Zoekresultaat: 20 artikelen

x
Artikel

Access_open Sociaal werk in stadswijken waar problemen zich opstapelen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Residualisering, Stedelijk sociaal werk, Concentratie van sociale problematiek, Link work, Geuzenveld
Auteurs Dr. Saskia Welschen en Dr. Lex Veldboer
SamenvattingAuteursinformatie

    The impact of residualisation on social work has so far hardly been explored. Based on existing literature and recently started empirical research in Amsterdam we analyze several consequences. Residualisation refers to the process whereby urban social housing is strictly allocated to the lowest income groups. What does this concentration of disadvantaged households mean for the role of social workers? Firstly, for community workers residualisation mostly implies a renewed role as instigators of residents’ participation in urban renewal trajectories for social mix. Furthermore community activities are increasingly used to offer safe havens for new and old groups of residents and also to prevent expensive treatments for several residential groups. For social workers focusing on individual support or casework residualisation results in an increasingly complex caseload. Residualisation does not imply extra formation for social work, but rather extra attention for the effortful coproduction of welfare between formal and informal actors. Within this playing field, we distinguish link work as vital for both formal and informal social work. Link work is about establishing vertical and horizontal connections between different worlds, across sectoral, professional or trust gaps. We expect that in areas of residualisation successful urban social work is dependent on strong linking skills.


Dr. Saskia Welschen
Dr. Saskia Welschen is senior onderzoeker aan de Hogeschool van Amsterdam en zelfstandig onderzoeker.

Dr. Lex Veldboer
Dr. Lex Veldboer is lector aan de Hogeschool van Amsterdam.

    In this essay, the author is looking for pioneering local administrators in the Netherlands who dared to push existing boundaries. However, the story starts in Great Britain where progressive liberals under the label ‘municipal socialism’ proceeded to provide public utilities through municipal governments rather than private enterprises. Their example was adopted by the so-called ‘radicals’ in Amsterdam led by Wim Treub. ‘Aldermen socialism’ with Floor Wibaut in Amsterdam as its most important representative, took it a step further. Their aim for a welfare municipality anticipated the later welfare state. After the Second World War we also saw some strong local administrators who in their own way strived for changes in their municipalities. After 1970 the phenomenon of ‘urban renewal’ led to a new flourishing of ‘aldermen socialism’ in the Netherlands with Jan Schaefer (in Amsterdam) as its most appealing figurehead. Since 2000, we have been in a new era of dualism, citizen participation and devolution that has produced new 'boundary pushers', which generated interest abroad (see the book on mayors by Benjamin Barber). At the end of the article, the author takes a look into the future. Current global problems also confront municipalities and they require local administrators with a good mix of political leadership, new civic leadership, inspiring commissioning and good stewardship. This essay is written for the ‘Across boundaries’ annual conference of the VNG (the Association of Netherlands Municipalities founded in 1912) held in Maastricht (in the far south of the Netherlands) in 2018.


Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de joint degree Public Governance across Borders aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.

    De Operatie Inzicht in Kwaliteit van het kabinet-Rutte III moet leiden tot beter overheidsbeleid door de kennis over de doeltreffendheid en doelmatigheid te vergroten en het evaluatiestelsel te verbeteren. De Operatie moet een cultuuromslag realiseren, niet via verplichte voorschriften maar via intrinsieke betrokkenheid. Zo’n Operatie kost veel tijd en geld en kent een politiek risico. Zolang het uitgangspunt blijft dat effectiever overheidsbeleid te realiseren is door meer aandacht voor doelmatigheid en doeltreffendheid, is de kans op verbetering klein. De uitvoerbaarheid en aanvaardbaarheid van beleid in de praktijk blijven dan te veel uit het zicht, en daarmee ook de werkelijke effectiviteit van beleid. Het institutionaliseren van ook deze twee criteria via een vernieuwde Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek (RPE) zal resulteren in beter beleid en politieke verantwoording. De cultuuromslag ontstaat vanzelf wanneer de vernieuwde RPE een vanzelfsprekende manier van werken wordt. Een cultuuromslag is wel degelijk te realiseren met een voorschrift. Eenvoudiger, sneller, goedkoper en met minder politiek risico.


Meyken Houppermans
Meyken Houppermans is zelfstandig onderzoeker en adviseur, gepromoveerd op de relatie tussen de kwaliteit van de beleidsvoorbereiding en de effectiviteit van rijksbeleid. Zij is gespecialiseerd in complexe politiek-bestuurlijke vraagstukken, beleidsvoorbereiding en beleidsevaluatie. Dit essay is gebaseerd op haar proefschrift.
Boekbespreking

Industrial symbiosis as a social process

Developing theory and methods for the longitudinal investigation of social dynamics in the emergence and development of industrial symbiosis

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2017
Auteurs Wouter Spekkink

Wouter Spekkink
Artikel

Access_open Meer rendement halen uit investeringen in een betere beleidsvoorbereiding

Over samenspraak bij beleid en beleidsexperimenten bij het ontwikkelen van effectief rijksbeleid

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, juni 2017
Auteurs Meyken Houppermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Een gedegen beleidsvoorbereiding kan beleidsfalen voorkomen. Hoewel deze thematiek al jaren aandacht krijgt in de politiek, lukt het de rijksoverheid nog niet hieraan structureel succesvol invulling te geven. In het licht van de recente Tweede Kamer verkiezingen is er hernieuwde aandacht voor samenspraak bij beleid en beleidsexperimenten om te komen tot beter beleid. Het rendement daarvan is naar verwachting beperkt. Ten eerste omdat samenspraak vaak zodanig ingeperkt is, dat de invloed van kennis voor beleid beperkt blijft. Ten tweede omdat wetenschappelijke kennis prevaleert boven de voor beleidseffectiviteit noodzakelijke tacit knowledge. De rijksoverheid kan meer rendement halen uit investeringen in een betere beleidsvoorbereiding, door de structurele afweging tot de inzet van samenspraak en beleidsexperimenten bij nieuw of gewijzigd beleid; verantwoording van deze afweging, alsmede onafhankelijke toetsing van de te verwachten beleidseffectiviteit. Investeringen in handreikingen zijn weinig zinvol. De gemeente Rotterdam geeft een goed voorbeeld.


Meyken Houppermans
Meyken Houppermans is bestuurskundig socioloog, gepromoveerd op de relatie tussen de kwaliteit van de beleidsvoorbereiding en de effectiviteit van rijksbeleid. Zij is zelfstandig adviseur/onderzoeker, gespecialiseerd in complexe politiek-bestuurlijke vraagstukken, beleidsvoorbereiding en beleidsevaluatie. Zij heeft diverse onderzoekscommissies ondersteund, begeleidt beleidsdoorlichtingen en publiceert.
Artikel

Duurzame innovatie in industriële clusters

Rollenspel tussen ondernemers en publieke assembleurs

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2016
Trefwoorden innovation, government, collaboration, industrial clusters
Auteurs Wouter Spekkink, Geert R. Teisman en Frank A.A. Boons
Samenvatting

    We study the role division between public and private actors in their search for sustainable innovation of industrial clusters. This search unfolds as a two-phase process. In the first phase, private parties develop different projects for sustainable innovation independently from each other. Without coordination, a common ground for the projects emerges. Through their involvement in several of these projects, public actors are able to take up a central place between the projects and their associated actor coalitions. From this position, they are able to act on the common ground, and mobilize other actors for collaboration. The common ground is translated to a vision, and the private projects are assembled into a program, in which synergetic connections between the different projects are established. This starts the second phase of the process, in which a regional collaboration unfolds, coordinated by the public actors. Thus, the crucial role of private actors is to create the building blocks for sustainable innovation in the early stages of the process. The public actors are crucial in acting on these private initiatives, assembling the building blocks into programmatic effort towards sustainable innovation of industrial clusters. The main strength of public actors lies in their betweenness centrality.


Wouter Spekkink

Geert R. Teisman

Frank A.A. Boons
Artikel

Innovaties en overheden: een slecht huwelijk of een vruchtbaar rollenspel?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2016
Auteurs Prof.dr. Albert Meijer, Prof.dr.ing Geert Teisman en Dr. Haiko van der Voort

Prof.dr. Albert Meijer

Prof.dr.ing Geert Teisman

Dr. Haiko van der Voort
Artikel

Overheden niet goed in innovatie?

Empirische verkenningen van een ‘innovatiedilemma’

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2016
Trefwoorden government, innovation, public values, dilemma
Auteurs Prof.dr.ing Geert Teisman, Dr. Haiko van der Voort en Prof.dr. Albert Meijer
Samenvatting

    This contribution contains a summary and a conclusion of the special issue ‘Innovation and government: a bad marriage or a fertile relation’. Innovation is said to be not the core quality of government. However, we found that government is actually good in innovation, albeit not in an obvious way. Government has a complex position when it comes to innovation. Sometimes innovation may be seen as a public value. However, innovation usually also involves conflict with other public values that civilians expect government to secure. This the innovation dilemma is that government ought to be both favour and innovation and fight its negative consequences to other public values. The four contributions show how governments deal with this dilemma. They first move along with the innovation and then redefine their positions by for instance developing new instruments, bundling private initiatives or framing private initiatives to large programmes.


Prof.dr.ing Geert Teisman

Dr. Haiko van der Voort

Prof.dr. Albert Meijer
Artikel

De duurzaamheid van burgerinitiatieven

Een empirische verkenning

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Malika Igalla BSc en Dr. Ingmar van Meerkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Citizens’ initiatives are the focus of public attention as part of the popular ‘do-democracy’ (associative democracy). However, it is not clear to what extent citizens are able to shape self-organization in a sustainable manner, what the important factors in this respect are and if citizens’ initiatives are the sole preserve of a better educated group of citizens. Through a secondary quantitative analysis of 56 citizens’ initiatives, this article offers an empirical contribution to answering these questions. The authors explore the effects of three possible factors on the sustainability of citizens’ initiatives: the network structure of the citizens’ initiative, the organizational design of the initiative and the revenue model. They show significant relationships between the organizational design of citizens’ initiatives and their sustainability. They also show a relationship between the network structure of these initiatives and their sustainability: initiatives that develop into a fully connected network or a polycentric network are more sustainable than initiatives with a star network. The personal characteristics of the initiators show a dispersal in age, descent, gender and retirement. Relatively speaking, many initiators have a high level of education: 80% has a higher professional or university education. But there are no significant relations between these personal characteristics and the sustainability of citizens’ initiatives.


Malika Igalla BSc
M. Igalla BSc rondde in 2014 cum laude de bacheloropleiding bestuurskunde af aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ze is nu bezig aan haar masteropleiding Bestuurskunde: Beleid en Politiek.

Dr. Ingmar van Meerkerk
Dr. I.F. van Meerkerk is postdoctoraal onderzoeker bij het departement Bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam en doet onderzoek naar institutionele verankering en management van burgerinitiatieven op het terrein van stedelijke gebiedsontwikkeling.
Artikel

Discontinuïteit van discours als de motor van veranderingen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Culture change, Values, Discourse, Narrative of change, Flexibility
Auteurs Samir Achbab MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, based on a case study regarding the merger of boroughs within the municipality of Amsterdam, different perspectives are brought together to provide an overall analysis leading to insight into the change in the organizational culture. A particular research methodology is used to shed light on three elements of organizational culture: mindset (values), arena (group) and behavior. Through periodical measurements the effects of interventions and the progress in culture change is followed. It is argued that measurement instruments to explore the shifts in thinking and action are useful but limited. Policy makers and organizational actors from all hierarchical levels are shown to be influenced and disciplined by the actual existing change discourse to various degrees. Every organization nowadays must prove to the market that it is capable of change. Stories about organizational flexibility are embedded in more macro-stories of the changes in economic life. This article provides insight into the complexity of organizational discourse and the philosophical and sociological richness that it embodies. Therefore anthropological concepts are used which make the case more understandable in terms of rules and procedures that construct and legitimate the way we see things and talk about them.


Samir Achbab MSc
Samir Achbab MSc werkt als onderzoeksleider bij het lectoraat Management van Cultuurverandering aan de Hogeschool van Amsterdam (HvA). Daarnaast is hij bij de HvA ook docent bij de opleiding Bestuurskunde/Urban Management.

    While the belief in a socially engineered society has been renounced to a large extent, in cities actors continue to struggle with the question how their plans can be steered on goal achievement. This article addresses a steering philosophy that is based on an emergent adaptive urban development process. This means that urban strategies adapt during the process by connecting to initiatives from the market and civil society. The central question of this article is how specific projects are ‘made’ in accordance with the intentions of the actors involved and how these projects are connected to larger policy stories for the city. In this article perspectives are explored that have replaced the old thinking in terms of ‘social engineering’. On the basis of two case studies in the Netherlands (Brainport Eindhoven and Mainport Rotterdam) an emergent adaptive strategy is explored as a perspective for action. This perspective is not only about ‘social engineering’, but also about ‘social connecting’. An emergent adaptive strategy is not designed on the drawing table, but it emerges during the practice of project development out of an attitude that is conscious of the environment, connective and reflective.


Dr. Wouter Jan Verheul
Dr. Wouter Jan Verheul is verbonden aan de Technische Universiteit Delft, Faculty of Architecture & Built Environment, sectie Urban Development Management.

Dr. ir. Tom Daamen
Dr. ir. Tom Daamen is verbonden aan de Technische Universiteit Delft, Faculty of Architecture & Built Environment, sectie Urban Development Management.
Artikel

De Collectieve Horeca Ontzegging: uitsluiting uit de publieke ruimte?

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Responsibilization, Collective Pub Ban, Selective exclusion, Security, Public space
Auteurs Dr. mr. Marc Schuilenburg en Dr. Ronald van Steden
SamenvattingAuteursinformatie

    The article provides a theoretical and empirical analysis of the Night Time Economy and how the Collective Pub Ban is applied in three Dutch cities: Utrecht, Amersfoort and Den Bosch. The Collective Pub Ban is a measure taken in the Netherlands in an effort to make pubs, bars and clubs co-responsible for maintaining security. Depending on the severity of the conduct, an offender can be denied of entry to these venues for five years. During this period, the offender is not allowed to enter the particular pub or any of the other pubs, bars and clubs that participate in this measure. On the basis of 84 interviews, we show how these venues fill out their new responsibilities with respect to the Collective Pub Ban-measure. Also, we answer the question what this new measure means for the quality of the public space.


Dr. mr. Marc Schuilenburg
Dr. mr. Marc Schuilenburg is universitair docent aan de afdeling Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam. E-mail: m.b.schuilenburg@vu.nl.

Dr. Ronald van Steden
Dr. Ronald van Steden is universitair docent aan de afdeling Politicologie & Bestuurswetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Boekbespreking

Dissertaties

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2011
Artikel

De nieuwe burgerlijkheid: participatie als conformerende zelfredzaamheid

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2011
Trefwoorden Participatie, Zelfredzaamheid, legitimatie, Burgerschap, Responsabilisering
Auteurs Dr. Gerard Drosterij en Rik Peeters
SamenvattingAuteursinformatie

    For many years now, citizenship has been a hot topic in Dutch politics. The activation and participation of citizens has been part and parcel of many policy initiatives. In this fashion, the current cabinet of Prime Minister Rutte has stressed the virtues of a ‘big society’ and a ‘small government’. We call this the new civility: a citizenship philosophy in which an ethico-economic claim of self-sufficiency is accompanied by a strong anticipation of policy conformity. Notably, the democratic legitimation of the new civility has been reversed. Now it is government which demands civic accountability, not the other way around. Responsible citizenship, not responsible government is at its heart. Furthermore, the new civility is based on a reversal of the Mandevillean idea of private vices and public benefits. We illustrate its ambiguous strands by a case study of a citizen’s initiative project in the city of Dordrecht. We conclude by showing how the tension between the values of civil self-sufficiency and policy conformity ironically can turn out in a-political conception of citizenship.


Dr. Gerard Drosterij
dr. Gerard Drosterij is publicist en zelfstandig adviseur. Correspondentie gegevens: Dr. G. Drosterij, Graaf Florisstraat 63b, 3021 CC, Rotterdam, g.drosterij@uvt.nl.

Rik Peeters
drs. Rik Peeters is onderzoeker en promovendus bij de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur.
Artikel

Ondersteuning in vieren

Zichtlijnen in het faciliteren van burgerinitiatieven in de buurt

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2011
Trefwoorden burgerinitiatief, ondersteuning, faciliteren, professionals, wijken
Auteurs Dr. Mirjan Oude Vrielink en Drs. Ted van de Wijdeven
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands it is widely acknowledged that neighbourhood oriented citizen’s initiatives often require some professional support. Little is known, however, about the various types of support that professionals may provide. Moreover, Dutch policies usually tend to take an instrumental stance towards citizen initiatives, focussing on their possible contribution to governmental goals. In this contribution we make an effort to develop a typology of different types and roles of professional support. Four basic types of professional support are derived from two axis. The first axis distinguishes between an instrumental approach and a more personal approach, the second between professional support focussing on the initiative/the initiator or on the broader institutional and civil society context. From our empirical findings we conclude that a vital context for citizen initiatives may be produced through the combination of an instrumental and personal approach. The latter comprises efforts of empowerment attuned to both the specific personal needs and capacities of citizens and the typical neighbourhood context. A combined approach may reduce the risk of ‘crowding out citizenship’ that exists when citizen’s initiatives become an instrument in a government’s policy.


Dr. Mirjan Oude Vrielink
Mirjan Oude Vrielink is senior onderzoeker aan de faculteit Management en Bestuur, Universiteit Twente. Correspondentiegegevens: Dr. M.J. Oude Vrielink, Universiteit Twente, faculteit Management en Bestuur/PolMT, Postbus 217, 7500 AE Enschede, m.j.oudevrielink@utwente.nl.

Drs. Ted van de Wijdeven
Ted van de Wijdeven is onderzoeker aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur, Universiteit van Tilburg. Correspondentiegegevens: Drs. T.M.F. van de Wijdeven, Universiteit van Tilburg, Tilburgse School voor Politiek en Bestuur, Postbus 90153, 5000 LE Tilburg, wijdeven@uvt.nl.
Artikel

Burgerinitiatieven en de bescheiden overheid

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2011
Auteurs Dr. Mirjan Oude Vrielink en Dr. Imrat Verhoeven
Auteursinformatie

Dr. Mirjan Oude Vrielink
Mirjan Oude Vrielink is senior onderzoeker aan de faculteit Management en Bestuur, Universiteit Twente. Correspondentiegegevens: Dr. M.J. Oude Vrielink, Universiteit Twente, faculteit Management en Bestuur/PolMT, Postbus 217, 7500 AE Enschede, m.j.oudevrielink@utwente.nl.

Dr. Imrat Verhoeven
Imrat Verhoeven is postdoc onderzoeker aan de afdeling Sociologie en Antropologie, Universiteit van Amsterdam/AISSR. Correspondentiegegevens: Dr. I. Verhoeven, Oudezijds Achterburgwal 185, 1012 DK Amsterdam, i.verhoeven@uva.nl.
Artikel

Van leeg naar vol, en weer terug?

De bevolking van Nederland tussen 1800 en 2000

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2008
Auteurs Theo Engelen
SamenvattingAuteursinformatie

    Between 1800 and 2000 Dutch population increased from two million souls to sixteen million inhabitants. By the end of the 20th century, however, this spectacular growth slowed down to such a degree that some observers predicted a decline of population in the near future. This paper focuses mainly on the period before the great turn. We will present differences in population growth in time and between regions from 1800 on, but we also deal with the consequences of two centuries of population growth: urbanization and changes in age distribution, in sex ratio, in the composition of occupational population, and in the changing numerical relationships between denominations. In our conclusion we use the historical perspective to assess whether or not the Dutch population will decrease and if so, what consequences can be expected.


Theo Engelen
Theo Engelen is hoogleraar historische demografie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Correspondentiegegevens: Prof. dr. Th.L.M. Engelen Radboud Universiteit Nijmegen Opleiding Geschiedenis Postbus 9103 6500 HD Nijmegen

Frank den Butter
Frank den Butter is hoogleraar algemene economie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Correspondentiegegevens: Prof. dr. F.A.G. den Butter Vrije Universiteit Amsterdam Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde Afdeling Algemene Economie De Boelelaan 1105, kamer 2A38 1081 HV Amsterdam fbutter@feweb.vu.nl

Katrien Termeer
Prof. dr ir C.J.A.M. Termeer is hoogleraar Bestuurskunde aan Wageningen Universiteit.
Artikel

Never the twain shall meet een oxymoron: Innovatie in het openbaar bestuur

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 7/8 2005
Auteurs S. Dr. mr. Zouridis en C.J.A.M. Prof. dr. ir. Termeer
Auteursinformatie

S. Dr. mr. Zouridis
Dr. mr. S. Zouridis is als universitair hoofddocent Bestuurskunde verbonden aan de Universiteit van Tilburg en als directeur Algemene Justitiële Strategie aan het ministerie van Justitie.

C.J.A.M. Prof. dr. ir. Termeer
Prof. dr. ir. C.J.A.M. Termeer is hoogleraar Bestuurskunde aan Wageningen Universiteit en Research Centrum.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.