Zoekresultaat: 11 artikelen

x
Thema-artikel ‘Uitgesproken Bestuurskunde’

Samenwerken in de kenniseconomie

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2019
Trefwoorden knowledge economy, sharing knowledge, collaborative community, governance structures
Auteurs Prof. dr. Ferry Koster
Samenvatting

    For a long time, the three governance structures market, hierarchy, and community were regarded as separate entities. The market is based on the price mechanism, the authority mechanism is the basis of the hierarchy, and trust relations characterize the community. As the knowledge economy evolves, there is a shift in thinking about how these governance structures are related. Creating and sharing knowledge are key features of the knowledge economy. However, this knowledge is partly tacit and sharing knowledge is particularly useful among diverse organizations, which are two barriers for sharing of knowledge among organizations.
    A new stream of literature suggests that the ability of organizations to combine the three governance structures contributes to their capacity to share knowledge with other organizations. Based on this literature, this article shows what kinds of organizational forms are possible. Besides that, it offer empirical example of the conditions under which these organizational forms evolve as well as how they contribute to organizational innovation.


Prof. dr. Ferry Koster

    A large number of people, institutions, journals and approaches have contributed to the history of (local) administrative sciences in the Netherlands. Initially (around 1914) the legal approach was dominant; from 1964 onwards, political science would become the dominant approach; and from 1990 onwards, Public Administration would increasingly profile itself as an independent discipline. This essay concentrates on the influence on this development of sociology and its, typically Dutch, predecessor sociography. The starting point here is the promotion tree of the founder of the Dutch sociology Sebald Steinmetz. Through him various lines (via his doctorates Nicolaas ter Veen and Jakob Kruijt) go to modern Public Administration. This essay tells the story of the influence of sociography and sociology on the development of the administrative sciences and modern Public Administration in six acts, in which two persons from the promotion tree are discussed (via Sjoerd Groenman, who is promoted by Nicolaas ter Veen there are two different lines again). The line via Jakob Kruijt contains Aris van Braam (he wrote in 1957 what is considered the first Dutch empirical study in Public Administration) and Jos Raadschelders. The first line via Sjoerd Groenman contains Henk Brasz (the first full-time professor in Public Administration in the Netherlands), Fred Fleurke and Ko de Ridder. The second line via Sjoerd Groenman contains Joop Ellemers, Geert Braam (professor at the first regular Dutch Public Administration programme in Twente) and Wim Derksen. These acts are framed with short intermezzos about the other sociological key figures who played an important role in the story of sociography, sociology and Public Administration. In conclusion, the author of this essay discusses the continuing relevance of sociology for modern Public Administration.


Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de joint degree Public Governance across Borders aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.

Ferry Koster
Ferry Koster is bijzonder hoogleraar Innovatieve samenwerking bij TIAS en hij is werkzaam als universitair hoofddocent bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    This essay contains a short history of the municipal and other administrative sciences in the Netherlands. This history is divided into seven lives. Each life has its own specific characteristics and approaches. The story starts in 1914 with the dissertation of Gerrit van Poelje and the aldermanship of Floor Wibaut (for the Dutch Labour Party) in Amsterdam. Nevertheless, the authors make a plea to view 1921 as the actual starting point, because it is the year of the introduction to municipal administration written by Van Poelje and the first Dutch academic magazine on municipal administration (‘Gemeentebestuur’). This means that we can prepare for the celebration of 100 years of (municipal) administrative sciences in 2021. A great challenge for all universities, but certainly for the Public Administration programme of the University of Twente, which is now celebrating its 40th anniversary. The challenge is to work on current topics such as the relationship between public administration and technology in smart, sustainable and resilient cities.


Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de opleiding European Public Administration aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.

    De Handreiking Gezonde Gemeente, een landelijk instrument voor verbetering van integraal gemeentelijk gezondheidsbeleid, wordt volgens de Gezondheidsinspectie onvoldoende gebruikt. Deze studie onderzoekt mogelijkheden voor verbeterde implementatie van de handreiking in de GGD-organisatie.
    Diverse GGD-disciplines, gemeenteambtenaren en externe respondenten zijn geïnterviewd over ervaringen en opvattingen aangaande de handreiking.
    Naast een positieve inhoudelijke waardering is er een sterke roep om concrete vertaling naar het ‘hoe’ van het gebruik. De directe voordelen van het instrument voor betrokken professionals en managers binnen en buiten de GGD-en zijn onvoldoende geëxploreerd.
    Als GGD-en het als taak zien om het gebruik van de handreiking door professionals, gemeenten en partners te stimuleren, dan zullen zij eerst de voordelen ervan moeten expliciteren. Bereidheid bij GGD-managers om professionals te sturen en faciliteren op het gebruik van instrumenten lijkt hiervoor een belangrijke randvoorwaarde.


Theo J.M. Kuunders
Theo J.M. Kuunders is onderzoeker en science practitioner bij Tranzo, Wetenschappelijk Centrum voor Zorg en Welzijn, Tilburg Universiteit. Hij is beleidsmedewerker voor een Gemeentelijke Gezondheidsdienst. Zijn onderzoek is gericht op de implementatie van landelijke richtlijnen voor gezondheidsbevordering op lokaal niveau.

Ien A.M. van de Goor
Ien A.M. van de Goor is hoogleraar Public Health aan de Tilburg Universiteit (Tranzo), is senior onderzoeker en programmaleider voor het programma ‘Effectiviteit van individuele preventie’. Zij initieert en begeleidt onderzoeksprojecten in de zorg en welzijn met bijzondere expertise in de verslavingszorg.

Theo G.W.M. Paulussen
Theo G.W.M. Paulussen (PhD) is gezondheidswetenschapper met expertise op het gebied van implementatievraagstukken bij innovaties in gezondheidsbevordering en onderwijs. Hij is verbonden aan TNO Innovation for Life, Expertise Group Life Style in Leiden.

Marja J.H. van Bon-Martens
Marja J.H. van Bon-Martens (PhD) is epidemioloog, hoofd van de Unit Epidemiologie en Nationale Monitor Geestelijke Gezondheid bij het Trimbos-instituut voor Geestelijke Gezondheid en Verslaving en als senior onderzoeker verbonden aan Tranzo, Wetenschappelijk Centrum voor Zorg en Welzijn, Tilburg Universiteit.

Hans A.M. van Oers
Hans A.M. van Oers is epidemioloog en hoogleraar Public Health aan de Tilburg Universiteit (Tranzo) met expertise op volksgezondheid en beleidsvorming. Als Chief Science Officer van System Assessment for Policy Support verbonden aan het Nederlandse Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.
Artikel

Access_open Monitoren en evalueren van integraal gezondheidsbeleid

Een practice-based verkenning

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, september 2014
Trefwoorden integraal gezondheidsbeleid, onderzoeksinstrumenten, monitoren en evalueren
Auteurs Ilse Storm, Marije van Koperen, Fons van der Lucht e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Integraal gezondheidsbeleid (IGB) kent in de lokale praktijk diverse verschijningsvormen en kenmerken waardoor het lastig is dit beleid te monitoren en evalueren. In een kennissynthese van Nederlandse kernpublicaties over IGB is gekeken wat op basis van ervaringen in de IGB-praktijk tot nu toe gezegd kan worden over monitoring en evaluatie. Bij deze practice-based verkenning naar IGB-kenmerken en bijbehorende praktische instrumenten is een indeling in drie categorieën gebruikt: context, processen en impact. Voorbeelden van relevante kenmerken zijn: type IGB en setting (context), verbinden beleid en activiteiten (proces), samenwerking sectoren (proces), draagvlak en verankering in organisatie (proces), en effecten op gezondheid of determinanten (impact). Op basis van de huidige IGB-praktijk lijkt het vooral haalbaar kennis te genereren over context en procesmaten, en minder over impactmaten. Uiteindelijk is een set kenmerken die meetbaar zijn met gevalideerde instrumenten wenselijk om grip te krijgen op de voortgang van IGB. Meer theoretische onderbouwing is dan wel noodzakelijk.


Ilse Storm
Ilse Storm is beleidsonderzoeker bij de afdeling Verkenningen Zorg en Preventie (VZP), centrum Gezondheid & Maatschappij (G&M), van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Marije van Koperen
Marije van Koperen is onderzoeker bij de afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit Aard- en Levenswetenschappen (FALW), van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Fons van der Lucht
Fons van der Lucht is afdelingshoofd van de afdeling Verkenningen Volksgezondheid (VVG), centrum Gezondheid & Maatschappij, van het RIVM.

Hans van Oers
Hans van Oers is Chief Science Officer (CSO) Health System Assessment and Policy Support bij het RIVM en hoogleraar Public Health bij Universiteit van Tilburg (UvT)/Tranzo.

Jantine Schuit
Jantine Schuit is centrumhoofd Voeding, Preventie en Zorg bij het RIVM en hoogleraar Health Promotion and Policy bij de afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit Aard- en Levenswetenschappen, van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Casus

Een democratie kan niet zonder onderwijs

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2011
Trefwoorden case, Diploma Democracy, levels of education, educational theory
Auteurs Sjoerd Karsten
SamenvattingAuteursinformatie

    In their book Diploma Democracy Mark Bovens and Anchrit Wille state that positions in the field of politics are dominantly held by people with higher levels of education. Because of diverging political preferences between citizens with a higher level of education and those with a lower one this results in a lack of representation of the latter, they argue. Karsten replies to this position from a perspective of educational theory.


Sjoerd Karsten
Sjoerd Karsten is bijzonder hoogleraar beleid en organisatie van beroepsonderwijs en volwasseneneducatie aan de Universiteit van Amsterdam en gasthoogleraar onderwijsvernieuwing en -samenwerking aan de Universiteit van Antwerpen. Correspondentiegegevens: prof. dr. S. Karsten, S.Karsten@uva.nl.
Artikel

De vraag als antwoord?

Normatieve risico's van vraagsturing en de implicaties voor de rol van professionals

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2006
Auteurs Hans Bosselaar
SamenvattingAuteursinformatie

    The growing interest in demand-based delivery is to be comprehended regarding the criticism on the traditional 'apply-based' delivery. Regarding the literature, the main stream notion on demand-based delivery contains the transfer of the tasks and duties from the intermediate professional to the client. Consequently, the (demanding) client is directly able to affect the provisions he is eligible to and to influence the acquirement of the services and goods.

    The main issues are:

    This article focuses on the new role of intermediate professionals. The intermediate professional can maintain a role in realising the demand-supply relationship between the client and the supplying professional; he can get the task to acquire and spread the required market information, but as well can get the responsibility to support the market participants using this information. In the same time, this responsibility can help to avoid the normative risks, especially the risk of inadequacy.

    This new role must probably be regulated and in any case be monitored to prevent from the situation that the intermediate professional will take over the new responsibilities of the client. If this does not happen, the transfer to the demand-based delivery of public services will fail. On the other hand, if their will be no accessible client support by the new intermediate professional, the transfer to the demand-based delivery will tarnish the fundaments of the social system.


Hans Bosselaar
Mr. dr. Hans Bosselaar is zelfstandig gevestigd onderzoeker met bureau Meccano kennis voor beleid. Bosselaar doet voornamelijk onderzoek op het terrein van sociale zekerheid, arbeidsmarkt en disability management in ondernemingen voor opdrachtgevers als het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, UWV, RWI en diverse (overheids)commissies en sociale partners. Bosselaar promoveerde in 2005 op het proefschrift De vraag als antwoord. Vraagsturing en sociaal beleid: voorwaarden en risico's. Correspondentiegegevens: Mr. dr. Hans Bosselaar, Meccano kennis voor beleid, e-mail: meccano@planet.nl

    The recent decline in professionalism has frequently been explained as a result of the rise of New Public Management (NPM). As will be shown in this article, however, NPM does not automatically result in a decline in professionalism; its effects differ in various professional contexts. In a case study of the work of social insurance doctors and labor specialists the authors demonstrate that NPM structures the technical aspects of professional tasks, that are the verifiable elements of the professional's judgment. NPM proofs to have strong influence on the techniques for quality insurance (performance of production, time and lawfulness). On the longer term this influence can undermine professional self-regulation. NPM has little impact on the indeterminate task aspects, the professional judgment itself, even though this part has become more 'technical' in years. The case study shows however that this is not due to NPM but to the impact of bureaucratization of the professional task. Furthermore it becomes clear that this impact is stronger in the case of the labor specialist than with respect to the social insurance doctor.


Duco Bannink
Duco Bannink is verbonden aan de Universiteit Twente. Correspondentieadres: Duco Bannink, Universiteit Twente, Faculteit Bedrijf, Bestuur en Technologie, Postbus 217, 7500 AE Enschede, 053-4893222, d.b.d.bannink@utwente.nl

Berber Lettinga
Berber Lettinga is verbonden aan de Universiteit Twente.

Liesbet Heyse
Liesbet Heyse is verbonden aan de Universiteit Twente.

    The displacement of political decision making from the classic bodies of representative democracy to non democratically legitimised arenas is a major threat to contemporary representative democracy. In this essay, three displacements are discussed: from parliamentary to deliberative processes, from political to professional decision making, and from national to international arenas. Several of the safeguards that have been developed in parliamentary democracy over the past centuries, such as representation, transparency, majority voting, and public accountability, are missing or are underdeveloped in these new arenas. The essay explores how these safeguards could be introduced into these new arenas and concludes that the displacement of politics should be attended by a dissemination of democracy.


Mark Bovens
Prof. dr Mark Bovens is als hoogleraar bestuurskunde verbonden aan de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht. Zijn meest recente boek is: De digitale republiek: Democratie en rechtsstaat in de informatiemaatschappij (Amsterdam: Amsterdam University Press 2003). Dit essay markeert zijn afscheid als redactievoorzitter van B en M. Adres: Bijlhouwerstraat 6, 3511 ZC Utrecht, e-mail: m.bovens@usg.uu.nl
Artikel

Toezicht geobserveerd

De interactie tussen banken, toezichthouders en media

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2010
Auteurs Liesbeth Noordegraaf-Eelens en Willem Schinkel
Auteursinformatie

Liesbeth Noordegraaf-Eelens
Drs Liesbeth Noordegraaf-Eelens is als filosoof en econoom verbonden aan de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur en de Erasmus School of Economics van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Willem Schinkel
Dr Willem Schinkel is als theoretisch socioloog verbonden aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.