Zoekresultaat: 14 artikelen

x
Thema-artikel

Een transparant debat over algoritmen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2020
Trefwoorden AI, ethics, Big Data, human rights, governance
Auteurs Dr. Oskar J. Gstrein en Prof. dr. Andrej Zwitter
SamenvattingAuteursinformatie

    The police use all sorts of information to fulfil their tasks. Whereas collection and interpretation of information traditionally could only be done by humans, the emergence of ‘Big Data’ creates new opportunities and dilemmas. On the one hand, large amounts of data can be used to train algorithms. This allows them to ‘predict’ offenses such as bicycle theft, burglary, or even serious crimes such as murder and terrorist attacks. On the other hand, highly relevant questions on purpose, effectiveness, and legitimacy of the application of machine learning/‘artificial intelligence’ drown all too often in the ocean of Big Data. This is particularly problematic if such systems are used in the public sector in democracies, where the rule of law applies, and where accountability, as well as the possibility for judicial review, are guaranteed. In this article, we explore the role transparency could play in reconciling these opportunities and dilemmas. While some propose making the systems and data they use themselves transparent, we submit that an open and broad discussion on purpose and objectives should be held during the design process. This might be a more effective way of embedding ethical and legal principles in the technology, and of ensuring legitimacy during application.


Dr. Oskar J. Gstrein
Dr. O.J. Gstrein is universitair docent Governance & Innovation aan de Rijksuniversiteit Groningen, Campus Fryslân, Data Research Centre.

Prof. dr. Andrej Zwitter
Prof. dr. A.J. Zwitter is hoogleraar Governance & Innovation aan de Rijksuniversiteit Groningen, Campus Fryslân, Data Research Centre.
Thema-artikel

De Frankfurter Schule en algoritmisch bestuur

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2020
Trefwoorden algorithmic governance, enlightenment, Frankfurter Schule, public administration, technology critique
Auteurs Dr. Ringo Ossewaarde
SamenvattingAuteursinformatie

    The Frankfurter Schule offers an interesting intellectual orientation for critical public administration that seeks to unmask problematic political-administrative power structures. It compels public administration scholars to reflect on the policy processes and bureaucratic structures of a technological society, and the legitimizing or criticizing role of public administration scholars in this. A critical public administration that is inspired by the Frankfurter Schule does not accept existing processes and structures. On the contrary, it contests them and uncovers them as a critique of domination, repression, reification, one-dimensionality, bias, erotic deficit and lack of creativity. It is focussed on identifying alternative, more humanizing and democratizing, futures. In this essay the significance of the Frankfurter Schule for critical public administration in technological society is explored. The development of algorithmic governance serves as a case to illustrate critical analysis, to reveal the essence of the Frankfurter Schule, and to show some of its contemporary relevance for critical public administration. Algorithmic governance is portrayed as a type of governance that reinforces existing policy processes and bureaucratic structures of technological society, and is unmasked by critical public administration scholars as a force of reification.


Dr. Ringo Ossewaarde
Dr. Ringo Ossewaarde is als universitair hoofddocent Bestuur, Samenleving en Technologie verbonden aan de Universiteit Twente.

    Beleidsonderzoek is een vak dat in de afgelopen vijftig jaar geleidelijk is ontwikkeld tot een echte professie. In dit essay wordt de eerste helft van deze periode beschreven en op diverse punten vergeleken met de huidige situatie. De terugblik bestaat uit drie onderdelen: professionalisering; relatie met opdrachtgevers; ambachtelijke aspecten.


Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was gedurende zijn gehele loopbaan actief als beleidsonderzoeker bij meerdere onderzoeksbureaus. Hij geeft regelmatig adviezen ten behoeve van beleidsevaluaties bij enkele ministeries. Hij is auteur en redacteur van diverse boeken over beleidsonderzoek.

    Reflection and debate initiates academically inspired discussions on issues that are on the current policy agenda.


Markha Valenta
Dr. Markha Valenta is trans-Atlantisch wetenschapper op het gebied van vraagstukken rond globalisering en politiek. Haar onderzoek richt zich met name op Nederland, de Verenigde Staten en India, met nadruk op de wisselwerking tussen internationale en lokale conflicten rond religie, ras en burgerschap. Kernvraag hierbij is hoe globalisering de natiestaat (nationale identiteit, politiek en rechtssystemen) onder druk zet en alternatieven daarop mogelijk maakt. Ze werkt aan de Radboud Universiteit Nijmegen, schrijft voor openDemocracy en doet regelmatig mee aan publieke debatten.

    Het ontwikkelen van succesvol overheidsbeleid vraagt om een systematische benutting van kennis uit wetenschap én praktijk. In dit artikel wordt beschreven op welke manier die systematische benutting kan worden bewerkstelligd. Als de afstand tussen kennis en beleidsontwikkeling kan worden verkleind en tevens wordt gekozen voor een proces van open beleidsontwikkeling, zal de benutting van kennis tijdens het beleidsproces beter verlopen. Daarbij dienen tegelijkertijd diverse voorwaarden te worden gesteld aan een adequate programmering van het corresponderende beleidsonderzoek.


Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was gedurende zijn gehele loopbaan actief als beleidsonderzoeker bij meerdere onderzoeksbureaus. Hij geeft regelmatig adviezen ten behoeve van beleidsevaluaties bij enkele ministeries. Hij is auteur en redacteur van diverse boeken over beleidsonderzoek.

Max Herold
Max Herold is expert op het gebied van open beleidsvorming en is werkzaam bij de rijksoverheid als senior organisatieadviseur ‘leren en ontwikkelen’. Hij promoveerde in 2017 bij de Erasmus Universiteit Rotterdam op ‘ongeschreven regels’ bij beleidsprocessen van de overheid en de wijze waarop die de omgang met de samenleving beïnvloeden.
Artikel

Access_open Welke factoren bevorderen of belemmeren het gebruik van beleidsevaluaties?

Resultaten van een studie bij de Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, mei 2018
Auteurs Marjolein Bouterse en Valérie Pattyn
SamenvattingAuteursinformatie

    Alhoewel het gebruik van beleidsevaluaties (of het gebrek eraan) een van de meest besproken thema’s is in de evaluatieliteratuur, berust veel onderzoek over het thema enkel op anekdotisch bewijs, en zijn er nauwelijks studies beschikbaar die aandacht hebben voor de samenhang tussen verschillende factoren die impact kunnen hebben op het gebruik. In voorliggend artikel presenteren we de resultaten van een studie waarin we hebben getracht om op een systematische wijze inzicht te bieden in de combinaties van factoren die instrumenteel gebruik van beleidsevaluaties bevorderen of verhinderen. We onderzochten in dit verband alle evaluaties die in de periode 2013-2016 werden uitgevoerd bij de Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie. Via Qualitative Comparative Analysis (QCA) bekeken we welke combinaties van de volgende factoren als noodzakelijk en/of voldoende bleken voor evaluatiegebruik: (1) politiek gehalte van het onderwerp, (2) interesse van de beleidsmakers, (3) aanwezigheid van nieuwe kennis in de evaluatie, en (4) de timing van de evaluatie.
    Voor de praktijk van beleidsmakers en evaluatoren benadrukken we het belang van tijdigheid en interesse voor een evaluatie. Onze analyse laat zien dat professionals die op deze factoren inzetten, een gunstig klimaat creëren voor het gebruik van evaluaties. Wat betreft tijdigheid lijkt het van belang de evaluatie te laten sporen met het schrijfwerk van een beleidsafdeling aan nieuw beleid of grote beleidsveranderingen. Goede anticipatie en een sterke institutionalisering van het evaluatieproces zijn hiertoe cruciaal. Of het thema van de evaluatie een sterke politieke gevoeligheid kent, is minder belangrijk. Mits sprake is van de juiste omgevingscondities, kunnen ook dergelijke evaluaties sterk instrumenteel worden benut.


Marjolein Bouterse
Marjolein Bouterse studeerde Political Science and Public Administration (research master) in Leiden. Dit onderzoek is uitgevoerd in het kader van haar scriptie. Inmiddels werkt zij als junior beleidsonderzoeker bij Regioplan Beleidsonderzoek.

Valérie Pattyn
Valérie Pattyn is universitair docent aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden. Haar voornaamste onderzoeksexpertise situeert zich op het terrein van evidence-informed beleid, de politiek van beleidsevaluatie en beleidsadvisering. Daarnaast voert ze zelf ook geregeld evaluatiestudies uit binnen meerdere beleidsdomeinen.
Artikel

Access_open Verantwoordelijkheid, veiligheid en strafrecht

Over het bestraffen van feilbaarheid

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2018
Trefwoorden accountability, blame, criminal law, professional error, safety
Auteurs Dr. mr. Willem-Jan Kortleven
Samenvatting

    This paper analyses various landmark criminal cases in the Netherlands that saw individual professionals being blamed for allegedly contributing to safety-critical events occurring in the past twenty years. These cases can be seen as symbolizing an increasingly risk-averse society whose expectations of human capacity for securing safety have reached unprecedented levels. In this view, punishing professionals who make dangerous mistakes serves to re-establish the illusion of being in control and to satisfy emotions. In practice, however, the prosecution of professional error appears to be somewhat out of touch with public sentiment, as responses to the cases discussed revealed little public support and a backlash among professionals. Moreover, safety science and practice claim that punishing individual error tends to undermine safety and overemphasizes the role of individual error compared to systemic failures. This begs the question of whether criminal liability should be imposed at the system level, as recently happened when local governments were sentenced following fatalities on dangerous road spots. Sentencing ‘system administrators’ may have advantages, but probably produces negative effects as well. Therefore, it would be ideal if administrators reduced the need for resorting to criminal law by proactively and generously taking responsibility for their organisation’s share in accidents.


Dr. mr. Willem-Jan Kortleven

    In this feature authors discuss recent research findings that are of interest to readers of Beleid en Maatschappij.
    According to many commentators, the system of science is in a crisis: it is characterized by perverse incentives, it is contested and misused, and it has lost its authority. In this essay, I suggest that the answer to this crisis lies in a broadening of the notion of scientific integritiy from the conduct of individual researchers to the wider context of the science-policy-society interface. Specifically, I argue for the need to foster what I call here ‘relations of integrity’. In these relations, science reflects on the role it plays and takes into account the context in which knowledge is produced and used. It has to maintain independence, while fully recognizing that value free knowledge does not exist and that multiple forms of independence are possible, and it needs to be accountable for the decisions it makes and for the consequences of those decisions.


Prof. dr. Esther Turnhout
Prof. dr. Esther Turnhout is werkzaam bij de Forest and Nature Conservation Policy Group, Wageningen Universiteit.
Artikel

De mythe van de terugtrekkende overheid: een verhaal over Europese idealen en erotische tekorten

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2014
Trefwoorden discourse, liberalism, neoliberalism, radicalism, policy programs
Auteurs Dr. Ringo Ossewaarde
SamenvattingAuteursinformatie

    In this paper it is argued that the discourse on the retreating government is a story about mobilizing executive power deemed necessary for enforcing a neoliberal worldview. The intellectual discourse about the retreating government, the argument goes, develops as a radical and neoliberal critique of the Keynesian planning and organization of the enlightenment – an organization that is above all expressed in the postwar welfare state. The Dutch policy discourse, by contrast, is of a practical nature: it is about the organization of the government retreat. In the reconstruction of the policy discourse, as it is manifest in leading policy documents of the Dutch central government, it is observed that this discourse has emancipated from the intellectual discourse. The policy discourse of the retreating government has developed into a financial management discourse, free from European ideals.


Dr. Ringo Ossewaarde
Dr. M.R.R. Ossewaarde is universitair hoofddocent sociologie aan de Universiteit Twente.
Article

Access_open Beleidsonderzoek benutten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, april 2014
Auteurs Prof. dr. A.F.A. Korsten en drs. Anne Douwe van der Meer AC
SamenvattingAuteursinformatie

    Achter opdrachtresearch gaat de veronderstelling schuil dat de tussen- en eindresultaten van beleidsonderzoek vroeg of laat ook benut worden en onderdeel worden van een proces van bezinning op beleid. Dit artikel handelt hierover. Diverse aspecten van benutting van onderzoek komen aan bod, zoals de definitie en vormen van benutting. Er worden vier richtingen onderscheiden om de omvang en vorm van benutting of onderbenutting op te sporen. Het artikel geeft voorts verklaringen voor achterblijvende benutting en bevat adviezen om te komen tot meer benutting. Voor ambtenaren, bestuurders en partners in beleidsnetwerken biedt deze beschouwing aanknopingspunten om researchresultaten desgewenst beter te benutten. En voor onderzoekers bevat dit artikel tal van aanzetten tot hypothesevorming voor verder onderzoek.


Prof. dr. A.F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.

drs. Anne Douwe van der Meer AC
Drs. Anne Douwe van der Meer AC is bedrijfseconoom en controller. Hij was werkzaam bij onder andere de Arbeidsvoorziening, het ministerie van Defensie, de gemeentelijke overheid en Deloitte.

    Internationaal stijgt de aandacht voor evidence-based policy (EBP); de term duikt steeds vaker op in het beleidsdiscours. Het empirisch onderzoek naar kennisgebruik en doorwerking van wetenschappelijk onderzoek is evenwel eerder gelimiteerd, al bestaat er consensus dat de doorwerking van sociaalwetenschappelijk onderzoek beperkt is. De vraag stelt zich of het recente EBP-discours hierin verandering kan brengen. Kan EBP leiden tot meer doorwerking van sociaalwetenschappelijk onderzoek, gelet op de inherente kenmerken van beleid en wetenschappelijk onderzoek die belangrijke obstakels blijken te vormen voor kennisgebruik en doorwerking? Kunnen we in Vlaanderen reeds spreken over een EBP? Wat verstaan beleidsmakers onder ‘evidence-based’? Is een EBP überhaupt mogelijk? Wat zijn de belangrijkste obstakels voor kennisgebruik volgens beleidsmakers en wat zijn de belangrijkste gebruiksverhogende factoren? In dit artikel wordt aan de hand van een literatuurstudie, een bevraging van (Vlaamse) beleidsmakers en een citaats- en inhoudsanalyse van Vlaamse parlementaire bronnen gepoogd een antwoord te bieden op deze vragen.


Valérie Smet
Dr. Valérie Smet werkt als wetenschappelijk onderzoeker bij het IRCP (Institute for international Research on Criminal Policy), een onderzoeksinstituut van de vakgroep Strafrecht en Criminologie (Universiteit Gent).
Artikel

De stille ideologie in het techniekdebat

Hoe de informatierevolutie in de politieke luwte ons mens-zijn verandert

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2013
Trefwoorden information revolution, NBIC-convergence, biopolitics, belief in technological progress, silent ideology
Auteurs Rinie van Est
SamenvattingAuteursinformatie

    The information revolution, and in particular the convergence of nanotechnology, biotechnology, information technology and cognitive technology, creates a new societal arena: biopolitics. This so-called NBIC-convergence strengthens the promise that live, including our bodies (e.g. genes), brains (e.g. attention) and social environment (e.g. social contacts and consumer behaviour), can be brought into the domain of technological manipulability. NBIC-convergence, therefore, raises many social and ethical issues. The dominant naïve belief in progress through technology often stands in the way of a timely and adequate governance of these issues. The current situation in which the information revolution is mainly developing on the political sidelines, can lead to thorny societal and political problems in the mid and long-term.


Rinie van Est
Dr. ir. R. van Est is onderzoekcoördinator en trendcatcher bij de afdeling Technology Assessment van het Rathenau Instituut. Hij is natuurkundige en politicoloog en houdt zich bezig met de politiek van opkomende technologieën zoals nanotechnologie, robotica, synthetische biologie en persuasieve technologie.

Rob Hoppe
Prof. dr R. Hoppe is werkzaam aan de Faculteit Management en Beleid van de Universiteit van Twente.

Ank Michels
Dr A.M.B. Michels is universitair docent bij het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.