private organizations are barely matched with systematic empirical evidence of negative effects on the policy-making system. In this article, a definition of the concept is presented in order to help focusing the discussion on moral objections and practical implications of the revolving door. Two fundamental contradictions emerge from the panoply of arguments and assertions about this phenomenon. With our definition as a basis, we consider the different forms of the revolving door and discuss conditions under which it may be contained without solutions that are disproportionate to the problem. The way out is to develop clearer norms and integrity-enhancing mechanisms with which negative effects may be avoided and positive effects strengthened.


Toon Kerkhoff
Toon Kerkhoff is universitair docent bij het Instituut Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden. Hij geeft leiding aan het Centre for Public Values & Ethics aan de Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden, waar wetenschappelijk onderzoek wordt gedaan naar normatieve vraagstukken in de publieke sector en kennis daarover breder toegankelijk wordt gemaakt. Het onderzoek van Kerkhoff richt zich in het bijzonder op good governance en bestuurlijke ethiek, waarover hij ook onderwijs geeft in bachelor- en masteropleidingen.

Arco Timmermans
Arco Timmermans is bijzonder hoogleraar public affairs aan de Haagse Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek en onderwijs gaan over de dynamiek van de maatschappelijke en politieke agenda, issuemanagement, lobbycoalities en de professionalisering van public affairs als terrein van wetenschap en praktijk. Hij is mede-oprichter en leider van de Nederlandse deelname in het internationale Comparative Agendas Project. Naast onderzoek en onderwijs in reguliere academische programma’s zoals de masterspecialisatie public affairs aan de Universiteit Leiden is hij ook intensief betrokken bij cursussen voor werkende professionals op het terrein van public affairs.

    In recent years, there has been a strong diffusion of the concept of the G1000 in the Low countries. Yet, empirical research that concerns the democratic value of these mini-publics is sparse. This raises the question as to how democratic the G1000 initiatives in Belgium and the Netherlands are. To answer this question, we compare the Belgian and the Dutch G1000’s and assess these against a set of deliberative democratic criteria. We conclude that the G1000’s to a large extent meet the process criteria of deliberation. At the same time, the connection with the formal decision-making process appears to be weak. Another lesson to be drawn is that deliberative democratic criteria often seem to conflict with each other, which points to continuing tensions within the ideal of deliberative democracy.


Ank Michels
Ank Michels is politicoloog en als universitair docent verbonden aan het Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht. In haar onderzoek houdt zij zich bezig met nieuwe vormen van besturen en democratie, burgerparticipatie en deliberatie. Ze is mede-auteur van het boek G1000. Ervaringen met burgertoppen (2016) en auteur van onder meer ‘Innovations in democratic governance. How does citizen participation contribute to a better democracy’ (2011) en ‘Participation in citizens’ summits and public engagement’ (2017), beide in International Review of Administrative Sciences.

Didier Caluwaerts
Didier Caluwaerts is als docent verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel. Zijn onderzoek handelt over democratische innovatie, met een specifieke focus op deliberatieve democratie. In 2011 was hij mede-organisator van de G1000 Burgertop in België. Hij is ook mede-auteur van Democratic deliberation in deeply divided societies: From conflict to common ground (Palgrave, 2014) en publiceerde onlangs ‘Generating democratic legitimacy through deliberative innovations: The role of embeddedness and disruptiveness (2016, Representation) en ‘Coproduction in health planning: Challenging the need for “open” policy-making processes’ (2016, International Journal of Public Administration).
Article

Democratische politiek: ‘minder, minder, minder’ of anders?

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2017
Auteurs Frank Hendriks, Koen van der Krieken en Sabine van Zuydam
SamenvattingAuteursinformatie

    This article looks at indications and counterindications in Dutch democracy for the popular claim that citizens, while still valuing representative democracy, are fed up with representative politics. Using available large-scale surveys, citizen attitudes are analysed at the levels of specific political actors (politicians, officials), central political institutions (political parties, parliament, government) and the general system of representative democratic politics (the way it works in the Netherlands, with multiparty coalitions, etc). While specific legitimacy problems exist, the evidence for a general legitimacy crisis in Dutch democracy is comparatively weak and highly mixed. More specifically, the evidence suggests that Dutch citizens do not so much want less representative politics, but rather representative politics of a somewhat different kind: less exclusively organized via party-political channels; more geared at recognizable and accountable political authority. Dutch citizens want to seriously influence but not supplant selectionistic representative politics, the evidence suggests.


Frank Hendriks
Frank Hendriks is als hoogleraar comparative governance verbonden aan Tilburg University. Hij is gespecialiseerd in de vergelijkende analyse van democratische modellen en hervormingen. Hierover publiceerde hij onder meer Vital Democracy (Oxford University Press, 2010) en, meer toegespitst op Nederland, Democratie onder druk (Van Gennep, 2012).

Koen van der Krieken
Koen van der Krieken is als promovendus en onderzoeker verbonden aan Tilburg School of Governance (TSG). Hij werkt aan een dissertatie over het lokale referendum in Nederland. In 2015 schreef hij, in opdracht van het Ministerie van BZK, een rapport over heden, verleden en toekomst van de lokale referendumpraktijk in Nederland.

Sabine van Zuydam
Sabine van Zuydam is onderzoeker bij Tilburg School of Governance (TSG). In haar proefschrift onderzoekt zij wat lijsttrekkers in verkiezingen, ministers en fractieleiders geloofwaardig maakt in de ogen van burgers. Ze deed mede-onderzoek naar het Nederlandse burgemeestersambt, de vermaatschappelijking van overheidstaken en de rol van de raad bij controversiële besluitvorming.
Article

Het zou zomaar een zootje kunnen worden

Een Q-methodologisch onderzoek naar de ideeën van non-participanten over de relatie tussen representatieve en participatieve democratie op lokaal niveau

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2017
Auteurs Jante Schmidt en Margo Trappenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    New forms of participatory and deliberative democracy gain popularity alongside traditional representative democracy at the local level in the Netherlands. In this article we look at passive citizens defined as citizens who do not participate in any of the new practices. How do they perceive the shift from traditional to new forms of democracy (defined as stakeholder democracy, deliberative polling and associative or ‘do’ democracy)? We performed a Q-methodological study to find patterns of opinion among passive citizens. We found three patterns. Critical citizens are critical about both traditional representative democracy and new forms of democracy. Loyal citizens support traditional local democracy and do not think the shift to other forms is a change for the better. Distant citizens find that politicians should first and foremost uphold the law and act as referees when citizens disagree. This task has been neglected over the years but this deficiency cannot be remedied by new forms of democracy. All three patterns of opinion are cause for concern for the advocates of more participatory and deliberative democracy. While these new forms may restore faith in politics among active citizens they may simultaneously alienate passive citizens.


Jante Schmidt
Jante Schmidt is socioloog en promovenda aan de Universiteit voor Humanistiek. Haar onderzoek gaat over menselijke waardigheid in de ‘participatiesamenleving’: de effecten van de hervorming van de verzorgingsstaat op morele emoties in de context van zorg en ondersteuning.

Margo Trappenburg
Margo Trappenburg is universitair hoofddocent bestuurs- en organisatiewetenschappen aan de Universiteit Utrecht en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit voor Humanistiek. Haar onderzoek gaat over veranderingen in de verzorgingsstaat en de gevolgen daarvan voor kwetsbare groepen, andere burgers en professionals.
Article

‘A touchstone of consent?’

Euroscepticisme in consensusdemocratieën

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2016
Trefwoorden euroscepticism, consensus democracy, political trust, national institutions
Auteurs Louise Hoon
SamenvattingAuteursinformatie

    This article looks at national political institutions and euroscepticism. Over a timespan of 25 years, I compare values for majoritarian vs consensus democracy for 14 European democracies, with measures for euroscepticism at the levels of party systems, elections and public opinion. Consistent with the thesis that consensus democracy generates more system-opposition at the national level, this regime type is also more sensitive to euroscepticism. This is not the case, however, for France and the UK, two very eurosceptic majoritarian democracies. The study also shows that a context of socio-economic crisis (2008-2014) turns this relationship around, as increased conflict within society demands for more consensus at the elite level. The study essentially argues that euroscepticism still is ‘a touchstone of dissent’ for national politics. However, the extent to which national democracies generate this dissent, and especially, whether it is channelled by eurosceptic parties, depends on the dominance of consensus in the domestic institutional context.


Louise Hoon
Louise Hoon is doctoraal onderzoeker aan de Faculteit Economische en Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel.
Article

De invloed van verkiezingen op politiek vertrouwen

Een analyse van een verkiezingspanel in België, 2009-2014

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2016
Trefwoorden procedural fairness theory, political trust, internal political efficacy, elections, Belgium
Auteurs Dieter Stiers en Marc Hooghe
SamenvattingAuteursinformatie

    Elections are routinely investigated with a focus on the way in which winners or losers of the elections are different in their attitudes towards the political system. There is no previous research on the general impact of participation in the electoral process on support for the political system. In this study, we hypothesize – based on the procedural fairness theory – that participating in elections raises the voter’s political trust, irrespective of the result of the party s/he voted for. Furthermore, we expect this impact to be largest for voters with the lowest level of internal political efficacy. These expectations are investigated using the Belgian election panel (2009-2014) study, observing political trust before and after the elections in two consecutive electoral cycles. The results provide support for all proposed hypotheses, highlighting the importance of general participation in elections for democratic legitimacy.


Dieter Stiers
Dieter Stiers is FWO-aspirant verbonden aan het Centre for Citizenship and Democracy van de KU Leuven. Zijn onderzoek richt zich op verkiezingsgedrag en in het bijzonder op de oorzaken en gevolgen van electorale volatiliteit.

Marc Hooghe
Marc Hooghe is gewoon hoogleraar politieke wetenschappen aan het Centrum voor Politicologisch Onderzoek van de KU Leuven. Hij is houder van een ERC Advanced Grant.
Article

Politieke theorie en de Europese Unie: het braakliggend terrein van het normatief programma

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2014
Trefwoorden European Union, political theory, integration theory, European Studies, ideal theory
Auteurs Erik De Bom
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article it will be argued that the contribution of political theory to European studies is rather one-sided and could be enriched by broadening the spectrum. To make this clear, the first part of this article will offer an overview of the contribution of political theory to European integration studies up to the present day. In the second part, avenues for further research will be presented with special attention to the importance of theories of justice for the EU. In close connection to this program, the value of ideal theory will be highlighted as a means to think about the further development of the EU and to critically assess the present functioning of the EU.


Erik De Bom
Erik De Bom verricht postdoctoraal onderzoek aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven en is als senior onderzoeker verbonden aan het Leuven Centre for Global Governance Studies. Zijn onderzoek richt zich op het vroegmoderne politieke denken (16de-17de eeuw) en contemporaine politieke filosofie met bijzondere aandacht voor de Europese Unie.
Article

De wetgevende macht van de media?

Een kwantitatieve analyse van media-effecten op de behandeling van wetsvoorstellen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2013
Trefwoorden media effects, legislation, policy process, lawmaking, Dutch politics, newspaper coverage
Auteurs Lotte Melenhorst
SamenvattingAuteursinformatie

    The media are a much-discussed subject in both the scientific and the public debate on the functioning of democracy. Nevertheless, there is relatively little empirical research on the effects of media on the most fundamental aspect of politics: the legislative process. However, this type of research is important because it helps us gain insight into the influence journalists exert. This study analyses the influence of media attention for bills on the legislative process in the Netherlands. A quantitative analysis of the newspaper coverage for recently discussed bills indicates that the parliamentary process is influenced by this coverage. This first study of media-effects on the Dutch legislative process suggests that more media-attention leads to the introduction of more amendments by both members of government and members of parliament.


Lotte Melenhorst
Lotte Melenhorst is promovenda bij het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Haar onderzoek maakt deel uit van een door NWO gefinancierd VIDI-project over de relatie tussen media en politiek en concentreert zich op de rol van de media bij de totstandkoming van wetgeving.
Article

‘Democratie gaat altijd voor’

Denkbeelden van Nederlandse jongeren over democratie en besluitvorming

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2013
Trefwoorden views on democracy, political socialization, models of democracy, adolescents
Auteurs Hessel Nieuwelink, Paul Dekker, Geert ten Dam e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Little is known about views on democracy of adolescents. In this article we describe results of our interview study with forty adolescents of fourteen years old on their views of democracy and decision making. The study focuses on the daily lives of adolescents and decision making within local contexts, such as the classroom. The adolescents’ views on decision making appear to correspond to the models of democracy as we know them, that is majoritarian democracy (the largest group), consensual democracy or deliberative democracy. However, only some of the adolescents have an explicit understanding of the concept of democracy and most have limited political knowledge. For these students, the experience or feeling of being part of a political democracy is still something ‘far away’ and not something of any relevance in their daily lives.


Hessel Nieuwelink
Hessel Nieuwelink doet promotieonderzoek naar democratische gezindheid van Nederlandse middelbare scholieren bij het Research Institute of Child Development and Education van de Universiteit van Amsterdam. Hij is daarbij verbonden aan het Amsterdam Centre for Inequality Studies (AMCIS) en werkt bij Kenniscentrum Onderwijs en Opvoeding, lectoraat Didactiek van de maatschappijvakken van de Hogeschool van Amsterdam.

Paul Dekker
Paul Dekker is hoogleraar Civil Society aan de Universiteit van Tilburg en hoofd van de sector Participatie, Cultuur en Leefomgeving van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Hij doet onderzoek naar de publieke opinie en naar maatschappelijke en politieke participatie en betrokkenheid.

Geert ten Dam
Geert ten Dam is hoogleraar Onderwijskunde bij het Research Institute of Child Development and Education van de Universiteit van Amsterdam. Ze is tevens verbonden aan het Amsterdam Centre for Inequality Studies (AMCIS). Haar onderzoek richt zich in het bijzonder op burgerschapseducatie. Sinds 2011 is ze voorzitter van de Nederlandse Onderwijsraad.

Femke Geijsel
Femke Geijsel is senior onderzoeker bij het Research Institute of Child Development and Education en verbonden aan het Amsterdam Centre for Inequality Studies (AMCIS) van de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast werkt zij als lector Pedagogische kwaliteit van het onderwijs bij Windesheim te Zwolle. Haar onderzoek richt zich op burgerschapsvorming, onderzoekend werken in scholen, schoolontwikkeling en leiderschap.
Article

Rawls en Regime Change

Een onderzoek naar de interne rechtvaardiging van de Amerikaanse inval in Irak van 2003

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2013
Trefwoorden United States, Iraq, democratic peace, regime change, Rawls
Auteurs Femke Avtalyon-Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyzes the US internal justification to invade Iraq in 2003 through a study of the ‘Bush Doctrine’ of 2002, several Congressional acts and resolutions on Iraq, and Presidential speeches before and during the mobilization of US forces. It argues that in order to find domestic support, regime change was one of the main goals, despite the references the US made to UN resolutions. Second, this paper uses Rawls’ ideas to analyze the US decision to democratize Iraq. The results of this study show how political philosophy can be used and abused to shape foreign policy. Rawls’ theory could have provided the US with a moral justification based on the liberal peace assumptions that were underlying their foreign policy. However, the US did not make a consistent appeal to those assumptions and acted like a Rawlsian ‘outlaw state’ instead. Therefore, this paper argues, the US lost the liberal justification to overthrow Saddam Hussein’s regime in favor of democracy.


Femke Avtalyon-Bakker
Femke Avtalyon-Bakker is werkzaam als werkgroepdocent aan het Instituut Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Zij rondde daar onlangs de researchmaster af en bereidt zich voor op het schrijven van een dissertatie over de democratische vrede. Haar onderzoeksinteresses zijn theorieën van de internationale betrekkingen, politiek gedrag en politieke cultuur.
Article

Leidt meer kennis over de Europese Unie tot een sterkere Europese identiteit?

Een vergelijkend onderzoek bij adolescenten in 21 lidstaten

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2012
Trefwoorden European identity, European Union, ICCS 2009, political knowledge
Auteurs Soetkin Verhaegen, Marc Hooghe en Yves Dejaeghere
SamenvattingAuteursinformatie

    Strengthening European citizenship is often considered as a ‘cure’ for the democratic deficit and the lack of legitimacy of the European Union. The present article focuses on the identity component of European citizenship, which is a core component of European citizenship. We distinguish two possible ways to strengthen European identity: a cognitive one (more knowledge about the EU leads to a stronger identity) and a utilitarian one (living in a member state that benefits more from its EU-membership leads to a stronger European identity). We test both explanatory models using a multilevel analysis on the data of the International Civic and Citizenship Education Study. 70,502 adolescents from 21 European member states were questioned in this study. Results indicate that knowledge about the EU only has a limited effect on European identity. The degree in which a member state contributes to the European budget does not seem to have an effect on the strength of European identity at all.


Soetkin Verhaegen
Soetkin Verhaegen is onderzoeker aan het Center for Citizenship and Democracy van de KULeuven. Zij is verbonden aan de Parent Child Socialization Study en bereidt een doctoraat voor over de ontwikkeling van Europese identiteit.

Marc Hooghe
Marc Hooghe is gewoon hoogleraar aan de KULeuven en visiting professor aan de Université Lille-II en de Universität Mannheim. Hij bekleedt dit jaar de Francqui-leerstoel aan de Vrije Universiteit Brussel.

Yves Dejaeghere
Yves Dejaeghere is doctor in de politieke wetenschappen, verbonden aan het Center for Citizenship and Democracy van de KULeuven. Hij was medeverantwoordelijk voor de Belgian Political Panel Study (BPPS, 2006-2011).
Article

Politieke participatie: Wat doet dat met een mens?

Een panelstudie van Belgische lokale data

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2012
Trefwoorden political participation, political knowledge, political trust, emancipation process, local politics
Auteurs Peter Thijssen en Didier Dierckx
SamenvattingAuteursinformatie

    In this paper we study both long term and short term individual effects of political participation at the local level. Participatory theorists argue that political participation could lead to individual emancipation in terms of a rise of political knowledge and, in the long term, political trust. Indeed, in the short term the increased political knowledge associated with participation might enable citizens to better define their self-interest, which may be inconsistent with actual policies pursued by the local authorities and thus might be conductive to distrust. In the empirical part we will test these assertions using two-wave panel data for a random sample of 457 individuals in the district of Deurne (Antwerp – Belgium). Our results suggest that in the short term participation leads to more local political knowledge and distrust in the local administration. However, we do not find a significant increase in political trust in the long term.


Peter Thijssen
Peter Thijssen is hoofddocent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij is lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). Zijn onderzoek spitst zich toe op de wisselwerking tussen publieke opinie en politieke participatie.

Didier Dierckx
Didier Dierckx is wetenschappelijk medewerker aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Hij werkt aan het beleidsondersteunend onderzoek ‘Focus op Deurne’, alsook aan een proefschrift waarin wordt gezocht naar contextuele verklaringen voor lokale politieke participatie.
Article

Waar en wanneer spreken mannen en vrouwen over politiek?

De sekseverschillen in politieke discussie in hun sociale en politieke context

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2012
Trefwoorden deliberative democracy, political talk, gender differences, Belgium
Auteurs Didier Caluwaerts
SamenvattingAuteursinformatie

    Deliberative democrats claim that political deliberation among citizens increases the legitimacy of and support for democratic decision-making. The question is, however, whether deliberative democracy can realize its added value in the real world of politics where political discussion is characterized by persisting inequalities. This paper tries to contextualize the gender gap in political talk by taking into account the social (i.e., discussion networks) and political context (i.e., campaign effects) in which political debate takes place. Based on previous research we argue that women prefer to discuss politics in relatively like-minded, cohesive networks, while men prefer more confrontational networks. Moreover, we expect the gender gap to depend on the electoral context, in that the gender gap disappears in later campaign phases. These two arguments were tested and confirmed using data gathered in the Partirep Regional Election Survey in 2009.


Didier Caluwaerts
Didier Caluwaerts is postdoctoraal onderzoeker in de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de VUB. Zijn onderzoek gaat over deliberatieve democratie in diep verdeelde samenlevingen.
Article

Een kosmopolitische wereldorde als realistische utopie?

Recente Angelsaksische politieke filosofie in het licht van de natiestaat

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2011
Trefwoorden political philosophy, global justice, cosmopolitanism, sovereignty, transnational democracy
Auteurs Ronald Tinnevelt
SamenvattingAuteursinformatie

    Although hotly debated, the idea of global justice is a relatively new topic within Anglo-Saxon and Continental political philosophy and theory. This paper discusses when and why Anglo-Saxon political theorists became interested in this field of research. The emergence of cosmopolitan norms of justice after the Second World War is one of these reasons. Subsequently, the paper explains some of the basic concepts that are being used within the field and explains why a political philosophical analysis of the ethical significance of boundaries has an added value for political scientists. The paper concludes by elaborating three different themes within the broad debate on global justice: humanitarian aid, global distributive justice, and democratic representation.


Ronald Tinnevelt
Ronald Tinnevelt (1971) is als universitair hoofddocent rechtsfilosofie verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn voornaamste onderzoeksinteresses zijn: democratie, mensenrechten, kosmopolitisme en mondiale rechtvaardigheid. Hij is de co-redacteur van Global Democracy and Exclusion (Blackwell 2010) en Nationalism and Global Justice (Routledge 2010).
Article

De grenzen van de gemeenschap

Over immigratie en de hedendaagse democratie

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 1 2011
Trefwoorden community, sovereignty, identity, hospitality, immigration, Nancy, Agamben
Auteurs Ignaas Devisch en Nanda Oudejans
SamenvattingAuteursinformatie

    Not a few continental philosophers are engaged with the debate on democracy, community and tolerance but also globalization, migration and human rights. They do not demand interpretation to get stopped in order to make action possible, as Marx demanded; every political action should start from a critical interpretation of what political acting demands. The work of philosophers such as Agamben, Benhabib, Honig or Nancy is deeply characterized by the challenge of the numerous difficulties and dilemmas our thinking of the other is confronted with, since the stranger or the other discloses limits by contesting who or what we are. He questions and deconstructs the identity of a given, particular community. The limits of community, that’s what it’s all about.


Ignaas Devisch
Ignaas Devisch (1970) is als filosoof verbonden aan de Arteveldehogeschool en de Universiteit Gent. Hij doceert er medische filosofie en ethiek, bio-ethiek en sociale filosofie. Hij studeerde aan de universiteiten van Gent en Brussel en promoveerde in 2002. Hij publiceert regelmatig in binnen- en buitenland over medische filosofie, sociale en politieke filosofie, sportfilosofie en cultuurfilosofie. Hij is tevens voorzitter van vzw De Maakbare Mens.

Nanda Oudejans
Nanda Oudejans (1978) bereidt een wijsgerig proefschrift voor over het vluchtelingenvraagstuk aan de Faculteit der Geesteswetenschappen, Universiteit van Tilburg. Haar onderzoeksinteresses zijn asiel, immigratie, mensenrechten, democratie, collectieve identiteit, soevereiniteit en de verhouding tussen (internationaal) recht en politiek.

Peter Van Aelst
Peter Van Aelst (1974) is verbonden aan het Instituut Politieke Wetenschappen van de Universiteit Leiden. Zijn onderwijs en onderzoek situeert zich in het domein van de politieke communicatie en de politieke psychologie.
Article

Negatieve campagnevoering in de Nederlandse consensusdemocratie: de ontwikkelingen sinds Fortuyn

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2010
Trefwoorden negative campaigning, consensus democracy, election campaign, political advertising, election debates
Auteurs Annemarie S. Walter
SamenvattingAuteursinformatie

    During the last decades, election campaigns in Western Europe have undergone major changes. In response to an altered electoral market, political parties have started to campaign more offensively, making use of campaign tactics such as negative campaigning. Negative campaigning strongly conflicts with the political culture of consensus and cooperation that is inherent to many West European political systems, especially in the Netherlands, in which coalition building has always been a necessity. Taking the Netherlands as a case-in-point, this article demonstrates that even in a consensual multiparty system like the Dutch one negative campaigning is on the rise. Indeed, by exploring the last four election campaigns this study demonstrates that negative campaigning is part-and-parcel of the Dutch electoral politics ever since 2002.


Annemarie S. Walter
Annemarie Walter (1985) is als promovenda verbonden aan de afdeling Politicologie van de Universiteit van Amsterdam en schrijft een proefschrift over negatieve campagnevoering in West-Europa. Haar onderzoeksinteresses liggen op het gebied van politieke communicatie en partijgedrag.
Article

Partijen in spagaat?

Eensgezindheid en meningsverschillen onder leden van Nederlandse politieke partijen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Political parties, party members, party members survey, unity within parties, representative democracy
Auteurs Josje den Ridder, Joop van Holsteyn en Ruud Koole
SamenvattingAuteursinformatie

    Political parties are the building blocks of representative democracy since they traditionally perform roles that are considered essential for the functioning and well-being of democracy. In the study and evaluation of the democratic system as a whole, as a general rule, parties are treated as unitary actors. Most political parties, however, are membership organizations and their external functioning is partly dependent on internal affairs, including the behavior and opinions of their members. In this paper we open the black box of parties and show on the basis of a 2008 survey among seven political parties how united or divided ordinary Dutch party members are with respect to various political issues and orientations. It is shown that most parties are rather united on most issues. They are least united on two of the most pertinent issues of today’s politics, i.e. the integration of ethnic minorities and European integration.


Josje den Ridder
Josje den Ridder (1982) is politicoloog en verbonden als onderzoekster aan het Sociaal en Cultureel Planbureau (project Continu Onderzoek Burgerperspectieven). Zij publiceert over verkiezingen en kiesgedrag, en over politieke partijen en partijleden. Zij werkt aan een dissertatieproject ‘Opvattingen en activisme van partijleden van Nederlandse politieke partijen rond de eeuwwisseling’.

Joop van Holsteyn
Joop van Holsteyn (1957) is neerlandicus en politicoloog. Hij is als universitair hoofddocent en bijzonder hoogleraar Kiezersonderzoek verbonden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap, Universiteit Leiden. Hij publiceert over politieke participatie en electoraal gedrag, publieke opinie, opiniepeilingen en opinieonderzoek, extreem-rechts in Nederland en politieke cartoons.

Ruud Koole
Ruud Koole (1953) is historicus en politicoloog. Hij is als hoogleraar Politicologie, in het bijzonder met betrekking tot de Nederlandse politiek en haar institutionele ontwikkeling, verbonden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap, Universiteit Leiden. Van dat instituut is hij de wetenschappelijk directeur. Hij publiceert over politieke partijen, interne partijdemocratie, partijfinanciën, en populisme.
Toont 1 - 20 van 38 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.