Zoekresultaat: 150 artikelen

x
Artikel

Grenzen verleggen in een dialoog over watermonitoring: beperkingen en kansen voor een transitie naar een bio-based economie

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Boundary work, Monitoring water quality, Sustainability Transitions, Bio based economy, Dialogue
Auteurs Dr. Tamara Metze en Dr. Tjerk Jan Schuitmaker
SamenvattingAuteursinformatie

    A transition to a bio based economy requires social and technological innovations. Transition management theory holds that these innovations take place in niches that can bring about structural change in society, politics and the economy in a stepwise manner. However, these innovations are always subjected to systemic barriers, such as regulations and institutional structures, that need to be overcome. This was also the case in a consortium of government, industry and eco-toxicologists that collaboratively developed innovative water monitoring tools. In this contribution the authors investigate how systemic barriers can be made productive in a science-society dialogue by creating reflexivity and learning. They conducted a frame analysis of interviews and policy documents to unravel systemic barriers to innovation – in the form of discursive boundary work: the routinized demarcations of practices. Second, they experimented with a science-society dialogue to reflect on these routinized demarcations and develop alternatives to overcome these boundaries. The research demonstrates that reflective conversations occurred and that participants developed a boundary concept of ‘living water’ that enhanced their innovative collaboration and technology.


Dr. Tamara Metze
Dr. T.A.P. Metze is verbonden aan de Universiteit van Tilburg.

Dr. Tjerk Jan Schuitmaker
Dr. T.J. Schuitmaker is verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Over de werking en waardering van kennispraktijken

Of hoe een vraagstuk het onderzoek krijgt dat het verdient

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2015
Trefwoorden boundary work, Integration & Implementation Sciences, practice approach, knowledge intermediary, knowledge transfer
Auteurs Drs. Robert Duiveman, Prof. dr John Grin, Prof. dr John Hafkamp e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    When scientific values like objectivity, validity and reliability are inadequate for designing research that enables society’s capacity for dealing with unstructured problems, which values or criteria should we use for designing adequate knowledge practices? Based on the articles in this special issue we answer this question by analysing the methods researchers have used for selecting stakeholders, knowledges, synthesis, context and outcome in new knowledge practices. Although a common language for comparison and documentation is lacking, the analysis provides recommendations for better designing interaction between scientific and other practices. The most important message however is that we need a designated platform for exchanging and evaluating experiences and discussing methods and the outcomes they yield.


Drs. Robert Duiveman
Drs. R.M. Duiveman is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

Prof. dr John Grin
Prof. dr J. Grin is hoogleraar Beleidswetenschap, in het bijzonder systeeminnovaties, aan de Universiteit van Amsterdam.

Prof. dr John Hafkamp
Prof. dr. W. Hafkamp is verbonden aan de Erasmus Universiteit.

Dr. Tamara Metze
Dr. T.A.P. Metze is verbonden aan de Universiteit van Tilburg.
Artikel

Access_open Publiek en privaat: een spannende relatie in de bouw- en infraketen

Reflectie op inrichten, aanbesteden en uitvoeren van DBFM(O)-projecten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, oktober 2015
Auteurs Frits Verhees, Alfons van Marrewijk, Wim Leendertse e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse rijksoverheid maakt steeds meer gebruik van DBFM(O)-contracten om grootschalige bouw- en infraprojecten te ontwikkelen en te realiseren (DBFM(O) staat voor Design, Build, Finance, Maintain en eventueel Operate). De organisatie en inrichting van deze contracten en projecten zijn ‘als vanzelfsprekend’ gegroeid en gestandaardiseerd, veelal gebaseerd op de internationale praktijk en buitenlandse voorbeelden. Dit artikel zet uiteen hoe DBFM(O)-projecten georganiseerd en gestructureerd worden door publieke en private partijen. Uit internationaal onderzoek blijkt dat de resultaten wisselend zijn, maar de potentiële voordelen van DBFM(O) zijn groot. Deze potentie blijkt uit de eerste praktijkervaringen in Nederland, maar we kennen inmiddels ook de eerste negatieve gevolgen voor betrokken risicodragende partijen. We onderscheiden bij DBFM(O) zes ‘conventies’ met onderliggende spanningen waar praktijk en wetenschap, in de Nederlandse verhoudingen, kritisch op zullen moeten reflecteren.


Frits Verhees
Frits Verhees is docent honorair Planologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en tendermanager bij Heijmans.

Alfons van Marrewijk
Alfons van Marrewijk is bijzonder hoogleraar Bedrijfsantropologie, gericht op Publiek-Private Samenwerking, aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wim Leendertse
Wim Leendertse is universitair hoofddocent Planologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en projectmanager bij Rijkswaterstaat.

Jos Arts
Jos Arts is bijzonder hoogleraar Milieu- en Infrastructuurplanning aan de Rijksuniversiteit Groningen en topadviseur bij Rijkswaterstaat.

Dr. Rik Reussing
Dr. G.H. Reussing is onderwijscoördinator van de opleiding European Public Administration aan de Universiteit Twente en redactiesecretaris van Bestuurswetenschappen.
Artikel

Spanningsvolle verbindingen tussen verticale en horizontale sturing

Een empirische analyse van de Dialoogtafel in Groningen

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 3 2015
Auteurs Drs. Arnout Ponsioen, Drs. Mildo van Staden en Prof. dr. Albert Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses the Dialogue Table (‘Dialoogtafel’ in Dutch) in Groningen, the most northern province in the Netherlands, as an example of connecting vertical and horizontal steering. The Dialogue Table was set up to supervise the spending of compensation money for the damage from the earthquakes caused by gas extraction in this province. The Dialogue Table combines vertical forms of governance, such as a unilateral imposition of the budget and the presidency of the Dialogue Table, and more horizontal forms such as equal deliberation between administrative bodies and stakeholders. The central questions are which tensions will occur in these two different logics of steering, how one deals with these tensions and which competences this requires from civil servants. An exploratory analysis of the case shows that tensions occur around (1) the starting conditions (costs, presidency, selection and representation), (2) the progress of the process (desired results, openness, inequality) and (3) the outcomes of the process (influence). On the basis of their research, the authors offer recommendations about the organization of such hybrid steering processes and indicate which competences are required in this respect from civil servants.


Drs. Arnout Ponsioen
Drs. A. Ponsioen heeft bijna twintig jaar ervaring in het advieswerk. Hij is sinds 2014 eigenaar van bureau DuiDT, dat advies, onderzoek en inspiratie biedt voor organisaties in de publieke sector die aansluiting zoeken bij de (online) netwerksamenleving.

Drs. Mildo van Staden
Drs. M. van Staden is senior-adviseur op het terrein van sturing, ICT en sociale media bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Prof. dr. Albert Meijer
Prof. dr. A.J. Meijer is hoogleraar Publieke Innovatie aan de Universiteit Utrecht en redacteur van Bestuurswetenschappen.

Dr. Ringo Ossewaarde
Dr. M.R.R. Ossewaarde is universitair hoofddocent sociologie aan de universiteit Twente
Artikel

Externe advisering binnen de Nederlandse overheid

Naar een empirisch en theoretisch onderbouwde onderzoeksagenda

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2015
Trefwoorden external policy advisors, policy advisory systems, survey research
Auteurs Dr. Caspar van den Berg, MSc MA Arjen Schmidt en Carola van Eijk MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we discuss the influence of external policy advisors on the policy process. In the Dutch context, little is known about the role, function and influence of external policy advisors (like consultants) who are hired on a temporary basis by the government. Based on a survey (N = 378) this study provides a profile of external policy advisors and the nature of their advice work. An interesting result is that external advisors generally conduct process-related policy work, but may also provide policy substance. Furthermore, the article develops an empirically and theoretically informed research agenda as a starting point for additional research.


Dr. Caspar van den Berg
Dr. C.F. van den Berg is als UHD verbonden aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden.

MSc MA Arjen Schmidt
A.J. Schmidt, MSc MA is als promovendus verbonden aan de afdeling Organisatiewetenschappen,Vrije Universiteit van Amsterdam.

Carola van Eijk MSc
C.J.A. van Eijk, MSc is als promovenda verbonden aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden.

    Emery Roe’s nieuwste boek, Making the Most of Messes, biedt een verfrissend antwoord op de uitdagingen waarvoor de huidige bestuurskunde zich gesteld ziet om problemen van collectief handelen onder vaak grote tijdsdruk aan te pakken met beleid, organisatie en publiek management.
    Aan de hand van actuele, veelal Nederlandse, voorbeelden worden de hoofdthema’s uit dit boek besproken. Daarin staat centraal dat veel beleid en bestuur tegenwoordig een ‘janboel’ (‘mess mongering’) veroorzaakt en dat daardoor steeds meer aandacht uitgaat naar het managen of beheersbaar houden van die ‘troep’ (‘mess management’).
    Roe bezint zich in dit boek op de vraag hoe politiek en bestuur dit soort ‘policy messes’ kunnen beheersen of voorkomen om betrouwbaarder om te gaan met voor burgers en consumenten vitale dienstverlening van wankelende banken, onvoorspelbaar treinverkeer en ander openbaar vervoer, dichtslibbende wegen, achterstallig dijkonderhoud, mislukkende ICT-projecten, uit elkaar vallende of slecht functionerende netwerken voor jeugd- en ouderenzorg, et cetera.


Rob Hoppe
Rob Hoppe is hoogleraar Beleid en Kennis aan de Universiteit Twente.

    In this contribution to the special issue on his own book ‘If Mayors Ruled the World: Dysfunctional Nations, Rising Cities’ Benjamin Barber first explains the background of his proposal to establish a global parliament of mayors: the failure of nation-states in solving the problems of the 21st century. The hope for a democratic solution lies especially in the rise of the cities and their mayors. A crucial role in this solution should be played by a global parliament of mayors. According to Barber the key issues for such a global parliament of mayors are climate change, immigration, policing and violence and urban autonomy. The biggest practical problem of this project is how thousands of representatives could meet on a regular basis. The digital technology of the information age offers the solution for this practical problem through a virtual platform for meetings of the global parliament of mayors. The global parliament of mayors is a unique form of intercity association that establishes a new form of political authority rooted in universal-rights claims: the rights of the city and citizens.


Prof. dr. Benjamin Barber
Prof. dr. B.R. Barber is als onderzoeker verbonden aan het Center on Philanthropy and Civil Society, The Graduate Center, The City University of New York.

    The central argument according to Eric Corijn in the book of Benjamin Barber is that a legitimate political authority should be created that can add some governance, some regulation to the world system. Within the world system a democratic deficit has emerged that is caused by the process of globalization, in which international political and economic decisions are taken without reference to a global constituency, civil society, citizenship or global public opinion. Eric Corijn sees four strong arguments for an increased political role of mayors through a Global Parliament of Mayors. He also discusses three structural global challenges that can better be dealt with by cities than by dysfunctional nations: a) our relationship with nature, b) the growing social inequality, c) superdiversity resulting from migration and socio-cultural diversification. In dealing with these issues (the political agenda) the Global Parliament of Mayors should act in a pragmatic way.


Prof. dr. Eric Corijn
Prof. dr. E. Corijn is cultuurfilosoof, sociaal wetenschapper en hoogleraar Stadsgeografie aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij is oprichter van Cosmopolis, Centre for Urban Research (http://www.cosmopolis.be).
Boekbespreking

Governance van woningcorporaties

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2014
Trefwoorden social rented sector, hybrid organization, public interest, housing association, the Netherlands
Auteurs Hugo Priemus
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution presents a review of four publications, selected as building blocks for designing a policy for competent governance of Dutch housing associations. These publications are about:

    • hybrid organisations: Verhoef & Simon (2001);

    • securing public interests: WRR (2000);

    • problems around core tasks, side activities and achievements of housing associations: ARK (2014);

    • the complex separation of social and commercial activities: CFV (2014).


    After analyzing these four publications, a proposal is presented for the future governance of Dutch housing associations. An exclusive orientation on social activities, a discontinuation of commercial activities and a termination of state aid are suggested


Hugo Priemus
Hugo Priemus emeritus hoogleraar, is verbonden aan het Onderzoeksinstituut OTB, Technische Universiteit Delft.

    The focus of the diversity policy in the Dutch public sector has moved during the past decennia. In the eighties offering equal chances for the different target groups was the central policy goal, after the millennium this became the effective and efficient management of a diverse work force in order to arrive at a better performing public sector, also called the business case of diversity. This article investigates the question how far the Dutch cabinet has influenced the diversity policy of public organizations. The answer to the question is that there was limited influence from the Dutch cabinet on the arguments for diversity of public organizations, but there was greater influence on the diversity interventions, especially in three sectors: central government, municipalities and police. This influence on interventions of other (‘fellow’) governments is caused by the strong steering of the cabinet. The interventions undertaken therefore reflect to a more limited extent the business case of diversity and remain stuck in the old target group policy. However, public organizations with a longer history in diversity policy, that operate closer to society and see the necessity for diversity, are more inclined to embrace the business case and start interventions that are related to this new approach.


Drs. Saniye Celik
Drs. S. Celik is accountmanager voor de decentralisaties in het sociaal domein bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en buitenpromovenda aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden, Campus Den Haag.

    While the belief in a socially engineered society has been renounced to a large extent, in cities actors continue to struggle with the question how their plans can be steered on goal achievement. This article addresses a steering philosophy that is based on an emergent adaptive urban development process. This means that urban strategies adapt during the process by connecting to initiatives from the market and civil society. The central question of this article is how specific projects are ‘made’ in accordance with the intentions of the actors involved and how these projects are connected to larger policy stories for the city. In this article perspectives are explored that have replaced the old thinking in terms of ‘social engineering’. On the basis of two case studies in the Netherlands (Brainport Eindhoven and Mainport Rotterdam) an emergent adaptive strategy is explored as a perspective for action. This perspective is not only about ‘social engineering’, but also about ‘social connecting’. An emergent adaptive strategy is not designed on the drawing table, but it emerges during the practice of project development out of an attitude that is conscious of the environment, connective and reflective.


Dr. Wouter Jan Verheul
Dr. Wouter Jan Verheul is verbonden aan de Technische Universiteit Delft, Faculty of Architecture & Built Environment, sectie Urban Development Management.

Dr. ir. Tom Daamen
Dr. ir. Tom Daamen is verbonden aan de Technische Universiteit Delft, Faculty of Architecture & Built Environment, sectie Urban Development Management.
Artikel

What the frack?

Politiserende deliberatie in de besluitvorming over schaliegas

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden wicked problems, shale gas, hydraulic fracturing, deliberation
Auteurs Tamara Metze
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the past two years, hydraulic fracturing for shale gas became a highly contested technology in the Netherlands. Possible negative environmental impacts are at strained terms with possible economic, energy and geo-political benefits. In addition, there are many scientific uncertainties about, for example water contamination, methane emissions, the amounts of gas to extract and the risk of earth quakes. Societal conflict and scientific uncertainties make fracking for shale gas a wicked problem for decision makers. This article demonstrates that the Dutch Ministry of Economic Affairs has implemented several instruments for deliberation, such as a consultation round with stakeholders and a sound board for an independent research. These failed to lead to the desired support for fracking. In this contribution, I demonstrate that these instruments led to reason giving but not to structuring of the problem. They were used by governmental actors and protest groups as a political platform that was fuel for the political conflict.


Tamara Metze
Dr. T. Metze is verbonden aan de Universiteit van Tilburg.
Article

Access_open Beleidsonderzoek benutten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, april 2014
Auteurs Prof. dr. A.F.A. Korsten en drs. Anne Douwe van der Meer AC
SamenvattingAuteursinformatie

    Achter opdrachtresearch gaat de veronderstelling schuil dat de tussen- en eindresultaten van beleidsonderzoek vroeg of laat ook benut worden en onderdeel worden van een proces van bezinning op beleid. Dit artikel handelt hierover. Diverse aspecten van benutting van onderzoek komen aan bod, zoals de definitie en vormen van benutting. Er worden vier richtingen onderscheiden om de omvang en vorm van benutting of onderbenutting op te sporen. Het artikel geeft voorts verklaringen voor achterblijvende benutting en bevat adviezen om te komen tot meer benutting. Voor ambtenaren, bestuurders en partners in beleidsnetwerken biedt deze beschouwing aanknopingspunten om researchresultaten desgewenst beter te benutten. En voor onderzoekers bevat dit artikel tal van aanzetten tot hypothesevorming voor verder onderzoek.


Prof. dr. A.F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.

drs. Anne Douwe van der Meer AC
Drs. Anne Douwe van der Meer AC is bedrijfseconoom en controller. Hij was werkzaam bij onder andere de Arbeidsvoorziening, het ministerie van Defensie, de gemeentelijke overheid en Deloitte.

Prof. dr. Klaartje Peters
Prof. dr. Klaartje Peters is zelfstandig onderzoeker en publicist en is tevens bijzonder hoogleraar lokaal en regionaal bestuur aan de Universiteit Maastricht. E-mail: info@klaartjepeters.nl.
Artikel

De grote verbouwing

Een bestuurskundig perspectief op veranderingen in stelsels van publieke voorzieningen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden public management reform, New Public Management, New Public Governance
Auteurs Philip Marcel Karré en Cees Paardekooper
SamenvattingAuteursinformatie

    The Netherlands is engaged in reforming several of its public service provision sectors by limiting their hybrid (mixed public/private) character. This special issue deals with these reforms. We have a closer look at the systems of transport, education and housing, and also discuss reforms of the Dutch nation state. Each article poses three basic questions: why has the sector evolved as it has? Why is change seen as necessary? And how does this process take place? By doing so, we draw general lessons on how the Netherlands deals with system change and public management reform.


Philip Marcel Karré
Dr. P.M. Karré is programmaleider van de professional master Urban Management aan de Hogeschool van Amsterdam. Hij doet onderzoek naar de governance van hybride organisaties (www.hybrideorganisaties.nl).

Cees Paardekooper
Drs. C. Paardekooper is adviseur bij WagenaarHoes.
Artikel

Successen en rafelrandjes: Stelselwijzigingen in het Openbaar Vervoer

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden public transport, New Public Management
Auteurs Wijnand Veeneman
SamenvattingAuteursinformatie

    During the 1980s and 1990s, successive Dutch governments reformed public transport by introducing market-type mechanisms. However, these New Public Management-style reforms have only been introduced half-heartedly because governments also tried to avoid the negative effects of NPM. On some fronts, the reforms have undoubtedly led to improved quality (better and newer material) and more choice for governments regarding how to organize public transport because there are several new providers. But on other fronts, these positive effects have been hampered by fragmentation, leading to calls for another overhaul of the system. This article chronicles the developments in public transport and discusses which new steps could be taken.


Wijnand Veeneman
Dr. W.W. Veeneman is als universitair hoofddocent Organisatie & Management verbonden aan de Technische Universiteit Delft.

Karin Geuijen
Dr. C.H.M. Geijen is werkzaam als universitair docent aan de Universiteit Utrecht bij het Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO).
Praktijk

Public Value Management: verwarring en inspiratie

Reactie uit de bestuurlijke praktijk

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 1 2014
Auteurs Harry ter Braak
Auteursinformatie

Harry ter Braak
Drs. H.J.M. ter Braak is adviseur bij WagenaarHoes organisatieadvies.
Toont 61 - 80 van 150 gevonden teksten
1 2 4 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.