Zoekresultaat: 148 artikelen

x
Jaar 2013 x
Artikel

Waarom het maar niet wil lukken…

Rijksbeleid en uitvoeringspraktijk voor cultuur en immigranten 1980-2004

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2013
Trefwoorden immigrants, policy, conceptual-world, failing implementation
Auteurs Dr. Eltje Bos
SamenvattingAuteursinformatie

    In the aftermath of the last millennium a vice minister intended to realise what his predecessors of almost 25 years planned but never accomplished. The cultural expressions of immigrants were supposed to become integrated in the general cultural policy and the subsidized cultural organisations. The article explores why the policies never were formulated and implemented as the various (vice-)ministers explicitly intended.The main reason seems to be the dominance of the romantic universal interpretation of the notion ‘artistic quality’. The mentioned vice minister explicitly challenged this dominance, but didn’t succeed.Subsidies in the cultural sector were and are mainly allocated because of the artistic quality of cultural expressions. The majority of the key actors in this sector such as advisors, cultural institutions, politicians tend to have a romantic universal perspective on quality. These actors seemed to be unwilling or unable to broaden up their conception of quality. Due to this special implementation arrangements were created for the cultural expressions of immigrants. This implied the integration never was accomplished, and over time both cultural institutions and immigrant initiatives seemed relatively content with these arrangements.


Dr. Eltje Bos
Dr. Eltje Bos is opleidingsmanager Culturele en Maatschappelijke Vorming en programmaleider onderzoek Culturele en Sociale Dynamiek aan de Hogeschool van Amsterdam, e.bos@hva.nl.
Discussie

Inleiding

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2013
Auteurs Ewald Engelen
Auteursinformatie

Ewald Engelen
Ewald Engelen is redactielid van Beleid en Maatschappij

    De gemeente Groningen heeft met de inzet van burgerparticipatie nieuw armoedebeleid ontwikkeld. Daarbij is gebruikgemaakt van elementen van een nieuwe onderzoeksmethodiek: de ‘Deliberatieve Peiling’. Dit artikel beschrijft de door Onderzoek en Statistiek (O&S) Groningen ingezette vernieuwende onderzoeksmethode.

    Bij een dergelijke peiling wordt een representatief deel van de doelgroep (in dit geval minima) uitgenodigd mee te werken. Deze groep is zo goed mogelijk (objectief) voorgelicht over de voor- en nadelen die samenhangen met mogelijke keuzes voor nieuw armoedebeleid. We hebben gebruikgemaakt van filmfragmenten om informatie over armoedevraagstukken over te dragen. Op basis daarvan en van de eigen ervaringsdeskundigheid wordt samen met beleidsmakers het nieuwe armoedebeleid vastgesteld.

    Opvallend aan deze aanpak is dat we minima als experts bij de totstandkoming van nieuw armoedebeleid hebben ingezet. Deze experts hebben uiteindelijk onder leiding van speciaal getrainde gespreksleiders gezamenlijk gekozen voor vier thema's. Deze thema's zullen aan de basis liggen van het nieuwe armoedebeleid.


Klaas Kloosterman
Drs. Klaas Kloosterman studeerde psychologie en werkt sinds 1998 bij O&S Groningen, waarvan geruime tijd als senior onderzoeker. Hij doet onderzoek op de gebieden zorg, welzijn, werk en inkomen.
Article

Gender en etniciteit in de Tweede Kamer: streefcijfers en groepsvertegenwoordiging

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Trefwoorden quotas, target numbers, political representation, affirmative action, ethnicity, gender
Auteurs Liza Mügge en Alyt Damstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Women and ethnic minorities are underrepresented in national parliaments around the world. Interestingly, in the Netherlands ethnic minority women are better represented than ethnic minority men and ethnic majority women. The Netherlands did not adopt gender quotas, but some parties implemented target numbers. Drawing on document analysis and interviews, this article explores whether parties that encourage women’s representation are also likely to increase the number of ethnic minority representatives. It finds that party-specific factors such as a left or social democratic ideology, the institutionalization of gender and/or ethnicity within the party and the party’s vision on group representation are intertwined. Parties that actively encourage women’s representation are more inclined to openly acknowledge the importance of ethnic diversity. This especially favours ethnic minority women, who benefit from the strong embedding of gender. In the end gender determines the success of the ethnic card in political representation.


Liza Mügge
Liza Mügge is universitair docent aan de afdeling politicologie van de Universiteit van Amsterdam en Associate Director van het Amsterdam Research Center for Gender & Sexuality (ARC-GS).

Alyt Damstra
Alyt Damstra volgt de Research Master Social Sciences en is student-assistent aan de afdeling politicologie van de Universiteit van Amsterdam.
Article

Genderquota als een kieshervorming: terug naar de context, actoren en belangen

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Trefwoorden gender quotas, electoral reform, women’s interests, strategic interests, Belgium
Auteurs Karen Celis en Petra Meier
SamenvattingAuteursinformatie

    This article returns to the meanwhile classic question of which factors explain the adoption of gender quotas, but approaches the issue through the literature on electoral reform. It argues that the latter offers two new issues to be studied when it comes to the adoption of gender quotas. Firstly, the definition of the political-institutional and socioeconomic context in which gender quotas are adopted should be broadened, and international institutions, much focused upon in research on gender quotas, should be integrated in this definition of the context in which gender quotas get adopted, so as to facilitate comparative research. Secondly, research needs to approach actors striving for gender quotas more critically. This implies paying more attention to the women/feminist stakeholders involved in campaigns for gender quotas, as well as to their strategic motivations and possible self-interest.


Karen Celis
Karen Celis is als onderzoeksprofessor verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel en is lid van het RHEA Centrum voor Gender & Diversiteit. Ze verricht theoretisch en empirisch onderzoek naar de politieke vertegenwoordiging van groepen.

Petra Meier
Petra Meier is hoofddocent aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen. Haar onderzoek concentreert zich voornamelijk op de (re)presentatie van gender in politiek en beleid.
Research Note

Belangenbehartiging door lidstaten in de Commissie-fase

Institutionele randvoorwaarden voor de beïnvloeding van ‘Brussel’

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Auteurs Markus Haverland en Duncan Liefferink
Auteursinformatie

Markus Haverland
Markus Haverland is hoogleraar Politieke Wetenschappen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Duncan Liefferink
Duncan Liefferink is als universitair docent verbonden aan de Leerstoelgroep Milieu en Beleid, Instituut voor Management Research, Radboud Universiteit Nijmegen.

Laure Michon
Laure Michon is politicologe en is in 2011 gepromoveerd aan de Universiteit van Amsterdam. Zij schreef artikelen en bijdragen over de politieke participatie van migranten in Nederland en Frankrijk. Sinds 2011 werkt zij bij het Bureau voor Onderzoek en Statistiek van de Gemeente Amsterdam.
Article

“Won’t You Be My Number Two?”

De invloed van genderquota op het rekruteringsproces van vrouwelijke burgemeesters in het Vlaams Gewest van België (2012)

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Trefwoorden gender inequality, quota laws, local elections, female mayors
Auteurs Joost de Moor, Sofie Marien en Marc Hooghe
SamenvattingAuteursinformatie

    The number of female councilors has increased significantly since the introduction of gender quotas for local elections in the Flemish Region of Belgium. However, a strong underrepresentation of women remains in the most important position in local politics: the mayoralty. Consequently, the underlying goal of the quota laws – equal representation of women and men in politics – has only been realized to a limited extent. In this article, we investigate which factors influence the inclusion or exclusion of women within three crucial stages of the recruitment process for mayors: 1) the composition of party-lists and the nomination of the first candidate on the list; 2) the acquirement of preferential votes; and 3) the appointment of the mayor. The findings of this study show that the position of first candidate on the list is crucial for the attainment of the mayoralty and that four out of five of these candidates are male. Hence, the nomination of the first candidate on this list constitutes an important exclusion mechanism in the recruitment of women as mayor.


Joost de Moor
Joost de Moor is doctoraal onderzoeker aan het Centre for Citizenship & Democracy aan de KU Leuven. Zijn onderzoek focust zich voornamelijk op sociale bewegingen, politieke participatie en political efficacy.

Sofie Marien
Sofie Marien is FWO postdoctoraal onderzoeker aan het Centre for Citizenship & Democracy aan de KU Leuven en gastdocent aan Åbo Akademi University. Haar voornaamste onderzoeksinteresses zijn politiek vertrouwen, publieke opinie en politieke participatie.

Marc Hooghe
Marc Hooghe is gewoon hoogleraar politieke wetenschappen aan het Centre for Citizenship and Democracy.
Article

Hoe parlementsleden denken over de legitimiteit van quota: een Europese vergelijking

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Trefwoorden gender quotas, affirmative action, political representation, Members of Parliament, comparative research
Auteurs Silvia Erzeel en Didier Caluwaerts
SamenvattingAuteursinformatie

    Even though gender quotas are increasingly adopted, the legitimacy of such measures remains an issue of controversy. In this contribution, we ask how MPs, i.e. the key players in the implementation and adoption of quotas, think about affirmative action, and under which conditions they find quotas to be legitimate measures for improving gender equality. Our results reveal that much variation exists as to how MPs perceive the legitimacy of quotas. This variation plays out at both the individual and the macro level. Women and left-wing MPs consider quotas to be more legitimate than men and right-wing MPs. The openness of the parliamentary arena towards women’s movement proves to be an important condition for the positive evaluation of quotas. The broader electoral and parliamentary context only has a conditional effect: it influences female MPs’ assessment of quotas but not that of male legislators.


Silvia Erzeel
Silvia Erzeel is F.R.S.-FNRS postdoctoraal onderzoekster (chargée de recherche) aan het Institut de sciences politiques Louvain-Europe (ISPOLE) van de Université catholique de Louvain. Haar onderzoek handelt over politieke vertegenwoordiging, politieke partijen en gender.

Didier Caluwaerts
Didier Caluwaerts is als postdoctoraal onderzoeker van het FWO verbonden aan de vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel, en als Fulbright Frank Boas Fellow aan het Ash Center for Democracy van Harvard University. Zijn onderzoek gaat over participatieve en deliberatieve democratie.
Article

Genderquota in de wetenschap, het bedrijfsleven en de rechterlijke macht in België

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Trefwoorden gender quotas, policy, science, business, judges
Auteurs Eva Schandevyl, Alison E. Woodward, Elke Valgaeren e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Belgium is an early adapter of gender quotas to increase the presence of women in decision-making, as quotas for advisory councils and electoral politics date from the 1990’s. The advisory commission regulations had effects for research and scientific bodies, while the boards of publically funded corporations recently came into view. Notwithstanding many attempts, gender quotas have not (yet) been introduced in the higher regions of the justice system. This article investigates the lively scene of debates on Belgian quotas and comparatively explores the process of adopting quotas in science, business and justice. It focuses on the intensity of the debates, the arguments constituting the debate and the main actors driving it. The analysis demonstrates rich variation with respect to these three elements, which points to the importance of nuanced and context specific analyses when implementation processes of quotas in various sectors are studied.


Eva Schandevyl
Eva Schandevyl is deeltijds onderzoeksprofessor aan RHEA Onderzoekscentrum Gender & Diversiteit en het Departement Metajuridica van de Vrije Universiteit Brussel. Haar onderzoek heeft onder meer betrekking op intellectuele geschiedenis, vrouwenrechten en de geschiedenis van justitie.

Alison E. Woodward
Alison E. Woodward is hoogleraar aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel, co-voorzitter van RHEA en Senior Fellow van The Institute for European Studies. Haar recent onderzoek behandelt de rol van het transnationale middenveld in de EU-crisis en gender in de besluitvorming.

Elke Valgaeren
Elke Valgaeren was op het ogenblik van de redactie van deze bijdrage operationeel directeur van het onderzoekscentrum SEIN – Identity, Diversity & Inequality Research, Universiteit Hasselt. Ze verrichtte er onderzoek naar diversiteit in het bedrijfsleven. Momenteel is ze diensthoofd van de studiedienst van de Gezinsbond.

Machteld De Metsenaere
Machteld De Metsenaere is gewoon hoogleraar aan de Faculteit Recht en Criminologie van de VUB en sinds 1992 directeur van RHEA. Haar onderzoek concentreert zich op gender (geschiedenis), geschiedenis van collaboratie en repressie, gelijke kansen en diversiteit.
Symposium

De zin en onzin van genderquota in het bedrijfsleven

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Auteurs Sabine de Bethune, Sonja Becq, Nick Deschacht e.a.
Auteursinformatie

Sabine de Bethune
Sabine de Bethune is senatrice voor de CD&V-fractie en sinds 2011 voorzitster van de Belgische Senaat.

Sonja Becq
Sonja Becq is federaal volksvertegenwoordiger voor de Vlaamse christendemocratische partij CD&V.

Nick Deschacht
Nick Deschacht is arbeidseconoom en docent aan de Hogeschool-Universiteit Brussel (KU Leuven). Zijn onderzoek spitst zich toe op het kwantitatief analyseren van discriminatie op de arbeidsmarkt en van de relatie tussen gender en carrières.

Eelke Heemskerk
Eelke Heemskerk is universitair docent politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde in 2007 op ‘Decline of the Corporate Community’ en schreef samen met Meindert Fennema ‘Nieuwe Netwerken, de elite en de ondergang van de NV Nederland’.

Meindert Fennema
Meindert Fennema is emeritus hoogleraar politieke theorie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde in 1981 op ‘International Networks of Banks and Industry’.

Karen Celis
Karen Celis is als onderzoeksprofessor verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel en is lid van het RHEA Centrum voor Gender & Diversiteit. Ze verricht theoretisch en empirisch onderzoek naar de politieke vertegenwoordiging van groepen.

Sarah Childs
Sarah Childs is Professor of Politics and Gender aan de Universiteit van Bristol.
Introduction

Quo vadis quota? M/V van politiek tot bedrijf

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Auteurs Karen Celis en Silvia Erzeel
Auteursinformatie

Karen Celis
Karen Celis is als onderzoeksprofessor verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel en is lid van het RHEA Centrum voor Gender & Diversiteit. Ze verricht theoretisch en empirisch onderzoek naar de politieke vertegenwoordiging van groepen.

Silvia Erzeel
Silvia Erzeel is F.R.S.-FNRS postdoctoraal onderzoekster (chargée de recherche) aan het Institut de sciences politiques Louvain-Europe (ISPOLE) van de Université catholique de Louvain. Haar onderzoek handelt over politieke vertegenwoordiging, politieke partijen en gender.
Research Note

Wat is ‘publieke verantwoording’?

Over forums en functies

Tijdschrift Res Publica, Aflevering 3 2013
Auteurs Tom Willems en Wouter Van Dooren
Auteursinformatie

Tom Willems
Tom Willems is als aspirant van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Management & Bestuur’, Universiteit Antwerpen.

Wouter Van Dooren
Wouter Van Dooren is als hoofddocent Bestuurskunde verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Management & Bestuur’, Universiteit Antwerpen.
Artikel

De normaalste zaak van de wereld?

Grensoverschrijdende attitudes van Nederlandse politiefunctionarissen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2013
Trefwoorden policing, attitudes, European Union, cross-border
Auteurs Jeroen Candel en Sebastiaan Princen
SamenvattingAuteursinformatie

    Because of the blurring of the European internal borders, combating crime is demanding closer cross-border collaboration between police forces. For that reason, the Dutch police have expressed the objective that dealing with cases with an international component should be an integral part of the job for every police officer. This study focuses on the attitudes of Dutch police officers regarding cross-border policing, and seeks to determine which factors have the greatest effect on those attitudes. This attitude approach contrasts with more traditional, top-down approaches, by shifting the focus to micro dynamics on the individual level. The methods chosen for addressing this research objective consist of semi-structured interviews and observations. The results show that the current attitude of Dutch police officers is mainly determined by the extent to which they have had to deal with international issues in their daily work. Although strong organization-wide attitudes towards cross-border policing are not likely to arise, much could still be gained by facilitating cross-border experiences and making more coherent efforts at socialization.


Jeroen Candel
J. Candel MA is als promovendus verbonden aan de leerstoelgroep Bestuurskunde van Wageningen University.

Sebastiaan Princen
Dr. S. Princen is universitair hoofddocent op het gebied van internationaal en Europees bestuur op het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap van Universiteit Utrecht.
Boekbespreking

Publieke belangen in de markt en de samenleving

Bespreking rapport Publieke zaken in de marktsamenleving, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, 2012

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2013
Auteurs Ernst ten Heuvelhof
Auteursinformatie

Ernst ten Heuvelhof
Prof. mr. dr. E. ten Heuvelhof is hoogleraar Bestuurskunde aan de TU Delft en de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Initiatie: de ontbrekende schakel in beleidsevaluatieonderzoek?

Drie hefbomen voor beter gebruik van beleidsevaluaties

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2013
Auteurs Peter Oomsels en Valérie Pattyn
Auteursinformatie

Peter Oomsels
P. Oomsels is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Instituut voor de Overheid en het Steunpunt Bestuurlijke Organisatie Vlaanderen (KU Leuven). Hij is master in het Overheidsmanagement en -beleid en in de Beleidseconomie en bachelor in de Politieke en Sociale Wetenschappen (KU Leuven).

Valérie Pattyn
V. Pattyn is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Instituut voor de Overheid (KU Leuven). Zij is licentiaat in de politieke wetenschappen (KU Leuven, University of Exeter) en kandidaat in de pedagogische wetenschappen (KU Leuven).
Artikel

De stille ideologie in het techniekdebat

Hoe de informatierevolutie in de politieke luwte ons mens-zijn verandert

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2013
Trefwoorden information revolution, NBIC-convergence, biopolitics, belief in technological progress, silent ideology
Auteurs Rinie van Est
SamenvattingAuteursinformatie

    The information revolution, and in particular the convergence of nanotechnology, biotechnology, information technology and cognitive technology, creates a new societal arena: biopolitics. This so-called NBIC-convergence strengthens the promise that live, including our bodies (e.g. genes), brains (e.g. attention) and social environment (e.g. social contacts and consumer behaviour), can be brought into the domain of technological manipulability. NBIC-convergence, therefore, raises many social and ethical issues. The dominant naïve belief in progress through technology often stands in the way of a timely and adequate governance of these issues. The current situation in which the information revolution is mainly developing on the political sidelines, can lead to thorny societal and political problems in the mid and long-term.


Rinie van Est
Dr. ir. R. van Est is onderzoekcoördinator en trendcatcher bij de afdeling Technology Assessment van het Rathenau Instituut. Hij is natuurkundige en politicoloog en houdt zich bezig met de politiek van opkomende technologieën zoals nanotechnologie, robotica, synthetische biologie en persuasieve technologie.
Toont 61 - 80 van 148 gevonden teksten
1 2 4 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.