Zoekresultaat: 89 artikelen

x

    Digital transformation offers provinces both opportunities and threats. A long-held wish that social tasks (and the demand from citizens and companies) can be put at the center seems to be fulfilled. But, in addition to opportunities, the transformation also provides the necessary risks for, for example, the privacy of citizens and companies, but also due to the disruptive nature of digital transformation. This contribution looks at the digital transformation from a provincial perspective. The data vision in the making of the Dutch province of Noord-Brabant forms the basis for this essay, but what emerges applies broadly (with differences in emphasis) to several provinces. The author also gives a number of suggestions for the implementation of the transformation.


Dr. Marcel Thaens
Dr. M. Thaens is Chief Information Officer van de Provincie Noord-Brabant en lid van de Regiegroep Interprovinciale Digitale Agenda (IDA).
Thema

Access_open Principes voor goed lokaal bestuur in de digitale samenleving

Een aanzet tot een normatief kader

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 4 2019
Auteurs Prof. dr. Albert Meijer, Dr. Mirko Tobias Schäfer en Dr. Martiene Branderhorst
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents a normative framework for good local governance in the digital society. We build on the five principles of Frank Hendriks (laid down in an article in Urban Affairs Review in 2014): participation, effectiveness, learning ability, procedural justice and accountability. An analysis of these five principles leads to the refinement of these principles for the digital society. The overarching points are that attention is needed for the possibility of human contact, that avoiding discrimination must be central, that higher demands are made with regard to speed of action, that the principles increasingly apply to networks of organizations, and that the principles increasingly apply to the design of systems. This overview thus provides concrete tools for organizations that want to reflect with citizens and stakeholders on the extent to which they are able to achieve good local governance in the digital society.


Prof. dr. Albert Meijer
Prof. dr. A.J. Meijer is hoogleraar Publieke Innovatie aan de Universiteit Utrecht en redacteur van Bestuurswetenschappen.

Dr. Mirko Tobias Schäfer
Dr. M.T. Schäfer is universitair hoofddocent aan de Universiteit Utrecht bij het departement Media- en Cultuurwetenschappen.

Dr. Martiene Branderhorst
Dr. E.M. Branderhorst is gemeentesecretaris en algemeen directeur in de gemeente Gouda en lid van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB).
Van ‘stadhuis naar stadshuis’

Stadshuis van Overbetuwe

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 4 2019
Auteurs Prof. dr. Nico Nelissen
Auteursinformatie

Prof. dr. Nico Nelissen
Prof. dr. N.J.M. Nelissen is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen, redactielid en oud-hoofdredacteur van Bestuurswetenschappen.

    Overheidsbeleid heeft steeds meer te maken met digitalisering en data-ificering van de samenleving en het menselijk gedrag. Dat betekent uitdagingen voor beleidsevaluatoren. In dit artikel gaat het om éen van de daarmee gepaard gaande verschijnselen: Big Data en Artificiële Intelligentie (BD/AI). Het artikel stelt, na erop gewezen te hebben dat de evaluatieprofessie langere tijd niet erg actief op digitaal gebied is geweest, ten eerste de vraag wat BD/AI te bieden hebben aan evaluatieonderzoek van (digitaal) beleid. Vijf toepassingsmogelijkheden worden besproken die de kwaliteit, bruikbaarheid en relevantie van evaluatieonderzoek kunnen bevorderen. De tweede vraag is wat evaluatieonderzoek te bieden heeft, als het gaat om het analyseren/onderzoeken van de betrouwbaarheid, validiteit en enkele andere aspecten van Big Data en AI. Ook daar worden verschillende mogelijkheden (en moeilijkheden) geschetst. Naar het oordeel van de schrijver is het enerzijds dienstig (meer) gebruik te maken van BD/AI in evaluatieonderzoek, maar doen onderzoekers er ook goed aan (meer) aandacht uit te laten gaan naar: de assumpties die aan BD/AI ten grondslag liggen (inclusief het ‘black box’-probleem); de validiteit, veiligheid en geloofwaardigheid van algoritmes; de bedoelde en onbedoelde consequenties van het gebruik ervan; én de vraag of de claims dat digitale interventies die mede gebaseerd zijn op BD/AI effectief (of effectiever zijn dan andere), onderbouwd en valide zijn.


Frans L. Leeuw
Frans L. Leeuw (socioloog) is hoogleraar Recht, Openbaar Bestuur en Sociaalwetenschappelijk onderzoek aan Maastricht University. Eerder was hij o.a. directeur WODC, Hoofdinspecteur Hoger Onderwijs Onderwijsinspectie, hoogleraar evaluatieonderzoek Universiteit Utrecht, directeur doelmatigheidsonderzoek Algemene Rekenkamer en decaan Humanities Open Universiteit. Hij bereidt een boekje voor over 125 jaar empirisch-juridisch onderzoek, inclusief de nieuwste loot: digitaal empirisch-juridisch onderzoek. Eerdere publicaties handelden over diverse onderwerpen met als rode draden evaluatieonderzoek, theorieën, gedragsmechanismen, benutting van onderzoek en juridische thema’s.

    The most relevant part of a discussion is not what is discussed but what cannot be spoken of. The real taboos are those for which it is taboo to call them taboos. The status quo defines itself as non-ideological while denouncing any challenge to itself as radical. Therefore the column De Blinde Vlek frames the framers, politicizes the status quo and articulates what is not heard of.


Jan de Vries
Jan de Vries is senior beleidsadviseur bij het College voor de Rechten van de Mens.

Rina Beers
Rina Beers is senior beleidsmedewerker bij de Federatie Opvang.
Reflectie & debat

Access_open Slavernijonderwijs in de praktijk, wat gebeurt er in de klas? Een pleidooi voor meer aandacht voor de erfenis van het slavernijverleden

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Sensitive history, Slavery, Education, Racism, Discrimination, Slavery education primary school, History, Dutch canon for history, Slavery and citizenship, Empowerment training
Auteurs Dr. Aspha Bijnaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Reflection and debate initiates academically inspired discussions on issues that are on the current policy agenda.


Dr. Aspha Bijnaar
Dr. Aspha Bijnaar is onafhankelijk onderzoeker en directeur van stichting EducatieStudio. Ze is in 2002 als sociologe gepromoveerd aan de Universiteit van Amsterdam en heeft als onderzoeker gewerkt aan diverse wetenschappelijke publicaties, tentoonstellingen en lespakketten over slavernij en het erfgoed van slavernij. Ze ontwikkelde een reeks gastcolleges met theater over slavernijgeschiedenis en erfenis getiteld Hedendaags burgerschap, slavernij en jij!. Daarnaast maakte ze de theatervoorstelling Rebelse Vrouwen. Een voorstelling over verzet van vrouwen in slavernij en gaf ze een stripboek uit, getiteld Jacquelina. Slavin van Plantage Driesveld.

    De manier waarop vraag naar en aanbod van arbeid bij elkaar komen, is met de komst van het internet en sociale media drastisch veranderd. Dit brengt kansen met zich mee: werkgevers kunnen zich bij de werving veel directer op potentiële werknemers richten en zijn niet meer gebonden aan de doelgroep van bijvoorbeeld een dagblad. Het geeft echter ook risico’s, omdat het tot uitsluiting van groepen kan leiden. De positieve keerzijde van deze technologische medaille is dat algoritmes en big data weliswaar nieuwe manieren van discriminatie in de hand werken, maar dat ze tevens kunnen worden ingezet om deze discriminatie te traceren en te bestrijden. In dit artikel worden beide zijden van de medaille toegelicht.


Claartje Thijs
Claartje Thijs werkt als programma-manager arbeidsmarktdiscriminatie bij het College voor de Rechten van de Mens. Daar houdt zij zich onder andere bezig met de vraag hoe digitalisering het wervings- en selectieproces beïnvloedt, met eerlijk beloningsbeleid en met trainingen voor een objectieve wervings- en selectieprocedure.
Van ‘stadhuis naar stadshuis’

Stadshuis van Hasselt

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 1 2019
Auteurs Prof. dr. Nico Nelissen
Auteursinformatie

Prof. dr. Nico Nelissen
Prof. dr. N.J.M. Nelissen is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen, redactielid en oud-hoofdredacteur van Bestuurswetenschappen.

    A large number of people, institutions, journals and approaches have contributed to the history of (local) administrative sciences in the Netherlands. Initially (around 1914) the legal approach was dominant; from 1964 onwards, political science would become the dominant approach; and from 1990 onwards, Public Administration would increasingly profile itself as an independent discipline. This essay concentrates on the influence on this development of sociology and its, typically Dutch, predecessor sociography. The starting point here is the promotion tree of the founder of the Dutch sociology Sebald Steinmetz. Through him various lines (via his doctorates Nicolaas ter Veen and Jakob Kruijt) go to modern Public Administration. This essay tells the story of the influence of sociography and sociology on the development of the administrative sciences and modern Public Administration in six acts, in which two persons from the promotion tree are discussed (via Sjoerd Groenman, who is promoted by Nicolaas ter Veen there are two different lines again). The line via Jakob Kruijt contains Aris van Braam (he wrote in 1957 what is considered the first Dutch empirical study in Public Administration) and Jos Raadschelders. The first line via Sjoerd Groenman contains Henk Brasz (the first full-time professor in Public Administration in the Netherlands), Fred Fleurke and Ko de Ridder. The second line via Sjoerd Groenman contains Joop Ellemers, Geert Braam (professor at the first regular Dutch Public Administration programme in Twente) and Wim Derksen. These acts are framed with short intermezzos about the other sociological key figures who played an important role in the story of sociography, sociology and Public Administration. In conclusion, the author of this essay discusses the continuing relevance of sociology for modern Public Administration.


Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de joint degree Public Governance across Borders aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.
Artikel

Access_open In de schaduw, uit de schaduw

Oorsprong, aard en mogelijkheden van schaduwverkiezingen of exit polls

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 4 2018
Auteurs Prof. dr. Jelke Bethlehem en Prof. dr. Joop van Holsteyn
SamenvattingAuteursinformatie

    There is a lot of polling in the Netherlands, especially in the run-up to elections. The assessment of future voting behavior in the run-up to elections is inherently difficult, because many voters do not know in advance whether they will vote, let alone for which party. There is therefore constant debate about the quality of these surveys. However, there are also polls that are not held prior to elections, but on election day instead. They are called exit polls or shadow elections. The sample consists of voters who actually visited the polling station and cast their vote. In this article the authors emphasize the nature and useful and interesting role of exit polls. Exit polls are an important tool for making an accurate prognosis of the results shortly after the closing of the ballot boxes. Secondly, an exit poll can provide further insight into electoral gains and losses, and thus counteract unfounded speculation. After all, the data collected form an empirical source for a first analysis of the outcome and electoral behavior. All in all, the exit poll is a relatively easy-to-organize and attractive ingredient for a results evening. Confusing pre-election polls with exit polls probably does not do justice to the higher quality of exit polls in terms of prognosis. The article explains where exit polls differ from pre-election polls and what the most important choices are when setting up such a poll; it also shows that a well-designed exit poll is accurate and has adds value to a results evening. The authors give practical examples in their argument and discuss the exit poll that was organized in Leiden at the council elections of 21 March 2018.


Prof. dr. Jelke Bethlehem
Prof. dr. J.G. Bethlehem is bijzonder hoogleraar in de survey-methodologie aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Hij was tevens senior methodologisch adviseur bij het Centraal Bureau voor de Statistiek in Den Haag.

Prof. dr. Joop van Holsteyn
Prof. dr. J.J.M. van Holsteyn is hoogleraar politiek gedrag en onderzoeksmethoden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open HASHTAG POLITIE

Hoe politieagenten omgaan met waardeconflicten die ontstaan door sociale media

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2018
Auteurs Prof. dr. Gjalt de Graaf en Prof. dr. Albert Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Social media changes society and causes new dilemmas in local government. Little is known about the nature of these conflicts and the way government organizations deal with them. Therefore the authors of this article have carried out empirical research into the manner in which police officers deal with value conflicts concerning the use of social media. Their research shows that the well-known conflicts in the literature between effectiveness and efficiency and between effectiveness and legality were also dominant in this case, but that many more conflicts than are known from other studies concerned transparency and participation. In addition they discovered that the bias strategy was often used, which suggests that a conservative response is preferable in a situation with a lot of dynamics. In this way the research shows how government officials deal with the tension between a stable organization and a dynamic environment and look for appropriate forms of coping at this specific interface. The authors stress in their recommendations that the further strengthening of the learning ability of organizations deserves attention: not just to find the right way to deal with value conflicts, but to be able to find new ways to deal with the new conflicts that arise.


Prof. dr. Gjalt de Graaf
Prof. dr. G. de Graaf is hoogleraar Integriteit van Academisch Onderwijs aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit te Amsterdam en redacteur van Bestuurswetenschappen.

Prof. dr. Albert Meijer
Prof. dr. A.J. Meijer is hoogleraar Publieke Innovatie aan de Universiteit Utrecht en redacteur van Bestuurswetenschappen.

Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de joint degree Public Governance across Borders aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.
Research Note

Moeten we de daklozen helpen, zelfs als ze dat niet willen?

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2018
Auteurs Bart van Leeuwen en Michael Merry
Auteursinformatie

Bart van Leeuwen
Bart van Leeuwen is universitair docent politieke theorie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij verricht onderzoek naar thema’s die samenhangen met verstedelijking, waaronder intercultureel stadsburgerschap, segregatie en dakloosheid.

Michael Merry
Michael Merry is hoogleraar filosofie aan de Universiteit van Amsterdam, gespecialiseerd in ethiek en onderwijs.
Artikel

De participatiemythe; een drieluik over dubieuze beleidsassumpties

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2018
Trefwoorden politics of participation, policy assumptions,, societal resilience, Neoliberalism
Auteurs Prof. Willem Trommel
SamenvattingAuteursinformatie

    This article argues that the politics of participation, as it is currently implemented in Dutch society, departs from dubious policy assumptions. The main problems relate to a controversial idea of what societal resilience is about, which in turn is a side-effect of the neoliberal conception of man and society. In particular three policy assumptions seem contested, regarding respectively the self-governance norm, the required levels of trust, and the presence of a ‘loving culture’. While discussing these three topics, the article also introduces three contributions to this special issue, which will focus in more detail on the poverty of the assumptions underlying the participation paradigm.


Prof. Willem Trommel
Prof. Willem Trommel is hoogleraar Beleid en bestuur aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    De digitalisering van de samenleving heeft verschillende gevolgen voor de overheid en overheidsbeleid. Eén daarvan heeft betrekking op de manier waarop beleidsanalyse kan worden gebruikt. In deze bijdrage worden de mogelijkheden van meer adaptieve vormen van beleidsanalyse verkend, waarbij beleidsvoerders stap voor stap en op basis van informatie uit het beleidsproces proberen meer over de beleidsuitvoering te leren. Die vorm van beleidsanalyse, die op een aantal punten afwijkt van eerdere vormen, heeft gevolgen voor de organisatie van de overheid maar ook voor de wijze waarop het toezicht moet worden ingericht. Dat levert interessante vragen en spanningen op voor de ‘digitale’ overheid.


Bernard Steunenberg
Bernard Steunenberg is als hoogleraar verbonden aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden.
Diversen

‘Emancipatie is geen stok om mee te slaan’

Tekst van de Van Slingelandt-lezing door demissionair minister Bussemaker in de Eerste Kamer op 12 oktober 2017

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2017
Artikel

Institutionele leegte: nieuwe bronnen, nieuwe uitdagingen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Institutional void, Literature review, Societal change, Technical innovation, Governance
Auteurs Prof.dr. Ellen van Bueren en Dr.ing. Bram Klievink
Samenvatting

    Societal and technological developments (such as the digital and energy revolutions) move faster than existing institutions can keep up with. The developments may lead to a metaphorical institutional void, which brings questions about the nature of the void, the changing rules, practices and responsibilities, and about the strategies to deal with the void. The concept has been around for a while but (again) seems relevant to understand current socio-technological innovations and challenges, that also allow us to further conceptualise the institutional void. In this introduction to the issue, we discuss the concept of an institutional void and explore how it is used in various domains of study, including public administration. We argue for how the concept is relevant today and therein also introduce the topics that are discussed in this special issue.


Prof.dr. Ellen van Bueren

Dr.ing. Bram Klievink
Artikel

E-democracy: meer demos door digitale revolutie?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2017
Auteurs Tamara Metze PhD. en Colette Cuijpers PhD.
Samenvatting

    E-democracy incorporates digital tools, the internet and social media to enhance democracy. There are many of these tools available to improve governmental responsiveness, transparency, and accountability, but also to support the inclusiveness, representativeness and influence of citizens’ participation. Examples are online petitions, apps for neighborhood watches, wikiplanning and social media monitoring. Web 3.0, which is more interactive and less location specific, enables governments to take a more personalized approach. It also allows for participation across administrative and geographical boundaries. In this symposium two contributions address the question of the influence of e-democracy on the democratization of governmental decision-making, information and service delivery, and of citizens’ participation.


Tamara Metze PhD.

Colette Cuijpers PhD.
Artikel

Monitoring van sociale media: op weg naar een Brave New Democracy?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2017
Trefwoorden social media monitoring, democracy, responsiveness, privacy
Auteurs Dr. Arthur Edwards en Dr. Dennis de Kool
Samenvatting

    Social media monitoring is a topical and relevant phenomenon. It enables civil servants and politicians to gauge the sentiments voiced on social media, on the basis of which they are in a better position to take into account the wishes and needs of citizens. Social media monitoring is primarily used for rational and strategic purposes. In terms of democratic legitimacy, it may enhance the quality of the processes on the output side of the political system, i.e. authorities can be more responsive and can fine tune public policies. There also threats for the relation between citizens and government. When citizens communicate on networks they perceive as private, social media monitoring can be seen as an intrusion into their private sphere. This not only concerns individual privacy but also an interpersonal private sphere in terms of the right that people have to define a domain within which they can exchange experiences with peers. Transparency and accountability are therefore important conditions for the application of this instrument.


Dr. Arthur Edwards

Dr. Dennis de Kool
Artikel

Campagneactiviteiten en -financiering van lokale partijen in Nederland

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2017
Trefwoorden electoral campaigns, campaign financing, independent local lists, party subsidies, local elections
Auteurs Justin Bergwerff MSc en Dr. Hans Vollaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Electoral campaigning and its financing at the local level have been hardly studied in spite of the growing political significance of municipalities in the Netherlands. Local parties have been barely studied either, even though they gained more than 30 percent of the seats in the local elections of 2014. They have done so without any public subsidy, whereas subsidized national parties can and do support their local branches. This article examines which campaign activities local parties used to attract voters, how these activities were funded, and whether local parties perceived subsidies necessary and desirable. A survey among local parties held just after the local elections of 2014, indicates that their campaigns are by and large a traditional, low-cost affair. They are often not labor-intensive nor technology-intensive, despite the electoral effectiveness of micro-targeting and canvassing. Contributions from local councilors constitute the main source of finance. The survey also shows that transparency of campaign financing can count on widespread support among local parties. They also prefer a level playing field between local parties and local branches of national parties by providing both public subsidies or none, which is an important contribution to the discussion on the current legislative proposals on party financing at the local level.


Justin Bergwerff MSc
Justin Bergwerff MSc is financieel beleidsmedewerker aan het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Dr. Hans Vollaard
Dr. Hans Vollaard is universitair docent Nederlandse en Europese politiek, Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap, Universiteit Utrecht.
Toont 1 - 20 van 89 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.