Zoekresultaat: 2377 artikelen

x
Artikel

Access_open Publiek en privaat: een spannende relatie in de bouw- en infraketen

Reflectie op inrichten, aanbesteden en uitvoeren van DBFM(O)-projecten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, oktober 2015
Auteurs Frits Verhees, Alfons van Marrewijk, Wim Leendertse e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse rijksoverheid maakt steeds meer gebruik van DBFM(O)-contracten om grootschalige bouw- en infraprojecten te ontwikkelen en te realiseren (DBFM(O) staat voor Design, Build, Finance, Maintain en eventueel Operate). De organisatie en inrichting van deze contracten en projecten zijn ‘als vanzelfsprekend’ gegroeid en gestandaardiseerd, veelal gebaseerd op de internationale praktijk en buitenlandse voorbeelden. Dit artikel zet uiteen hoe DBFM(O)-projecten georganiseerd en gestructureerd worden door publieke en private partijen. Uit internationaal onderzoek blijkt dat de resultaten wisselend zijn, maar de potentiële voordelen van DBFM(O) zijn groot. Deze potentie blijkt uit de eerste praktijkervaringen in Nederland, maar we kennen inmiddels ook de eerste negatieve gevolgen voor betrokken risicodragende partijen. We onderscheiden bij DBFM(O) zes ‘conventies’ met onderliggende spanningen waar praktijk en wetenschap, in de Nederlandse verhoudingen, kritisch op zullen moeten reflecteren.


Frits Verhees
Frits Verhees is docent honorair Planologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en tendermanager bij Heijmans.

Alfons van Marrewijk
Alfons van Marrewijk is bijzonder hoogleraar Bedrijfsantropologie, gericht op Publiek-Private Samenwerking, aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wim Leendertse
Wim Leendertse is universitair hoofddocent Planologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en projectmanager bij Rijkswaterstaat.

Jos Arts
Jos Arts is bijzonder hoogleraar Milieu- en Infrastructuurplanning aan de Rijksuniversiteit Groningen en topadviseur bij Rijkswaterstaat.
Symposium

Midden- en Oosteuropese migranten in de Lage Landen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2015
Auteurs Monique Kremer, Jeroen Doomernik, François Levrau e.a.
Auteursinformatie

Monique Kremer
Monique Kremer is senior onderzoeker bij de WRR en bijzonder hoogleraar Actief Burgerschap aan de Universiteit van Amsterdam. Zij publiceerde onder andere Vreemden in de verzorgingsstaat. Hoe arbeidsmigratie en sociale zekerheid te combineren en redigeerde samen met anderen Hoe ongelijk is Nederland?

Jeroen Doomernik
Jeroen Doomernik is UD bij de afdeling Politicologie van de UvA en als onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Migratie en Etnische Studies (IMES). Zijn interesse gaat uit naar de onverwachte effecten en veranderende locaties van migratiemanagement. Recent publiceerde hij met Sanne Kos en Marcel Maussen Policies of Exclusion and Practices of Inclusion.

François Levrau
François Levrau is master in de klinische psychologie, master in de moraalwetenschappen en doctor in de sociale wetenschappen. Thans is hij als senior onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Migratie en Interculturele Studies van de Universiteit Antwerpen. Tevens neemt hij de algemene coördinatie op zich van het Steunpunt Inburgering en Integratie.

Christiane Timmerman
Christiane Timmerman is academisch directeur (ZAPBOF) van het Centrum voor Migratie en Interculturele Studies (CeMIS), Universiteit Antwerpen, waar ze verscheidene (inter)nationale projecten coördineert, o.a. EU FP7 project RESL.eu ‘Reducing Early School Leaving in Europe’. Zij is eveneens lid van de Board of Directors van het European Research Network on Migration, IMISCOE.
Article

Omzetting van Europese richtlijnen

Een balans van de omzettings- en nalevingsachterstand in Vlaanderen (2009-2013)

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2015
Trefwoorden transposition, EU Directives, Flanders, Internal Market Scoreboard
Auteurs Isabelle De Coninck
SamenvattingAuteursinformatie

    The European Commission publishes bi-annual internal market scoreboards which show the member states’ performance in realizing internal market rules. Timely and correct transposition of internal market directives is a crucial part hereof. Member states are regarded as unitary actors. Consequently the Commission does not differentiate the performances of their constituent sub-national entities. This article constructs the internal market scoreboards for Flanders (2009-2013) and holds these against the Belgian performance. In order to frame the fluctuations in the Flemish performance per scoreboard, external and internal factors that help explain maltransposition are pretested in the Flemish case. Flanders struggles with transposition, transposing barely a fourth of the directives under its competence timely and correctly, with timeliness being most problematic. The factors that seem to be connected to this performance, however, are structural and cannot easily be influenced. Further research is needed to go from this exploration toward explaining maltransposition in Flanders.


Isabelle De Coninck
Isabelle De Coninck is bachelor European Studies (Universiteit Maastricht) en master vergelijkende en internationale politiek (KU Leuven). Ze is wetenschappelijk medewerker aan het Instituut voor de Overheid van de KU Leuven, waar ze onderzoek voert naar de omzetting van EU-richtlijnen in subnationale entiteiten in het kader van SBOV III.
Research Note

Gendermainstreaming in de praktijk?

De case van EU-ontwikkelingssamenwerking met Rwanda onderzocht

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2015
Auteurs Petra Debusscher
Auteursinformatie

Petra Debusscher
Petra Debusscher is postdoctoraal onderzoeker van het FWO en verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Haar onderzoek bevindt zich op het kruispunt van de EU-studies en de genderstudies en richt zich specifiek op de genderdimensie van het Europees buitenlands beleid.
Research Note

Onbekende gezichten

Substantiële vertegenwoordiging van vrouwen door mannelijke, rechtse en niet-feministische parlementsleden

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2015
Auteurs Karen Celis en Silvia Erzeel
Auteursinformatie

Karen Celis
Karen Celis is als onderzoeksprofessor verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel en is co-directeur van RHEA Expertisecentrum Gender, Diversiteit, Intersectionaliteit. Ze verricht theoretisch en empirisch onderzoek naar de politieke vertegenwoordiging van groepen (vrouwen, etnische minderheden, klasse, holebi’s en leeftijdsgroepen), gelijkekansenbeleid en ‘staatsfeminisme’.

Silvia Erzeel
Silvia Erzeel is F.R.S.-FNRS postdoctoraal onderzoekster aan het Institut de sciences politiques Louvain-Europe (ISPOLE) van de Université catholique de Louvain en gastdocent aan de Universiteit Antwerpen. Haar onderzoek handelt over de interne werking van politieke partijen, politieke ideologie, vergelijkende politiek, en diversiteit/intersectionaliteit in Europese parlementen.
Article

Van de krant naar de Kamer en terug?

Een studie naar media-aandacht als inspiratie voor en resultaat van het Nederlandse vragenuur

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Question hour, media attention, parliamentary questions, newspaper coverage, content analysis
Auteurs Peter Van Aelst, Rosa van Santen, Lotte Melenhorst e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This study on the role of media attention for the Dutch question hour answers these questions: to what extent is media attention a source of inspiration for oral parliamentary questions? What explains the newsworthiness of these questions? And what explains the extent of media coverage for the questions posed during the question hour? To address this, we present a content analysis of oral parliamentary questions and related press coverage in five recent years. Results show first that oral questions are usually based on media attention for a topic. Concerns about media influence should however be nuanced: it is not necessarily the coverage itself, but also regularly a political statement that is the actual source of a parliamentary question. The media are thus an important ‘channel’ for the interaction between politicians. Second, our analysis shows that oral questions do not receive media attention naturally. Several news values help to explain the amount of news coverage that questions receive. ‘Surfing the wave’ of news attention for a topic in the days previous to the question hour seems to be the best way to generate media attention.


Peter Van Aelst
Peter Van Aelst is hoofddocent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen en lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). Daarnaast is hij deeltijds verbonden aan de Universiteit Leiden als coördinator van een VIDI-project ‘Beyond Agenda-setting’, een vergelijkende studie naar de wederkerige relatie tussen media en politiek.

Rosa van Santen
Rosa van Santen is projectleider bij het Commissariaat voor de Media. Daarvoor werkte zij als postdoc bij het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden op het VIDI-project ‘Beyond Agenda-setting’. Ze promoveerde in 2012 bij de Amsterdam School of Communication Research van de Universiteit van Amsterdam.

Lotte Melenhorst
Lotte Melenhorst is promovenda bij de Instituten voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden en de Universiteit Antwerpen en lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). Haar onderzoek maakt deel uit van het VIDI-project ‘Beyond Agenda-setting’ en concentreert zich op de rol van de media bij de totstandkoming van wetgeving.

Luzia Helfer
Luzia Helfer is promovenda bij de Instituten voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden en de Universiteit Antwerpen en lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek (M2P). In haar onderzoek bij het VIDI-project ‘Beyond Agendasetting’ bestudeert zij mechanismes in de wederkerige relatie tussen politiek en media, onder andere door middel van experimenteel onderzoek.
Article

Ideologische inertie op links, flexibiliteit op rechts?

Een onderzoek naar de mate van programmatische flexibiliteit bij liberalen en socialisten in België

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2015
Trefwoorden ideology, manifestos, party change, Belgium
Auteurs Nicolas Bouteca
SamenvattingAuteursinformatie

    In order to win elections political parties sometimes adapt their policy platforms to a changing society. But according to some scholars left-wing parties are in this regard more reluctant than right-wing parties. The former would show less programmatic flexibility than the latter. Other authors nuance this difference and state that leftist parties are ideologically more volatile at one moment and rightist parties at another time. In this article we empirically test whether rightist parties show more programmatic flexibility than leftist parties. We make use of an in depth quantitative analysis of the socio-economic policy proposals of the Belgian liberal and social-democratic parties between 1961 and 2010. We find that the right-wing liberal party indeed makes larger programmatic changes. The intensity of the ties with social groups such as trade unions is probably the most important variable to explain this difference.


Nicolas Bouteca
Nicolas Bouteca promoveerde in 2011 op een proefschrift over ideologische convergentie. Momenteel werkt hij als docent aan de vakgroep politieke wetenschappen van de Universiteit Gent en is hij lid van de onderzoeksgroep GASPAR. Zijn interesses zijn: ideologie, politieke partijen, electorale competitie en het Belgisch federalisme.

Leni Franken
Leni Franken is als postdoctoraal onderzoekster van het FWO verbonden aan het Centrum Pieter Gillis van de Universiteit Antwerpen. Haar onderzoek richt zich voornamelijk op hedendaagse politieke filosofie, overheidsneutraliteit, kerk-staatverhoudingen en levensbeschouwelijk onderwijs. In 2016 zal haar boek Liberal Neutrality and State Support for Religion: a Philosophical Analysis verschijnen.
Research Note

Henk, Henk en Ingrid: de gender gap in het radicaal rechtse electoraat belicht

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 4 2015
Auteurs Tim Immerzeel, Hilde Coffé en Tanja van der Lippe
Auteursinformatie

Tim Immerzeel
Tim Immerzeel is postdoctoraal onderzoeker bij de afdeling Sociologie van de Vrije Universiteit Amsterdam. In zijn huidige onderzoek richt hij zich op participatie in verschillende vormen van politiek (www.polpart.org). In zijn proefschrift, waarvan bovenstaand artikel deel uitmaakt, onderzocht hij de gevolgen van rechts-populisme op het stemgedrag van burgers.

Hilde Coffé
Hilde Coffé is als Senior Lecturer verbonden aan Victoria University of Wellington (NZ), Afdeling Politieke Wetenschappen en Internationale Relaties. Haar belangrijkste onderzoeksinteresses zijn stemgedrag, politieke participatie en publieke opinie.

Tanja van der Lippe
Tanja van der Lippe is hoogleraar Sociologie aan de Afdeling Sociologie van de Universiteit Utrecht. Haar onderzoek begeeft zich op het terrein van de familiesociologie en de organisatiesociologie en richt zich in het bijzonder op interdependenties tussen werk en privé in nationaal en internationaal vergelijkend perspectief.
Praktijk

Reflectie door vier spraakmakende leiders

Reactie uit de bestuurlijke praktijk

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Ir. Jan van Ginkel, Drs. Philippe Raets, Drs. Piet Buijtels e.a.
Auteursinformatie

Ir. Jan van Ginkel
Ir. J.C. van Ginkel MCM is gemeentesecretaris van Schiedam.

Drs. Philippe Raets
Drs. Ph.F.M. Raets is gemeentesecretaris van Rotterdam.

Drs. Piet Buijtels
Drs. P.J. Buijtels is gemeentesecretaris van Maastricht.

Mr. Arjan van Gils
Mr. A.H.P. van Gils is gemeentesecretaris van Amsterdam.

Prof. mr. dr. Helen Stout
Prof. mr. dr. H.D. Stout is hoogleraar Juridische aspecten van hybride organisaties aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam en redacteur van Bestuurswetenschappen.

Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de opleiding European Public Administration aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.
Artikel

Spanningsvolle verbindingen tussen verticale en horizontale sturing

Een empirische analyse van de Dialoogtafel in Groningen

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Drs. Arnout Ponsioen, Drs. Mildo van Staden en Prof. dr. Albert Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses the Dialogue Table (‘Dialoogtafel’ in Dutch) in Groningen, the most northern province in the Netherlands, as an example of connecting vertical and horizontal steering. The Dialogue Table was set up to supervise the spending of compensation money for the damage from the earthquakes caused by gas extraction in this province. The Dialogue Table combines vertical forms of governance, such as a unilateral imposition of the budget and the presidency of the Dialogue Table, and more horizontal forms such as equal deliberation between administrative bodies and stakeholders. The central questions are which tensions will occur in these two different logics of steering, how one deals with these tensions and which competences this requires from civil servants. An exploratory analysis of the case shows that tensions occur around (1) the starting conditions (costs, presidency, selection and representation), (2) the progress of the process (desired results, openness, inequality) and (3) the outcomes of the process (influence). On the basis of their research, the authors offer recommendations about the organization of such hybrid steering processes and indicate which competences are required in this respect from civil servants.


Drs. Arnout Ponsioen
Drs. A. Ponsioen heeft bijna twintig jaar ervaring in het advieswerk. Hij is sinds 2014 eigenaar van bureau DuiDT, dat advies, onderzoek en inspiratie biedt voor organisaties in de publieke sector die aansluiting zoeken bij de (online) netwerksamenleving.

Drs. Mildo van Staden
Drs. M. van Staden is senior-adviseur op het terrein van sturing, ICT en sociale media bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Prof. dr. Albert Meijer
Prof. dr. A.J. Meijer is hoogleraar Publieke Innovatie aan de Universiteit Utrecht en redacteur van Bestuurswetenschappen.
Artikel

De duurzaamheid van burgerinitiatieven

Een empirische verkenning

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Malika Igalla BSc en Dr. Ingmar van Meerkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Citizens’ initiatives are the focus of public attention as part of the popular ‘do-democracy’ (associative democracy). However, it is not clear to what extent citizens are able to shape self-organization in a sustainable manner, what the important factors in this respect are and if citizens’ initiatives are the sole preserve of a better educated group of citizens. Through a secondary quantitative analysis of 56 citizens’ initiatives, this article offers an empirical contribution to answering these questions. The authors explore the effects of three possible factors on the sustainability of citizens’ initiatives: the network structure of the citizens’ initiative, the organizational design of the initiative and the revenue model. They show significant relationships between the organizational design of citizens’ initiatives and their sustainability. They also show a relationship between the network structure of these initiatives and their sustainability: initiatives that develop into a fully connected network or a polycentric network are more sustainable than initiatives with a star network. The personal characteristics of the initiators show a dispersal in age, descent, gender and retirement. Relatively speaking, many initiators have a high level of education: 80% has a higher professional or university education. But there are no significant relations between these personal characteristics and the sustainability of citizens’ initiatives.


Malika Igalla BSc
M. Igalla BSc rondde in 2014 cum laude de bacheloropleiding bestuurskunde af aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ze is nu bezig aan haar masteropleiding Bestuurskunde: Beleid en Politiek.

Dr. Ingmar van Meerkerk
Dr. I.F. van Meerkerk is postdoctoraal onderzoeker bij het departement Bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam en doet onderzoek naar institutionele verankering en management van burgerinitiatieven op het terrein van stedelijke gebiedsontwikkeling.
Artikel

Big Data: een revolutie in gemeentelijk beleid?

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Tom Daalhuijsen MSc, Sebastiaan Steenman MSc en Prof. dr. Albert Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Big Data is the new hype in municipal policy and the promise of Big Data is rationalization: better policy that is based on better information. In this article the authors investigate the extent to which the use of Big Data in municipal organizations results in a more rational policy process. Their empirical research was held in two Dutch municipalities: Tilburg, in the south of the Netherlands, and Assen, in the north of the Netherlands. They investigated how Tilburg deploys Big Data for the fight against crime and Assen is trying to improve its traffic management with Big Data. Their analysis shows that policy, more so than in the past, is being steered by specific information because Big Data is being used. The rationalization of policy, however, is limited by the possibilities of Big Data and by political dynamics. Their final conclusion therefore is that the uncertainty, unfamiliarity, complexity and constant change are partly made manageable and controllable by the use of Big Data in municipal organizations. Politics is also partly ‘tamed’ because politicians have to relate to ‘objective data’ from information systems.


Tom Daalhuijsen MSc
T. Daalhuijsen MSc werkt sinds kort als business analist bij Capgemini Nederland. Hij is in 2014 afgestudeerd bij de masteropleiding Bestuur en Beleid van de Universiteit Utrecht.

Sebastiaan Steenman MSc
S.C. Steenman MSc is docent in de bacheloropleiding Bestuurs- en Organisatiewetenschap en de masteropleiding Bestuur en Beleid van de Universiteit Utrecht.

Prof. dr. Albert Meijer
Prof. dr. A.J. Meijer is hoogleraar Publieke Innovatie aan de Universiteit Utrecht en redacteur van Bestuurswetenschappen.
Praktijk

Woorden die werken: spraakmakend leiderschap van gemeentesecretarissen

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Prof. dr. Mark van Twist, Dr. Martijn van der Steen, Marij Swinkels MA e.a.
Auteursinformatie

Prof. dr. Mark van Twist
Prof. dr. M.J.W. van Twist is decaan van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB).

Dr. Martijn van der Steen
Dr. M.A. van der Steen is co-decaan Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB).

Marij Swinkels MA
M. Swinkels MA is onderzoeker en leermanager bij de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB).

Ilsa de Jong MSc
I. de Jong MSc is onderzoeker en leermanager bij de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB).

Dr. Ringo Ossewaarde
Dr. M.R.R. Ossewaarde is universitair hoofddocent sociologie aan de universiteit Twente
Redactioneel

Inleiding: Staat en toekomst van de bestuurskunde

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2015
Auteurs Dr. Haiko van der Voort en Dr. Philip Marcel Karré
Auteursinformatie

Dr. Haiko van der Voort
Dr. H.G. van der Voort is als universitair docent werkzaam aan de TU Delft, Faculteit Techniek, Bestuur en Management.

Dr. Philip Marcel Karré
Dr. P.M. Karré is als senior onderzoeker verantwoordelijk voor het onderzoek naar sociaal ondernemerschap bij het lectoraat Dynamiek van de Stad van Hogeschool InHolland, Rotterdam. Bij de Hogeschool van Amsterdam is hij een van de kerndocenten van de masteropleiding Urban Management. Hij houdt zich in zijn onderzoek en onderwijs met name bezig met de effecten van botsende waarden in stedelijke context.
Artikel

Verdien ik niet te veel?

Loonfatsoen voor bestuurskundigen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2015
Trefwoorden income differences, maximum wage in the public sector
Auteurs Prof. dr. Margo Trappenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    During the first decades after World War II income policy was an important topic of public debate in the Netherlands. This changed in the eighties and nineties when gross wages were ‘demoralized’ and taken off the political agenda. Income policy was deemed pointless, inefficient, or superfluous. Moreover wages were determined according to technocratic schemes designed by consultancy firms. These schemes encourage employees to compare themselves with people with a comparable education in other organizations rather than with coworkers in their own organization thus fostering a caste mentality.
    However, following the financial crisis a cry for remoralization was launched which ended in a new law which determined that civil servants and top administrators in public organizations should never earn more than a government minister (178.000 euros per annum). In this article it is argued that such a partial remoralization of the highest wages in the public sector is unsatisfactory. It is argued that wages at large should be a moral topic for organizations that should explain their reward policy for their highest and lowest employees, thus encouraging workers to see themselves as members of their organization rather than their educational caste. Public administration scholars should play a role in this debate.


Prof. dr. Margo Trappenburg
Prof. dr. M.J. Trappenburg is universitair hoofddocent Bestuurs- en Organisatiewetenschappen aan de Universiteit Utrecht en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit voor Humanistiek. Zij publiceert over gezondheidszorgbeleid, de verzorgingsstaat en over ethische vraagstukken. In 2014 verscheen van haar hand Loonfatsoen. Eerlijk verdienen of graaicultuur?, samen met Wout Scholten en Thijs Jansen. Trappenburg heeft een eigen website: www.margotrappenburg.nl.
Toont 981 - 1000 van 2377 gevonden teksten
1 2 42 43 44 45 46 47 48 50 »
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.