Zoekresultaat: 21 artikelen

x

    Information platforms can facilitate data sharing and make new applications possible. It is essential to connect a wide range of both public and private parties to a platform if real data-based transformation is to get off the ground. However, organizations are reluctant to share data if they do not know exactly what it can be used for or if they have no direct interest in it. Achieving a good solution requires a lot from the innovation process itself and the way it is managed. This article uses three innovation perspectives for the analysis of a logistics information platform. This analysis shows that different stages in the development of an information platform can be distinguished, each with its own dynamic. For local government the involvement of and connection to local parties is important, while innovation as a whole benefits from the link with an overarching agenda that transcends the local level.


Prof. dr. Bram Klievink
Prof. dr. ing. A.J. Klievink is hoogleraar Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden, met een speciale focus op digitalisering en publiek beleid.
Thema-artikel

Onafhankelijk onderzoek in het publiek belang

Een essay over wat onafhankelijkheid in onderzoek behelst en vergt

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Independent research, Public interest, The Dutch Safety Board
Auteurs Prof. dr. ir. Marjolein van Asselt, Drs. Marjan Slob, ir. Marjolein Baart e.a.
Samenvatting

    The Dutch Safety Board is authorised to conduct safety investigations in nearly every area and sector. The Board is independent and aims to contribute to learning from incidents, accidents and disasters. In the essay, the authors reflect on what it means to conduct independent investigation in the public interest. They define independent investigation as a relational enterprise that requires reflexive investigators but also elementary and advanced safeguards in position, judgement and presentation.


Prof. dr. ir. Marjolein van Asselt

Drs. Marjan Slob

ir. Marjolein Baart

mr. drs. Dirk Ipenburg

Drs. Mirjam van het Loo
Thema-artikel

Access_open Onafhankelijk onderzoek in positie, oordeelsvorming en beeldvorming

Institutionele en professionele dimensies van ‘speaking truth to power’

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Independent Research, Policy Evaluation, Organisational Culture, Public Policy, Quality Management
Auteurs Dr. Peter van der Knaap, Dr. Meike Bokhorst en Dr. Yvonne Kleistra
SamenvattingAuteursinformatie

    Regularly, doubts about the independence of research leads to heated discussion. This is especially true if things have gone wrong. This issue explores the question how research organizations and researchers can defend themselves against improper influence: the conscious and active pursuit of too positive research results by commissioners or government officials. This article outlines a number of dimensions of how establishing good, independent research can be structured in a systematic and sensible manner. Independent inquiry manifests itself in position, judgment, and appearance or image. Institutional safeguards form the basis for professional roles and responsibilities that can fulfill the requirements of independent research in the political arena.


Dr. Peter van der Knaap
Dr. P. van der Knaap is directeur-bestuurder van SWOV, voorzitter van Vide en redactielid van Bestuurskunde.

Dr. Meike Bokhorst
Dr. A.M. Bokhorst is onderzoeker bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en bij de Universiteit Utrecht.

Dr. Yvonne Kleistra
Dr. Y. Kleistra is universitair docent aan de Universiteit Leiden en redactielid van Bestuurskunde.

    In Nederland komen tal van wicked problems (WP) voor. Ze worden ook wel aangeduid als weerbarstige problemen. Kenmerkend is het unieke karakter, het feit dat kennis over probleemaspecten beperkt is en verschillende perspectieven op een probleem en meerdere waardenoriëntaties een rol spelen. Naast cognitieve en normatieve complexiteit bestaat er ook nog sociale complexiteit. WPs zoals voetbalvandalisme spelen zich af in een beleidsnetwerk met tal van elkaar afhankelijke actoren. Kennis, preferenties, handelingsvermogen en middelen blijken gespreid en niet in de hand van één actor. Om toch tot een bevredigend resultaat te komen moeten de actoren gezamenlijk optrekken. Daarom is interorganisationeel netwerkmanagement en deliberatie met burgers een wenselijke responsestrategie. Bij WPs zijn actoren dus tot elkaar veroordeeld. Centralistische besluitvorming werkt niet. Een centrale actor kan overigens nog wel een rol vervullen als initiator, facilitator of regisseur van overleg en discussie; als arbiter bij botsende perspectieven; of beslisser na netwerkberaad en inbreng van burgers.


Arno Korsten
Arno Korsten is emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit en aan de Universiteit Maastricht.

    Exploration of the future is about systematically exploring future developments and the possible consequences for an organization or issue. The demand for future explorations at local policy level has increased in recent years. This article focuses on the relationship between participatory future exportations and local strategic policy processes. On the basis of four case studies, the meaning of participatory foresight studies for local policy processes was investigated. The research, which was carried out as action research, shows that future explorations in local strategic policy processes can be significant in different ways: they provide new knowledge, they promote learning in an integral and future-oriented manner and they encourage social learning processes that are independent of the content, which is valuable for group dynamics. In addition, future explorations can be useful in different phases of the policy cycle. Despite the fact that participatory explorations of the future can be meaningful in local strategic policy processes, there is still a bridge between the method of future exploration on the one hand and policy processes and organizations on the other. The research shows that a demand-driven approach starting from the needs of the participants in the policy process and responding to the culture, structure and working method of the organization is a promising approach. At the same time, the research shows that there are several factors that need to be considered in order to achieve a stronger interrelatedness of future exploration and policy. The policy practice and the exploratory practice seem to be gradually evolving towards each other. On the one hand, policy practice is becoming more rational, transparent and analytical in nature through the use of future explorations, at least in policy preparation. The explorations promote substantive discussions on policy agendas and policy intentions. On the other hand, they are becoming more policy oriented through more reasoning from the policy practice in terms of process design and knowledge needs of the policy process.


Dr. Nicole Rijkens-Klomp
Dr. N. Rijkens-Klomp is in 2016 gepromoveerd aan de Universiteit Maastricht bij prof. Pim Martens, met dr. Ron Cörvers als haar co-promotor. Ze heeft sinds 2004 een eigen bedrijf in Antwerpen op het gebied van toekomstverkenning (foresight & design studio Panopticon). Daarnaast werkt ze aan het Scientific Institute for Sustainable Development (ICIS) van de Universiteit Maastricht.

Dr. Ron Cörvers
Dr. R.J.M. Cörvers is wetenschappelijk directeur van het Scientific Institute for Sustainable Development (ICIS) van de Universiteit Maastricht.
Artikel

Specifieke of generieke institutionalisering van beleid voor de lange termijn

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2017
Trefwoorden future, Policy, short term, long term
Auteurs Albert Faber MSc, Dylan van Dijk en Dr. Peter de Goede
Samenvatting

    Policy decisions taken now can determine the room for manoeuvre of future generations for a very long term. Politicians and civil servants often only seem to be interested in short-term implications, however. A major focus on the short term does not provide sufficient stability and impetus for long-term structural measures. This is primarily an institutional issue. In this article, the authors discuss how to instil a long-term focus in day-to-day processes of policymaking.


Albert Faber MSc

Dylan van Dijk

Dr. Peter de Goede
Essay

Access_open Hoe verhogen we het rendement van kennis voor beleid?

Van beleidscontrol naar leerproces

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, december 2017
Auteurs Hans Peter Benschop
SamenvattingAuteursinformatie

    De preoccupatie met evidence based beleid miskent de exploratieve waarde van wetenschap voor beleid. In veel en de meest uitdagende beleidsprocessen, zoals de grote transities aangaande energie, zorg, landbouw en circulaire economie, moet de overheid beslissingen in onzekerheid nemen. Het beleidsonderzoek zou zich minder moeten bezighouden met wat zeker is en meer met wijs handelen in onzekerheid. Wetenschappers kunnen de besluitruimte voor politici duiden, en kunnen aangeven wat mogelijk effectieve maatregelen zijn. Dit bescheiden, voorzichtig aftasten van de werkelijkheid vereist arena’s waar wetenschap, bestuurders en volksvertegenwoordigers in gesprek zijn over de toepassing van wetenschappelijke inzichten in de praktijk van het hier en nu. Op diverse plekken in Nederland wordt geëxperimenteerd met dergelijke arena’s.


Hans Peter Benschop
Hans Peter Benschop (1960) leidt het Trendbureau Overijssel. Daarvoor was hij werkzaam voor de gemeente Apeldoorn en diverse ministeries. Hij studeerde filosofie in Utrecht en Parijs en is gepromoveerd in Leiden.

    Een lerende overheid heeft behoefte aan beleidsevaluaties die niet alleen van betekenis zijn voor het onderwerp waarop deze primair gericht zijn, maar ook bijdragen aan bredere, systematische opbouw van kennis en ervaring. Het interdepartementaal verbinden van expertise verruimt daarbij het zicht op factoren die het leren bevorderen of belemmeren.
    Een centrale vraag is of de door het beleid beoogde publieke belangen inderdaad bevorderd worden. Beleidsevaluatie moet dan niet alleen gericht zijn op effectiviteit en doelmatigheid ten aanzien van relatief gemakkelijk meetbare indicatoren, maar ook op lastig te kwantificeren essentiële waarden zoals subjectief welzijn, rechtvaardigheid en maatschappelijke aanvaardbaarheid. Het verdient aanbeveling kostbare evaluatie-energie te concentreren op belangrijke kwesties waarover vooraf discussie of onzekerheid bestaat.
    Uit een oogpunt van doelmatige beleidsvoorbereiding, en omdat de uitwerking van wetgeving en beleid ex post niet altijd eenvoudig is vast te stellen, is veel aandacht nodig voor ex ante evaluatie. Van onderzoek naar werkingsmechanismen van beleidsmaatregelen wordt in dit verband terecht veel verwacht.
    Er is sprake van een paradoxaal spanningsveld tussen verwetenschappelijking en politisering van beleid. Daarom is stevig verankerde, onafhankelijke en onpartijdige beleidsevaluatie onmisbaar. Hoge methodologische kwaliteit biedt extra houvast om deze functie geloofwaardig te kunnen vervullen.
    In het streven naar systematische opbouw van kennis en ervaring naast dossier-specifieke doelbereiking kan het helpen als evaluaties zowel een specifiek als een breder geldend algemeen deel bevatten. Belangrijk is ook te sturen op een evenwichtige evaluatieportfolio per beleidsterrein, met aandacht voor ex ante en ex post methoden, uiteenlopende waarden, en verschillende informatiebronnen. Naast best practices moet daarbij ook minder geslaagd beleid in beeld worden gebracht. Voor de bruikbaarheid van evaluaties voor de praktijk is goede vertegenwoordiging van het bottom-up perspectief noodzakelijk.
    Evaluatie van beleid vereist gedegen inbedding binnen de nationale kennisinfrastructuur, effectieve samenwerking met kennisinstellingen en het up-to-date houden van het evalueren zelf. Dat is cruciaal voor het evaluatievermogen van de lerende overheid.


André Knottnerus
André Knottnerus is voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en hoogleraar Huisartsgeneeskunde aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

Pas op! Over beheerst risico’s beheersen in het governancetijdperk

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2015
Trefwoorden risk management, governance, inspection, organization, hybridization
Auteurs Dr. Mark de Bruijne, Dr. Bauke Steenhuisen en Dr. Haiko van der Voort
SamenvattingAuteursinformatie

    Risks taken by some organizations may have considerable impact on society. In this contribution the assessment and management of risk are perceived to take place in a multi-actor setting. Within an organization operators, risk managers, and top managers interact about risk assessments and risk mitigation strategies. Public regulators and inspectorates increasingly focus on risk management systems instead of the operational activities or organizational outputs. Are organizations systematically assessing their risks? This contribution identifies two contrasting perspectives on risk assessment and risk mitigation in literature: risk management and risk governance. An empirical study in three sectors reveals evidence of both perspectives in practice. Companies adopt hybrid approaches, which are essential for the quality of risk assessment and mitigation. Indeed, adopting just one perspective seems dangerous. We conclude that public regulators and inspectorates might provide incentives to focus on just one perspective and suggest two heuristics for public inspectorates that respect hybrid approaches of risk assessment and mitigation.


Dr. Mark de Bruijne
Dr. M.L.C. de Bruijne is als universitair docent werkzaam aan de TU Delft, Faculteit Techniek, Bestuur en Management.

Dr. Bauke Steenhuisen
Dr. M.L.C. de Bruijne is als universitair docent werkzaam aan de TU Delft, Faculteit Techniek, Bestuur en Management.

Dr. Haiko van der Voort
Dr. H.G. van der Voort is als universitair docent werkzaam aan de TU Delft, Faculteit Techniek, Bestuur en Management.
Artikel

Zorgen over zendmasten: hoe een maatschappelijk debat verengd wordt tot de definiëring van gezondheidsrisico’s

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden wicked problems, mobile phone, policy controversy
Auteurs Marijke Hermans, Marjolein van Asselt en Wim Passchier
SamenvattingAuteursinformatie

    Concerns about mobile phone masts are often put down as unfounded fears of health risks. However, our ethnographic study of mast siting controversies shows that citizens mostly want to be democratically involved in the siting decisions. There is no room for such engagement in the national antenna policy, thus, citizens shift their attention to the possibility of health risks. The national government responds to this with more research and risk communication. However, the centrality of science leads to a shift in the discussion towards the credibility of science. Even a Klankbordgroep (Sounding Board) with all stakeholders fails to change the focus. This article shows that local conflicts are not so much the result of individual concerns, which is the subject of many social sciences studies, but are the outcome of a dynamic interaction between governments, citizens and scientists. Governments should not frame a local issue only in terms of a scientific problem.


Marijke Hermans
M.A. Hermans is promovendus aan de Faculteit Cultuur en Maatschappijwetenschappen van de Universiteit Maastricht.

Marjolein van Asselt
Prof. ir. M.B.A. van Asselt is hoogleraar Risk Governance aan de Faculteit Cultuur en Maatschappijwetenschappen van de Universiteit Maastricht.

Wim Passchier
Prof. W.F. Passchier is hoogleraar Risk Analysis aan de School for Nutrition, Toxicology and Metabolism (NUTRIM) van de Universiteit Maastricht (emeritus).
Artikel

Politiek, participatie en experts in de besluitvorming over super wicked problems

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden wicked problems, scientific knowledge, social engineering, deliberative democracy
Auteurs Tamara Metze en Esther Turnhout
SamenvattingAuteursinformatie

    This special issue focusses on deliberative elements in deciding over wicked problems. We present four case studies in which some form of deliberation was organized: the placement of mobile phone masts, hydraulic fracturing for shale gas, the failed HPV vaccination campaign and climate dialogues organized to enhance deliberative knowledge production over climate change. The case studies demonstrate how each of the deliberative processes has become politicized and that deliberative governance runs the risk of turning into a technocratic policy approach.


Tamara Metze
Dr. T.A.P. Metze is verbonden aan de Universiteit van Tilburg.

Esther Turnhout
Dr. E. Turnhout is verbonden aan de Universiteit van Wageningen.

    Dit artikel bevat een uitvoerige samenvatting en een beoordeling van een nieuw boek van Furubo, Rist en Speer met als (in het Nederlands vertaalde) titel: ‘Evaluatie in turbulente tijden. Reflecties op een discipline in verwarring’. De aanleiding voor dit boek is dus de opvatting dat de meeste politieke en bestuurlijke contexten voor beleidsevaluatie zo sterk in beweging zijn geraakt dat ex-post beleidsevaluatie als discipline en vanzelfsprekend onderdeel van het proces van beleidsondersteuning in crisis is geraakt en bedreigd wordt. In het kort geeft dit boek als antwoord op deze dreiging: relativeer het ideaal van ‘evidence-based’ beleid, en ga voor ‘real-time’ evaluatie; verleg uw aandacht van ex-post evaluatie ten behoeve van verantwoording achteraf naar ex-ante evaluatie tijdens de beleidsformulering en ex-durante evaluatie parallel aan de beleidsimplementatie, met als doelen: ‘early warning’, beleidsleren, en flexibel reageren op snel veranderende omstandigheden. Natuurlijk heeft dat gevolgen voor rolopvattingen en taakverdelingen in de procesarchitectuur van het beleidsproces.


Rob Hoppe
Rob Hoppe is hoogleraar kennis en beleid Universiteit van Twente, Faculteit Management en Bestuur (MB), Vakgroep Science, Technology and Policy Studies (STePS).
Artikel

Nederlands klimaatmitigatiebeleid top-down of bottom-up?

Onderzoek naar de gemeentelijke sturingsrol binnen het klimaatmitigatiebeleid

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2013
Trefwoorden multilevel governance, local climate mitigation policy, governance arrangements, environmental policy, process management, project management
Auteurs Harm Harmsen en Machiel Lamers
SamenvattingAuteursinformatie

    Our research question is: how do Dutch municipalities practice their local steering role within climate mitigation policy? Policy documents of twelve municipalities have been analysed and corresponding policymakers have been interviewed. Our research illustrates that the Dutch government is struggling with the changing relations with society and the growing dependency on it for reaching policy targets. According to literature, the governmental steering role of process management is expected to be more effective in situations of high dependency. However, the policy strategies of municipalities meet characteristics of project management. Meanwhile, the project targets are not controllably formulated and rely solely on actions of other local parties. The ministry has assigned municipalities to use this project management style, to implement the projects in a top-down manner, and to find partners after the implementation phase. Municipal policymakers indicate that they are facing problems afterwards, because the ‘partners’ have interests that do not correspond with the projects as formulated by the municipalities. It is more effective to negotiate with the other parties. This is necessary in order to formulate collective policy targets that meet the interests of all of the participating parties in accordance with the theory of network governance and process management.


Harm Harmsen
Ir. T.H. Harmsen is promovendus en docent bij de leerstoelgroep Milieubeleid van Wageningen UR.

Machiel Lamers
Dr. M.A.J. Lamers is universitair docent bij de leerstoelgroep Milieubeleid van Wageningen UR.
Article

Access_open Agent Based Modeling: het simuleren van nalevingsgedrag

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, november 2012
Auteurs Esther van Asselt, Sjoukje Osinga, Mariska Asselman e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Nalevingsgedrag wordt door een aantal factoren beïnvloed. Deze factoren zijn door het ministerie van Justitie samengevat in de Tafel van Elf, die zowel spontane nalevings- als handhavingsdimensies bevat. Elk individu gaat verschillend om met deze dimensies. Om overall iets te kunnen zeggen over het nalevingsgedrag van een doelgroep dienen de verschillende individuen/bedrijven en hun interacties beschreven te worden. Dit is mogelijk door gebruik te maken van Agent-Based Modeling (ABM). ABM is in het hier beschreven onderzoek toegepast in een casestudie naar correct gebruik van antibiotica door varkenshouders. Simulaties lieten zien dat een hoog nalevingsniveau bereikt kan worden door een hoge mate van acceptatie van de wetgeving, waarbij enige mate van inspectie nodig zal blijven. Verder bleek dat het gedrag van varkenshouders beïnvloed wordt door het nalevingsgedrag van varkenshouders in de omgeving. Voor zover ons bekend is dit de eerste toepassing van ABM op het gebied van naleving en toezicht.


Esther van Asselt
Esther van Asselt is werkzaam bij RIKILT - Institute of Food Savety, Universiteit Wageningen.

Sjoukje Osinga
Sjoukje Osinga is werkzaam bij Logistics Decision & Information Sciences, Universiteit Wageningen.

Mariska Asselman
Mariska Asselman is werkzaam bij RIKILT - Institute of Food Safety, Universiteit Wageningen.

Piet Sterrenburg
Piet Sterrenburg is werkzaam bij RIKILT - Institute of Food Safety, Universiteit Wageningen.

    Wij betogen dat er een aantal goede redenen is om rekening te houden met onzekerheid in het beleidsonderzoek. Centraal staat daarbij het uitgangspunt dat de toekomst open is, maar niet leeg. In beleidsonderzoek is het zaak om die open, maar niet lege toekomst voor beslissers in beeld te brengen. Door met verschillende mogelijke toekomstbeelden te werken kan het beleid robuuster worden vormgegeven. Is dit beleid nog steeds een goede keuze als zaken in de toekomst toch anders lopen dan we nu denken? Door onzekerheden zichtbaar te maken wordt de bestuurder bewust gemaakt van de keuzes die hij maakt, worden nieuwe alternatieven zichtbaar en daarmee zijn geest 'opgerekt'. Ook uit maatschappelijk oogpunt is het nadrukkelijker rekening houden met onzekerheid over de toekomst wenselijk: mogelijke overinvesteringen kunnen worden voorkomen. We presenteren niet alleen het 'klassieke' scenariodenken, maar ook relatief nieuwe ontwikkelingen als radicale onzekerheid ('black swans'), normatieve scenario's en adaptief beleid ('adaptive policymaking').


Hans Peter Benschop
Hans Peter Benschop leidt het Trendbureau Overijssel, een bureau dat toekomstverkenningen maakt voor de politieke besluitvorming.

Klaas Veenma
Klaas Veenma is senior beleidsonderzoeker bij de provincie Overijssel.
Boekbespreking

Kijken naar de toekomst

Over de noodzakelijke professionalisering van toekomstonderzoek

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2012
Trefwoorden futures studies, futurology, methodology
Auteurs Patrick van der Duin
SamenvattingAuteursinformatie

    The various crises we are faced with today demand long-term solutions. The academic discipline of future studies can play a role in devising such solutions but struggles to do so. There still is no coherent body of knowledge and a diversity in approaches. In this review essay the author discusses three recent books from the field of futures studies. Based on this, he formulates several issues that arise with regards to a further professionalization of the discipline.


Patrick van der Duin
Dr P.A. van der Duin is universitair docent aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft.
Redactioneel

Redactioneel

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2012
Auteurs Ewald Engelen
Auteursinformatie

Ewald Engelen
Ewald Engelen is voorzitter van de redactie van Beleid en Maatschappij.

    Reflection and Debate initiates academically inspired discussions on issues that are on the current policy agenda.


Imrat Verhoeven
Imrat Verhoeven is redactielid van Beleid en Maatschappij.

    Reflection and Debate initiates academically inspired discussions on issues that are on the current policy agenda.


Prof. dr. Margo Trappenburg
Margo Trappenburg is universitair hoofddocent bij de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschappen en bijzonder hoogleraar op de Drees leerstoel (Universiteit van Amsterdam).
Discussie

Fysieke veiligheid en de kunst van evenwichtigheid

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2012
Auteurs Jelle van Aanholt en Prof. dr. ir. Marjolein van Asselt
SamenvattingAuteursinformatie

    Reflection and Debate initiates academically inspired discussions on issues that are on the current policy agenda.


Jelle van Aanholt
Jelle van Aanholt is masterstudent wijsbegeerte aan de Universiteit van Amsterdam en stagiair bij de WRR.

Prof. dr. ir. Marjolein van Asselt
Marjolein van Asselt is lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en hoogleraar risk governance aan de Universiteit Maastricht.
Toont 1 - 20 van 21 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.