Zoekresultaat: 8 artikelen

x
Artikel

Access_open Hybride stadsregionaal bestuur belicht: effectiviteit en legitimiteit in vier grootstedelijke gebieden

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2018
Trefwoorden hybrid governance, city-region, effectiveness, legitimacy
Auteurs dr. Linze Schaap, dr. Carlo Colombo, dr. Maaike Damen e.a.
Samenvatting

    This article reports on an analysis of the effectiveness and legitimacy of modes of governance in four European regions that clearly show signs of hybridity, that is, they have private as well as public characteristics. Berlin, Eindhoven, Copenhagen-Malmö and Zurich thus aim to increase the problem-solving capacity of their regional governance and to govern ‘smartly’ in a complex and multi-level context. The individual cities search for effective links with private and societal actors, each in its own way. Legitimacy is an issue that is hardly reflected upon, though. Hybrid modes of governance may have negative impacts on both effectiveness and legitimacy, but also offer new opportunities for good governance. ‘Hybrid’ and ‘smart’ do not always go hand in hand, but they are not mutually exclusive either.


dr. Linze Schaap

dr. Carlo Colombo

dr. Maaike Damen

dr. Niels Karsten Msc MA
Artikel

Access_open Wat maakt slimme sturing slim?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2018
Trefwoorden smart governance, hybrid governance, self-organization, adaptive capacity
Auteurs Prof. dr. Joop Koppenjan, Prof. dr. ir. Katrien Termeer en Dr. Philip Marcel Karré
Samenvatting

    Wicked problems ask for new, smart forms of governance beyond a singular focus on hierarchy, market or community. Based on the case studies presented in the individual articles of this special issue, this concluding article describes what smart governance could entail and discusses its strengths and weaknesses, both as a concept and a practical tool.


Prof. dr. Joop Koppenjan

Prof. dr. ir. Katrien Termeer

Dr. Philip Marcel Karré
Artikel

Spanningsvolle verbindingen tussen verticale en horizontale sturing

Een empirische analyse van de Dialoogtafel in Groningen

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Drs. Arnout Ponsioen, Drs. Mildo van Staden en Prof. dr. Albert Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses the Dialogue Table (‘Dialoogtafel’ in Dutch) in Groningen, the most northern province in the Netherlands, as an example of connecting vertical and horizontal steering. The Dialogue Table was set up to supervise the spending of compensation money for the damage from the earthquakes caused by gas extraction in this province. The Dialogue Table combines vertical forms of governance, such as a unilateral imposition of the budget and the presidency of the Dialogue Table, and more horizontal forms such as equal deliberation between administrative bodies and stakeholders. The central questions are which tensions will occur in these two different logics of steering, how one deals with these tensions and which competences this requires from civil servants. An exploratory analysis of the case shows that tensions occur around (1) the starting conditions (costs, presidency, selection and representation), (2) the progress of the process (desired results, openness, inequality) and (3) the outcomes of the process (influence). On the basis of their research, the authors offer recommendations about the organization of such hybrid steering processes and indicate which competences are required in this respect from civil servants.


Drs. Arnout Ponsioen
Drs. A. Ponsioen heeft bijna twintig jaar ervaring in het advieswerk. Hij is sinds 2014 eigenaar van bureau DuiDT, dat advies, onderzoek en inspiratie biedt voor organisaties in de publieke sector die aansluiting zoeken bij de (online) netwerksamenleving.

Drs. Mildo van Staden
Drs. M. van Staden is senior-adviseur op het terrein van sturing, ICT en sociale media bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Prof. dr. Albert Meijer
Prof. dr. A.J. Meijer is hoogleraar Publieke Innovatie aan de Universiteit Utrecht en redacteur van Bestuurswetenschappen.

    Achterliggende motieven en overwegingen van Nederlandse overheidsbesturen om dan wel en dan weer niet te kiezen voor publiek-private samenwerking (PPS) bij infrastructurele projecten bleven tot voor kort onduidelijk. Diverse kabinetten predikten sinds het midden van de jaren tachtig uit de vorige eeuw weliswaar publiek-private samenwerking, maar daarmee was PPS nog geen feit. Wisselende (macro-)motieven werden in nota’s opgevoerd om PPS onvermijdelijk te maken, waarbij financiële meerwaarde een constante was, maar dat bleek niet genoeg. Per project wisselende (micro-)motieven moesten de gewenste PPS-keuze rechtvaardigen, waaronder ook niet-politieke motieven. Het bereiken van financiële meerwaarde bleek wel een officieel doel of motief, maar was in de praktische besluitvorming lang niet altijd de enige relevante factor. Dit betekent dat de stelling dat financiële meerwaarde juist bepalend is, niet volledig blijkt te sporen met de PPS-praktijk. Sterker gesteld, bestuurlijke afwegingen blijken vaak bepalender voor keuzen pro of contra PPS bij rijksinfrastructurele projecten, of ook van grote invloed.


Arno Eversdijk
Dr. A.W.W. (Arno) Eversdijk promoveerde in juni 2013 aan de Universiteit Maastricht op het onderwerp publieke besluitvorming over publiek-private samenwerking bij grote rijksinfrastructurele wegenprojecten. Hij is als inkoopmanager werkzaam bij Rijkswaterstaat.

Arno F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. (Arno) Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.
Artikel

Woningcorporaties: meer dan een eeuw hybriditeit

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden housing, social housing associations, hybridity
Auteurs Marja Elsinga en Jan van der Schaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Since 1901, Dutch social housing is organized as a hybrid system. Over the years, this system has continually adapted to outside forces and demands. Lately it has come under pressure, especially as the negative side effects of housing associations becoming autonomous have become apparent. This article describes the history of social housing in the Netherlands since 1901, and discusses whether the negative side effects of hybridity should be used as an argument for a major overhaul of the system.


Marja Elsinga
Prof. dr. ir. M.G. Elsinga is hoogleraar Housing Institutions & Governance aan de Technische Universiteit Delft.

Jan van der Schaar
Prof. dr. ir. J. van der Schaar is gasthoogleraar Volkshuisvesting aan de Universiteit van Amsterdam en geassocieerd partner bij RIGO Research en Advies BV.
Artikel

Botsende waarden in de corporatiesector

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Good governance, Public Value Management, hybridity, social housing associations
Auteurs Philip Karré en Cor van Montfort
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we present the results of research on how five hybrid social housing associations tried to create public value. We link Moore's Public Value Management framework to theories on good governance and discuss the tensions that arise when hybrid organizations create public values and how they are dealt with. Based on this, we describe several recommendations for Dutch social housing associations.


Philip Karré
Dr P.M. Karré is senior onderzoeker en leermanager aan de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB) en docent/programmamanager aan de Hogeschool van Amsterdam.

Cor van Montfort
Prof. dr C.J. van Montfort is sectormanager publiek-private sector bij de Algemene Rekenkamer (ARK), bijzonder hoogleraar Bestuurskunde aan de Universiteit van Tilburg en verbonden aan het Centrum voor het Bestuur van de Maatschappelijke Onderneming (CBMO).
Artikel

Caleidoscooporganisaties

Culturele aspecten van hybriditeit in organisaties

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2005
Auteurs Philip Karré
SamenvattingAuteursinformatie

    De erosie van de klassieke dichotomie tussen publiek en privaat heeft tot het ontstaan van een groot aantal hybride organisaties eleid. Deze combineren de culturen van staat en markt. De meningen over deze ontwikkeling zijn verdeeld. Het Nederlandse debat over hybride organisaties is gepolariseerd. Aan de ene kant van het spectrum wordt vooral aandacht gevraagd voor de negatieve neveneffecten van hybriditeit. Maar er is ook een benadering die nadruk legt op het ontstaan van synergie door hybriditeit. Beide benaderingen zijn vooral normatief gekleurd en nog weinig systematisch empirisch onderbouwd. In dit artikel ligt de nadruk op de culturele hybriditeit.


Philip Karré
Mag. Phil. P.M. Karré (karre@nsob.nl) werkt bij de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur te Den Haag aan een promotieonderzoek naar hybride organisaties.1

    Er bestaan duidelijke parallellen tussen de begrippen hybriditeit en netwerken en de daaraan gerelateerde discussies. Beide hebben betrekking op de fenomenen differentiatie en integratie, waarin ze in zekere zin elkaars spiegelbeeld zijn. In deze bijdrage wordt betoogd dat zowel de analyse van hybriditeit vanuit een netwerkperspectief als de analyse van netwerken vanuit een hybriditeitsperspectief interessante inzichten oplevert. Beide perspectieven zijn samen noodzakelijk om een gegronde analyse te maken van een hybride publiek bestel.


Patrick Kenis
Prof. dr. P. Kenis is hoogleraar Beleids- en Organisatiewetenschappen aan de Universiteit van Tilburg.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.