Zoekresultaat: 3 artikelen

x
Artikel

Access_open Ethics work for good participatory action research

Engaging in a commitment to epistemic justice

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, september 2020
Auteurs Tineke Abma
SamenvattingAuteursinformatie

    Participatory and responsive approaches to research strive to be democratic, inclusive and impactful. Participatory researchers share a commitment to epistemic justice and actively engage citizens and users as well as other stakeholders in the co-creation of knowledge for social change. While more and more researchers and policymakers feel attracted to these approaches in practice, the normative ideals of social inclusion and justice are sometimes hard to realize, because of established interests, power relations and system requirements. In this article I argue that participatory researchers and evaluators have a moral responsibility to do ‘ethics work’. This is more than just following ethical principles and codes of conduct. ‘Ethics work’ entails the labour and effort one puts into recognizing ethically salient aspects of situations, developing oneself as a reflexive practitioner, paying attention to emotions and relationships, collaboratively working out the right course of action and reflecting in the company of critical friends. In this article I present the theory and ethics of participatory approaches, illustrate ethical issues and ethics work related to collaboration, politics and power, and share lessons based on ten years of practice in the field of health and social well-being.

    Vooraf

    Participatief actieonderzoek en responsieve evaluatie staan volop in de belangstelling bij beleidsmakers en onderzoekers. Dit type beleidsonderzoek en -evaluatie beoogt democratisch, inclusief én impactvol te zijn. Het gaat om onderzoek mét in plaats van óver mensen. En het is actiegericht: onderzoek wil bijdragen aan concrete oplossingen door met betrokkenen gezamenlijke (verbeter)acties te ontwikkelen in de praktijk, en daarop te reflecteren en van te leren. Dit alles met het oog op sociale inclusie. Het zijn mooie idealen, maar wat betekent dit in de alledaagse, vaak weerbarstige onderzoekspraktijk?

    Op 20 januari 2020 organiseerde prof. Abma daarover een symposium, getiteld ‘Responsive, Participatory Research: Past, Present and Future Perspectives’ (Vrije Universiteit, Amsterdam). De rode draad op het symposium was de vraag wat goed en ethisch verantwoord participatief onderzoek is, en wat dit vraagt van onderzoekers en beleidsmakers. Drie lezingen op deze conferentie zijn nadien omgewerkt tot essays om lezers van Beleidsonderzoek Online vanuit verschillende perspectieven beter kennis te laten maken met deze vorm van onderzoek:

    Prof. Weerman en haar team focussen in hun bijdrage op het zich in de praktijk ontwikkelende onderzoeksdesign en het inzetten van creatieve methoden om participatie te bevorderen. Ze gaan na welke kwaliteitscriteria aan participatief actieonderzoek worden gesteld en hechten daarbij met name aan eisen ten aanzien van participatie, samen leren en verschil maken (zie BoO juli 2021). Ze benadrukken het belang van creativiteit en flexibiliteit.

    Prof. Abma bespreekt in haar artikel de normatieve dimensies en de ethiek van participatief actieonderzoek (zie BoO september 2020). Ze illustreert met een voorbeeld uit de crisishulpverlening aan GGZ-cliënten dat participatief actieonderzoek niet slechts een methodisch-technische exercitie is, maar een sociaal-politiek proces waarbij bestaande machtsverhoudingen verschuiven om ruimte te geven aan nieuwe stemmen en kennis. Dit omvat het zien van en stilstaan bij ethisch saillante dilemma’s en morele reflectie.

    De bijdrage van prof. Cook (zie BoO februari 2021) gaat over de weerbarstige praktijk van participatief actieonderzoek. Het doel is samen leren en voorbij geijkte oplossingen komen. Zij laat zien dat dit uitdagend is voor professionals die geconfronteerd worden met burgers die feedback geven en vragen om het (deels) loslaten van vaststaande professionele kaders. Er ontstaat dan ongemak en onzekerheid, maar zo beoogt en laat Cook overtuigend zien, deze ‘mess’ (niet meer goed weten wat goed en nodig is) is productief om te komen tot hernieuwde inzichten en innovaties.

    (Introductietekst opgesteld door prof. T. Abma)


Tineke Abma
Tineke A. Abma is Professor Participation & Diversity Amsterdam University Medical Centres, Amsterdam, and Executive Director of Leyden Academy on Vitality and Ageing, Leiden.

    Municipal amalgamations form a red thread through the history of local government in the Netherlands. With varying intensity, this country was continuously confronted with adjustments of the municipal scale. Where once the focus was rather one-sided on the minimum number of inhabitants of a municipality, we see that since the nineties questions were asked about the amalgamation policy. From now on a lack of administrative power had to be demonstrated before an amalgamation would be carried through. These critical remarks however didn’t lead to a downfall in the number of municipal amalgamations. Amalgamation and merger will always continue in the Netherlands. The Flemish policy on amalgamation appears to be quite different. Since the large-scale merger operation in 1976 Flanders was no more confronted with municipal amalgamations. The former Flemish government however, announced at its appointment in 2009 that it would encourage voluntary mergers of municipalities with financial and administrative incentives. The present Flemish government treads the same path. The incentives put in place by the former Flemish legislature are even increased. They even appear to bear fruit. In the provinces Limburg and East-Flanders several municipalities have indicated to investigate a merger. Some of them even have taken the principal decision to merger in the municipal councils involved. This article describes and compares the municipal amalgamation policies of the Netherlands and Flanders. The authors also investigate what both can learn from each other.


Prof. dr. Koenraad De Ceuninck
Prof. dr. K. De Ceuninck is politicoloog en hoogleraar bij het Centrum voor Lokale Politiek aan de Universiteit Gent.

Dr. Klaas Abma
Dr. K. Abma is programmamanager bij de gemeente Súdwest-Fryslân (Zuidwest-Friesland). In 2012 promoveerde hij aan de Open Universiteit bij Arno Korsten op een onderzoek naar het beoordelen van gemeenten.
Artikel

Doen we het goed?

Gemeentelijke bestuurskrachtmetingen onder het vergrootglas

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2007
Auteurs Arno Korsten, Klaas Abma, Milo Schoenmaker e.a.
Auteursinformatie

Arno Korsten
Prof. dr Arno Korsten is hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit Nederland en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit Maastricht

Klaas Abma
drs ing. Klaas Abma is adjunct-directeur van Littenseradiel

Milo Schoenmaker
drs Milo Schoenmaker is burgemeester van Bussum en

Jean Schutgens
drs Jean Schutgens is gemeentesecretaris van Landgraaf.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.