Zoekresultaat: 24 artikelen

x

    De focus op effectiviteit en vooral ook efficiëntie in beleid leidt wellicht tot beleidsuitvoering die efficiënt is voor de overheid, maar of dat ook zo is voor andere stakeholders, wordt misschien uit het oog verloren. Dat laat de huidige coronacrisis zien, maar blijkt ook uit andere voorbeelden. Voor beleidsonderzoek is het relevant om beleid te evalueren binnen de bredere maatschappelijke context en met de vraag voor wie beleid efficiënt is.


Jos Mevissen
Jos Mevissen is zelfstandig adviseur voor en begeleider van beleidsonderzoek en voorzitter van de redactie van Beleidsonderzoek Online.

    In maart 2020 verscheen het boek Beleidsevaluatie in theorie en praktijk van Peter van der Knaap, Valérie Pattyn en Dick Hanemaayer. Joost Fledderus bespreekt de inhoud van het boek en geeft aan welke meerwaarde het biedt voor (aankomende) beleidsonderzoekers.


Joost Fledderus
Joost Fledderus is senior adviseur Onderzoek & Statistiek bij de gemeente Arnhem en is redactielid van Beleidsonderzoek Online.

    Beleidsonderzoek is een vak dat in de afgelopen vijftig jaar geleidelijk is ontwikkeld tot een echte professie. In dit essay wordt de eerste helft van deze periode beschreven en op diverse punten vergeleken met de huidige situatie. De terugblik bestaat uit drie onderdelen: professionalisering; relatie met opdrachtgevers; ambachtelijke aspecten.


Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was gedurende zijn gehele loopbaan actief als beleidsonderzoeker bij meerdere onderzoeksbureaus. Hij geeft regelmatig adviezen ten behoeve van beleidsevaluaties bij enkele ministeries. Hij is auteur en redacteur van diverse boeken over beleidsonderzoek.

    Voor doeltreffend en doelmatig beleid is het essentieel om verantwoording af te leggen over de gemaakte keuzes en te leren van de lessen uit het verleden. Om dit te stimuleren verplicht de Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek (RPE) de rijksoverheid om periodiek beleidsdoorlichtingen te (laten) verrichten. Een beleidsdoorlichting bundelt alle beschikbare kennis over de doeltreffendheid en doelmatigheid van een volledig beleidsterrein over een bepaalde periode. Daartoe worden alle tussentijds uitgevoerde beleidsevaluaties bestudeerd.
    Dit artikel beschrijft de kwaliteit van beleidsdoorlichtingen. Het artikel is gebaseerd op onderzoek van SEO Economisch Onderzoek in opdracht van het Ministerie van Financiën. Het gebruik van beleidsdoorlichtingen valt buiten de scope van dit artikel.
    Uit een steekproef van 49 beleidsdoorlichtingen blijkt dat de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerd beleid vaak niet goed in beeld komen. Dit komt onder meer omdat er te weinig goed evaluatieonderzoek wordt uitgevoerd en omdat beleidsdoelstellingen met enige regelmaat worden aangepast. Het gevolg hiervan is dat uitspraken over de doeltreffendheid van beleid meestal niet stevig onderbouwd zijn en de doelmatigheid van beleid onderbelicht blijft. Dit maakt het minder goed mogelijk om lessen uit het verleden te trekken.
    Er is ruimte voor verbetering. Zo kan (1) het lerend vermogen van ministeries intern versterkt worden, (2) kunnen departementen hun beleidsevaluaties systematischer uitvoeren om volledigheid te waarborgen, (3) dient er ex ante te worden vastgesteld hoe de doeltreffendheid en doelmatigheid van beleidsmaatregelen ex post (causaal) kunnen worden geëvalueerd, (4) kan de onafhankelijk deskundige die bij beleidsdoorlichtingen wordt ingezet tevens de kwaliteit van het beschikbare evaluatiemateriaal vaststellen, en (5) kan worden overwogen om beleidsdoorlichtingen strategisch te plannen aan het eind van een kabinetsperiode. Op deze manier neemt de toegevoegde waarde van de beleidsdoorlichting toe.


Nard Koeman
Nard Koeman is werkzaam bij SEO Economisch Onderzoek.

Carl Koopmans
Carl Koopmans is werkzaam bij SEO Economisch Onderzoek.

    Beleidsevaluatie richt zich steeds naar informatiebehoeften en technische mogelijkheden. Hierdoor is het gebruik van cijfermatige informatie toegenomen. Met name bestaande data worden, met steeds betere analysetechnieken, ingezet omdat ze beschikbaar zijn en relatief goedkoop. Dit gaat echter ten koste van de validiteit en diepgang van onderzoek. Dat is in zekere zin een regressie, een achteruitgang. We zien echter ook progressie in het beleidsonderzoek. In de eerste plaats komt er steeds meer belangstelling voor de zogenoemde mixed methods-benadering. Ten tweede is er een groeiende belangstelling voor participerende, interactieve en responsieve vormen van onderzoek. Er ontstaat weer meer oog voor de wereld achter de cijfers, het hoe en waarom van beleid, en vooral voor de mensen in die wereld.


Jos Mevissen
Jos Mevissen is partner bij Regioplan Beleidsonderzoek te Amsterdam en voorzitter van de redactie van Beleidsonderzoek Online.
Thema-artikel

Positieve beleidsevaluatie: hoe evaluatieonderzoek kan bijdragen aan beter beleid

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2019
Trefwoorden positive public administration, positive evaluation, positive psychology, success, policy oriented learning
Auteurs Dr. Peter van der Knaap en Dr. Rudi Turksema
Samenvatting

    New insights from the field of positive psychology led to the insight that people learn more effectively from positive feedback. Policy evaluation aims to improve public policy programmes through contributing to both accountability and learning. This ambiguous ambition has contributed to a considerable body of research into the impact of policy evaluation. Too often the conclusion is that the outcomes of policy evaluations – which are often negative by nature – are sparsely used by policy makers. This has led to series of improvements in the way we carry out evaluations. First through technical improvements and then by more responsive approaches. Both have not led to the desired breakthrough. Building on a number of positive evaluation studies, we advance a more positive approach in policy evaluation. Focussing on the successes in policy programmes rather than on its failures may contribute to evaluation impact. Consequently, we think a more positive, appreciative approach and using data to find success in policy making is necessary for policy evaluators to be more effective. This article presents practical examples of positive policy evaluations and successful use of data in the domain of policy evaluation.


Dr. Peter van der Knaap

Dr. Rudi Turksema

    Maar liefst drie onderzoekscommissies brachten een rapport uit over de vermeende politieke beïnvloeding en sturing van onderzoek op het WODC van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Maar uit het rapport van de commissie-Hertogh, die de kwestie in een breder perspectief moest plaatsen, komt geen eenduidig beeld naar voren van de ernst, omvang en oorzaken van de problematiek. Deze commissie verzuimt om een grondige analyse te maken van de achtergronden van de kwestie. Ook de methodologie van het onderzoek van de commissie-Hertogh rammelt, op zijn zachtst gezegd. En de aanbevelingen van deze commissie gaan voorbij aan het belang van interactie tussen beleidsmakers en onderzoekers. Het rapport voldoet niet aan de kwaliteitseisen die je aan beleidsonderzoek kunt stellen. Dat is spijtig: de WODC-affaire had beter onderzoek verdiend.


Lennart de Ruig
Lennart de Ruig is mede-eigenaar en onderzoeker bij bureau De Beleidsonderzoekers. Hij voert beleidsgericht onderzoek uit naar sociaaleconomische vraagstukken.

    In Nederland komen tal van wicked problems (WP) voor. Ze worden ook wel aangeduid als weerbarstige problemen. Kenmerkend is het unieke karakter, het feit dat kennis over probleemaspecten beperkt is en verschillende perspectieven op een probleem en meerdere waardenoriëntaties een rol spelen. Naast cognitieve en normatieve complexiteit bestaat er ook nog sociale complexiteit. WPs zoals voetbalvandalisme spelen zich af in een beleidsnetwerk met tal van elkaar afhankelijke actoren. Kennis, preferenties, handelingsvermogen en middelen blijken gespreid en niet in de hand van één actor. Om toch tot een bevredigend resultaat te komen moeten de actoren gezamenlijk optrekken. Daarom is interorganisationeel netwerkmanagement en deliberatie met burgers een wenselijke responsestrategie. Bij WPs zijn actoren dus tot elkaar veroordeeld. Centralistische besluitvorming werkt niet. Een centrale actor kan overigens nog wel een rol vervullen als initiator, facilitator of regisseur van overleg en discussie; als arbiter bij botsende perspectieven; of beslisser na netwerkberaad en inbreng van burgers.


Arno Korsten
Arno Korsten is emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit en aan de Universiteit Maastricht.

    Volgens de Marylandschaal is rct het best mogelijke type beleidsonderzoek. Rct is dan ook het boegbeeld van het evidence-based onderzoek. De kritiek op rct’s is echter in de loop van de jaren alleen maar groter geworden. Bovendien blijkt uit een recente meta-evaluatie dat de non-experimentele onderzoeken niet tot andere uitkomsten leidden dan de rct’s. Al met al wordt te veel geloof gehecht aan de evidence-based benadering in het algemeen en rct’s in het bijzonder. Vandaar de vraag: wordt het misschien tijd voor een Maryland Scientific Methods Scale 2.0?


Jos Mevissen
Jos Mevissen is partner bij Regioplan Beleidsonderzoek te Amsterdam en voorzitter van de redactie van Beleidsonderzoek Online.

    Het ontwikkelen van succesvol overheidsbeleid vraagt om een systematische benutting van kennis uit wetenschap én praktijk. In dit artikel wordt beschreven op welke manier die systematische benutting kan worden bewerkstelligd. Als de afstand tussen kennis en beleidsontwikkeling kan worden verkleind en tevens wordt gekozen voor een proces van open beleidsontwikkeling, zal de benutting van kennis tijdens het beleidsproces beter verlopen. Daarbij dienen tegelijkertijd diverse voorwaarden te worden gesteld aan een adequate programmering van het corresponderende beleidsonderzoek.


Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij was gedurende zijn gehele loopbaan actief als beleidsonderzoeker bij meerdere onderzoeksbureaus. Hij geeft regelmatig adviezen ten behoeve van beleidsevaluaties bij enkele ministeries. Hij is auteur en redacteur van diverse boeken over beleidsonderzoek.

Max Herold
Max Herold is expert op het gebied van open beleidsvorming en is werkzaam bij de rijksoverheid als senior organisatieadviseur ‘leren en ontwikkelen’. Hij promoveerde in 2017 bij de Erasmus Universiteit Rotterdam op ‘ongeschreven regels’ bij beleidsprocessen van de overheid en de wijze waarop die de omgang met de samenleving beïnvloeden.

    In dit essay biedt de auteur een handreiking voor creatieve samenwerking, niet als oplossing of regel, maar als creatief proces dat steeds per geval en situatie in elke fase van beleidsonderzoek kan worden ingericht. De auteur doet dit aan de hand van een aantal door de auteurs van Kennis voor beleid (2015) geformuleerde criteria.


Henrick Fabius
Henrick Fabius is jurist/consultant/onderhandelaar en ervaringsdeskundige op het terrein van nationaal en internationaal beleid en bestuur. Thans werkt hij als adviseur, is voorzitter van Nieuw Nederland Nu! en promoveert op het onderwerp ‘sturing op basis van waarden’ om te komen tussen partijen tot een vast patroon van ‘richting, ordening en bijstelling’ van handelen. Zijn specialisatie is het ordenen van samenwerking tussen de drie b’s: ‘burgers, bedrijven en bestuur’.

    De bundel Kennis voor beleid (2015), onder redactie van Peter van Hoesel, Jos Mevissen en Bart Dekker, is een boek voor iedereen die werkzaam is op het snijvlak van onderzoek en beleid. De uitgave is vooral opgezet als leerboek of overzichtswerk voor studenten, beleidsonderzoekers en beleidsmedewerkers die in hun dagelijkse praktijk te maken hebben met beleidsonderzoek.


Marieke Gorrée
Marieke Gorrée is senior beleidsmedewerker bij de directie Participatie en Decentrale Voorzieningen van SZW.

Peter van Hoesel
Peter van Hoesel is emeritus hoogleraar Toegepast beleidsonderzoek bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    Nationaal en internationaal staat onderzoek dat maatschappelijk relevant is, wetenschappelijk gezien hoge kwaliteit heeft, en zowel integer als efficiënt wordt uitgevoerd in de schijnwerpers. Het achterliggende idee is dat alleen zo de gewenste maatschappelijke impact kan worden bereikt. Door het bevorderen van verantwoorde onderzoekspraktijken, waarbij er onder andere expliciet aandacht is voor aspecten als stakeholderparticipatie, interdisciplinaire samenwerking, replicatie en systematische reviews, kunnen financiers of programmeurs van onderzoek hieraan bijdragen. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de wijze waarop ZonMw dat doet als kennisprogrammeur op het gebied van het gezondheidsonderzoek. Hiertoe is een toetsingskader ontwikkeld en toegepast op zestien lopende onderzoeksprogramma’s, dat ook voor andere domeinen en actoren betekenis heeft. Een belangrijke aanbeveling is dat ‘verantwoord programmeren’ een eigen kennisbasis behoeft om de toegevoegde waarde ervan te kunnen bepalen. Naast investeringen in metaonderzoek vraagt dat om een goede monitoring en informatievoorziening bij de kennisprogrammeur.


Wendy Reijmerink
Wendy Reijmerink is stafmedewerker Strategie en Innovatie bij ZonMw. Zij werkt aan een promotie over de maatschappelijke impact van publieke kennisprogrammering.

Wija Oortwijn
Wija Oortwijn is sectorleider Zorg bij Ecorys. Zij heeft jarenlange ervaring met evaluaties van beleid en onderzoeksprogramma’s alsmede impactanalyses op het terrein van de zorg.
Column

Access_open Inkoop belemmert overheidsbeleid?!

Reactie op de column ‘Inkopen doen’ van Jos Mevissen

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, november 2016
Auteurs Bestuur van de Vereniging voor Beleidsonderzoek (VBO)
Samenvatting

    Aan het eind van zijn column ‘Inkopen doen’ vraagt Jos Mevissen de lezer om te reageren (zie Beleidsonderzoek Online januari 2016). Zijn column gaat over negatieve ontwikkelingen op het gebied van inkoop voor beleidsonderzoek. Bevordering van een goede marktwerking in de markt voor beleidsonderzoek is een van de speerpunten van de Vereniging voor Beleidsonderzoek (VBO). In deze bijdrage reageert de vereniging op de column van Jos Mevissen.


Bestuur van de Vereniging voor Beleidsonderzoek (VBO)
Artikel

Systematisch leren van evalueren

Waarden, effectiviteit, onafhankelijkheid en kwaliteit als pijlers voor de brug tussen wetenschap en politiek

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Policy, Evaluation, Accountability, Learning, Values
Auteurs Prof. Dr. André Knottnerus, Dr. Peter de Goede en Dr. Peter van der Knaap
Samenvatting

    Policy evaluation has two main functions: it should lead to policy oriented learning and facilitate accountability. Rendering account is considered an important democratic duty but is not very popular with politicians and, hence, public officials. Learning is popular, but in practice it is often difficult to organize or, indeed, witness.
    This contribution addresses the question how, in both functions, policy evaluation could be better utilized. As a starting point we the tension between scientific and political rationality and the barriers associated with these different worlds to the development of knowledge.
    As indispensable for sound and productive knowledge management in government the article outlines the importance of societal values, policy effectiveness as a research angle, and the independence of researchers at major evaluations. In addition, relevant research questions, high methodological quality, responsiveness, good timing, and clear and accessible reporting are indispensable. It is argued that these are by no means abstract notions but can be brought into real day-to-day practice.
    The conclusion is that a knowledge agenda for policy evaluation that is based on the search for effective policy interventions and societal values can help to bridge politics and science.


Prof. Dr. André Knottnerus

Dr. Peter de Goede

Dr. Peter van der Knaap
Artikel

Oog voor succes: een pleidooi voor positieve beleidsevaluatie

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2016
Trefwoorden public policy, evaluation, success, accountability, learning
Auteurs Dr. Peter van der Knaap en Dr. Rudi Turksema
Samenvatting

    One of the classic issues in literature on policy evaluation is that of utilization: how can we make sure the results of evaluative inquiry are used more and better? Traditionally, the answer to this question is often searched in improvement of evaluation quality (accuracy, reliability, independence of the researcher) or evaluation processes (more interaction and responsiveness). Although these are and remain crucial elements for any evaluation, the focus remains on the supply side of evaluation. The psychological insight that people tend to learn more from positive feedback and success is not taken into account.
    In this article, we ask whether and how a more positive form of evaluation may contribute to a more effective cycle of learning and accountability. What if – instead of failure, compliance, and accountability – the main focus of monitoring and evaluative inquiry would be to identify and foster achievements that were successful and effective? How would such a positive approach look like and how can it help the actual utilization and usefulness of evaluation? On the basis of theory and international case studies the article describes how focusing on the positive elements of policy and/or implementation may contribute to the demand for and utilization of evaluations.


Dr. Peter van der Knaap

Dr. Rudi Turksema

    Een lerende overheid heeft behoefte aan beleidsevaluaties die niet alleen van betekenis zijn voor het onderwerp waarop deze primair gericht zijn, maar ook bijdragen aan bredere, systematische opbouw van kennis en ervaring. Het interdepartementaal verbinden van expertise verruimt daarbij het zicht op factoren die het leren bevorderen of belemmeren.
    Een centrale vraag is of de door het beleid beoogde publieke belangen inderdaad bevorderd worden. Beleidsevaluatie moet dan niet alleen gericht zijn op effectiviteit en doelmatigheid ten aanzien van relatief gemakkelijk meetbare indicatoren, maar ook op lastig te kwantificeren essentiële waarden zoals subjectief welzijn, rechtvaardigheid en maatschappelijke aanvaardbaarheid. Het verdient aanbeveling kostbare evaluatie-energie te concentreren op belangrijke kwesties waarover vooraf discussie of onzekerheid bestaat.
    Uit een oogpunt van doelmatige beleidsvoorbereiding, en omdat de uitwerking van wetgeving en beleid ex post niet altijd eenvoudig is vast te stellen, is veel aandacht nodig voor ex ante evaluatie. Van onderzoek naar werkingsmechanismen van beleidsmaatregelen wordt in dit verband terecht veel verwacht.
    Er is sprake van een paradoxaal spanningsveld tussen verwetenschappelijking en politisering van beleid. Daarom is stevig verankerde, onafhankelijke en onpartijdige beleidsevaluatie onmisbaar. Hoge methodologische kwaliteit biedt extra houvast om deze functie geloofwaardig te kunnen vervullen.
    In het streven naar systematische opbouw van kennis en ervaring naast dossier-specifieke doelbereiking kan het helpen als evaluaties zowel een specifiek als een breder geldend algemeen deel bevatten. Belangrijk is ook te sturen op een evenwichtige evaluatieportfolio per beleidsterrein, met aandacht voor ex ante en ex post methoden, uiteenlopende waarden, en verschillende informatiebronnen. Naast best practices moet daarbij ook minder geslaagd beleid in beeld worden gebracht. Voor de bruikbaarheid van evaluaties voor de praktijk is goede vertegenwoordiging van het bottom-up perspectief noodzakelijk.
    Evaluatie van beleid vereist gedegen inbedding binnen de nationale kennisinfrastructuur, effectieve samenwerking met kennisinstellingen en het up-to-date houden van het evalueren zelf. Dat is cruciaal voor het evaluatievermogen van de lerende overheid.


André Knottnerus
André Knottnerus is voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en hoogleraar Huisartsgeneeskunde aan de Universiteit Maastricht.
Column

Access_open Inkopen doen

Hoe goede bedoelingen zijn verworden tot een kafkaësk systeem

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, februari 2016
Auteurs Jos Mevissen
Auteursinformatie

Jos Mevissen
Jos Mevissen is partner bij Regioplan te Amsterdam en lid van de redactie van Beleidsonderzoek Online.
Article

Access_open Beleidsonderzoek benutten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, april 2014
Auteurs Prof. dr. A.F.A. Korsten en drs. Anne Douwe van der Meer AC
SamenvattingAuteursinformatie

    Achter opdrachtresearch gaat de veronderstelling schuil dat de tussen- en eindresultaten van beleidsonderzoek vroeg of laat ook benut worden en onderdeel worden van een proces van bezinning op beleid. Dit artikel handelt hierover. Diverse aspecten van benutting van onderzoek komen aan bod, zoals de definitie en vormen van benutting. Er worden vier richtingen onderscheiden om de omvang en vorm van benutting of onderbenutting op te sporen. Het artikel geeft voorts verklaringen voor achterblijvende benutting en bevat adviezen om te komen tot meer benutting. Voor ambtenaren, bestuurders en partners in beleidsnetwerken biedt deze beschouwing aanknopingspunten om researchresultaten desgewenst beter te benutten. En voor onderzoekers bevat dit artikel tal van aanzetten tot hypothesevorming voor verder onderzoek.


Prof. dr. A.F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.

drs. Anne Douwe van der Meer AC
Drs. Anne Douwe van der Meer AC is bedrijfseconoom en controller. Hij was werkzaam bij onder andere de Arbeidsvoorziening, het ministerie van Defensie, de gemeentelijke overheid en Deloitte.
Toont 1 - 20 van 24 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.