Zoekresultaat: 17 artikelen

x
Artikel

Het prestatievoordeel van publiek-private samenwerking

Een analyse van transportinfrastructuurprojecten in Nederland

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Public-Private Partnerships (PPPs), Cost Performance, Time Performance, Netherlands, Principal-Agent Relationships
Auteurs Dr. Stefan Verweij, Dr. Ingmar van Meerkerk en Prof. dr. ir. Wim Leendertse
SamenvattingAuteursinformatie

    Compared to regular contracts, infrastructure development and management through Public-Private Partnerships (PPPs) is expected to lead to better cost and time performance. However, the evidence for this performance advantage of PPPs is lacking. This article analyzes the performance differences of projects with a Design-Build-Finance-Maintain (DBFM) contract (a type of PPP) and a Design-and-Construct (D&C) contract. Project performance data were collected (N = 65) from the Project Database of Rijkswaterstaat and analyzed using non-parametric tests. Rijkswaterstaat is the executive agency of the Ministry of Infrastructure and Water Management. The results show that DBFM-projects have a significantly higher cost performance than D&C-projects. In particular, DBFM-projects have less additional costs related to technical necessities in the implementation phase. Regarding time performance, DBFM-projects seem to perform better although the difference with D&C-projects is not statistically significant. The article discusses explanations for the performance advantage of PPPs, rooted in principal-agent theory. From this discussion, an agenda is presented for further research into the performance advantage of Public-Private Partnerships.


Dr. Stefan Verweij
Dr. Stefan Verweij is universitair docent infrastructuurplanning, governance en methodologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, basiseenheid Planologie.

Dr. Ingmar van Meerkerk
Dr. Ingmar van Meerkerk is universitair docent bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, School of Social and Behavioural Sciences, afdeling Bestuurskunde.

Prof. dr. ir. Wim Leendertse
Prof. dr. ir. Wim Leendertse is bijzonder hoogleraar management in infrastructuurontwikkeling aan de Rijksuniversiteit Groningen, faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, basiseenheid Planologie. Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Grote Projecten en Onderhoud.

    From 1964 until roughly 1990, political science would become the dominant approach within the (local) administrative sciences in the Netherlands. This central position was taken over from the legal approach. Important impulses from political science for Public Administration came only from the second-generation political scientists: Gijs Kuypers at the Free University Amsterdam, Hans Daudt at the University of Amsterdam and Hans Daalder at the University of Leiden. In their footsteps, a political scientist emerged who, through his contribution to several universities (the Free University, the University of Nijmegen and the University of Twente), had a great deal of influence on the further development of Dutch Public Administration: Andries Hoogerwerf. Two other approaches emerged from political science that were important for the development of modern public administration in the Netherlands, namely policy science and the new political economy (public choice). In this essay the author outlines the input of the main figures from political science, policy science and public choice until 1990 in various stages that are most relevant to Public Administration. These stages take us to various cities and universities in the Netherlands. In addition, we see important cross-fertilization between the institutions through the transfer of people from one university to another. After 1990 however, Public Administration would increasingly profile itself as an independent inter-discipline.


Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de joint degree Public Governance across Borders aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.

Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de joint degree Public Governance across Borders aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.
Artikel

Het verband tussen publiek belang en ontwerp bij het internet der dingen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2016
Trefwoorden public economics, big data, Privacy, industrial design, agency theory
Auteurs Prof. dr. Frank Den Butter en Ir. Gijs Den Butter
SamenvattingAuteursinformatie

    The Internet of Things generates a wealth of data (big data) about personal behaviour, which can be used for marketing purposes. It brings about both benefits and costs in terms of societal welfare. Various forms of government intervention are needed to safeguard the public interests associated with these welfare effects. These public interest relate, on the one hand, to public availability of data and information, to repairing informational asymmetries, and on the other hand to providing personal security and privacy protection. This article discusses, from the perspective of the principal/agent approach to regulation, how the design of applications and systems in the Internet of Things can best be shaped. The example of the smart thermostat Toon® of the Dutch energy provider Eneco shows how an intensive collaboration between designers and software engineers may contribute to both proper data protection and to provide an incentive to save energy.


Prof. dr. Frank Den Butter
Prof. dr. Frank den Butter is hoogleraar algemene economie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Ir. Gijs Den Butter
Ir. Gijs den Butter is MSc ‘Strategic Product Design’ aan de Technische Universiteit Delft en CEO van Adjuvo Motion, een start-up bij YesDelft! die een robotische brace voor revalidatie op de markt brengt.
Artikel

Access_open Publiek en privaat: een spannende relatie in de bouw- en infraketen

Reflectie op inrichten, aanbesteden en uitvoeren van DBFM(O)-projecten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, oktober 2015
Auteurs Frits Verhees, Alfons van Marrewijk, Wim Leendertse e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse rijksoverheid maakt steeds meer gebruik van DBFM(O)-contracten om grootschalige bouw- en infraprojecten te ontwikkelen en te realiseren (DBFM(O) staat voor Design, Build, Finance, Maintain en eventueel Operate). De organisatie en inrichting van deze contracten en projecten zijn ‘als vanzelfsprekend’ gegroeid en gestandaardiseerd, veelal gebaseerd op de internationale praktijk en buitenlandse voorbeelden. Dit artikel zet uiteen hoe DBFM(O)-projecten georganiseerd en gestructureerd worden door publieke en private partijen. Uit internationaal onderzoek blijkt dat de resultaten wisselend zijn, maar de potentiële voordelen van DBFM(O) zijn groot. Deze potentie blijkt uit de eerste praktijkervaringen in Nederland, maar we kennen inmiddels ook de eerste negatieve gevolgen voor betrokken risicodragende partijen. We onderscheiden bij DBFM(O) zes ‘conventies’ met onderliggende spanningen waar praktijk en wetenschap, in de Nederlandse verhoudingen, kritisch op zullen moeten reflecteren.


Frits Verhees
Frits Verhees is docent honorair Planologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en tendermanager bij Heijmans.

Alfons van Marrewijk
Alfons van Marrewijk is bijzonder hoogleraar Bedrijfsantropologie, gericht op Publiek-Private Samenwerking, aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wim Leendertse
Wim Leendertse is universitair hoofddocent Planologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en projectmanager bij Rijkswaterstaat.

Jos Arts
Jos Arts is bijzonder hoogleraar Milieu- en Infrastructuurplanning aan de Rijksuniversiteit Groningen en topadviseur bij Rijkswaterstaat.

    Dutch Ministries differ in the manner in which they design and manage their steering relations with independent governing bodies. Based on six cases at four Dutch ministries the authors show these differences. They use two theoretical models (the principal-agent approach and the principal-steward approach) to clarify the kind of relationship. Ministries not only differ in their approach, they also differ in how far they have advanced in the development of their steering relations with independent governing bodies. Because there is no coordination or exchange of knowledge between ministries, ministries that are ‘lagging behind’ cannot learn from the experiences of ministries that have more experience. The authors do not propose one form of central coordination or one model, but they do propose more exchange of knowledge within and between Dutch ministries.


Prof. dr. Sandra van Thiel
Prof. dr. S. van Thiel is redacteur van Bestuurswetenschappen en hoogleraar bestuurskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. dr. Ron van Hendriks
R.H.P. Hendriks MPA studeerde bestuurskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen en deed als stagiaire bij het ministerie van BZK onderzoek naar de aansturingsrelaties tussen departementen en zelfstandige bestuursorganen. Hij is sinds kort trainee bij AP Support.
Research Note

Wat is ‘publieke verantwoording’?

Over forums en functies

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Auteurs Tom Willems en Wouter Van Dooren
Auteursinformatie

Tom Willems
Tom Willems is als aspirant van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Management & Bestuur’, Universiteit Antwerpen.

Wouter Van Dooren
Wouter Van Dooren is als hoofddocent Bestuurskunde verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Management & Bestuur’, Universiteit Antwerpen.
Artikel

Morele verantwoordelijkheid te midden van meervoudigheid

De toegevoegde waarde van het kritische individu in complexe omgevingen met meervoudige belangen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2012
Trefwoorden financial markets, financial regulation, lobbying, financial crisis, policy paradigms
Auteurs Dr. Liesbeth Noordegraaf-Eelens en Lotte van Vliet MA
SamenvattingAuteursinformatie

    The lessons learned from the financial crisis are not necessarily limited to the financial sector. Both the financial sector and the public sector have to deal with perverse effects. The effects can be related to a reduction of complexity and plurality through introducing (oversimplified and one dimensional) models and financial incentives. However, in doing this, complexity and plurality are often lost: the neglect of multiple interests, goal replacement and too much focus on short term results. As a consequence perverse effects arise.
    Public sectors and organizations face internal and external pressure to act as they do. At the level of organizations or groups this may involve groupthink; at institutional level uniformity is promoted by the dynamics of isomorphism. This article is a critique on simplification and a plea for the (re)introduction of plurality. More specifically, we stress the importance of individual moral responsibility as a resource for and a way to preserve plurality. Not because that is the only option, but because it is an option that we believe deserves more attention. Other options such as changing regulations and changing the structure of supervision are already broadly discussed. We want to draw attention to the individual as parts of multiple organizations and systems. Individuals are therefore a natural carrier of multiplicity and plurality. Taking moral responsibility serious is not an easy task, but a meaningful step towards awareness of perverse effects due to reduction of complexity and plurality.


Dr. Liesbeth Noordegraaf-Eelens
Liesbeth Noordegraaf-Eelens is als universitair docent verbonden aan de Erasmus School of Economics. Eerder verschenen van haar De overspelige bankier (2004) en Op naar de volgende crisis (2009). In 2010 promoveerde zij op het proefschrift Contested Communication. A Critical Analysis of Central Bank Speech. Liesbeth Noordegraaf-Eelens is een van de auteurs van het RMO-advies Tegenkracht organiseren. Lessen uit de kredietcrisis. Correspondentiegegevens: Dr. Liesbeth Noordegraaf-Eelens, Erasmus School of Economics, Burgemeester Oudlaan 50, 3000 DR Rotterdam, noordegraaf@ese.eur.nl.

Lotte van Vliet MA
Lotte van Vliet MA werkt als senior adviseur bij de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO). Zij is een van de auteurs van het RMO-advies Tegenkracht organiseren. Lessen uit de kredietcrisis. Correspondentiegegevens: l.vliet@adviesorgaan-rmo.nl.
Artikel

EU-besluitvorming en internationale milieuonderhandelingen

Een principaal-agentperspectief op het intern functioneren van de Europese Unie tijdens multilaterale milieuonderhandelingen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2011
Trefwoorden control, cooperation, European Union, international environmental negotiations, principal-agent
Auteurs Tom Delreux
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses how the European Union functions internally when it participates in international environmental negotiations. It examines the relations between, on the one hand, the European member states and, on the other hand, the EU negotiator who represents the member states around the international negotiation table. Applying a principal-agent model, this article demonstrates, first, that the member states are able to control their negotiator and the way the latter negotiates internationally through the so-called ad locum control mechanisms, being the on the spot EU coordination meetings and the ability of the member states to attend the international negotiations. Second, this article argues that these institutional structures not only have a control function, but also a cooperation function. Finally, the analysis shows that the EU decision-making processes with regard to international environmental negotiations are not only characterized by the principals controlling their agent, but also by the agent keeping its principals under control.


Tom Delreux
Dr T. Delreux is verbonden aan de Katholieke Universiteit Leuven en heeft in 2008 de Van Poeljeprijs gewonnen voor het onderzoek dat aan dit artikel ten grondslag ligt.
Artikel

Werk in een wantrouwende wereld

Omvang en oorzaken van een uitdijende controle-industrie

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2006
Auteurs Frans van Waarden
SamenvattingAuteursinformatie

    Fraud seems to be on the rise. That feeds a demand for controls. This paper sketches the diversity of supply in reaction to this demand: public regulators of course, but also commercial information providers and benchmarkers, self-regulating associations, hallmark producers, certification and accreditation bodies, and internal business management control systems, whereby ever more levels of control are piled on top of each other. More than a million Dutchmen earn a living in this booming control-industry, or 14% of the working population. In addition to fraud, other causes of this trend are being discussed, among them, paradoxically, neo-liberalist deregulation policies. All these causes contribute to a sense of risk and uncertainty. Although this trend has a number of negative consequences, it has a major benefit: jobs! Economists may have long thought that transaction costs are there for the transactions. But it looks as if transactions exist to produce transaction costs.


Frans van Waarden
Frans van Waarden is hoogleraar Organisatie en Beleid aan de Universiteit Utrecht en fellow van het University College Utrecht. Hij studeerde sociologie in Toronto en Leiden, was voorheen werkzaam aan de Universiteiten van Leiden en Konstanz en visiting scholar in Wenen, Leipzig, Stanford, Berkeley, het European University Institute in Florence en het NIAS in Wassenaar. Hij publiceerde over arbeidsverhoudingen, techniekgeschiedenis, innovatie, katoenindustrie, belangengroepen en corporatisme, verzorgingsstaat, ondernemersorganisaties, de relatie overheid – bedrijfsleven, openbaar bestuur, stijlen van regelgeving en -handhaving en marktwerking en deregulering. Correspondentiegegevens: Prof. dr. Frans van Waarden, University College, Utrecht University, Postbus 80145, 3508 TC Utrecht Telefoon: +31-30-253-4820 e-mail: F.vanwaarden@fss.uu.nl

    In the Netherlands, new horizontal forms of accountability have in recent years been introduced for executive agencies. These forms of accountability address other stakeholders besides the hierarchical principal. It includes for example demonstrating responsiveness to clients, independent overseers or professional standards. In this article, two related questions are answered. At first the question is posed whether horizontal accountability can be regarded as a substitute for democratic accountability or as complementary to it. The second question is how their introduction fits with traditional (vertical) forms of accountability. The article is based on a qualitative research that was carried out in 2005 and 2006 on nine large Dutch executive agencies. It focuses on two types of horizontal accountability: accountability of agencies to boards and to an independent evaluation committee ('visitation'). The article concludes that horizontal accountability is best regarded as complementary to democratic accountability. Horizontal accountability has added value because it invokes learning processes. In addition, the introduction of horizontal forms of accountability creates a redundant accountability regime for executive agencies in which they account for the same actions to different accountees. Redundancy has the advantages that it mitigates information asymmetry and incorporates the different expectations for agencies.


Thomas Schillemans
Dr. T. Schillemans is universitair docent bestuurskunde aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur van de Universiteit van Tilburg. Hij promoveerde in 2007 op het proefschrift Verantwoording in de schaduw van de macht: Horizontale verantwoording bij zelfstandige uitvoeringsorganisaties, Den Haag: Uitgeverij LEMMA. Voorts verscheen van zijn hand 'Medialogica. Oorzaken, gevolgen en remedies'. Tijdschrift voor Communicatiewetenschap. 34/2 (2006): 133-143 (met K. van Beek en R. Rouw). Correspondentiegegevens: Universiteit van Tilburg Tilburgse School voor Politiek en Bestuur Postbus 90153 5000 LE Tilburg t.schillemans@uvt.nl

Miguel Dr Goede
Dr Miguel Goede is verbonden aan de Universiteit van de Nederlandse Antillen en Hij is tevens voorzitter van de Vereniging Bestuurskunde van de Nederlandse Antillen en Aruba.
Artikel

Tussen willen en weten: het cynisme voorbij

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2008
Auteurs Cor van Montfort, Ank Michels en Martijn van der Steen
Auteursinformatie

Cor van Montfort
Prof. dr C.J. van Montfort is bijzonder hoogleraar bij de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur van de Universiteit van Tilburg en sectormanager PPS bij de Algemene Rekenkamer.

Ank Michels
Dr A.M.B. Michels is universitair docent bij het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht.

Martijn van der Steen
Drs M. van der Steen is als senioronderzoeker werkzaam bij de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur.
Article

De Europese Unie in internationale milieuonderhandelingen

Wat verklaart de onderhandelingsautonomie van de EU-onderhandelaar?

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2008
Trefwoorden European Union, Multilateral Environmental Agreements, Negotiation Autonomy, Principal-Agent, Qualitative Comparative Analysis
Auteurs Tom Delreux
SamenvattingAuteursinformatie

    Starting from principal-agent theory, this article analyses the conditions under which an EU negotiator enjoys a particular degree of negotiation autonomy vis-à-vis the member states he represents during multilateral environmental negotiations. A Qualitative Comparative Analysis of eight EU decision-making processes with regard to international negotiations leading to a multilateral environmental agreement indicates that the compellingness of the international negotiations explains the occurrence of negotiation autonomy. However, the international compellingness does not provide explanatory power to understand the particular degree of negotiation autonomy. To understand when an EU negotiator enjoys a high degree of negotiation autonomy, variables such as preference distances, information asymmetries and institutional density need to be taken into account.


Tom Delreux
De auteur is aspirant van het FWO-Vlaanderen, Instituut voor Internationaal en Europees Beleid, K.U.Leuven.
Article

Europa en de wereld: de eeuwige machtsvraag

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 2 2008
Trefwoorden European Union, EU External Policies, Common Foreign and Security Policy (CFSP), Principal-Agent, Normative Power Europe
Auteurs Jan Orbie en Sophie Vanhoonacker
SamenvattingAuteursinformatie

    This introductory article situates the three contributions to this special issue on ‘Europe and the world’ within the broader academic discussion on the European Union’s (EU) international role. It expands on the two central questions that run as a red line through this issue: what is the role and power of EU level players in the external policymaking process; what kind of power is Europe in the world? The fi rst part focuses on the explanatory power of rational choice theories and more particularly the principal-agent model when trying to understand the power struggle between the European and national level. The second part addresses the question whether the EU constitutes a sui generis type of international actor, as suggested by the Normative Power Europe hypothesis. With the articles in this special issue as a starting point, it points to the promises and pitfalls of the particular approaches for researching Europe’s international role and makes suggestions for future research.


Jan Orbie
Jan Orbie is docent aan het Centrum voor EU-Studies van de Universiteit Gent.

Sophie Vanhoonacker
Sophie Vanhoonacker is bijzonder hoogleraar ‘Administrative Governance’ aan de Universiteit Maastricht.

Esther Versluis
Dr. E. Versluis is werkzaam als universitair docent bij de opleiding European Studies aan de Faculteit der Cultuurwetenschappen, Universiteit Maastricht

Pieter de Jong
Drs. Pieter de Jong is werkzaam bij de Raad voor het openbaar bestuur en de Raad voor de financiële verhoudingen.

Sander Meijerink
Dr. Sander Meijerink is verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen, Faculteit Managementwetenschappen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.