Zoekresultaat: 124 artikelen

x
Artikel

Access_open Hoe bestuurskundig is de bestuurskunde?

Nederlandse bestuurskundigen vergeleken met hun Europese vakgenoten

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2015
Trefwoorden public administration, discipline, survey, Practice orientation
Auteurs Stefanie Gadellaa, Dion Curry en Steven Van de Walle
SamenvattingAuteursinformatie

    As long as the existence of public administration, there is discussion whether public administration should focus on practice or mainly be a purely scientific field. Opinions of public administration scholars are divided on the matter. Moreover, the question is whether public administration is a discipline in itself or part of other disciplines such as political science, law or the management sciences. This article shows how public administration scholars see the discipline and the developments therein, based on a survey among scholars. Dutch public administration scholars are compared with their European colleagues. There are major differences between the Netherlands and the rest of Europe with regard to the status of the discipline. Firstly, as a separate discipline, public administration in the Netherlands is more important in comparison with other European countries. In the rest of Europe, in particular political sciences play an important role. Secondly, regarding the tension within the discipline, the public administration in the Netherlands is developing less towards practitioners than public administration in other European countries.


Stefanie Gadellaa
S.M. Gadellaa is verbonden aan de Afdeling Bestuurskunde, Faculteit Sociale Wetenschappen, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dion Curry
Dion Curry is verbonden aan het Department of Political and Cultural Studies, Swansea University.

Steven Van de Walle
Steven Van de Walle is verbonden aan de Afdeling Bestuurskunde, Faculteit Sociale Wetenschappen, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Externe advisering binnen de Nederlandse overheid

Naar een empirisch en theoretisch onderbouwde onderzoeksagenda

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2015
Trefwoorden external policy advisors, policy advisory systems, survey research
Auteurs Dr. Caspar van den Berg, MSc MA Arjen Schmidt en Carola van Eijk MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we discuss the influence of external policy advisors on the policy process. In the Dutch context, little is known about the role, function and influence of external policy advisors (like consultants) who are hired on a temporary basis by the government. Based on a survey (N = 378) this study provides a profile of external policy advisors and the nature of their advice work. An interesting result is that external advisors generally conduct process-related policy work, but may also provide policy substance. Furthermore, the article develops an empirically and theoretically informed research agenda as a starting point for additional research.


Dr. Caspar van den Berg
Dr. C.F. van den Berg is als UHD verbonden aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden.

MSc MA Arjen Schmidt
A.J. Schmidt, MSc MA is als promovendus verbonden aan de afdeling Organisatiewetenschappen,Vrije Universiteit van Amsterdam.

Carola van Eijk MSc
C.J.A. van Eijk, MSc is als promovenda verbonden aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden.
Artikel

Keuzemogelijkheden binnen en tussen pensioenregelingen: niet voor elk wat wils

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Tweede pensioenzuil, Solidariteit, Keuzemogelijkheden, Preferenties, economische theorie
Auteurs Dr. Lei Delsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Surveys show that Dutch people want more options with regard to the own pension. Can freedom of choice be combined with collective organised solidarity within supplementary pension schemes? To answer this question the article discusses the pros and cons of options of workers and employers within and between pension schemes. The theoretical and empirical consequences of choices in the Dutch supplementary pension schemes are reviewed. The neo-classical economic theory, the neo-institutional theory and behavioral economic theory are applied to supplementary pensions. In addition, lessons are learned from the experience in the Netherlands with choices within pension schemes and with choices in other areas. Only a very small minority will use the new options in the supplementary pension schemes. Unlike the neoclassical economic theory, the neo-institutional theory and behavioral economic theory recommend to extend the compulsory supplementary pension to all employed persons. The welfare gain of more choices is questionable. Lifting the mandatory participation will affect the relative success of the Dutch pension system: large numbers of insured workers and relatively cheap and a relatively high pension as a result of this supplementary pension.


Dr. Lei Delsen
Dr. Lei Delsen is universitair hoofddocent sociaaleconomisch beleid aan de Radboud Universiteit, Institute for Management Research, en research fellow van het Network for Studies on Pensions, Aging and Retirement (Netspar).

Prof. dr. Bas Ter Weel
Prof. dr. Bas ter Weel is onderdirecteur van het Centraal Planbureau en hoogleraar economie aan de Universiteit Maastricht. www.cpb.nl/medewerkers/bas-ter-weel.
Artikel

ZBO-evaluaties: verplicht, verzuimd, en veronachtzaamd?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2015
Trefwoorden ZBO, quangos, agency, evaluations, assessment
Auteurs Prof. Dr. Sandra van Thiel, Stefan Soetekouw Msc, Martijn Dresmé Msc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes our knowledge on the performance of ZBOs (a type of quangos), based on annual reports and official evaluations. We find that evaluations are not done very often even though they are required by law. The content and quality of evaluation reports do not always facilitate the drawing of clear conclusions. Evaluations and annual reports depict a modestly positive picture of ZBO performance, and a negative image of the relationship between ZBOs and their parent departments. Evaluation reports are only occasionally used in political debates and decision making on ZBOs. That raises the question of why politicians have so little interest in ZBO performance and its evaluations, all the more so because expectations regarding ZBO performance were very high at the time when these organizations were established.


Prof. Dr. Sandra van Thiel
Prof. Dr. S. van Thiel is hoogleraar bestuurskunde aan de Radboud Universiteit te Nijmegen. Zij coördineerde in 2011-2012 het parlementair onderzoek door de Eerste Kamer naar privatisering en verzelfstandiging.

Stefan Soetekouw Msc
J.S. Soetekouw Msc is afgestudeerd aan de opleiding Bestuurskunde aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.

Martijn Dresmé Msc
M. Dresmé Msc is afgestudeerd aan de opleiding Bestuurskunde aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.

Drs. Peter van Goch
Drs. P.A.M. van Goch is informatiespecialist bij de Tweede Kamer en was in 2011-2012 werkzaam voor het parlementair onderzoek door de Eerste Kamer naar privatisering en verzelfstandiging.
Discussie

Drie wensen voor 2015

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2015
Auteurs Mr. Pauline van der Meer Mohr
SamenvattingAuteursinformatie

    Reflection and Debate initiates academically inspired discussions on issues that are on the current policy agenda.


Mr. Pauline van der Meer Mohr
Mr. Pauline van der Meer Mohr is voorzitter van het college van bestuur van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    Achterliggende motieven en overwegingen van Nederlandse overheidsbesturen om dan wel en dan weer niet te kiezen voor publiek-private samenwerking (PPS) bij infrastructurele projecten bleven tot voor kort onduidelijk. Diverse kabinetten predikten sinds het midden van de jaren tachtig uit de vorige eeuw weliswaar publiek-private samenwerking, maar daarmee was PPS nog geen feit. Wisselende (macro-)motieven werden in nota’s opgevoerd om PPS onvermijdelijk te maken, waarbij financiële meerwaarde een constante was, maar dat bleek niet genoeg. Per project wisselende (micro-)motieven moesten de gewenste PPS-keuze rechtvaardigen, waaronder ook niet-politieke motieven. Het bereiken van financiële meerwaarde bleek wel een officieel doel of motief, maar was in de praktische besluitvorming lang niet altijd de enige relevante factor. Dit betekent dat de stelling dat financiële meerwaarde juist bepalend is, niet volledig blijkt te sporen met de PPS-praktijk. Sterker gesteld, bestuurlijke afwegingen blijken vaak bepalender voor keuzen pro of contra PPS bij rijksinfrastructurele projecten, of ook van grote invloed.


Arno Eversdijk
Dr. A.W.W. (Arno) Eversdijk promoveerde in juni 2013 aan de Universiteit Maastricht op het onderwerp publieke besluitvorming over publiek-private samenwerking bij grote rijksinfrastructurele wegenprojecten. Hij is als inkoopmanager werkzaam bij Rijkswaterstaat.

Arno F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. (Arno) Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.
Artikel

Leiderschap is wat je teweegbrengt bij anderen

Interview met prof. dr. Paul ’t Hart

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Civil servants, Challenges for leadership, Best-practices in public sector reform
Auteurs Drs. Tobias Kwakkelstein en Drs. Thijs Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    This is an interview with professor of public administration Paul ’t Hart, following the success of his Dutch essay ‘Civil Servant 3.0’. In the interview, ’t Hart addresses new demands on civil servants, challenges for leadership and the need to learn from international best practices in public sector reform.


Drs. Tobias Kwakkelstein
Drs. T. Kwakkelstein is strategisch beleidsadviseur bij de directie Organisatie en Personeelsbeleid Rijk.

Drs. Thijs Jansen
Drs. M. Jansen is lid van de redactie van Bestuurskunde en mede-oprichter van de Stichting Beroepseer, waar hij kwartiermaker van de Goed Werk Denktank is. Hij was tot 1 juli 2014 als docent en onderzoeker werkzaam aan de School voor Politiek en Bestuur van de Universiteit van Tilburg. Hij is redacteur van verschillende boeken over professionals: Beroepszeer (2005), Beroepstrots (2009), Gezagsdragers (2012) en Loonfatsoen (2014).
Artikel

De Verblijfsregeling Mensenhandel in de praktijk: over oneigenlijk gebruik en niet-gebruik

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2014
Trefwoorden human trafficking, public policy, crime policy, policy misuse, non-take up
Auteurs Dr. Jeanine Klaver en Prof. dr. Joanne van der Leun
SamenvattingAuteursinformatie

    In line with international and national legislation, the Netherlands offers certain services, including a temporary residence permit, to third country nationals who have fallen prey to human traffickers. Over the years, concerns have been often expressed about the perceived misuse of this regulation by foreigners who aim at legalising their stay. Based on interviews and file analysis the present article seeks to provide insight into to what extent it is possible to measure this misuse and the policy implications of the findings. In addition, the authors take into account non-use of the programme. The article confirms existing worries about misuse, provides indicators for misuse, but also concludes that at the level of individual cases practitioners cannot discern misuse from rightful use. At the same time, there are also groups that fall outside the reach of the programme. The article concludes with some policy recommendations on the basis of the findings.


Dr. Jeanine Klaver
Dr. Jeanine Klaver is manager onderzoek bij Regioplan Beleidsonderzoek.

Prof. dr. Joanne van der Leun
Prof. dr. Joanne van der Leun is hoogleraar criminologie aan de Universiteit Leiden.

    The focus of the diversity policy in the Dutch public sector has moved during the past decennia. In the eighties offering equal chances for the different target groups was the central policy goal, after the millennium this became the effective and efficient management of a diverse work force in order to arrive at a better performing public sector, also called the business case of diversity. This article investigates the question how far the Dutch cabinet has influenced the diversity policy of public organizations. The answer to the question is that there was limited influence from the Dutch cabinet on the arguments for diversity of public organizations, but there was greater influence on the diversity interventions, especially in three sectors: central government, municipalities and police. This influence on interventions of other (‘fellow’) governments is caused by the strong steering of the cabinet. The interventions undertaken therefore reflect to a more limited extent the business case of diversity and remain stuck in the old target group policy. However, public organizations with a longer history in diversity policy, that operate closer to society and see the necessity for diversity, are more inclined to embrace the business case and start interventions that are related to this new approach.


Drs. Saniye Celik
Drs. S. Celik is accountmanager voor de decentralisaties in het sociaal domein bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en buitenpromovenda aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden, Campus Den Haag.

    Dutch Ministries differ in the manner in which they design and manage their steering relations with independent governing bodies. Based on six cases at four Dutch ministries the authors show these differences. They use two theoretical models (the principal-agent approach and the principal-steward approach) to clarify the kind of relationship. Ministries not only differ in their approach, they also differ in how far they have advanced in the development of their steering relations with independent governing bodies. Because there is no coordination or exchange of knowledge between ministries, ministries that are ‘lagging behind’ cannot learn from the experiences of ministries that have more experience. The authors do not propose one form of central coordination or one model, but they do propose more exchange of knowledge within and between Dutch ministries.


Prof. dr. Sandra van Thiel
Prof. dr. S. van Thiel is redacteur van Bestuurswetenschappen en hoogleraar bestuurskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. dr. Ron van Hendriks
R.H.P. Hendriks MPA studeerde bestuurskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen en deed als stagiaire bij het ministerie van BZK onderzoek naar de aansturingsrelaties tussen departementen en zelfstandige bestuursorganen. Hij is sinds kort trainee bij AP Support.

    According to the policy makers of the Dutch police the more complex society for years requires a police organization that can operate as a network player, or even network director, in ever increasing local safety networks to fulfil the police functions of criminal investigation and maintenance of public order in an effective manner. This claim hardly seems to validated by empirical evidence. Validation is important because research shows that a lot of time is spent on the police network function within community based policing. The question is if this time is spent in an effective manner. Therefore this article addresses the question of the revenues of the police network function within community based policing for the core tasks maintenance of political order and criminal investigation. Based on a policy analysis, interviews and five weeks of participatory research in one police force in the Netherlands, the authors conclude that the policy of the police is only to ‘take’ out and not ‘give’ to local safety networks, although according to the practice and the network literature networkers from the police should give to be able to achieve results. Because the police network function does contribute to the quality of life and the social safety in the community, the authors believe that the community is best served by police officers that have a broad network function.


Jelle Groenendaal MSc
J. Groenendaal MSc is senior onderzoeker en promovendus bij Crisislab, dat het onderzoek van de leeropdracht Besturen van Veiligheid aan de Radboud Universiteit Nijmegen ondersteunt.

Prof. dr. Ira Helsloot
Prof. dr. I. Helsloot is hoogleraar Besturen van Veiligheid aan de faculteit Managementwetenschappen van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Veelvormige veelfrontenoorlog

Empirische analyse van terugtocht, optocht, stilstand of hervorming van de Nederlandse staat

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 3 2014
Trefwoorden administrative history, central government, retreat of the state, decentralization, financial indicators
Auteurs Dr. Thomas Schillemans
SamenvattingAuteursinformatie

    Many authors have claimed that the role of the Dutch government, and other governments, is changing. The overarching consensus is that states are now retreating after decades of expansion. This paper investigates, on the basis of a secondary analysis of existing data, whether, where and how the Dutch state can be said to be retreating. This leads to mixed findings: four different analyses of the ‘state of the state’. The first tale, focusing on macro financial indicators, suggests ‘stability’. The second tale, focusing on net changes in expenses, depicts further expansion, particularly in the domain of health care. The third tale, focusing on policy intentions, sees a retreat indeed. And the fourth tale would suggest that it is merely about a reorganization of the state itself.


Dr. Thomas Schillemans
Dr. T. Schillemans is universitair docent bestuurskunde aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Monitoren en evalueren van integraal gezondheidsbeleid

Een practice-based verkenning

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, september 2014
Trefwoorden integraal gezondheidsbeleid, onderzoeksinstrumenten, monitoren en evalueren
Auteurs Ilse Storm, Marije van Koperen, Fons van der Lucht e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Integraal gezondheidsbeleid (IGB) kent in de lokale praktijk diverse verschijningsvormen en kenmerken waardoor het lastig is dit beleid te monitoren en evalueren. In een kennissynthese van Nederlandse kernpublicaties over IGB is gekeken wat op basis van ervaringen in de IGB-praktijk tot nu toe gezegd kan worden over monitoring en evaluatie. Bij deze practice-based verkenning naar IGB-kenmerken en bijbehorende praktische instrumenten is een indeling in drie categorieën gebruikt: context, processen en impact. Voorbeelden van relevante kenmerken zijn: type IGB en setting (context), verbinden beleid en activiteiten (proces), samenwerking sectoren (proces), draagvlak en verankering in organisatie (proces), en effecten op gezondheid of determinanten (impact). Op basis van de huidige IGB-praktijk lijkt het vooral haalbaar kennis te genereren over context en procesmaten, en minder over impactmaten. Uiteindelijk is een set kenmerken die meetbaar zijn met gevalideerde instrumenten wenselijk om grip te krijgen op de voortgang van IGB. Meer theoretische onderbouwing is dan wel noodzakelijk.


Ilse Storm
Ilse Storm is beleidsonderzoeker bij de afdeling Verkenningen Zorg en Preventie (VZP), centrum Gezondheid & Maatschappij (G&M), van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Marije van Koperen
Marije van Koperen is onderzoeker bij de afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit Aard- en Levenswetenschappen (FALW), van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Fons van der Lucht
Fons van der Lucht is afdelingshoofd van de afdeling Verkenningen Volksgezondheid (VVG), centrum Gezondheid & Maatschappij, van het RIVM.

Hans van Oers
Hans van Oers is Chief Science Officer (CSO) Health System Assessment and Policy Support bij het RIVM en hoogleraar Public Health bij Universiteit van Tilburg (UvT)/Tranzo.

Jantine Schuit
Jantine Schuit is centrumhoofd Voeding, Preventie en Zorg bij het RIVM en hoogleraar Health Promotion and Policy bij de afdeling Gezondheidswetenschappen, Faculteit Aard- en Levenswetenschappen, van de Vrije Universiteit Amsterdam.

    The Dutch government aims at a participatory society, for example by striving for a larger amount of self-responsibility in providing social care, since the introduction of the Societal Support Law (in Dutch called ‘Wet maatschappelijke ondersteuning’ or in short Wmo). Does public opinion in the Netherlands reflect this change of mentality? This article investigates (a) how far public opinion on responsibility for social care for the elderly has changed between 2003 and 2010, (b) which factors explain why some people put most responsibility on the government and others on the family and (c) which factors explain intra-individual changes of attitude. This research has used survey data from the Netherlands Kinship Panel Study (2003, 2006/07, 2010). A shift in public opinion appears to have taken place in line with government policy: less responsibility for the government and more for the family. However, a majority of the Dutch population still puts most responsibility on the government. Attitudes appear to be connected with normative motives rather than with utilitarian motives. Intra-individual changes in attitudes in the direction of less government responsibility are mainly explained by normative factors and not by factors related to self-interest.


Mevr. dr. Ellen Verbakel
Mevr. dr. C.M.C. Verbakel is universitair docent bij de opleiding Sociologie van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Verandermanagement en beleid: waarom vertonen professionals weerstand tegen nieuw beleid?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden public policy,, change management, policy implementation, public management, resistance to change
Auteurs Lars Tummers
SamenvattingAuteursinformatie

    Professionals often have problems with governmental policies they have to implement. This can lead to diminished legitimacy and lower policy performance. The goal of this article is to identify the main reasons why professionals resist implementing new policies. An interdisciplinary approach is taken. From public administration literature, I use the policy alienation model, which consists of five dimensions: strategic, tactical and operational powerlessness, societal meaninglessness and client meaninglessness. These are possible reasons why professionals resist public policies (‘resistance to change’, a concept drawn from change management literature). I test these assumptions using a survey among 1,317 healthcare professionals. The results show that when professionals experience that a policy is meaningless for society or for their own clients, they show strong resistance. A lack of perceived influence is much less important in explaining resistance, although this is partly dependent on the particular profession someone belong to. The policy alienation model can help policy makers and managers to develop policies which are accepted by professionals. The article ends with practical recommendations for policy makers, managers and professionals.


Lars Tummers
Dr. L.G. Tummers is verbonden aan de opleiding bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam en het Center for the Study of Law & Society van de University of California, Berkeley.
Artikel

Het probleem van laaggeschooldheid in België: een historisch-geografische analyse

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2014
Trefwoorden human capital, unskilled, school dropout, geographical segregation
Auteurs Drs. Frederik Van Der Gucht en Prof. dr. Raf Vanderstraeten
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents an analysis of the geographical clustering at the bottom end of the human capital distribution within Belgium and its major political regions (namely, the Flemish and the Walloon Region). At the national level, there is both a clear decrease of the shares of unskilled and unqualified adults and of their regionally unequal distribution. However, this overall decrease goes along with growing divergences between Flanders and Wallonia. In Flanders the number of early school leavers has become small. In Wallonia economic problems – measured in terms of unemployment rates – go hand in hand with a comparatively high number of school dropouts. Our empirical findings suggest that the success of particular areas and regions in a knowledge-intensive economy depends not only on the presence of highly skilled and highly qualified human capital, but also suffers from the presence of relatively large shares of the less-skilled. We discuss some implications for political decision-making.


Drs. Frederik Van Der Gucht
Drs. Frederik Van Der Gucht is als onderzoeker verbonden aan de vakgroep Sociologie van de Universiteit Gent (België). E-mail: frederik.vandergucht@ugent.be.

Prof. dr. Raf Vanderstraeten
Prof. dr. Raf Vanderstraeten is als hoogleraar verbonden aan de vakgroep Sociologie van de Universiteit Gent (België) en als fellow aan het Helsinki Collegium for Advanced Studies (Finland). www.cst.ugent.be. E-mail: raf.vanderstraeten@ugent.be.
Article

Access_open Beleidsonderzoek benutten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, april 2014
Auteurs Prof. dr. A.F.A. Korsten en drs. Anne Douwe van der Meer AC
SamenvattingAuteursinformatie

    Achter opdrachtresearch gaat de veronderstelling schuil dat de tussen- en eindresultaten van beleidsonderzoek vroeg of laat ook benut worden en onderdeel worden van een proces van bezinning op beleid. Dit artikel handelt hierover. Diverse aspecten van benutting van onderzoek komen aan bod, zoals de definitie en vormen van benutting. Er worden vier richtingen onderscheiden om de omvang en vorm van benutting of onderbenutting op te sporen. Het artikel geeft voorts verklaringen voor achterblijvende benutting en bevat adviezen om te komen tot meer benutting. Voor ambtenaren, bestuurders en partners in beleidsnetwerken biedt deze beschouwing aanknopingspunten om researchresultaten desgewenst beter te benutten. En voor onderzoekers bevat dit artikel tal van aanzetten tot hypothesevorming voor verder onderzoek.


Prof. dr. A.F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.

drs. Anne Douwe van der Meer AC
Drs. Anne Douwe van der Meer AC is bedrijfseconoom en controller. Hij was werkzaam bij onder andere de Arbeidsvoorziening, het ministerie van Defensie, de gemeentelijke overheid en Deloitte.

    Deze terreinverkenning op basis van literatuuronderzoek handelt over een internationaal actueel, maar nationaal onderbelicht thema dat hier wordt aangeduid als ‘intersectorale governance voor gezondheid’. De verkenning is geschreven voor de landelijke beleidspraktijk, vanuit het perspectief van nationale beleidsambtenaren als potentiële dragers van intersectorale governance. In het licht van de bestuurlijke kernopdracht voor de komende jaren, werken aan een goede gezondheid, wordt aandacht besteed aan het belang van integrale beleidsvoering op centraal niveau en de hardnekkigheid waarmee het actief inzetten ervan uitblijft. Een focus op beleidsambtenaren als dragers van intersectorale governance biedt interessante mogelijkheden om uit die impasse te komen. Zeker als zij daarbij adequaat worden ondersteund door relevant onderzoek.


Wendy Reijmerink
Wendy Reijmerink is onderzoeker bij het lectoraat Public Management: Effectieve Complexe Governance Systemen van de Haagse Hogeschool. Zij is vele jaren werkzaam geweest als nationale beleidsambtenaar op het gebied van volksgezondheid, met speciale aandacht voor de connectie tussen kennis en beleid.
Artikel

De grote verbouwing

Een bestuurskundig perspectief op veranderingen in stelsels van publieke voorzieningen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden public management reform, New Public Management, New Public Governance
Auteurs Philip Marcel Karré en Cees Paardekooper
SamenvattingAuteursinformatie

    The Netherlands is engaged in reforming several of its public service provision sectors by limiting their hybrid (mixed public/private) character. This special issue deals with these reforms. We have a closer look at the systems of transport, education and housing, and also discuss reforms of the Dutch nation state. Each article poses three basic questions: why has the sector evolved as it has? Why is change seen as necessary? And how does this process take place? By doing so, we draw general lessons on how the Netherlands deals with system change and public management reform.


Philip Marcel Karré
Dr. P.M. Karré is programmaleider van de professional master Urban Management aan de Hogeschool van Amsterdam. Hij doet onderzoek naar de governance van hybride organisaties (www.hybrideorganisaties.nl).

Cees Paardekooper
Drs. C. Paardekooper is adviseur bij WagenaarHoes.
Toont 41 - 60 van 124 gevonden teksten
1 3 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.