Zoekresultaat: 50 artikelen

x
Jaar 2014 x

    De laatste jaren is de beleidsmatige en wetenschappelijke aandacht voor ex ante onderzoek toegenomen. De vraag is of dit ook is terug te zien in het aantal studies naar concrete plannen, en in het gebruik van de uitkomsten van ex ante studies in de beleidsontwikkeling. Om dit na te gaan verrichtten we een metastudie van ex ante onderzoeken over beleid op rijksniveau, verschenen in de periode 2005 tot en met 2011. In deze bijdrage beschrijven we eerst hoe vaak en met welk doel ex ante onderzoek wordt verricht en om wat voor typen studies het gaat. Daarna nemen we het gebruik in het beleidsontwikkelings- en besluitvormingsproces onder de loep door in te zoomen op vijf ex ante onderzoeken. Een eerste conclusie is dat er inmiddels een aanzienlijk aantal ex ante studies is verschenen; een tweede dat in alle vijf casus het onderzoek belangrijke actoren in het beleidsproces bereikt heeft, maar dat de uitkomsten niet altijd doorklinken in het uiteindelijke beleid.


Carolien Klein Haarhuis
Carolien Klein Haarhuis is onderzoeker bij de afdeling Rechtsbestel, Wetgeving en Internationale en vreemdelingenaangelegenheden (RWI) van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Monika Smit
Monika Smit is afdelingshoofd bij de afdeling Rechtsbestel, Wetgeving en Internationale en vreemdelingenaangelegenheden (RWI) van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Shelena Keulemans
Shelena Keulemans is als promovenda verbonden aan de vakgroep Bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Praktijk

Navigeren op waarden: nieuw gereedschap voor complexe opgaven

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 2 2014
Auteurs Léon Klinkers, Frank Bosboom, Maarten Königs e.a.
Auteursinformatie

Léon Klinkers
Drs. L. Klinkers MSc MBA is programmamanager bij het Ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties.

Frank Bosboom
F. Bosboom MSc is adviseur en partner bij Holland Branding Group en werkt voor (allianties van) de overheid, maatschappelijke organisaties en bedrijven.

Maarten Königs
Drs. M.H.J.S. Königs is adviseur en partner bij Holland Branding Group en werkt voor (allianties van) de overheid, maatschappelijke organisaties en bedrijven.

Hans Robertus
H. Robertus is adviseur en partner bij Holland Branding Group en werkt voor (allianties van) de overheid, maatschappelijke organisaties en bedrijven.
Artikel

Hoe word je wethouder? Een onderzoek naar de transparantie en het democratisch gehalte van de wethoudersvoordracht

Een onderzoek naar de transparantie en het democratisch gehalte van de wethoudersvoordracht

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 2 2014
Auteurs Julien van Ostaaijen
SamenvattingAuteursinformatie

    This article addresses the question how aldermen are selected and nominated and how this process is related to a number of democratic values like popular influence and transparency. The central question is how one becomes an alderman in the Netherlands. To answer this central question a document analysis has been carried out and 137 interviews with aldermen have been held in 77 municipalities that were selected on geographical dispersion and number of inhabitants. The research shows that the process until the appointment of aldermen is little transparent and democratic for the outside world. In the large majority of the cases aldermen are asked an nominated from within a political party. The road to becoming an alderman is not closed, in principle everyone can become an alderman, but it is also not transparent and accessible for everyone. For this the selection and nomination is too much tied up to and decided in political party networks. However, gradually changes occur in this closed party bastion, because now parties more often are forced to look for suitable candidates outside the party.


Julien van Ostaaijen
Dr. J.J.C. van Ostaaijen is werkzaam als onderzoeker en docent aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur (Tilburg University).
Boekbespreking

Een verruimd perspectief op rijkstoezicht?

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 2 2014
Auteurs Gerrit Dijkstra en Kees Nagtegaal
Auteursinformatie

Gerrit Dijkstra
Mr. dr. G.S.A. Dijkstra is universitair docent bij het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden aan de Campus Den Haag.

Kees Nagtegaal
Drs. C. Nagtegaal MSc is werkzaam als docent/onderzoeker bij het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden aan de Campus Den Haag.

    Nowadays municipalities in the Netherlands work together more intensively with other municipalities in the region. Also cooperation with companies, institutions and societal organizations is more often looked for at the regional level. In practice this brings along many problems and difficulties. For several reasons it appears not to be easy to combine the implementation strengths of municipalities and societal partners. This article presents a new approach (based on the theory of ‘new regionalism’) to regional implementation strength. This approach is not only about designing regional administrations, but is mainly about the factors that induce administrations as well as companies and institutions to commit themselves jointly for the region. To increase the regional implementation strength more is needed than the formation of a regional administrative structure in which municipalities do not cooperate in a non-committal manner. To induce municipalities and societal partners to commit themselves jointly to handling new tasks or new challenges it is also necessary to have a clear strategic vision on these issues that binds parties and makes them enthusiastic and that regional cooperation is rooted in a societal breeding ground. It also asks for an administrative structure that does justice to the contribution every municipality and societal partner makes to the realization of the strategy and for a democratic involvement of municipal councils and sector-based interest groups.


Marcel Boogers
Prof. dr. M.J.G.J.A. Boogers is hoogleraar Innovatie en Regionaal Bestuur bij de vakgroep Bestuurskunde van de faculteit Management en Bestuur aan de Universiteit Twente en senior adviseur Openbaar Bestuur bij BMC.
Artikel

De zoektocht naar goed bestuur

Een analyse van botsende waarden in de publieke sector

Tijdschrift Bestuurs­wetenschappen, Aflevering 2 2014
Auteurs Remco Smulders, Gjalt de Graaf en Leo Huberts
SamenvattingAuteursinformatie

    In the public as well as the semi-public sector numerous codes of good governance have been written. Although theses codes clearly lay down which public values must be the foundation of our administration, our newspapers often show examples of bad governance. It is striking that these codes mostly just picture an ideal, but do not give insight in tough considerations. In this article the authors show that different public values mentioned in codes are all worth pursuing as such, but that they in practice collide with each other. The manner in which administrators, managers and executives cope with such dilemmas, determines public opinion on good governance. Two cases have been researched: a municipality and a hospital. Through a Q-research six value patterns are demonstrated to exist in these cases. In addition (through interviews) the authors have discovered which values exactly collide in the cases, and which strategies are used to cope with collisions of values.


Remco Smulders
R.G. Smulders MSc deed bij de Vrije Universiteit te Amsterdam onderzoek naar publieke waarden in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties en is nu als junior onderzoeker/adviseur verbonden aan Partners +Pröpper.

Gjalt de Graaf
Dr. G. de Graaf is universiteit hoofddocent Bestuurskunde aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en redacteur van Bestuurswetenschappen.

Leo Huberts
Prof. dr. L.W.J.C. Huberts is hoogleraar Bestuurskunde aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

What the frack?

Politiserende deliberatie in de besluitvorming over schaliegas

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden wicked problems, shale gas, hydraulic fracturing, deliberation
Auteurs Tamara Metze
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the past two years, hydraulic fracturing for shale gas became a highly contested technology in the Netherlands. Possible negative environmental impacts are at strained terms with possible economic, energy and geo-political benefits. In addition, there are many scientific uncertainties about, for example water contamination, methane emissions, the amounts of gas to extract and the risk of earth quakes. Societal conflict and scientific uncertainties make fracking for shale gas a wicked problem for decision makers. This article demonstrates that the Dutch Ministry of Economic Affairs has implemented several instruments for deliberation, such as a consultation round with stakeholders and a sound board for an independent research. These failed to lead to the desired support for fracking. In this contribution, I demonstrate that these instruments led to reason giving but not to structuring of the problem. They were used by governmental actors and protest groups as a political platform that was fuel for the political conflict.


Tamara Metze
Dr. T. Metze is verbonden aan de Universiteit van Tilburg.
Artikel

Politiek, participatie en experts in de besluitvorming over super wicked problems

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden wicked problems, scientific knowledge, social engineering, deliberative democracy
Auteurs Tamara Metze en Esther Turnhout
SamenvattingAuteursinformatie

    This special issue focusses on deliberative elements in deciding over wicked problems. We present four case studies in which some form of deliberation was organized: the placement of mobile phone masts, hydraulic fracturing for shale gas, the failed HPV vaccination campaign and climate dialogues organized to enhance deliberative knowledge production over climate change. The case studies demonstrate how each of the deliberative processes has become politicized and that deliberative governance runs the risk of turning into a technocratic policy approach.


Tamara Metze
Dr. T.A.P. Metze is verbonden aan de Universiteit van Tilburg.

Esther Turnhout
Dr. E. Turnhout is verbonden aan de Universiteit van Wageningen.
Artikel

Verandermanagement en beleid: waarom vertonen professionals weerstand tegen nieuw beleid?

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 2 2014
Trefwoorden public policy,, change management, policy implementation, public management, resistance to change
Auteurs Lars Tummers
SamenvattingAuteursinformatie

    Professionals often have problems with governmental policies they have to implement. This can lead to diminished legitimacy and lower policy performance. The goal of this article is to identify the main reasons why professionals resist implementing new policies. An interdisciplinary approach is taken. From public administration literature, I use the policy alienation model, which consists of five dimensions: strategic, tactical and operational powerlessness, societal meaninglessness and client meaninglessness. These are possible reasons why professionals resist public policies (‘resistance to change’, a concept drawn from change management literature). I test these assumptions using a survey among 1,317 healthcare professionals. The results show that when professionals experience that a policy is meaningless for society or for their own clients, they show strong resistance. A lack of perceived influence is much less important in explaining resistance, although this is partly dependent on the particular profession someone belong to. The policy alienation model can help policy makers and managers to develop policies which are accepted by professionals. The article ends with practical recommendations for policy makers, managers and professionals.


Lars Tummers
Dr. L.G. Tummers is verbonden aan de opleiding bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam en het Center for the Study of Law & Society van de University of California, Berkeley.

    Het voormalige ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, thans onderdeel van Economische Zaken, heeft in 2010 het aantal indicatoren waarop de minister zich in de Begroting aan de Tweede Kamer verantwoordt, vrijwel gehalveerd. Hiermee komt de Begroting dichter bij het overkoepelende document waarmee een minister aan de Kamer laat zien wat het beleid op hoofdlijnen is.

    Achtergrond was het besef dat het ministerie veel informatie verzamelt, waarvan onduidelijk was of dit wel op resultaat gericht was en in de juiste hoeveelheid. Minder indicatoren, meer gericht op resultaat en outcome, leveren een sterkere basis om meer resultaatgerichte beleidsinformatie te verzamelen. Voorts gaf dit richting voor een sterkere interne sturing op hoofdlijnen en de uit te voeren beleidsevaluaties.

    Het Programma Beleidsinformatie heeft dit traject geïnitieerd en begeleid. Dit was meer dan een technische operatie. Daarbij is een proces in werking gezet om vanuit nice-to-know een harde kern van need-to-know beleidsinformatie te genereren.


Aris Gaaff
Aris Gaaff (1949) werkte jarenlang in het bedrijfsleven en bij de overheid, tot zijn recente pensionering bij het Landbouw Economisch Instituut (LEI) van Wageningen UR. Zijn specialismen zijn beleidsevaluatie, (overheids)financiering, regionaal-economische ontwikkeling en maatschappelijke kosten-batenanalyse. Hij publiceerde onder meer over financiering van natuur, kunstsubsidies en natuurlijk kapitaal. Een publicatie over de financiering van de Eerste Wereldoorlog is in voorbereiding.

John Butter
John Butter (1958) werkt momenteel als programmamanager bij het ministerie van Economische Zaken. Hiervoor werkte hij in beleids- en managementfuncties bij de ministeries van Verkeer en Waterstaat, Landbouw, Binnenlandse Zaken en de Voedsel- en Warenautoriteit. Het accent van zijn werkzaamheden ligt op beleidsstrategie en verandertrajecten op het gebied van verkeer en vervoer, zorg en sociale zekerheid en effectieve overheid. Momenteel trekt hij een programma om belemmeringen in wet- en regelgeving waar ondernemers tegenaan lopen bij innovatieve investeringen weg te nemen.

Prof. dr. Marcel Boogers
Prof. dr. Marcel Boogers is bijzonder hoogleraar innovatie en regionaal bestuur aan de Universiteit Twente en senior adviseur bij BMC-advies. E-mail: marcel.boogers@utwente.nl.
Article

Access_open Beleidsonderzoek benutten

Tijdschrift Beleidsonderzoek Online, april 2014
Auteurs Prof. dr. A.F.A. Korsten en drs. Anne Douwe van der Meer AC
SamenvattingAuteursinformatie

    Achter opdrachtresearch gaat de veronderstelling schuil dat de tussen- en eindresultaten van beleidsonderzoek vroeg of laat ook benut worden en onderdeel worden van een proces van bezinning op beleid. Dit artikel handelt hierover. Diverse aspecten van benutting van onderzoek komen aan bod, zoals de definitie en vormen van benutting. Er worden vier richtingen onderscheiden om de omvang en vorm van benutting of onderbenutting op te sporen. Het artikel geeft voorts verklaringen voor achterblijvende benutting en bevat adviezen om te komen tot meer benutting. Voor ambtenaren, bestuurders en partners in beleidsnetwerken biedt deze beschouwing aanknopingspunten om researchresultaten desgewenst beter te benutten. En voor onderzoekers bevat dit artikel tal van aanzetten tot hypothesevorming voor verder onderzoek.


Prof. dr. A.F.A. Korsten
Prof. dr. A.F.A. Korsten is honorair hoogleraar Bestuurskunde van de lagere overheden aan de Universiteit Maastricht en emeritus hoogleraar Bestuurskunde aan de Open Universiteit.

drs. Anne Douwe van der Meer AC
Drs. Anne Douwe van der Meer AC is bedrijfseconoom en controller. Hij was werkzaam bij onder andere de Arbeidsvoorziening, het ministerie van Defensie, de gemeentelijke overheid en Deloitte.

Geoffrey R.D. Underhill
Geoffrey R.D. Underhill is hoogleraar International Governance aan de Universiteit van Amsterdam. Zijn onderzoek richt zich voornamelijk op internationale samenwerking en beleidskwesties rondom het globale monetaire en financiële stelsel. Zijn interesses gaan onder andere uit naar de gevolgen van financiële integratie op Europees niveau.

    Dit artikel bevat een uitvoerige samenvatting en een beoordeling van een nieuw boek van Furubo, Rist en Speer met als (in het Nederlands vertaalde) titel: ‘Evaluatie in turbulente tijden. Reflecties op een discipline in verwarring’. De aanleiding voor dit boek is dus de opvatting dat de meeste politieke en bestuurlijke contexten voor beleidsevaluatie zo sterk in beweging zijn geraakt dat ex-post beleidsevaluatie als discipline en vanzelfsprekend onderdeel van het proces van beleidsondersteuning in crisis is geraakt en bedreigd wordt. In het kort geeft dit boek als antwoord op deze dreiging: relativeer het ideaal van ‘evidence-based’ beleid, en ga voor ‘real-time’ evaluatie; verleg uw aandacht van ex-post evaluatie ten behoeve van verantwoording achteraf naar ex-ante evaluatie tijdens de beleidsformulering en ex-durante evaluatie parallel aan de beleidsimplementatie, met als doelen: ‘early warning’, beleidsleren, en flexibel reageren op snel veranderende omstandigheden. Natuurlijk heeft dat gevolgen voor rolopvattingen en taakverdelingen in de procesarchitectuur van het beleidsproces.


Rob Hoppe
Rob Hoppe is hoogleraar kennis en beleid Universiteit van Twente, Faculteit Management en Bestuur (MB), Vakgroep Science, Technology and Policy Studies (STePS).

    Deze terreinverkenning op basis van literatuuronderzoek handelt over een internationaal actueel, maar nationaal onderbelicht thema dat hier wordt aangeduid als ‘intersectorale governance voor gezondheid’. De verkenning is geschreven voor de landelijke beleidspraktijk, vanuit het perspectief van nationale beleidsambtenaren als potentiële dragers van intersectorale governance. In het licht van de bestuurlijke kernopdracht voor de komende jaren, werken aan een goede gezondheid, wordt aandacht besteed aan het belang van integrale beleidsvoering op centraal niveau en de hardnekkigheid waarmee het actief inzetten ervan uitblijft. Een focus op beleidsambtenaren als dragers van intersectorale governance biedt interessante mogelijkheden om uit die impasse te komen. Zeker als zij daarbij adequaat worden ondersteund door relevant onderzoek.


Wendy Reijmerink
Wendy Reijmerink is onderzoeker bij het lectoraat Public Management: Effectieve Complexe Governance Systemen van de Haagse Hogeschool. Zij is vele jaren werkzaam geweest als nationale beleidsambtenaar op het gebied van volksgezondheid, met speciale aandacht voor de connectie tussen kennis en beleid.

Ad Verbrugge
Ad Verbrugge is hoofddocent sociale en culturele filosofie en filosofie van de economie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Daarnaast is hij mede-oprichter en voorzitter van Beter Onderwijs Nederland (BON). E-mail: a.m.verbrugge@vu.nl.

    De verwachtingen over de sociale wijkteams zijn hooggespannen. Menig gemeente ziet het inzetten van de teams als dé nieuwe oplossing in de aanpak van sociale problematiek en de uitdagingen waarvoor zij komen te staan met de transities en bezuinigingen. Tientallen gemeenten hebben in een kort tijdsbestek dergelijke teams ingesteld en nog meer zullen volgen. Maar wat beogen de diverse gemeenten nu precies met de wijkteams? Waar moet hun meerwaarde uit bestaan in de dienstverlening naar (kwetsbare) burgers? Geven gemeenten via de wijkteams invulling en kleur aan de decentralisatie van zorg- en welzijnstaken?


Silke van Arum
Silke van Arum is werkzaam bij Movisie als senior onderzoeker Effectiviteit.

Vasco Lub
Vasco Lub is oprichter van het Bureau voor Sociale Argumentatie. Hij richt zich op grootstedelijke vraagstukken en lokaal sociaal beleid.
Artikel

De grote verbouwing

Een bestuurskundig perspectief op veranderingen in stelsels van publieke voorzieningen

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden public management reform, New Public Management, New Public Governance
Auteurs Philip Marcel Karré en Cees Paardekooper
SamenvattingAuteursinformatie

    The Netherlands is engaged in reforming several of its public service provision sectors by limiting their hybrid (mixed public/private) character. This special issue deals with these reforms. We have a closer look at the systems of transport, education and housing, and also discuss reforms of the Dutch nation state. Each article poses three basic questions: why has the sector evolved as it has? Why is change seen as necessary? And how does this process take place? By doing so, we draw general lessons on how the Netherlands deals with system change and public management reform.


Philip Marcel Karré
Dr. P.M. Karré is programmaleider van de professional master Urban Management aan de Hogeschool van Amsterdam. Hij doet onderzoek naar de governance van hybride organisaties (www.hybrideorganisaties.nl).

Cees Paardekooper
Drs. C. Paardekooper is adviseur bij WagenaarHoes.
Artikel

Vastgeklonken aan de Fyra

Een pad-afhankelijkheidsanalyse van de onvermijdelijke keuze voor de falende flitstrein

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden complex decision-making, high-speed railways, megaprojects, path-dependency
Auteurs Lasse Gerrits en Peter Marks
SamenvattingAuteursinformatie

    In the spring of 2013, the Dutch railway operator, High Speed Alliance, cancelled the acceptance procedures for V250 high-speed train sets they ordered from Italian manufacturer AnsaldoBreda after numerous problems with the build quality and safety systems. It is the latest chapter in a series of failed attempts to build and run a high-speed railway link between Amsterdam and Paris. Inevitably, the question of who was responsible for the decision to order the V250 has become prominent. We study 20 years of public decision-making by analysing the content of over 1,200 documents. Using David’s and Arthur’s theory of path-dependency, we conclude that all the decisions that were taken during those two decades created a situation in which the choice for the V250 was nothing more than an inevitable gamble. It can therefore be concluded that all parties involved, from the railway operator to Parliament, have contributed to the current failure.


Lasse Gerrits
Dr. L.M. Gerrits is als universitair hoofddocent verbonden aan de vakgroep Bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Peter Marks
Dr. P.K. Marks is als universitair docent verbonden aan de vakgroep Bestuurskunde van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Lessen en conclusies uit vier keer stelselwijziging

Tijdschrift Bestuurskunde, Aflevering 1 2014
Trefwoorden public management reform, governance arrangements
Auteurs Philip Marcel Karré en Cees Paardekooper
SamenvattingAuteursinformatie

    This concluding article of our special issue on public management reform in the Netherlands summarizes the information presented in the individual articles. We conclude that reform is often an incremental process, aimed at streamlining existing governance arrangements rather than creating and rolling out grand new designs.


Philip Marcel Karré
Dr. P.M. Karré is als programmaleider van de professional master Urban Management aan de Hogeschool van Amsterdam. Hij doet onderzoek naar de governance van hybride organisaties (www.hybrideorganisaties.nl).

Cees Paardekooper
Drs. C. Paardekooper is adviseur bij WagenaarHoes.
Toont 21 - 40 van 50 gevonden teksten
« 1 2
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.