Zoekresultaat: 234 artikelen

x
Artikel

Ruimte voor een eigen koers

Opstel over de relatie tussen overheid en sociale partners

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 1 2007
Auteurs Joop Hartog
Auteursinformatie

Joop Hartog
De auteur is als hoogleraar micro-economie verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

    Horizontal governance arrangements potentially conflict with the very principles of representative democracy and, likewise, with the existing political institutions. This conflict manifests itself in the interaction between representatives and the executive power: although the former have the formal power, the latter participates in horizontal networks and therefore has the resources that are necessary to form good policy. This erodes the power position of representatives. Frame work setting is commonly suggested as an arrangement for representatives to enhance their grip on policy processes in network-settings. The authors of this contribution examine the effects of frame setting as coupling mechanism between horizontal networks and vertical politics in six policy processes in a Dutch Province. Based on both theory and research findings they redefine the concept of framework setting in order to make it more attuned to the complex, interdependent and dynamic nature of policy-making in networks.


Joop Koppenjan
Joop Koppenjan is bestuurskundige en als universitair hoofddocent verbonden aan de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Hij doet onderzoek naar besluitvorming en sturing in beleidsnetwerken. In 2004 publiceerde hij met Erik-Hans Klijn het boek Managing Uncertainties in Networks, Londen: Routledge. Recente publicatie: 'Conflict en consensus in beleidsnetwerken: teveel of te weinig?', Bestuurswetenschappen, 60/2 (2006): 86-113. Correspondentiegegevens: Technische Universiteit Delft Faculteit TBM Jaffalaan 5 2628 BX Delft 015-2788062 j.f.m.koppenjan@tudelft.nl

Mirjam Kars
Mirjam Kars is universitair docent bij de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Zij doet onderzoek naar governance van nutsectoren, in het bijzonder de telecommunicatiesector. In 2004 promoveerde zij aan de Radboud Universiteit Nijmegen op het proefschrift Globalisation and regional co-operation. The case of European telecommunications. Recente publicatie: 'The governance of cybersecurity: a framework for policy'. Journal of critical infrastructures, 2/4 (2006): 357-378, met M.J.G. van Eeten, J.A. de Bruijn, H.G. van der Voort en J. Till.

Haiko van der Voort
Haiko van der Voort is toegevoegd docent bij de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Zijn onderwijs en onderzoek richt zich op besluitvorming en normen in beleidsnetwerken. Hij bereidt een proefschrift voor over toezicht. Recente publicatie: 'Het verband tussen liberalisering en publieke waarden. Over de vraag waarom het kan vriezen en dooien'. Bestuurswetenschappen, 61/6 (2007), met W.M. Dicke, J.A. de Bruijn, M.L.C. de Bruijne, B.M. Steenhuisen en W.W. Veeneman.

Jelle Visser
De auteur is als hoogleraar empirische sociologie verbonden aan de Universiteit van Amsterdam en is wetenschappelijk directeur van het Amsterdams Instituut voor Arbeidsstudies (AIAS).
Casus

De verzorgingsstaat herwogen

Verbinden als machtspolitieke opdracht

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2007
Auteurs Barbara Vis en Kees van Kersbergen
Auteursinformatie

Barbara Vis
Barbara Vis is als promovenda verbonden aan de afdeling Politicologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Kees van Kersbergen
Kees van Kersbergen is hoogleraar politicologie, werkzaam aan de afdeling politicologie van de Faculteit der sociale wetenschappen, Vrije Universiteit, Amsterdam.
Artikel

De vraag als antwoord?

Normatieve risico's van vraagsturing en de implicaties voor de rol van professionals

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2006
Auteurs Hans Bosselaar
SamenvattingAuteursinformatie

    The growing interest in demand-based delivery is to be comprehended regarding the criticism on the traditional 'apply-based' delivery. Regarding the literature, the main stream notion on demand-based delivery contains the transfer of the tasks and duties from the intermediate professional to the client. Consequently, the (demanding) client is directly able to affect the provisions he is eligible to and to influence the acquirement of the services and goods.

    The main issues are:

    This article focuses on the new role of intermediate professionals. The intermediate professional can maintain a role in realising the demand-supply relationship between the client and the supplying professional; he can get the task to acquire and spread the required market information, but as well can get the responsibility to support the market participants using this information. In the same time, this responsibility can help to avoid the normative risks, especially the risk of inadequacy.

    This new role must probably be regulated and in any case be monitored to prevent from the situation that the intermediate professional will take over the new responsibilities of the client. If this does not happen, the transfer to the demand-based delivery of public services will fail. On the other hand, if their will be no accessible client support by the new intermediate professional, the transfer to the demand-based delivery will tarnish the fundaments of the social system.


Hans Bosselaar
Mr. dr. Hans Bosselaar is zelfstandig gevestigd onderzoeker met bureau Meccano kennis voor beleid. Bosselaar doet voornamelijk onderzoek op het terrein van sociale zekerheid, arbeidsmarkt en disability management in ondernemingen voor opdrachtgevers als het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, UWV, RWI en diverse (overheids)commissies en sociale partners. Bosselaar promoveerde in 2005 op het proefschrift De vraag als antwoord. Vraagsturing en sociaal beleid: voorwaarden en risico's. Correspondentiegegevens: Mr. dr. Hans Bosselaar, Meccano kennis voor beleid, e-mail: meccano@planet.nl

    The recent decline in professionalism has frequently been explained as a result of the rise of New Public Management (NPM). As will be shown in this article, however, NPM does not automatically result in a decline in professionalism; its effects differ in various professional contexts. In a case study of the work of social insurance doctors and labor specialists the authors demonstrate that NPM structures the technical aspects of professional tasks, that are the verifiable elements of the professional's judgment. NPM proofs to have strong influence on the techniques for quality insurance (performance of production, time and lawfulness). On the longer term this influence can undermine professional self-regulation. NPM has little impact on the indeterminate task aspects, the professional judgment itself, even though this part has become more 'technical' in years. The case study shows however that this is not due to NPM but to the impact of bureaucratization of the professional task. Furthermore it becomes clear that this impact is stronger in the case of the labor specialist than with respect to the social insurance doctor.


Duco Bannink
Duco Bannink is verbonden aan de Universiteit Twente. Correspondentieadres: Duco Bannink, Universiteit Twente, Faculteit Bedrijf, Bestuur en Technologie, Postbus 217, 7500 AE Enschede, 053-4893222, d.b.d.bannink@utwente.nl

Berber Lettinga
Berber Lettinga is verbonden aan de Universiteit Twente.

Liesbet Heyse
Liesbet Heyse is verbonden aan de Universiteit Twente.
Artikel

Beleidsvervreemding van publieke professionals

Theoretisch raamwerk en een casus over verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2009
Auteurs Lars Tummers, Victor Bekkers en Bram Steijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, we introduce the concept of 'policy alienation'. We define policy alienation as a general cognitive state of psychological disconnection from the policy program being implemented, here by a public professional who regularly interacts directly with clients. By introducing policy alienation, we want to contribute to the contemporary debate on the role of public professionals. According to some authors, professionals are experiencing increasing pressures, as managers have turned their backs to work floors and primarily opt for results, efficiency, and transparency. Conversely, other scholars note that it is questionable whether managers can be blamed for all perceived problems at work floors and in service delivery. We are able to examine these opposing claims using the policy alienation perspective, as this perspective not only takes into account the role of management, but also the influence of policy makers and politicians, as well as the claims of the more emancipated clients. After conceptualizing policy alienation, we use a case of insurance physicians and labor experts to illustrate how the concept can be researched empirically.


Lars Tummers
Lars Tummers werkt op de Erasmus Universiteit Rotterdam aan een proefschrift over beleidsvervreemding van publieke professionals en is adviseur bij PricewaterhouseCoopers Advisory, People & Change. Correspondentiegegevens: Drs. L.G. Tummers, MSc Erasmus Universiteit Rotterdam Faculteit Sociale Wetenschappen Departement Bestuurskunde Postbus 1738 3000 DR Rotterdam tummers@fsw.eur.nl

Victor Bekkers
Victor Bekkers is hoogleraar bestuurskunde, in het bijzonder de empirische studie van overheidsbeleid, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Bram Steijn
Bram Steijn is hoogleraar HRM in de publieke sector aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De Koning en de spreektelegraaf

Een begrippenkader voor de bestudering van de invloed van overheidsincentives op innovatieve ondernemingen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 2 2006
Auteurs Helen Stout en Martin de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Traditionally, technological transitions in infrastructure bound sectors are matters for the private sector. History teaches us that as soon as technological transitions proved successful, government sooner or later got involved with the distribution. Most of this involvement, both in history and now, has taken the form of public regulation with the help of various formal legal instruments.

    This article aims to answer three questions, namely (1) what ideational and materials drives can be distinguished in the government's involvement in these technological transitions, (2) through what legal instruments are these objectives expressed and how , and (3) what are the incentives of these formal legal instruments on innovative private entrepreneurs for their further technological pursuits. How were their behavioural options affected by the use of statutory acts, concessions, permits and/or licences? Incentives to private innovators are qualified as positive, neutral or negative. The research method chosen has been inspired by insights from legal sociology, public choice theory and strategic actor behaviour in qualitative simulation-games, but follows distinct methodological steps. Throughout the article a case study on the transition from telegraphy to telephony in The Netherlands will be used to illustrate the discussion.


Helen Stout
Prof. mr. dr. Helen Stout is hoogleraar Recht en Infrastructuren aan de Technische Universiteit Delft, h.d.stout@tbm.tudelft.nl, tel. (015)-278 54 16

Martin de Jong
Dr. Martin de Jong is universitair hoofddocent aan de Technische Universiteit Delft, w.m.dejong@tbm.tudelft.nl, tel. (015)-278 80 52

Duco Bannink
Duco Bannink is als universitair docent verbonden aan de Universiteit van Twente. Adres: Universiteit Twente, Faculteit Bedrijf, Bestuur en Technologie, Postbus 217, 7500 AE Enschede, tel. (053)-489 32 22, e-mail: d.b.d.bannink@utwente.nl

    This article is the introduction to this special issue in which the Europeanisation of Dutch polity, politics and policy forms the central focus of attention. The main question we address in this special issue is to what extent the Netherlands has changed under the influence of processes of Europeanisation. This article first discusses the state-of-the-art Europeanisation literature; then it sets out to discuss four problems with this literature. Based on the insights generated by the contributors to this special issue, the authors conclude that for a better understanding of processes of Europeanisation, the EU should no longer be seen as an actor, but rather as an (cluster of) arena(s) in which a variety of actors (member states, EU institutions, interest groups, et cetera) are trying to achieve their political goals.


Sebastiaan Princen
Verbonden aan de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht Adres: Bijlhouwerstraat 6, 3511 ZC Utrecht, e-mail: s.princen@usg.uu.nl

Kutsal Yesilkagit
Verbonden aan de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht Adres: Bijlhouwerstraat 6, 3511 ZC Utrecht, e-mail: k.yesilkagit@usg.uu.nl
Artikel

Hoe verkoop ik een spoorweg?

De lessen van het privatiseringsstreven bij de Betuweroute, HSL-Zuid en Zuiderzeelijn

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2005
Auteurs Joop Koppenjan en Martijn Leijten
SamenvattingAuteursinformatie

    In December 2004, the report of the Dutch Parliamentary Investigation Committee on Infrastructural Projects was published. This committee investigated the budgets overruns of two large rail projects currently under construction in the Netherlands: the Betuwe Line and the High Speed Line (HSL)-South. The committee also looked at how mistakes that were made in the earlier projects had been avoided in the construction of the Zuiderzee Line, a project currently under preparation. The report provides a look inside the struggle of the Dutch national government from the beginning of the 1990s in their public-private partnership (PPP) efforts. In this contribution, we provide an analysis of the motives, approach and results of privatisation of these three projects on the bases of the detailed empirical analysis provided by the Committee. We seek explanations of how privatisation with these three projects evolved and what lessons can be drawn. It appears that practices have so far been far from good and instead of committing to the obligation to apply PPP in every large infrastructural project, the government should first find out how PPP in such projects should actually be carried out.


Joop Koppenjan
Joop Koppenjan is bestuurskundige en als universitair hoofddocent verbonden aan de faculteit Technologie, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Hij doet onderzoek naar besluitvorming en sturing in beleidsnetwerken en publiek private samenwerking bij de totstandkoming en het beheer van publieke infrastructuur. In 2004 was hij als staflid betrokken bij de werkzaamheden van de Tijdelijke Commissie Infrastructuur en deed hij onderzoek naar de privatisering van de Betuweroute. Recente publicaties: Adres: Technische Universiteit Delft, sectie Beleidskunde/Organisatie en Management, Postbus 5015, 2600 GA Delft, e-mail: j.f.m.koppenjan@tbm.tudelft. nl

Martijn Leijten
Martijn Leijten is onderzoeker aan de Faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Zijn onderzoek richt zich op organisatie en management van complexe infrastructuurprojecten. Hij maakt deel uit van het onderzoekscentrum Sustainable Urban Areas van de TU Delft. Martijn Leijten was in 2004 betrokken bij het onderzoek van de Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten van de Tweede Kamer en droeg met name bij aan de reconstructie van de besluitvorming over de Zuiderzeelijn. Recente publicaties: Adres: Technische Universiteit Delft, sectie Beleidskunde/Organisatie en Management, Postbus 5015, 2600 GA Delft, e-mail: m.leijten@tbm.tudelft.nl

Talja Blokland
Talja Blokland is universitair docent sociologie aan de afdeling Sociologie en Culturele Antropologie van de Universiteit van Amsterdam en buitengewoon hoogleraar Samenlevingsopbouw aan de afdeling Sociologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Adres Talja Blokland: ASSR, Kloveniersburgwal 48, 1012 CX Amsterdam, e-mail: t.v.blokland@uva.nl

Ruth Soenen
Ruth Soenen is Onderzoeker Fonds Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen aan het departement Sociale en Culturele Antropologie, Katholieke Universiteit Leuven, België. Adres Ruth Soenen: Departement Sociale en Culturele antropologie, Katholieke Universiteit Leuven, Tiensestraat 102, 3000 Leuven, België, e-mail: ruth.soenen@ant.kuleuven.ac.be

    Although 'integration with retention of "own" culture' has ceased to be the dominant policy principle in Dutch minority policies for quite some time now, there are still remarkably many ethnically specific policy arrangements in the Netherlands. To explain this contradiction this paper introduces an administrative mechanism: the logic of making policy categories conflicts with the logic of policy implementation. The use of 'avoidant categories' – a particular type of policy category discussed in this paper – creates an administrative opportunity structure that unintendedly promotes ethnic fragmentation instead of integration in policy implementation. We illustrate the working of this mechanism in a comparative perspective; the Netherlands is not unique in this respect and experience in other countries is instructive.


Frank de Zwart
Dr. Frank de Zwart is politiek antropoloog/bestuurskundige en verbonden aan het departement Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden.

Caelesta Poppelaars
Drs. Caelesta Poppelaars is bestuurskundige. Zij was tot 1 februari 2004 werkzaam als stafmedewerker bij de Tijdelijke Commissie Onderzoek Integratiebeleid van de Tweede Kamer. Vanaf 1 februari 2004 is zij als aio verbonden aan het departement Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden.
Artikel

De ondefinieerbare staat

Horizontale en verticale sturing door de rijksoverheid sinds 1980

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2010
Auteurs Michiel Blom en Thomas Schillemans
Auteursinformatie

Michiel Blom
Michiel Blom is als senior beleidsmedewerker werkzaam bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Hij heeft dit artikel op persoonlijke titel geschreven. Correspondentiegegevens: M. Blom Anna van Hannoverstraat 4 2595 BJ Den Haag michiel.blom@planet.nl

Thomas Schillemans
Thomas Schillemans is als docent en onderzoeker verbonden aan de Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap van de Universiteit Utrecht. Correspondentiegegevens: T. Schillemans Universiteit Utrecht Utrechtse School voor Bestuurs- en Organisatiewetenschap Bijlhouwerstraat 6 3511 ZC Utrecht t.schillemans@uu.nl
Artikel

Zorgmarkten en publieke belangen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2010
Auteurs Teun Zuiderent-Jerak, Kor Grit en Tom van der Grinten
Auteursinformatie

Teun Zuiderent-Jerak
Teun Zuiderent-Jerak is universitair docent wetenschaps- en techniekonderzoek aan het instituut Beleid en Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Correspondentiegegevens: Dr. T. Zuiderent-Jerak Instituut Beleid en Management Gezondheidszorg (iBMG) Erasmus Universiteit Rotterdam Postbus 1738 3000 DR Rotterdam zuiderent@bmg.eur.nl

Kor Grit
Kor Grit is universitair docent beleid van de gezondheidszorg aan het iBMG.

Tom van der Grinten
Tom van der Grinten is als gasthoogleraar beleid & organisatie gezondheidszorg verbonden aan het iBMG.
Artikel

Onvoorziene opbrengsten

Meer dan de tragiek van goede bedoelingen

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 4 2010
Auteurs Mark van Twist en Wouter Jan Verheul
Auteursinformatie

Mark van Twist
Mark van Twist is hoogleraar bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en decaan van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur.  Correspondentiegegevens: Drs. W.J. Verheul Nederlandse School voor Openbaar Bestuur Lange Voorhout 17 2514 EB Den Haag verheul@nsob.nl www.nsob.nl

Wouter Jan Verheul
Wouter Jan Verheul is programmamanager en promovendus aan de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur.
Artikel

Marktwerkingsdebat: hoe nu verder?

Inleiding op het themanummer Markten maken

Tijdschrift Beleid en Maatschappij, Aflevering 3 2010
Auteurs Erik Schrijvers, Erik Stam, Bart Stellinga e.a.
Auteursinformatie

Erik Schrijvers
Erik Schrijvers is verbonden aan de WRR en de Universiteit Utrecht. Correspondentiegegevens: E. Schrijvers Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid Lange Vijverberg 4-5 2500 EA Den Haag schrijvers@wrr.nl

Erik Stam
Erik Stam is verbonden aan de Universiteit Utrecht, de WRR en de University of Cambridge.

Bart Stellinga
Bart Stellinga is verbonden aan de WRR en de Universiteit van Amsterdam.

Gerard de Vries
Gerard de Vries is verbonden aan de WRR en is hoogleraar wetenschapsfilosofie aan de Universiteit van Amsterdam.

Manuel B. Aalbers
Manuel B. Aalbers is als universitair docent verbonden aan de afdeling Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies van de Universiteit van Amsterdam.

Ewald Engelen
Ewald Engelen is hoogleraar financiële geografie aan de afdeling Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies van de Universiteit van Amsterdam. Correspondentiegegevens: Prof. dr. E.R. Engelen Universiteit van Amsterdam Nieuwe Prinsengracht 130 1018 VZ Amsterdam e.r.engelen@uva.nl

Anna Glasmacher
Anna Glasmacher is als aio verbonden aan de afdeling Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies van de Universiteit van Amsterdam. Ze bereidt een proefschrift voor over de securitisatie van hypotheekcontracten in Nederland.

Hendrik Wagenaar
Dr H. Wagenaar is universitair hoofddocent aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden. Hij is tevens, met drs R. Duiveman, verbonden aan het Centre for Governance Studies/Urban van de Campus Den Haag van de Universiteit Leiden.

Robert Duiveman
Dr H. Wagenaar is universitair hoofddocent aan het Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden. Hij is tevens, met drs R. Duiveman, verbonden aan het Centre for Governance Studies/Urban van de Campus Den Haag van de Universiteit Leiden.

Harry Kruiter
Drs H. Kruiter is zelfstandig onderzoeker en was eerder werkzaam voor hetzelfde Centre.

    At the start of the century, the organisational fields belonging to the public employment service and social security, which previously were strictly institutionally separated with their rules and norms, have been brought under one umbrella or network structure in the Netherlands. We discuss how within this structure adaptive and reflexive forms of governance enhance information feedback and simultaneous learning processes both at the top and in the execution level of social security. Based upon document study, interviews and a case study of a sectoral experiment on integral service provision, we illustrate which learning elements occurred in bridging the planning and control cycle of New Public Management at the top with the horizontal mutual adjustment between organisations at decentral level.


Marc van der Meer
Marc van der Meer is directeur van het Expertisecentrum Beroepsonderwijs (ECBO). Correspondentiegegevens: Dr. M. van der Meer Expertisecentrum Beroepsonderwijs Pettelaarspark 1 5216 PC Den Bosch marc.vandermeer@ecbo.nl

Bert Roes
Bert Roes is senior adviseur bij het College voor Arbeidszaken van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).
Toont 201 - 220 van 234 gevonden teksten
1 2 3 4 5 6 7 8 9 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.